Woensdag 12/05/2021

UitkijkpostJoël De Ceulaer

Beste Tom Lanoye, u bent niet moedig, maar behaagziek. U bent een applausjunkie

Tom Lanoye. Beeld Studio Caro
Tom Lanoye.Beeld Studio Caro

Elk weekend schrijft Joël De Ceulaer een licht satirisch getinte brief aan de (m/v/x) van de week. Hier kunt u die brief lezen of beluisteren.

Beste Tom Lanoye

Donderdagmiddag rinkelde de telefoon. Radio 1 aan de lijn. Een medewerkster van het ochtendlijke showprogramma Byloo. Aanstaande maandag is het Complimentendag en daarom leek het de redactie een leuk idee om ons – u en mij, dus – eens wat aardige en mooie dingen over elkaar te laten zeggen. In plaats van altijd dat venijn te spuien. Mijn spontane antwoord luidde, zonder ook maar een halve seconde na te denken: ‘Tuurlijk. Graag. Met alle plezier!’

Tien minuten later rinkelde de telefoon opnieuw. Het plan moest afgelast, omdat u had laten weten dat u zou passen voor de feestelijkheden. Geen zin, geen tijd, geen sprake van, geen compliment. Een zware last viel van mijn schouders. U moet weten: ofschoon ik de schijn tegen heb, ben ik maar een brave ziel, wiens hoofd nog volgestouwd zit met schuld en berouw en plicht en vergeving – een cultuurchristen, quoi! Maar eigenlijk vind ik het ook maar niks. Elkaar publiek bewieroken is zo klef, melig en zoetsappig dat mijn tanden ervan uitvallen. Complimentendag? Arm Vlaanderen!

Havermoutpap

Wat wij nodig hebben, is juist het omgekeerde. Een uitschelddag, waarop iedereen zijn collega, vriend of buurman eens terdege met de grond gelijk mag maken – een dag ook waarop de schrijvende medemens alleen maar oorlogsproza produceert. De polemiek is een nobel genre, dat in onze contreien haast niet meer wordt bedreven. Media deinzen wat terug voor het bevlogen, verbale degengekletter. Liever publiceert men columns die smaken naar havermoutpap of snel bijeengeharkte stukjes van ethici of politicologen die risicoloos dan wel onleesbaar zijn. Nee, doe mij dan maar een uithaal zoals die van u in Humo deze week. Een smoezelig sloopstuk, dat ik graag las. Liever een opponent zoals Tom Lanoye, veldwachter van het Vlaamse opiniegebeuren, dan al die haters op Twitter: een medium dat u minacht, las ik, wellicht omdat u het niet onder de knie krijgt.

Wie uw stukje wil lezen, kan dat gratis op de site van Humo. Voor wie daar tegenop ziet, vat ik de kern even samen: mijn ambitie reikt hoger dan de Himalaya, mijn talent iets lager dan een cornervlag. De aanleiding van uw diagnose is de documentaire over Johan Anthierens, waarin ik net zoals u en vele anderen kwam getuigen. U suggereert, met een citaat van het schap Alternative Facts, dat ik mij een ‘schrijfbroeder’ van Anthierens zou wanen. Gij, mottige malloot! Ik was een ‘fan’ van Anthierens, en zo zat ik daar ook.

Stijltics

Ik vond uw gekaffer niet slecht, maar er is nog ruimte voor verbetering. Mocht die dag van de polemiek, de Nationale Uitschelddag, er ooit komen, dan mag het gerust een stuk smeriger, wat meer op de man. Nu had uw tirade op mij het effect van een vaccinatie: je voelt even een prik, dan een lichte irritatie, maar na vijf minuten is het leed geleden. Dat is jammer voor u, qua return on investment zal ik maar zeggen.

Wie uw stuk erg vals vond, moet ik terechtwijzen: ik was begonnen. Ik heb u ooit, in een andere brief, vergeleken met Jean-Marie Dedecker. Ik noemde hem de Tom Lanoye van de Lidl, maar dan op rechts. Ik vind dat nog altijd een geschikte vergelijking. Behalve die lichaamsbouw, waardoor een cornerpaaltje voor u algauw een polsstok lijkt, deelt u met Dedecker ook die overmaat, die moddervette stijl: u pompt uw teksten zo vol alliteraties, stijltics en gezwollen woordjes dat de lezer al na één alinea verzadigd is. Het is je reinste cholesterolproza. Ook inhoudelijk is er een raakpunt: net zoals Dedecker gaat u er prat op dat u – jawel! – meer boeken verkoopt dan ik. Nou moe. Geef een seintje als u graag eens nagaat wie het verst kan plassen. Dedecker mag meedoen, dat kan coronaproof.

Schroom

Wacht, toch een compliment: niemand viel in die docu over Anthierens eleganter door de mand dan u. Iedereen is al weken zo druk bezig de man voor het eigen karretje te spannen dat ik er onwel van word. In De Standaard schreef Mia Doornaert dat hij haar ooit had gebeld om te zeggen dat ze de Arkprijs van het Vrije Woord moest krijgen – iets wat je, zélfs als het klopt, uit pure schroom toch niet durft op te schrijven. En u leeft niet alleen in de overtuiging dat u een ‘schrijfbroeder’ van Anthierens bent, u gedraagt zich als zijn plaatsvervanger op aarde. Kom hier, dat ik aan uw oren trek! Ik heb zowel uw oeuvre als dat van Anthierens gelezen en kan derhalve naar waarheid getuigen: er is toch een verschilletje qua soortgelijk gewicht. Anthierens was een man met intellectuele moed: hij durfde alleen te staan, pijnlijk eerlijk te zijn, desnoods tegen de eigen fanclub in. U bent niet moedig, maar behaagziek – het literaire equivalent van de dorpspoliticus op de markt, in volle verkiezingstijd. U bent een applausjunkie, een commerçant, een stofzuigerverkoper. De Theofiel Boemerang van de Vlaamse letteren. Met de lafheid van de bisschop, die alleen de kringen frequenteert waar men zijn ring wil kussen.

De ontkerkelijking is begonnen, eerwaarde.

Tot op Twitter, als u durft!

Joël De Ceulaer

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234