Woensdag 27/10/2021

ColumnBregje Hofstede

Bij de halte schraap ik met de neus van mijn laars over de perron­trap. Ik sta stil en neem de schade op: de eerste kras

null Beeld Damon De Backer
Beeld Damon De Backer

Auteur Lize Spit en haar collega Bregje Hofstede, allebei °1988, vertellen beurtelings over hun leven. Vandaag: Bregje.

Mijn nieuwe laarzen zijn van zwart, glad, glanzend leer, en de eerste dag dat ik ze aanheb, dans ik verliefd met ze rond: kijk, wat glimmen ze, wat tikken hun hakken parmantig! Ik zou bij elke spiegelende winkelruit willen stilstaan om hun silhouet te bekijken: de stevige hoge hak, de eigenwijze puntige neus en de tientallen gespjes. En zo mooi gemaakt. Uiterst voorzichtig draag ik het vlekkeloze, ongeplooide leer over ruwe stoepranden, heel omslachtig til ik mijn been ver over de stang van mijn fiets. De roltrap in het station, met zijn stalen tanden, betreed ik op mijn tenen. Pas als ik veilig in de trein zit, haal ik rustig adem.

Nu ik weer om me heen kan kijken, zie ik dat ik tegenover een grijzende vrouw ben gaan zitten. Zij is pas echt prachtig gekleed. Haar schoenen en haar olijfgroene jas zou ik zo willen overnemen, en daarbij draagt ze een groot rond montuur met turquoise randen. Het is geen brilletje, het is een kapitale Bril. Ik vind hem mooi, maar zelf zou ik bij de opticien nooit zoiets aanwijzen. Wat is dat toch? De vrouw werpt een blik om zich heen, glimlacht vluchtig als ze me ziet kijken, en schudt haar krant open.

Ik wrijf met de neuzen van mijn laarzen discreet langs mijn kuiten om de vuiltjes eraf te vegen en inspecteer ze nog eens. Het leer heeft op de wreef een eerste plooi gekregen. De vrouw tegenover me lacht zachtjes om iets wat ze leest, een zie-je-wel-lachje van superieure kennis, waarbij haar blauwe bril blinkt in het schuin binnenvallende zonlicht.

Terwijl de trein zich in beweging zet, duw ik mijn eigen bril verder omhoog. Een subtiel ovaal montuur is het, in de kleur van mijn haar. Ik heb mijn blik heel voorzichtig omlijst. Nu vraag ik me af wat dat betekent. Bekijk ik de dingen behoedzaam? Werp ik een banger oog op mezelf dan deze vrouw, die door zeeblauwe cirkels kijkt? Het zijn altijd oudere vrouwen die het durven, zo’n bril, en soms een oudere heer. Ik heb zelden een rimpelloos gezicht getooid gezien met zoveel vorm en kleur. Jonge­ren met uitbundige kleding, ja, en af en toe blauwgeverfd haar, maar zulke brillen: nooit.

Als ik bij de volgende halte uitstap, in gedachten verzonken, schraap ik met de neus van mijn laars over de perrontrap. Ik sta stil om de schade op te nemen. Op de glimmende neus staat de eerste kras.

Het doet maar even pijn. Dan denk ik: nu maakt het eigenlijk niet meer zo uit. Nu mag er gelopen worden. De rest van de trap neem ik op een drafje.

Op het stationsplein komt me een andere vrouw met een markante bril tegemoet. Haar schoenen zijn geplooid en haar gezicht is gerimpeld. Onder in mijn blikveld glanzen mijn laarzen, nog altijd vrijwel rimpelloos. Maar dat komt wel, denk ik, laarsjes, doe jullie best. Nog even en ook jullie hoeven minder voorzichtig te zijn. Nog even en alles krijgt krasjes. Dan neem ik ook een rechthoekig, roestrood montuur, en zie ik door mijn kleurig omrande bril overal speelruimte.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234