Woensdag 11/12/2019

Opinie Heleen Debruyne

De gynaecoloog vróég me of hij met het speculum naar binnen mocht: een verrassing, en een verademing

Heleen Debruyne Beeld Johan Jacobs

Heleen Debruyne is schrijfster en columniste. Ze schreef samen met Anaïs Van Ertvelde Vuile lakens. Een hedendaagse visie op seksualiteit.

Uroloog Bo Coolsaet wordt beschuldigd van ongewenste aanrakingen tijdens zijn werkuren als dokter. Hij zou bovendien in de jaren tachtig patiënten onderworpen hebben aan experimentele behandelingen, zonder hen daarover goed voor te lichten. En dan is er ook nog iets met een trilplaatje om zalf op gevoelige delen aan te brengen, dat misschien een seksspeeltje zou zijn. Soit, hoe het precies zit met Bo Coolsaet moet de rechtsgang verder uitwijzen.

Ondertussen kan de berichtgeving over deze dokter een te zelden gevoerd debat aanzwengelen. Hoe verloopt de communicatie tussen arts en patiënt? Wat mogen patiënten van hun artsen verwachten? En hoe creëert die verhouding een ruimte waarin artsen met neigingen tot grensoverschrijdend gedrag hun gang kunnen gaan?

In principe is het eenvoudig: volgens de Wet op het Patiëntenrecht van 22 augustus 2002 heeft “de patiënt het recht om geïnformeerd, voorafgaandelijk en vrij toe te stemmen in iedere tussenkomst van de beroepsbeoefenaar”. Met andere woorden: een arts of andere medische hulpverlener moet bij elke handeling uitleggen wat zij van plan is en waarom en vragen of de patiënt daarin toestemt. Dus niet zeggen: “We gaan nu bloed trekken”, maar “Om te testen of uw bloedsuikerspiegel te hoog is, kunnen we bloed trekken. Gaat u akkoord? Ja? Wilt u uw mouw dan even opstropen?” Helder. Logisch.

Uroloog Bo Coolsaet wordt beschuldigd van ongewenste aanrakingen tijdens zijn werkuren als dokter. Beeld BELGA

Maar, hoor ik u denken, ik ben zo vaak benaderd door een naald, een speculum, een spatel, zonder dat me op voorhand werd gevraagd of ik dat wel goed vond. Was dat dan tegen de wet? Nee, want “deze toestemming wordt uitdrukkelijk gegeven behalve wanneer de beroepsbeoefenaar, na de patiënt voldoende te hebben geïnformeerd, uit de gedragingen van de patiënt redelijkerwijze diens toestemming kan afleiden”, volgens het wetboek. Dat geeft artsen de ruimte om in het plaatsnemen op de onderzoekstafel, het uittrekken van een kledingstuk of het wijd openen van een mond geïnformeerde toestemming te lezen.

En daar schiet de wet tekort. Patiënten zijn snel onder de indruk van de vanzelfsprekende autoriteit die de dokter – daar heeft zij lang voor gestudeerd! – uitstraalt. Volgens een onderzoek van het Vlaams Patiëntenforum uit 2017 weet een vijfde van de patiënten niet dat ze überhaupt rechten hebben. Zij die dat wel weten, geven toe ze niet voldoende te kennen. Een op de vijf bevraagde mensen gaf aan een behandeling te hebben ontvangen waarvoor geen toestemming was gevraagd.

Veel artsen waren voor 2002 al aan de slag, toen de arts nog een Arts was. Van zoiets frivools als patiëntenrechten of geïnformeerde toestemming was er nog geen sprake. Hun gewoontes waren in 2002 al lang gevormd. Zij zullen allicht eerder geneigd zijn om de gehoorzaamheid van de patiënt met toestemming te verwarren. Maar ook vandaag nog laat de wet te veel ruimte voor interpretatie van ‘toestemming,’ ook wanneer de patiënt niet duidelijk ‘ja’ heeft gezegd. De patiënt is het dus niet vaak niet gewend dat er expliciet om zijn toestemming wordt gevraagd en zal waarschijnlijk niet geneigd zijn op zijn strepen te staan of meer uitleg te vragen. Ik herinner me nog de eerste keer dat een gynaecoloog me vróég of hij met het speculum naar binnen mocht: een verrassing, en een verademing. En een precedent: sindsdien heb ik de Patiëntenrechten gelezen en ben ik veel mondiger.

Kortom: de gemiddelde hulpverlener noch de gemiddelde patiënt is het gewend helder te communiceren. Meestal zorgt die sfeer voor niet veel meer dan een beetje ongemak. In ergere gevallen is de patiënt ontevreden over een behandeling waarvan hij eigenlijk niet meer goed begrijpt waarom hij die nu gekregen heeft, of verbolgen over de vervelende maar erg courante neveneffecten van een operatie waar de arts niet over repte. Bovendien is het is niet moeilijk om je voor te stellen hoe artsen met onfrisse seksuele bedoelingen van dat stilzwijgend ongemak misbruik kunnen maken. Die nare grijze zones zouden nochtans makkelijk uitgewist kunnen worden. 

Om expliciete toestemming vragen hoeft niet moeilijk te zijn. Er is een groot verschil tussen “Even de benen spreiden”, en “Wilt u even de benen spreiden? Dan kan ik, zoals daarnet uitgelegd en afgesproken, aan het interne onderzoek beginnen. U mag me op elk moment vragen op te houden”. Minder risico op misverstanden en ontevreden patiënten. En de zekerheid goed gehandeld te hebben. Ook de arts vaart alleen maar wel bij het op een heldere manier delen van expertise en nadrukkelijk vragen naar geïnformeerde toestemming. Tijd om daar een automatisme van te maken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234