Zaterdag 15/06/2019

Column

Dat Groen focust op het klimaat, is niet zonder bedreiging

Carl Devos Beeld Bob Van Mol

De politieke actualiteit volgens UGent-politicoloog en De Morgen-columnist Carl Devos.

Ook afgelopen weekend stonden Groen en N-VA tegenover elkaar. Als objectieve bondgenoten. Groen stelt zich op als de ultieme verdedigingslijn tegen de rechtse samenleving die onder N-VA dreigt. En omgekeerd: wie open grenzen en klimaatfundamentalisme van de progressieven zoals Groen wil stoppen, moet N-VA steunen. Klinkt het subliminaal. Want met die groen-blauwe as weet je maar nooit. En met CD&V natuurlijk ook niet.

Die veldbezetting houdt anderen buiten beeld. Terwijl het ‘ecorealisme’ van N-VA nog duidelijke emoties en beelden oproept, doen kunstmatige labels als ‘eco-optimisme’ van Open Vld of ‘eco-participationisme’ van CD&V dat veel minder. Ze illustreren dat deze traditionele partijen zich weinig blijf weten met dit verkiezingsthema. Vooral bij CD&V is de vertwijfeling uitgesproken.

Go left

Alleen sp.a kan zich een beetje tussen N-VA en Groen wringen. “Wij willen eerst de mensen doen groeien, daarna de bomen. Groen wil het omgekeerde’, aldus Jinnih Beels in De Zondag. De ‘go left’ van sp.a, een back to the roots, geeft de partij een scherper en offensiever profiel, en mikt op een andere verontwaardiging dan die over smeltende ijskappen. De strijd onder progressieven helpt om ruimte te claimen. Die wordt nu bijna dagelijks door en over N-VA gevuld. Die heeft een simpel recept: allerlei ideeën waar heel wat volk tegen kan zijn. Als 70 procent zeer tegen is, is de kans groot dat de partij zowat de overige 30 meeneemt. N-VA gaat in veel hoeken tegelijk staan, waarmee ze telkens niet op 50 procent of meer van de kiezers mikt. In ons veelpartijenlandschap is dat onbereikbaar.

Opdat kiezers zouden weten wat partijen zeggen, moeten die eerst gehoord worden. Dat is de helft van de strijd. De themazetting is volop gaande. Klimaat, identiteit en veiligheid (o.a. de IS-strijders) en koopkracht als roepnaam voor sociaal-economische en budgettaire discussies, lijken zeker. Maar er is ruimte voor meer. De focus op klimaat geeft Groen extra rugwind, maar is niet zonder bedreiging. Overmoed en ook de versmalling tot eenthemapartij vormen risico’s. Groen kan als geen ander de ongerustheid van een deel van de bevolking over het klimaat vertolken, maar een concreet, economisch haalbaar en sociaal rechtvaardig klimaatplan blijft vooralsnog in de luwte. Dat gemis kan geen maanden lang met morele hoogte gevuld worden.

Op al die thema’s zoekt CD&V haar plek. Vaak moet ze achtervolgen. Jarenlang helde ze als evenwichtsorgaan in de sociaal-economisch vrij liberale Michel I naar links. Tot ergernis van N-VA, die er CD&V wel als links mee kon wegzetten. Sinds enkele maanden corrigeert CD&V naar rechts, die markt wil de partij niet helemaal aan N-VA laten. Die terug-naar-het-centrum gaat zo hevig, dat er draaiduizeligheid van komt. Na de slepende voetjes van Kris Peeters (CD&V), die nu naar Europa mogen stappen, claimt CD&V de erfenis van Michel I. Crembo – samen met Liesbeth Homans het bewijs dat een comeback soms veel sneller gaat dan de verwelking – stuurt naar rechts in.

Existentiële vragen

Als Wouter Beke (CD&V) straks naar de regering kan, zal via de voorzittersstrijd goed gepraat worden over welke partij CD&V eigenlijk is. De befaamde christen-democratische synthese lijkt uitgeleefd. De partij is niet enkel te klein geworden om die langs alle beleidsnerven te realiseren, binnen de voormalige zuil lukt die voorafgaandelijke interne consensus niet goed meer. Dat was de essentie van een volkspartij: niet dat die het meeste volk telde, wel dat die binnenskamers alle deelbelangen verzoende. Maar de voorbije jaren kwam de hardste kritiek op het regeerwerk van de eigen christelijke werknemersbeweging.

Ook bij de aspartner van CD&V, de MR, doemen existentiële vragen op. Meteen na haar stevige verkiezingsnederlaag in oktober 2018 vervelde premier Michel tot MR-militant, die er de val van zijn regering voor over had. Nu is hij ook formeel voorzitter. Olivier Chastel (MR) kon niet met dezelfde overgave het regeringsbeleid verdedigen, tussen, aldus de MR-fiches, de ‘retour du coeur’ van de PS en de onbestuurbaarheid van N-VA. Michel mag als voorzitter ook aan de formatietafel schuiven. Als dat ervan komt, tenminste. Want de zaak van de vrijgemaakte Libische fondsen begint aardig te stinken, met de verzwakte Didier Reynders (MR) nadrukkelijk in beeld. Bovendien heeft cdH-voorzitter Maxime Prévot, in tegenstelling tot zijn voorganger Benoît Lutgen, wel een lijn naar de PS. In oktober 2018 stemde Franstalig België linkser, dat is in zeven maanden niet om te buigen. De federale formatie dreigt een gordiaanse knoop te worden.

In de laatste negentig dagen valt nog een en ander te keren. Maar de bedding is uitgedolven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden