Vrijdag 09/12/2022
Alicja Gescinska Beeld dm
Alicja GescinskaBeeld dm

ColumnAlicja Gescinska

De geesten moeten rijpen vooraleer ‘genocide’ gehanteerd kan worden. Maar vanaf wanneer mag het?

Alicja Gescinska is schrijfster en filosofe verbonden aan de Universiteit van Buckingham. Ze is vicevoorzitter van PEN Vlaanderen en VUB Fellow. Haar column verschijnt tweewekelijks.

Alicja Gescinska

Naarmate steeds meer dorpen en steden heroverd worden door het Oekraïense leger, komen ook meer gruwelverhalen naar boven. Nieuwe massagraven worden ontdekt. Burgers vertellen over hoe ze maandenlang een terreurbewind moesten doorstaan, zonder toegang tot de meest elementaire voorzieningen: water, elektriciteit, gas. Ook de semantiek van het kwaad komt meer naar boven, met als centrale vraag: vanaf wanneer mogen we van ‘genocide’ spreken?

De Oekraïne-specialist en historicus Timothy Snyder windt er op Twitter geen doekjes om: de theorie is genocidaal, de praktijken zijn genocidaal, dus waarom mogen we de Russische wandaden niet als genocide bestempelen? Anderen zijn terughoudender. Toen ik naar aanleiding van de Holocaust-herdenking eerder dit jaar tijdens een lezing stelde dat er op dit eigenste moment misschien een nieuwe genocide in Europa plaatsvond, kreeg ik van sommigen de wind van voren. Zo’n term mag je toch niet lichtzinnig gebruiken! Dat klopt uiteraard, en het valt op dat de geesten moeten rijpen vooraleer ‘genocide’ als term gehanteerd kan worden. Maar vanaf wanneer mag het? Heeft het met het aantal slachtoffers te maken? Met het soort slachtoffers, namelijk burgers? Of met de manier waarop die slachtoffers aan hun einde komen?

In Srebrenica werden in 1995 ongeveer 8.000 moslimjongens en -mannen vermoord. De erkenning als genocide volgde pas vele jaren later. In de VS was het bijvoorbeeld wachten tot 2005 vooraleer het bloedbad officieel als genocide bestempeld mocht worden. Het Internationaal Gerechtshof en de VN volgden daarin pas in 2007.

Sinds de Russische aanval op Oekraïne zijn er zeker meer dan 8.000 Oekraïense burgers vermoord. Het aantal slachtoffers legitimeert dus geen terminologische terughoudendheid meer. Het is evenwel aannemelijk dat de meeste van die burgerslachtoffers niet geëxecuteerd werden, maar stierven in schietgevechten, bombardementen of van ontbering. Toch is massa-executie geen noodzakelijke voorwaarde om van genocide te spreken. Tijdens de Holodomor stierven in 1932 en 1933 miljoenen Oekraïners van honger en ontbering. Deze Holodomor wordt steeds vaker officieel erkend als genocide. De Australische Senaat stemde daar bijvoorbeeld een resolutie over in 2003. Canada volgde in 2008. Veel andere landen stemden de voorbije jaren gelijkaardige resoluties.

Toch worden niet alle massamoorden met het verstrijken der jaren als genocide erkend. Polen en Oekraïne delen een complexe geschiedenis vol haat en bloedvergieten, waardoor de huidige solidariteit tussen beide landen des te opmerkelijker is. Polen ijvert er al ettelijke jaren voor om het bloedbad van Wolynië en Oost-Galicië internationaal als genocide te laten erkennen. In 1943 werden daar zo’n 25.000 Joden en Polen vermoord door Oekraïense paramilitaire eenheden. Voorlopig blijft de consensus onder historici beperkt tot ‘etnische zuiveringen’.

De term ‘genocide’ is in de 20ste eeuw bedacht door de Poolse rechtsgeleerde Rafal Lemkin, en is een samenvoeging van het Griekse genos (ras, stam) en het Latijnse cide (doden). Lemkin was een van de grote voorvechters van de mensenrechten in de vorige eeuw. Hij was als jurist gespecialiseerd in volkerenmoord. Die specialisatie was niet enkel theoretisch-juridisch van aard, maar ook praktisch en moreel ingegeven. Lemkin was in de jaren dertig bij de eersten om de massamoord van Assyrische christenen in Irak op de internationale agenda te plaatsen. Hij was bij de eersten om de Holodomor aan te klagen (zijn boek Soviet Genocide in Ukraine is tot op vandaag verboden in Rusland als ‘extremistische publicatie’). Als we de etymologie en internationaal erkende definities van genocide volgen, mogen we de theorie en de praktijk van Rusland genocidaal beginnen te noemen.

Russische staatsmedia én politici hebben de voorbije maanden (en zelfs jaren, want alles begint bij woorden, ook het kwaad, en de dehumaniserende retoriek over Oekraïners is al jaren gaande) uitdrukkelijk gesteld dat Oekraïne als land, als natie én als volk geen bestaansrecht heeft. De enige manier waarop een Oekraïner het leven waard is, is als tot Rus geassimileerde (vandaar ook de massale deportaties oostwaarts). Wanneer dat gekoppeld wordt aan militair geweld, waarbij burgerdoelwitten duidelijk niet gemeden worden, kun je je niet achter semantische discussies blijven verbergen. Wat Rusland in Oekraïne doet, is het product van een genocidaal denken en spreken: een genocidaal handelen.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234