Donderdag 29/10/2020

ColumnIvo Victoria

Daar ligt ze, onder haar fiets, geen tranen, alleen maar schrik

Ivo Victoria.Beeld DM

Ivo Victoria is schrijver van Alles is oké. Hij woont en werkt in Amsterdam. Zijn column verschijnt tweewekelijks.

Zoals elke ochtend fiets ik met onze jongste dochter naar school. Een kilometer of twee over een fietspad dat voor de laatste vijfhonderd meter overgaat in een brede, rechte weg. Niet te veel verkeer. Wel altijd een lijnbus die ons in dat laatste stuk voorbijsteekt. Ze wordt negen binnenkort; vanaf volgende week mag ze na school alleen naar huis fietsen. Maar deze ochtendlijke ritjes, gezellig kletsend langs het kabbelende water van het IJ, laat ik me niet afnemen. Dan, zomaar, haken onze trappers in elkaar. En ik denk aan die bus – of denk ik daar nu pas aan?

Wim Deroo zat bij mij in de scouts van Edegem. Op een dag werd hij aangereden op het kruispunt met de Hovestraat en de Mechelsesteenweg. Hij was even oud als ik, elf toen hij overleed. Op de begrafenis kregen we allemaal een rouwprentje waarop een foto van een frêle, lieve jongen stond. Ik denk nog vaak aan deze jongen. Ik denk aan hem wanneer ik in Amsterdam langs het Marnixbad fiets, waar een vrachtwagen Boris (12) tegen een gevel kwakte, meer dan tien jaar geleden, en elke keer liggen er bloemen, nog steeds. Ik denk aan hem op het Mercatorplein, waar de jonge cabaretière Floor van der Wal werd geschept in 2011. Ik denk aan hem, en aan Boris, en aan Floor wanneer ik het kruispunt met de Stadshouderkade en de Hobbemakade oversteek, en ook aan de hoek tegenover Bar Bukowski, bij het Oosterpark, waar de tram naar rechts afdraait wanneer de fietsers rechtdoor gaan. De littekens van de stad. Ik denk aan hen wanneer ik met mijn dochter naar school fiets en zij weg demarreert om te laten zien hoe goed ze het zelf kan en ik roep: ‘Eerst naar links kijken. Nee, naar línks! Nee, dat ándere links!’

Even later haken onze trappers in elkaar. Zomaar. Ik zwalk naar het midden van de rijbaan, blijf nog net overeind, denk aan die bus, kijk achterom, zie mijn meisje de stoep opschuiven. Daar ligt ze, onder haar fiets, geen tranen, alleen maar schrik, waar is die bus? Geen bus. Oké. En ik denk aan Wim, Boris, Floor, ik denk aan Kato van twaalf uit Zwevegem, vorige week. Wij zijn oké. Wij zijn even geschrokken maar nu fietsen we alweer. De komende weken heb ik elke middag buikpijn maar nu kletsen we voort. Het water kabbelt, de bus komt, haalt ons in, niks aan de hand, daar is de school.

Mijn dochter kijkt enorm uit naar haar prille zelfstandigheid. De wereld wordt groter, de vrijheid wacht breed glimlachend aan de horizon. Het zou niet zo moeilijk moeten zijn om het haar te kunnen gunnen. En ik woon dan nog in Amsterdam, volgens velen de perfecte fietsstad, maar ook in een perfecte fietsstad ligt het noodlot op de loer. In Vlaanderen zijn bij een derde van de 23.000 verkeersongevallen per jaar fietsers betrokken. Elke week sterft minstens 1 fietser in het verkeer, elk jaar vallen meer dan 8.000 gewonden. De cijfers stijgen. De Vlaamse regering pompt – hocus pocus – 4,3 miljard euro in de economie. Voor het verkeersveilig maken van de 300 gevaarlijkste kruispunten van Vlaanderen is dit jaar nauwelijks 3,5 miljoen euro beschikbaar. Het noodlot lacht zich kapot.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234