Dinsdag 17/09/2019

Opinie

De lokale islamcultuur belet jongeren nog vaak om ongemoeid de liefde te vieren

Buurtfeest in Borgerhout. "Veel van mijn islamitische medebewoners zullen mijn geaardheid nooit accepteren", zegt Samuel. Beeld Bas Bogaerts

Monique Samuel (1989) is een Egyptisch-Nederlandse politicologe. Net vandaag verschijnt haar jeugdroman Dansen tussen golven traangas (Querido).

Een opvallende column van Saskia De Coster in De Morgen: haar oproep tot een gastvrijere en meer open houding van haar moslimburen lokte heel wat reactie uit. Niet het minst omdat veel lezers zich niet herkenden in het beeld van moslimburen die stelselmatig bij buurtfeesten verstek laten gaan. "Bij ons komen ze altijd wel", zo luidde hun repliek. Dergelijke uitspraken - hoe sympathiek ook - getuigen van een vreemd wij-zijdenken waarbij wij onze islamitische medebuur respectievelijk toe-eigenen of afstoten. 'Onze moslims' zijn buur-plus of -min. Nooit een der gelijken.

Eerst even dit: als kind van ouders die weinig ophadden met aangeschoten buurvrouwen en al te patserige buurmanpraatjes kan ik slechts zeggen dat ik nooit naar een straat- of buurtfeest ben geweest. Ik weet niet wat dat van mij maakt. Wel weet ik dat mijn ouders altijd voor hun buren klaarstaan. Dat zij weinig met de gespreksonderwerpen, vette barbecuehap en drank ophebben, heeft voor hen eerder culturele dan religieuze redenen. Een volgens mij niet te onderschatten detail waar De Coster evenwel niet op ingaat: haar geaardheid.

Monique Samuel. Beeld kos

Ik kan me immers wél verplaatsen in dat andere - diepere en onderliggende - ongemak dat De Coster mogelijk ervaart ten aanzien van haar Borgerhoutse moslimburen. Alleszins worstel ikzelf - ook lesbisch, samenwonend met een gekleurde vriendin - in dat andere Borgerhout, te weten Bos en Lommer in Amsterdam, soms met mijn positie als christelijke holebi in een overwegend islamitische wijk. Veel van mijn islamitische medebewoners zullen mijn (voor hen) afwijkende geaardheid nooit accepteren. Ze kunnen wellicht enige gedoogsteun voor mij persoonlijk opbrengen - ik ben immers Arabisch, maar geen moslim - maar de meesten zullen mijn relatie in de kern altijd verwerpen. Net zoals veel christenen, joden, hindoes, patriarchale culturen, extreem rechtse Vlamingen en aangeschoten voetbalhooligans dat doen.

Het voelt niet prettig om over straat te gaan wanneer je in je diepste zijn door een groot deel van de omgeving stilaan wordt veroordeeld. Nog onprettiger wordt het wanneer opgeschoten jongeren van bijvoorbeeld Marokkaanse komaf gaan treiteren, schelden of buurtje wegpesten, zoals bij verschillende homoseksuele koppels in Amsterdam is gebeurd. Ook het aantal anti-homoseksuele gewelddelicten lijkt toe te nemen, met een steeds hoger aantal meldingen van vooral homoseksuele mannen die door islamitische jongens in elkaar worden getimmerd (onderwijl 'vuile flikker' genoemd).

Desalniettemin loop ik trots hand in hand met mijn vriendin. Ik kus haar, maar zal haar in mijn wijk niet snel publiek zoenen. Dat heeft te maken met een stil ongemak. Een onbesproken ongemak ook, dat niet alleen mij als lesbienne maar feitelijk iedere buurtbewoner raakt. En dat is dat in multiculturele wijken met een grote moslimpopulatie iedere vorm van publieke affectie een taboe is. Wie in deze wijken loopt, zal merken dat hier niet of nauwelijks hand in hand wordt gelopen (wel arm-in-arm). Getrouwde heterokoppels stelen al geen kus, laat staan dat homoseksuele koppels ongemoeid op een bankje kunnen zoenen.

Diep weggestopt in de slaapkamer, ontstaat er een steeds vreemdere spagaat met de werkelijkheid op straat. Want in de Noordwest-Europese wereld is alles mogelijk en vooral zichtbaar. De lokale cultuur die in overwegend islamitische wijken heerst, belet niet alleen holebi's om ongemoeid de liefde te vieren, maar ook de eigen jeugd - of die nu homoseksueel is of niet. Zo verbergen sommige Turkse meisjes angstvallig hun vriendje voor broer en ouders. Kopen sommige Marokkaanse meisjes implantaten of voeren een maagdelijkheidcorrectie door om toch 'onaangetast' het huwelijk in te gaan. Haal het vooral uit je hoofd een korte broek of minirok te dragen. Draai die haren liever in een knot dan los in de wind.

Voor islamitische jongeren die een afwijkende geaardheid of genderoriëntatie hebben is de beklemming nog groter. Zij riskeren hun familie en gemeenschap te verliezen wanneer zij uit de kast komen. In de moskee is geen plek meer voor hen. Thuis soms ook niet. Op straat zullen zij door hun leeftijdsgenoten harder worden aangepakt dan hun niet-islamitische soortgenoot.

Gelukkig is dit bij een groot deel van de tweede- en derdegeneratiegenoten aan het veranderen. Feitelijk radicaliseren zij (in beperkte mate), of worden juist steeds vrijzinniger ten opzichte van hun ouders (de meerderheid). Dit zijn de Marokkaans-Nederlandse buurjongens ook die mijn vriendin en mij vanaf de lokale hangplek naast ons huis toeschreeuwden: "Hé wij weten wie jullie zijn!" Waarna mijn vriendin en ik angstvallig bleven staan, om tot onze verrassing te horen: "Jullie zijn die twee knappe vrouwen in die sportieve kleding."

Zo, dat compliment neemt geen buurtbewoner ons meer af.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234