Zondag 31/05/2020

Column

'Charlie Hebdo' is waardevolle journalistiek die het woord gebruikt als sleutel tot de wrange lach

Beeld AFP

Marc Didden is schrijver, columnist en trouwe lezer van Charlie Hebdo.

Een bekende Vlaamse schrijver, van wie de naam me nu maar niet te binnen wil schieten, verleende in de lente van vorig jaar een vraaggesprek aan een bekend Vlaams televisietijdschrift, waarvan ik de naam maar al te goed ken. Aanleiding was een nieuw toneelstuk van de gevierde auteur. Het interview had met de dood van een politicus te maken, maar kwam al snel uit bij de laffe moordaanslagen die in januari van het ellendige kalenderjaar 2015 gebeurd waren in de lichtstad.

Daarbij werden Joodse shoppers omver gemaaid, alsook een politieagent van Maghrebijnse oorsprong, een vaak vergeten vrouwelijke agente met Afrikaanse roots en twee handvollen schrijvers, tekenaars en administratieve medewerkers van het satirische weekblad Charlie Hebdo. Een affaire die te pijnlijk was voor woorden, wat wellicht de reden is dat veel verstandige mensen verkozen erover te zwijgen.

Marc Didden.Beeld Johan Jacobs

De bekende Vlaamse schrijver had er wel iets over te melden, en wel het volgende, wat ik citeer uit mijn geheugen, dat overigens uitstekend is: "Voor die jongeren uit de Parijse banlieues is Charlie Hebdo de incontinente poedel van Madame de Pompadour."

Wat wil dat zeggen? In het geheel niets. Is dat erg? Natuurlijk niet. Leve de onzin!

Maar van een bekend schrijver zou men op zo'n belangrijk tijdstip in de culturele geschiedenis van Europa wel een andere uitspraak mogen verwachten dan dewelke ik hierboven aanhaal. Waarom zegt zo'n schrijver dan zoiets? Slechte vrienden, denk ik. En ook wel last van een beetje eigendunk die denkt dat als je de woorden 'Parijs', 'Charlie Hebdo', 'incontinente poedel' en 'Madame de Pompadour' in één zin gebruikt, daaraan dan ook een interessante gedachte kan worden gekoppeld. Quod non.

Een andere grote schrijver, de in Parijs levende en werkende Noord-Ier Robert McLiam Wilson (Eureka Street), schreef daarover een bijzondere bijdrage in The Guardian van 3 januari. Niet over die poedel, natuurlijk, maar over media-mensen die bij het begin van vorig jaar klaarstonden met meningen over Charlie Hebdo, zonder dat ze daar ooit zelfs maar één exemplaar van hadden gezien, zonder dat ze één woord Frans konden spreken of lezen, zonder dat ze vertrouwd waren met de lange traditie van satire, die bij onze zuiderburen al sedert de revolutie in de genen verweven zit.

Charlie Hebdo is, laat ik u dat nog één keer zeggen als vriendendienst, geen mannekensboekske. Het is een waardevol journalistiek project waarbinnen cartoons weliswaar vaak een hoofdrol spelen, maar het mag duidelijk zijn dat er binnen die cartoons en ook in de rest van de krant altijd veel plaats wordt gemaakt voor het woord. Het woord als wapen, het woord als wisselmunt voor gedachten, het woord als sleutel tot de wrange lach.

Ja, pis en kak komen er ook weleens aan te pas, alsook andere lichaamsvochten. Maar ook dat is traditie. Rechtstreeks verwijzend naar voorganger Hara Kiri, naar denkvaders als Roland Topor of Jean-Marc Reiser en François Cavanna, maar onrechtstreeks ook naar de balorige humor die voor wie vertrouwd is met de Franse cultuur al bekend is vanuit klassieke teksten als François Rabelais' Gargantua et Pantagruel.

Charlie Hebdo heeft niet, zoals ik nog dagelijks hoor beweren, systematisch de Profeet beledigd. Charlie heeft degenen bekritiseerd die in naam van de Profeet de meest walgelijke daden hebben gesteld. Zoals mensen met een mening, of lui die gewoon hun werk deden of gingen shoppen, neer te maaien op hun werkplek of langs een stoeprand. U doet wat u wilt. Maar ik ben, met uw goedvinden, morgen nog méér Charlie dan ooit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234