Dinsdag 21/05/2019

Opinie

Boudry is geen negationist. Maar wat hij doet, is weinig wetenschappelijk

Ludo Abicht is filosoof en auteur van oa 'Geschiedenis van de Joden van de Lage Landen', 'De Verlichting vandaag' en 'Interculturaliteit'. 

Ludo Abicht. Beeld Bob Van Mol

In The Silk Roads (2015) brengt de Britse historicus Peter Frankopan het ene gruwelverhaal na het andere, waarvan de sadistische details en wreedheden over al die eeuwen uiteraard niet met elkaar vergeleken worden, maar wel neerkomen op de wil van de verschillende veroveraars om hun overmacht zo efficiënt en zo intens mogelijk in de hoofden en harten van hun slachtoffers te vestigen. Je kan dan inderdaad spreken van een bepaald patroon dat op een volkomen amorele wijze logisch kan genoemd worden. 

Mensenhandel

Maarten Boudry (DM 21/8) vindt een vergelijkbare pathologische logica in de ideologie en praktijk van de nationaalsocialisten: wanneer je ervan uitgaat dat “de Joden het ongeluk van ons volk zijn”, parasieten en dragers van ziektekiemen, dan volgt daar logisch uit dat je die gevaarlijke minderheid zo grondig en klinisch mogelijk uit “het gezonde volkslichaam” moet verwijderen. Of men de Joden nu naar Madagascar deporteert of probeert ze via een lucratieve mensenhandel naar Palestina te versassen, of, wanneer dit door de oorlogsomstandigheden niet meer mogelijk is, hen door slavenarbeid of in regelrechte uitroeiingskampen laat omkomen was volkomen om het even. Dat de leiding van de nazi’s zich bewust was van de weerzin die deze raciale zuivering bij veel niet-Joodse potentiële bondgenoten (en een aantal gevoelige volksgenoten) kon veroorzaken, legt hoogstwaarschijnlijk uit waarom de hele operatie in alle discretie en met een bijzonder ingewikkelde semantische versluiering heeft plaatsgevonden. Deze versluiering heeft na de oorlog de verschillende negationisten de kans geboden, de judeocide te minimaliseren of te ontkennen (negeren). Maarten Boudry doet dit helemaal niet en kan dus ook niet ernstig van negationisme beschuldigd worden.

Wat mij stoort is niet zijn poging om de misdaden van het nazisme vanuit deze ziekelijke rassenlogica te verklaren, maar de volgens mij wetenschappelijk weinig overtuigende vergelijking van de judeocide met de ideologie en praktijk van wat hij heel algemeen “het jihadisme” noemt. Natuurlijk is de haat van deze terroristen vergelijkbaar met de ergste uitingen van fanatisme uit de geschiedenis, en uiteraard maken ook deze misdadigers misbruik van een religieus gekleurde ideologie die de vervolging, foltering en uitmoording van alle andersdenkenden, ook binnen de islam, tracht te verantwoorden. 

Wat de wenkbrauwen doet fronsen is met name de gelijkschakeling van een staatsideologie als het nazisme die zelfs tegen de eigen belangen in tot het bittere einde de uitroeiing van de Joden met alle middelen doorzette, alsof deze misdaden het Derde Rijk alsnog zouden kunnen redden, en de waanideeën en gruweldaden van verspreide fanatici en sadisten die al te graag een soort staat (kalifaat) zouden willen stichten die bijvoorbeeld met het Derde Rijk kon vergeleken worden, maar daar gelukkig nog helemaal niet in geslaagd zijn. Dat er zulke individuen en groepen opstaan is niet verwonderlijk, wél dat aanhangers, sympathisanten én, omgekeerd, hun tegenstanders hen als het ware mythische (religieuze, ideologische) eigenschappen toedichten in plaats van hen te bekijken en behandelen als de levensgevaarlijke, door haat verblinde losers die ze in feite zijn. Dat zij zichzelf “jihadisten” noemen is een vorm van miserabele grootspraak. Dat academici en commentatoren dat ook doen lijkt me eerder een teken van onwetenschappelijk en slordig denken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.