Vrijdag 15/11/2019

Opinie

De democratie is niet perfect, maar roept wel om een update

Manu Claeys. Beeld ID Photo Agency

Manu Claeys is voorzitter van stRaten-generaal en auteur van Red de democratie! en Pleidooi voor een klimaatintendant. Zondag op de Boekenbeurs gaat hij in debat met Joël De Ceulaer.

De democratie is verre van perfect maar best koesteren we ze toch, schrijft journalist Joël De Ceulaer in zijn nieuwe boek Hoera! De democratie is niet perfect. Hij heeft gelijk. Bijna tweehonderd jaar geleden maakte de Franse politieke filosoof Alexis de Tocqueville dezelfde observatie in zijn standaardwerk over de democratie. De Ceulaer citeert hem uitvoerig. Is zijn eigen boek dan overbodig? Niet voor zover hij er rekening mee houdt dat het inmiddels 2019 is en niet langer 1835. Net daar wringt echter een en ander.

De Ceulaer leidt ons door zijn bibliotheek van politieke denkers die na De Tocqueville kwamen. Die intellectuele wandeling is relevant, zeker wanneer hij nieuwe inzichten aanhaalt. Zo heeft onderzoek uit de sociale psychologie op overtuigende wijze het irrationele karakter van verkiezingen aangetoond. De mens-als-kiezer is geen ‘calculerende machine’ en kandidaat-verkozenen varen vaak op het kompas van het buikgevoel. Samen kan dit leiden tot wat De Ceulaer de “emotionele tirannie van de meerderheid” noemt.

Instemmend citeert hij daarom politiek commentator Fareed Zakaria: een systeem dat alleen rust op vrije verkiezingen leidt tot onrechtvaardigheid. Op die fundamentele onrechtvaardigheid van de representatieve democratie-van-de-meerderheid moet de rechtstaat noodzakelijke correcties aanbrengen. Of zoals politicologe Chantal Mouffe het formuleert: in naam van de vrijheid moeten we grenzen stellen aan de soevereiniteit van het volk.

Civil society

Voor De Ceulaer volstaat dit als sokkel van de democratie: vrije verkiezingen (gelijkheid), incluis het publieke debat, plus de rechtstaat (vrijheid). Maatschappelijke vooruitgang steunt volgens hem op de vrije markt en de technologie. Met dit pakket sluit De Ceulaer zich aan bij wat we de behoudsgezinde democraten kunnen noemen. Hij labelt zichzelf aldus: een conservatief.

Er is echter ook een strekking van democraten die deze sokkel te smal vindt, die erkent dat de democratie minstens dat is, maar nog meer kan en zelfs moet behelzen. Bij deze groep heerst geen hoerasfeer over de huidige staat van de democratie, noch fatalisme over “de menselijke natuur die niet uit te roeien valt”, zoals De Ceulaer het formuleert. 

Daar kijkt men met zorg naar het groeiende wantrouwen tegenover instellingen, naar de toenemende vraag om een ‘sterke leider’ (uit een peiling van vorig jaar bleek 36 procent van de Fransen inmiddels vragende partij), naar breed levende bekommernissen om het lot van de democratie (in een recente peiling vond 52 procent van de Duitsers dat de democratie in gevaar was).

In het voetspoor van politicoloog John Keane en zijn ‘monitory democracy’ – de alerte democratie – streeft die strekking een bredere invulling van de democratie na, met grotere betrokkenheid van de civil society

Na verkiezingen spelen niet enkel het parlement en de rechtstaat hun rol, maar worden ook de burgers actief betrokken bij de inhoudelijke voorbereiding van beleid. Om tal van redenen wordt die permanente medezeggenschap als essentieel beschouwd voor de kwaliteit van de besluitvorming: vanwege de breedte van de input, de transparantie van het proces, het draagvlak voor de beslissing, enzovoort.

Praktijkervaring

Sinds de Tweede Wereldoorlog is op dat vlak wereldwijd heel wat praktijkervaring opgebouwd. Filip de Rynck en Stef Steyaert hebben het in een recent boek zelfs over een participatieve omslag: ook bij ons is er ontegensprekelijk een sterke beweging van bestuursmodellen richting steeds meer participatie. De aanhangers van de klassieke democratie zien dat met lede ogen aan, ze bieden weerstand tegen de nieuwlichterij. Enige framing is daarbij nooit ver weg.

Soms schuilt die in de gehanteerde terminologie. Pleitbezorgers van burgerparticipatie worden door De Ceulaer deliberatietijgers, lobbyisten of technocraten genoemd. Ze zijn ‘wereldvreemd’. De politicologen naar wie ze verwijzen zijn “goeroes”, hun voorstellen “hippe ideeën”. De politicologen die De Ceulaer voor eigen argumentaties aanhaalt zijn daarentegen “wetenschappers”. Wat doorzichtig allemaal. Passons.

Meer te betreuren zijn de valse tegenstellingen die opgevoerd worden om participatieve initiatieven weg te zetten als ondemocratisch. Ten onrechte bestempelt De Ceulaer dat soort medezeggenschap als een bedreiging van de parlementaire besluitvorming of een ‘vervanging’ van verkiezingen. 

Het gros van de pleitbezorgers van burgerparticipatie beschouwt die participatie slechts als een aanvulling op de representatieve democratie. Dat blijkt niet alleen uit hun geschriften, maar ook uit de praktijk. Zo was de Antwerpse volksraadpleging over de Oosterweelverbinding niet bindend en is het Antwerpse Toekomstverbond tussen overheden en burgerbewegingen dat evenmin. Telkens volgde politieke besluitvorming door verkozenen, die tot op zekere hoogte rekening hielden met het inspraakproces. 

Daar schuilt de legitimatie van de beslissing, niet in een vermeende beslissing van niet-verkozen burgers. Enkel de verkozenen hebben daartoe een democratisch politiek mandaat, zoals ze ook bij machte zijn om innoverende beleidsvoorbereidende processen te ondersteunen.

Tussenlagen

In de democratie van De Ceulaer blijft onduidelijk op welke manier beleid ontstaat. Hij heeft het over verkiezingen waar we politici kunnen wegstemmen, “als ze hun verantwoordelijkheid niet nemen”. Over de jarenlange periode tussen twee verkiezingen komt hij niet veel verder dan “moge het debat floreren” en dat de menselijke natuur “niet uit te roeien valt”. 

Concreet beleid krijgt evenwel geen vorm in dat debat, noch in politieke interviews, en vaak zelfs niet in parlementen of gemeenteraden. De meeste concrete maatregelen, decreten en projecten krijgen gestalte in tussenlagen, tijdens wat De Ceulaer zelf “piecemeal engineering” noemt: op kabinetten, binnen administraties, in overheidsbedrijven, bij consultaties met adviesorganen, in afstemming met het bedrijfsleven, op basis van onderzoek en expertise allerhande. 

Pleitbezorgers van burgerparticipatie zeggen niet meer dan: laat hierbij ook burgers participeren. Voeg leken, non-professionals, ervaringsdeskundigen, rechtstreeks betrokkenen toe aan de tussenlaag.

Nog een valse tegenstelling is die tussen onderhandelen en deliberatie. Dat laatste zou volgens De Ceulaer ongeschikt zijn voor “situaties waarin sprake is van een vergaand conflict”. In Antwerpen heeft nochtans net de combinatie van beide geleid tot een doorbraak in het jarenlang aanslepende, volstrekt gepolariseerde Oosterweeldebat. We hebben het er intussen over delibererend en ontwerpend onderhandelen in werkbanken, waarbij ruimte wordt gecreëerd voor samenwerking tussen andersgezinden en rekening gehouden wordt met uiteenlopende belangen.

Democratische interesse

Ook de tegenstelling tussen zij die ‘aanvaarden’ dat de democratie niet perfect is en zij die aanvullingen en correcties bepleiten is vals. Alsof die laatsten streven naar perfectie. De betrachting is niet om democratische methodes te ontwikkelen waarbij niemand nog ontevreden is of consensus ontstaat. “Het ideaalbeeld van de democratie is onhaalbaar”, schrijft De Ceulaer. Inderdaad.

“We leven in de nadagen van de klassieke liberale democratie”, liet Geert Mak voorbije zomer optekenen in een interview. Maar hij koesterde hoop, want hij zag enorme democratische interesse. Echter, voegde hij toe, “de instituties lopen achter”.

Niet alleen de instituties doen dat. Ook de democraten die zich verzetten tegen wezenlijke updates van de democratie, voorbij 1835.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234