Woensdag 19/02/2020

Standpunt

Dat de Kamer een lid telt dat bereid is vertrouwelijke informatie heimelijk te filmen, is een nare gedachte

Bart Eeckhout is hoofdredacteur van De Morgen.

Een merkwaardig incident speelde zich enkele weken geleden af bij de Interparlementaire Unie. Een Belgisch lid van de Unie werd er betrapt toen hij een zitting achter gesloten deuren met verborgen camera en microfoon trachtte te filmen. De kwestie leverde een veroordeling vanwege de Unie op, maar bleef in België altijd onder het tapijt verborgen. Onderzoek van deze krant leert dat het om Kamerlid Michael Freilich (N-VA) en zijn parlementaire medewerker gaat.

In de zitting achter gesloten deuren werden getuigen van Palestijnse ngo’s gehoord over hun kijk op het Palestijns-Israëlische conflict. De discretie van zo’n vergadering doorbreken is op zijn minst een ernstige politieke fout.

De vraag dringt zich op waarom Kamerlid Freilich het nuttig achtte om zo’n daad te stellen. Speelt hier de onervarenheid van een nog jong volksvertegenwoordiger, of wordt er een ander, hoger belang gediend? Wou meneer Freilich zijn privécollectie filmpjes van Israël-kritische stemmen uitbreiden, of wou hij de informatie opslaan om ze te delen met andere belanghebbenden, bijvoorbeeld in Israël? In het eerste geval gaat het om amateurisme, in het tweede ruikt het veeleer naar spionage.

Scepsis is gewettigd. Dat de Belgische federale Kamer een lid telt dat blijkbaar bereid is vertrouwelijke informatie heimelijk te registreren om welke reden dan ook, is een nare gedachte. Parlementsleden zweren de “wetten van het Belgische volk na te leven”, niet die van een of andere buitenlandse mogendheid. Het parlement hoort bij uitstek een plek te zijn waar elkeen vrij zijn mening kan uiten, zonder intimidatie of risico voor de eigen veiligheid. Een inbreuk op dat principe is onacceptabel.

Dit incident komt toevallig samen met de oplopende spanning in de Kazerne Dossin nadat te elfder ure de uitreiking van een vredesprijs aan Midden-Oosten-experte Brigitte Herremans werd geannuleerd. Dat gebeurde onder druk van enkele bestuurders met Joodse roots. Dat Herremans zich weleens kritisch uitlaat over de Israëlische Palestina-politiek beoordelen ze als ‘antisemitisch’.

Een zorgelijke trend lijkt zich voor te doen. Met steeds meer ijver worden proteststemmen tegen de Israëlische overheid gelijkgesteld aan antisemitisme. Met internationale steun wordt druk uitgeoefend om zulke geluiden het zwijgen op te leggen. Dat lukt nog vaak ook.

Dit is een uiterst lastige kwestie. Het staat vast dat reëel antisemitisme weer zorgwekkend toeneemt. Onze solidariteit met de Joodse gemeenschap in de strijd tegen die kwalijke vorm van racisme moet principieel en groot zijn.

Tegelijk is er wel degelijk de neiging, vanuit Israël en zijn vrienden, om legitieme kritiek op het beleid mee weg te zetten als antisemitisme. Oprechte bekommernis om de weer opspelende Jodenhaat mag ons niet verhinderen die tweede ontwikkeling te benoemen als wat ze is: een poging om de vrije meningsuiting te beknotten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234