Vrijdag 24/01/2020
Halina Reijn. Beeld Geert Joostens

Column

De 'daar-moet-een-piemel-in'-respons is helaas geen uitzondering

Halina Reijn is actrice bij Toneelgroep Amsterdam en schrijft wekelijks over wat haar bezighoudt.

In de make-upkamer van De wereld draait door tref ik econome Barbara Baarsma. Ze vertelt over de golf aan positieve reacties die ze kreeg op haar verhaal dat ze een kleine maand geleden in de uitzending mocht doen. Ze wil namelijk mensen aansporen vooral met hun hoofd te stemmen tijdens de komende verkiezingen in Nederland. Zelf is ze geen fan van Twitter of Instagram, maar ze had opgevangen dat er een paar boze mannen van zich lieten horen. Die suggereerden dat het een meer dan puik idee zou zijn bepaalde seksuele handelingen met haar te verrichten om haar te doen verstommen.

Het is inmiddels een bekend fenomeen: vrouwen die zich uitspreken, krijgen te maken met dit fascinerende, beangstigende type man dat zich vooral beweegt op het wereldwijde web. De vent die vindt dat er een piemel in de mond van de vrouw met een mening moet of dat ze verkracht moet worden door een hele groep van zijn soortgenoten, of gewoon eens keihard genomen moet worden door haar eigen man (als ze die al heeft, de vuile, feministische slet!) om haar gedrag te corrigeren.

En terwijl ik wil benadrukken dat het om een ­specifieke groep gaat, en de meeste mannen natuurlijk zeer beschaafd en vaak aardig reageren, is de ‘daar-moet-een-piemel-in’-respons geen uitzondering.

Die boze Flinstone-macho vind ik intimiderend en vooral heel slecht te plaatsen. En omdat ik nu eenmaal een vrouw ben, en mij is geleerd om me in te leven in de ander, probeer ik zijn gedachtegang te doorgronden. Waarschijnlijk zit het idee in zijn ­systeem dat hij moet domineren, heersen en verantwoordelijk is voor de overlevingskansen van zijn nageslacht. Daarom zal een verbaal sterke vrouw hem misschien uit zijn doen kunnen brengen. En toch, als ik iemand afstotelijk zou vinden of zijn mening ­verwerpelijk, dan heb ik echt geen zin om met de mens in kwestie seksuele handelingen te gaan ­verrichten.

Terwijl ik deze column tik, bereid ik me al voor op een paar dreigingen die mijn geschrijf aan dat groepje achterhaalde angsthazen zou kunnen ontlokken. Natuurlijk kan ik de commentaren eenvoudigweg negeren, maar dan is er altijd wel een ijverige medemens die je met de neus op de beledigingen drukt.

Anno 2017 verwacht je eenvoudigweg niet dat men nog behoefte zou voelen dit soort oergedrag tentoon te spreiden. Je zou hopen dat een man gewend is aan een vrouw die niet alleen met warme, zachte blik voor zich uit zit te staren, of een bordje omdraait bij een spelshow, maar ook gewoon haar zegje doet op televisie, probeert om president te worden in de VS, of een bepaalde curve in de economie voorspelt. Je zou er toch van uit mogen gaan dat we met z’n allen iets meer ontwikkeld zijn. Of dat we in ieder geval toch in staat zouden zijn om onze eigen reacties te filteren en te begrijpen dat het onacceptabel, gênant en volslagen absurd is om dit soort prehistorische gedachten ­überhaupt nog te ventileren. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234