Zondag 09/08/2020

UitkijkpostJoël De Ceulaer

Beste Sophie Wilmès, zelfs Marc Van Ranst steunt mijn pleidooi

Beeld Studio Caro

Elk weekend schrijft Joël De Ceulaer een boze, bezorgde of blije brief aan de (m/v/x) van de week. Hier kunt u die brief lezen of beluisteren.

Beste Sophie Wilmès

Ik weet niet of u gaarne danst, of u een flukse foxtrot dan wel krokante quickstep in de benen hebt, maar veel doet dat er voorlopig ook niet toe. Uw Nieuw-Zeelandse collega Jacinda Ardern heeft vorige week naar eigen zeggen wel een klein dansje verricht toen ze vernam dat haar land volledig coronavrij is. U bent bijlange zover nog niet. In België blijft het virus zich nog altijd met een zekere geestdrift verspreiden. En onze dodentol per capita, zoals dat heet, is bijna goed voor een planetaire podiumplaats. De rekensom is niet zo moeilijk: van elke 1.000 Belgen is de voorbije weken 1 exemplaar gestorven – velen onder hen in comateuze toestand, met een intubatiebuis in de luchtpijp.

Dat is uiteraard niet alleen uw verantwoordelijkheid. U werd bij het aanjagen van deze sterftegolf voorbeeldig geholpen door talloze ministers die allemaal hun steentje aan de catastrofe wilden bijdragen. Ook de politieke gezagvoerders van de woon-zorgcentra in het graafschap Vlaanderen, waar een 90-plusser alleen ministerieel respect geniet als hij kan aantonen dat hij fout was in de oorlog, hebben er alles aan gedaan om uw cijfers de hoogte in te jagen. De dodentol is uiteraard nog lang niet historisch te noemen, maar ik stel toch voor dat we alvast een aantal bronzen bustes en dito standbeelden van u laten vervaardigen, zodat die straks overal een actuele invulling kunnen geven aan de ledige plekken die Leopold II achterlaat, nu zijn beeltenis zich overal op niet-bewegende wijze verplaatst. De toestand is dus vrij ernstig. Toch denk ik dat u, in tegenstelling tot onze voormalige vorst, nog één kans hebt om bij toekomstige generaties in een goed blaadje te komen. Met deze brief wil ik u die kans met plezier aanbieden.

Soapactrices

Mijn uitgangspunt is simpel. Ik vind het leven aangenaam en ben er nogal aan gehecht. Ik heb een fijn gezin, een goede gezondheid en leuke baan – zo hoef ik om den brode, ik zeg maar wat, geen jarige soapactrices te interviewen voor Humo. Ik ben een bofkont en zou dat graag nog even zo houden, als u daar geen bezwaar tegen hebt. En u kunt mij daarbij helpen, door al mijn lieve landgenoten nog één bindend adviesje te geven. Dat kan er nog wel bij, zou ik denken. U hebt ons maandenlang opgesloten in ons kot, u hebt zowat de volledige economie stilgelegd, u hebt het onderwijs integraal opgeschort – u bent maar één ding vergeten, iets dat in het niets verzinkt vergeleken bij de lockdown.

De mondmaskers.

Jawel, het hoge woord is eruit. Er zijn lezers die nu gillend weglopen, zeker als ze mij op Twitter volgen. Ik heb het al zo vaak over die dingen gehad dat zelfs Marc Van Ranst, die toch geen onbeleefde man is, mij openlijk ‘een zagevent’ noemde. Het is een verwijt dat ik graag krijg, want dat is per slot van rekening mijn journalistieke plicht: zagen tot ik erbij neerval, als had men mij in een coma gebracht om de intubatiebuis door mijn keel te duwen. Maar ik heb er geen spijt van, want finaal ging professor Van Ranst voor mijn gezaag door de knieën en sloot hij zich aan bij mijn vurige pleidooi: ‘Wanneer ik in de winkel zie hoe weinig mensen momenteel een mondmasker dragen, dan zal u in mij een bondgenoot vinden om in de toekomst een verplichting te ondersteunen, Joël.’

Platte curve

Die toekomst, mevrouw, is nú. Nu, niet seffens, niet direct, niet subiet, niet weldra, maar nu. Maintenant, tout de suite, heute, godverdomme, om het met Raymond te zeggen. In Franstalig België is de situatie veel beter, verneem ik, maar in Vlaanderen is het echt om te huilen. De grote meerderheid van de klanten bij slager of supermarkt denkt dat het al voorbij is, en dat we elkaar niet meer hoeven te beschermen. Op zich kun je hen dat niet kwalijk nemen, na maandenlang met halve en anderhalve leugens over mondmaskers te zijn bestookt. Maar het wordt tijd dat u iedereen wakker schudt. U moet ons helpen om de curve helemaal plát te slaan, zoals Jacinda Ardern dat heeft gedaan.

Wat we nu doen, is pappen en nathouden. Aanmodderen. Blij zijn met honderd nieuwe bevestigde besmettingen per dag. In de hoop dat het vaccin er sneller is dan verwacht. Maar dat is slecht bestuur. U moet er vandaag van uitgaan dat er helemaal geen vaccin zal komen. Dat alle pistes zullen doodlopen. Let op, ik geloof dat er wél een vaccin komt – mijn vertrouwen in Big Pharma is groot – maar u moet nu leiding geven alsof dat niet zal lukken. U moet veilig spelen. Allemaal een mondkapje bij het verlaten van de woonst is een minuscuul offer in vergelijking met een nieuwe lockdown, waar we op dreigen af te stevenen bij een tweede golf.

Ratel

Burgers die toch niet bereid zijn om mond en neus te bedekken – goed wetende dat het virus niet alleen doodt, maar ook zwaar verminkt en verwoest en vernielt – kunt u van overheidswege verplichten om een ratel te gebruiken, zodat ik ze hoor aankomen en tijdig opzij kan springen, foxtrot- of quickstepgewijs.

Dank namens

alle overlevenden

Joël De Ceulaer, senior writer

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234