Maandag 27/05/2019

Opinie

De permanente noodtoestand van het regime-De Wever

N-VA-voorzitter Bart De Wever tijdens zijn college aan de UGent. Beeld PHOTO_NEWS

Pascal Debruyne is postdoctoraal onderzoeker aan de vakgroep Conflict & Development (faculteit politieke en sociale wetenschappen Universiteit Gent). Hij schrijft dit in eigen naam.

De Wever en N-VA lokken met een reeks hyperbolische verwijten, verdachtmakingen en quasi onhaalbare beleidsvoorstellen doelbewust controverse uit. Na neerwaartse peilingen volgen meestal extreme reacties, strategisch gericht op de extreemrechtse achterban die ze stalen van het Vlaams Belang. In tijden waar de macht het meest wankel is, en haar legitimiteit slinkt, zijn de sterkste bewoordingen nodig.

Helaas werken dergelijke woorden als maatschappelijk gif, wat totaal onverantwoord is. De aanpassing van de kinderbijslag die pas na vier jaar volledig zou worden uitgekeerd, gezinshereniging koppelen aan het hebben van een job en een woning, of het verblijfsrecht in de tijd beperken: het zijn allemaal rechtse voorstellen die vragen oproepen. De radicaliteit van dergelijke voorstellen lokt onenigheid uit, wat de kern van democratie is: het georganiseerd meningsverschil.

De uitspraak die De Wever deed over het aanpassen van de conventie van Genève, raakt echter de kern van democratie zelf. Hij specifieert dat met de boodschap dat universele mensenrechten en internationale wetgeving hinderlijk zijn voor democratie: "een keurslijf". Hij concludeert dat mensenrechten en burgerrechten moeten worden ontkoppeld, niet in het minst om nieuwkomers toegang te ontzeggen tot de sociale zekerheid. Met zijn toespraak op het jaarlijkse academische event van Carl Devos, gaat De Wever door op het spoor van anti-Verlichtingsdenkers als Edmund Burke.

Pascal Debruyne. Beeld kos

Mensenrechten en burgerrechten

Die spanning tussen mensenrechten en burgerrechten is niet nieuw. Heel wat auteurs hebben die spanning op kritische wijze geanalyseerd. De Joodse filosofe Hannah Arendt bekritiseerde de universele mensenrechten vanuit de vaststelling dat de staatlozen vogelvrij waren, blootgesteld aan het naakte leven. Wanneer mensen zonder burgerrechten komen zijn ze stateloos en de facto zonder recht. De 'Déclaration des droits de l'homme et du citoyen' (1789), als grondslag van de liberale democratie, faalt. Arendt herformuleerde mensenrechten als "het recht om rechten te hebben" als democratische grondslag om burgerrechten te eisen en de samenleving mee vorm te kunnen geven. Want mee kunnen vorm geven aan de samenleving, dat is de kern van democratie en het politieke dier dat de mens is.

De Wever doet het omgekeerde van wat Arendt aangeeft: democratie als het recht om mensen rechteloos te maken. Rechteloosheid als de grondslag van democratie. Burgerschap dient niet als bescherming, als een status om deelachtig te worden, maar als barrière en uitsluitingsinstrument om mensen tot de naaktheid te veroordelen. Het buitensluiten van de vluchteling, die de belichaming is van kwetsbaarheid in extreme situaties als oorlog of conflict, wordt een na te streven goed om "ons" te beschermen.

Het pleidooi van De Wever is discriminatie van de meest kwetsbare, die zonder bescherming door het leven gaat, tot regel te verheffen. Niet "zij" moeten het subject van onze zorgen zijn. Het is "onze angst" die cultureel van aard is, die dergelijke opheffing van de universele mensenrechten, legitimeert. We zijn een "open chantier voor migratie" en "de Brussel-Baghdad Express".

De filosoof Giorgio Agamben beschrijft de naakte mens als de "Homo Sacer". De vogelvrije status van de Homo Sacer is volgens Agamben het subject van een permanente noodtoestand die normaal is geworden. De moderne conditie sinds 9/11 wordt gekenmerkt door de opheffing van het recht om het recht en de democratie als dusdanig te redden. Waar de vroegere noodtoestand altijd beperkt is, wordt het opheffen van de wet, door mensenrechten los te koppelen van burgerrechten, nu de gangbare praktijk. Het regime-De Wever predikt een dergelijke permanente noodtoestand.

Welk kompas?

De Wever stelt dat "Europa en wijzelf moeten durven onze verlichtingswaarden voorop te stellen als kompas". Dat is inderdaad de enige manier waarop de naakte mens terug aangekleed wordt met fundamentele rechten, die hem volwaardig burger maken. Het streven naar universeel burgerschap vormt de grondslag vormt van de Verlichting waar De Wever naar verwijst. Dat burgerschap is echter onderstut door de universele verklaring van de rechten van de mens. Het regime-De Wever doet het omgekeerde: een permanente noodtoestand creëren waar mensenrechten worden opgeheven om burgerrechten te redden.

In een debat tussen Bart De Wever met Filip Dewinter in september 2012 in 'De Zevende Dag', stelt de Wever letterlijk dat de Conventie van Genève aanpassen een antidemocratische stap is. Dat is correct. Er is dus gisteren een democratische grens overschreden.

Het is alleszins problematisch dat de Universiteit Gent die antidemocratische boodschap bedoeld of onbedoeld een podium biedt. Om maar te zwijgen van de coalitiepartners, die zich graag retorisch tooien met verwijzingen naar het Humanisme en de Verlichting (Open Vld) of met christelijk personalisme en mededogen (CD&V). Als de regimewissel De Wever zo ver gaat dat we de opheffing van universele mensenrechten in een permanente noodtoestand gaan normaliseren, dan rest er maar één boodschap: "Dat de laatste het licht uitdoet".

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.