Dinsdag 22/10/2019
Beeld rv

Column Marnix Peeters

Dag na dag worden wij gekneed en afgeschaafd en bijgeknipt, tot wij de saaie volwassenen zijn die we behoren te zijn

Op zijn berg in de Oostkantons schrijft Marnix Peeters over vrijheid, zijn vogels en zijn vrouw.

Er waren vrienden op bezoek gekomen. Zij hadden hun dochtertje van drie meegebracht, een allerschattigst kind met een brede interesse in de wereld, een grote nieuwsgierigheid en een benijdenswaardige dadendrang. Zij klom op het boekenrek, trok de klink van de schuifdeur en schroefde het potje dagcrème van Louis Widmer open dat mijn vrouw op haar tafeltje bewaart, en smeerde haar gezicht in. Nog uren lang geurde zij naar een dame.

Mijn vrouw klapte haar laptop open en klikte op Cars. Jij bent lief, zei het kind smoezelend. Je bent zo mooi, je bent mijn beste vriend.

Wie het klavier bedient, beheerst de wereld, zei mijn vrouw.

Op het gekibbel en het geronk van de Cars na werd het stil. Vier minuten later zag het meisje mijn antieke beeld van de heilige Fridolinus op de kast staan en wilde ze daarmee spelen. Ik kriebelde ter afleiding haar buik en hield haar bij haar voeten ondersteboven, wat zij onder luid gegibber graag tien keer herhaald wist.

Prachtig, zo’n kind, zei ik toen ze weg waren.

Het zet je leven helemaal op z’n kop, zei mijn vrouw. Je kunt je gedachten niet afmaken. Je werpt maar wat zinnen naar elkaar. En je luistert maar half, want je bent altijd aan het kijken wat het kind aan het openschroeven, lospeuteren of inslikken is.

Het is de mens in z’n oervorm, zei ik. Ongebreideld enthousiast over werkelijk alles. Zegt van niks: dit ken ik al. Denkt nooit: dat weet ik al. Laat zich niet tegenhouden door angst of duisternis. Bellenblazen kan ook in het donker bij stormweer. Morgen bestaat niet, enkel het Nu dient op de allerspannendste manier te worden ingevuld. Het is jaloersmakend. Dag na dag worden wij gekneed en afgeschaafd en bijgeknipt, tot wij de saaie volwassenen zijn die we behoren te zijn. Allemaal samen netjes doen. De wereld heeft niets aan bellenblazers bij nacht of aan boekenrekklimmers of onderstebovenhangers. Wij worden tot doeltreffendheid aangezet, tot efficiëntie geslepen, tot keurigheid gecorrigeerd. Tot veel te véél keurigheid.

Ik had net Mieke Maaike’s obscene jeugd van Louis Paul Boon herlezen, waarbij ik me de vraag had gesteld waarom er in godsnaam ‘scabreus!’ en ‘vettig!’ wordt geroepen bij mijn romans. In Ik heb aids van Johnny Diamond gaat het hoofdpersonage, een veertiger, aan de slag met een hups Duits tienermeisje en een dikke lederslavin, waar critici dan over zeggen dat het fatsoen met voeten wordt getreden en dat de zeden in gevaar zijn. Mieke Maaike was élf toen ze, zo heet als de Heilige Antonius op z’n varken, voor het eerst behendig de deugddoener hanteerde. Daar werd destijds wel schande over gesproken, maar dat soort fantasie was wel een récht. Boon zou eens heel hard gelachen hebben met de staat van preuts beleg die de ayatollahs van het onbehagen vandaag nastreven.

Mijn vrouw was intussen op haar beurt in Mieke Maaike verzonken geraakt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234