Woensdag 20/11/2019

Opinie Jeroen Puttevils

De loterij is 85 jaar oud: feest van de belasting op de domme arme?

De Nationale Loterij is 85 jaar. Beeld Photo News

Jeroen Puttevils is docent middeleeuwse geschiedenis aan de Universiteit Antwerpen.

Vandaag, dag op dag, bereikt de Nationale Loterij de respectabele leeftijd van 85 jaar. Als historicus is het mijn plicht om er bij deze verjaardag op te wijzen dat loterijen – een product waarbij je een relatief kleine som geld inzet om een veel grotere prijs te winnen – veel ouder zijn. In onze contreien gaat de geschiedenis van de loterij terug tot 1441, het jaar waarin de stad Brugge voor de eerste keer een loterij opzette.

Niet alleen de loterij zelf, maar ook de vooroordelen over de loterij zijn eeuwenoud. De vaakst gehoorde kritiek heeft het over een belasting op domheid. Spelers zouden hun kansen systematisch overschatten en de overheid of de loterijorganisator doet daar zijn profijt mee. Onderzoek toont echter aan dat loterijspelers zich goed bewust zijn van de winstkansen. Bovendien is daar veel transparantie en informatie over, meer zelfs dan bij conventionele investeringsproducten.

Een loterij zou een regressieve belasting zijn. Voor verschillende Europese landen, de VS en Canada is inderdaad bewezen dat mensen met een lager inkomen vaker spelen dan diegenen die zich hoger op de inkomensladder bevinden én zij geven een grotere fractie van hun inkomen uit aan kansspelen zoals de loterij. Deze minder gegoeden doen mee aan de loterij om twee redenen: het is een vorm van entertainment waarvoor je betaalt en het is voor velen een van weinige opties die ze hebben om enkele treden te stijgen op de inkomensladder. Mensen die te maken hebben met een financiële tegenslag, met jobverlies of met een saaie baan zonder enig uitzicht op promotie of iets leukers kopen meer loterijticketjes.

Neerbuigend paternalisme

Het argument dat je de domme arme die van nature lui is beter tegen zichzelf beschermt door het verbod op loterijen en hem zo aanzet tot werken en sparen is eveneens eeuwenoud. De verhalen over aan lager wal geraakte loterijwinnaars zijn koren op de molen van zulke ideeën. Dit alles neigt naar elitair, smalend en neerbuigend paternalisme. 

De Nationale Loterij biest ook sportweddenschappen aan. Beeld BELGA

Reeds in het 16de-eeuwse Engeland werd er alles aan gedaan om te vermijden dat leden van de elite geld en grond zouden verliezen aan iemand die lager op de sociale ladder stond, dit werd zelfs in wetten vastgelegd. Die vrees voor opwaartse en neerwaartse sociale mobiliteit, om een loterijparvenu, de nouveau riche par excellence, tegen te komen in de coulissen van de opera schijnt niet verdwenen te zijn. Academici, publieke intellectuelen, politici en opiniemakers uit de elite kijken neer op de domme arme die zich laat vangen. Zij pleiten voor een verbod. Maar het verbieden van de loterij ontneemt – bewust of onbewust – die minder gegoede loterijspelers hun waterkansje op een hogere (financiële) welvaart.

Gevallen van pathologisch gokgedrag en fraude met kansspelen werden in het verleden uitvergroot en gebruikt om deze spelen te verbieden. Men mag uiteraard de impact van probleemgevallen niet minimaliseren, hun effect op individuen, hun families en de samenleving is niet gering. Maar hetzelfde geldt voor alcoholverslaving en alcoholgebruik is niet illegaal.

Drie scenario’s

Er zijn drie scenario’s voor de loterijbusiness en alle drie werden ze in het verleden uitgeprobeerd. Ten eerste: helemaal verbieden. Dit leidt echter tot een zwarte markt waarin spelers – en die zullen er steeds zijn – blootgesteld worden aan mogelijke fraude, geweld en afpersing. Dit is het minst ideale scenario. 

Ten tweede (de huidige situatie): een door de overheid georganiseerd monopolie. Een deel van de opbrengst vloeit naar de overheid, een ander deel wordt besteed aan goede doelen. 

Ten derde: een vrije markt voor de loterij, mits regulering en identiteitscontrole door de overheid met betrekking tot bepaalde groepen (minderjarigen, probleemgokkers) en advertenties én een transparante belasting door de overheid. De opbrengst van de belasting kan door de overheid benut worden. Onderzoek oppert dat een liberalisering van de markt kan leiden tot lagere prijzen en grotere prijzenpotten. Zo’n markt bestond in de 15de en 16de-eeuwse Nederlanden en functioneerde naar behoren.

Of nu het tweede of het derde scenario moet worden gekozen voor de volgende 85 jaar laat ik aan de beleidsmakers over. Maar als de ‘domme arme’ vooral meedoet aan een loterij om erop vooruit te gaan, is het niet onredelijk om ervoor te zorgen dat zijn ingelegd geld bij verlies naar kanalen gaat waarmee we de welvaartslat voor die specifieke groep kunnen verhogen, zoals onderwijs, sociale bijstand en gezondheidszorg. De opera en de wielersport moeten dan maar op zoek naar een andere sponsor. Op die manier kan de loterij weer aansluiten bij haar verleden, namelijk loterijen uit solidariteit voor weeshuizen, ziekenhuizen en scholen.

Jeroen Puttevils. Beeld Illias Teirlinck
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234