Zondag 23/01/2022

ColumnLize Spit

De envelop met geld kan maar op één manier verdwenen zijn: via het oud papier

null Beeld Damon De Backer
Beeld Damon De Backer

Auteur Lize Spit (Het smelt, Ik ben er niet) vertelt over haar leven.

Redactie

Vlak voor ik in slaap val, vraag ik me opeens af waar ik het envelopje met achthonderd euro heb gelaten. Omdat ik te moe ben, begin ik pas in de ochtend met zoeken, op de plaats waar ik het geld voor het laatst heb gezien: op de hoek van de keukentafel, in het stapeltje met alles-wat-nog-belangrijk-is. Vlak voor we naar de Zuidmarkt gaan ter voorbereiding van ons zondagse ritueel (pistolets beleggen, koffiezetten, sap persen, al brunchend Karels crypto invullen) blijkt dat de envelop onvindbaar is. Ze kan maar op een manier verdwenen zijn: na het openen van andere post heb ik haar mee bij het oud papier gekieperd. Dat werd drie dagen geleden opgehaald.

Ik ga altijd erg bewust met geld om, en daarbovenop, het zijn niet zomaar zestien briefjes van vijftig euro. Ik had ze verkregen bij de verkoop van een boekenkast die ik met spijt in het hart wegdeed, die iets wezenlijks voor me had betekend. Daarom vroeg ik de koper het bedrag niet over te schrijven, maar het contant mee te brengen, zodat ik het bewust aan iets anders belangrijks kon uit­geven. Het mocht niet op m’n zichtrekening belanden om dan gespendeerd te worden aan boodschappen of energiefacturen.

Ik hoor R. zoekwerk verrichten waarvan ik weet dat het zinloos is – zelfs al zou een envelop vleugels krijgen, dan nog zou zij niet opduiken op de plaatsen waar hij zoekt. Hij doet pogingen de sfeer op te krikken – een dansje, een stevige knuffel.

Opstandig word ik van zijn pogingen. Mezelf machteloos voelen is al erg genoeg, dat ik zie hoe dat ook op hem afstraalt, maakt dat ik het liefst wil verdwijnen.

Kom, laten we naar de markt gaan, zegt R., nadat ik het hele huis twee keer binnenstebuiten heb gekeerd, hem ontwijkend.

“Jij bent zeker dat je niets hebt weggegooid?”, vraag ik. Ik wil iemand hiervan de schuld kunnen geven, zodat ik kan zeggen: het is niets, zoiets kan gebeuren. Mezelf mijn eigen domheid vergeven is onmogelijk.

Het kost me moeite om op de markt beslissingen te nemen, over hoeveelheden, waar ik zin in heb. Ik heb geen honger, glimlachen naar de dame van de charcuteriekraam kost me moeite. Ik bedenk alles wat ik met het geld had kunnen doen, alles is beter dan dat het in een vuilniswagen de straat is uitgereden.

Bij thuiskomst van de markt ga ik, voor ik meehelp het ontbijt te bereiden, opnieuw alle plekken af waar ik eerder heb gekeken, alsof het puberale envelopje zich bedacht kan hebben en toch weer ergens op een stapel is komen liggen.

Ik had de allergrootste planten op de markt kunnen kopen, een abonnement kunnen nemen op alle kranten die ik wilde, een feestmaal voor vrienden kunnen organiseren, ik had een jaar lang niet bij het aanzetten van de droogkast telkens moeten denken: ai, dit kost gemiddeld twee euro per beurt.

We gaan ontbijten. Ik doe mijn best, maar kan geen enkele van de opgaven van het cryptogram oplossen, behalve vaatwerker 1 (border) en vaatwerker 2 (kommer).

Geld dat je hebt, kun je slechts eenmaal uitgeven. Geld dat je kwijt bent, blíjf je spenderen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234