Dinsdag 21/01/2020

Opinie

Beste muziekprogrammatoren: blijf vooral support acts boeken

Nico Kennes (foto copyright Lara Gasparotto) Beeld RV

Nico Kennes is medewerker pop & rock-muziek bij Kunstenpunt en muzikant bij Barely Autumn.

Ah, de festivalzomer! Kleppers als Graspop, Best Kept Secret, Werchter en Dour hebben we alweer achter de kiezen. Dit weekend swingt de Schaal van Richter vrolijk de pan uit ter hoogte van Boom, waar de dertiende editie van Tomorrowland plaatsvindt.

Tussen de goudbruine frieten en het fletse bier door, schreef Bert Van Raemdonck een opiniestuk (op Knack.be) , waarin hij – ei zo na – stelt dat voorprogramma’s in onze muziekclubs maar beter kunnen worden afgeschaft. En Bert, hoe langer ik erover nadenk, hoe meer ik denk dat ik je discours van een tegengewicht moet voorzien. Bovenal omdat ik merk dat zowat iedere muziekfan en –professional die ik ken het er niet mee eens is.

Maar laat ik eerst nog een poging tot een constructieve dialoog doen. Want ik wil wel degelijk geloven dat je een muziekliefhebber bent, en dus het beste voorhebt met (jonge of beginnende) muzikanten. Je pleidooi voor een manier van programmeren die meer neigt naar ‘double bills’ dan naar ‘support acts’ bijvoorbeeld, dat is nobele convictie. Het is inderdaad zo dat voorprogramma’s vaak last minute worden aangekondigd, mede daardoor lang niet evenveel (pers-)aandacht krijgen als de headliner in kwestie, en niet zelden ver onder om het even welk loonbarema betaald worden.

Dat is een penibele kwestie, een discussie die al jaren meegaat en ook aan bod kwam op de Muzikale Terzake van Poppunt, AB, ClubCircuit en Kunstenpunt. Het kruim van de muzieksector bediscussieerde daar de stelling om ‘minder, maar beter’ te programmeren, naar aanleiding van het onderzoek naar verloning van kunstenaars in Vlaanderen.

Een finale consensus of een hapklare oplossing kwam er toen niet. Maar – en nu richt ik me op mijn beurt tot onze muziekprogrammatoren aller lande – als jullie voor die (legitieme) logica zouden opteren, laat het dan alsjeblieft nu net niét de voorprogramma’s zijn die het onderspit moeten delven! Laten we nu net niét met z’n allen alleen maar “een week, een maand of soms een jaar” uitkijken naar de gevestigde waarden, de grote namen en de zekerheden.

In tegenstelling tot Bert zijn er wel degelijk mensen die genieten van een voorprogramma. Mensen die openstaan voor nieuwe ontdekkingen. Mensen die een kleinere of onbekende act niet per definitie zien als een onoverkomelijk kwaad. “Wie kreeft besteld, kan je echt geen plezier doen met een lauwe kom mosselen als voorgerecht”? Seriously? Ik moest even slikken. Behalve dat die uitspraak uitgaat van de ongefundeerde vooronderstelling dat support acts per definitie slecht zijn, is er ook een héél eenvoudige oplossing voor! Als je geen behoefte hebt aan “een paar mindere goden”: wandel dan binnen als het hoofdprogramma begint! Er is vast wel ergens een restaurant met kreeft op het menu, waar je dat half uurtje gezellig kan gaan smikkelen.

Nogmaals: in tegenstelling tot jij zijn er wel degelijk mensen die mosselen lusten. Dat die de ene keer wat beter smaken dan de andere, daar kunnen wij mee leven. Dat houdt het spannend. En dat geldt trouwens net zo goed voor headliners.

Behalve muziekliefhebber ben ik zelf overigens ook muzikant. En ik kan je met de hand op het hart vertellen dat de mooiste (muziek-)avond uit mijn leven tot nu toe, het moment was waarop we met Barely Autumn het voorprogramma van Sophia mochten verzorgen, in een tot de nok gevulde Ancienne Belgique. Ook al waren we – toen iets langer dan een halfjaar bezig – allicht lang niet zo’n geoliede machine als de helden die ons nadien op het podium kwamen aflossen.

Je stelt dat de afkeer van het voorprogramma (“mentale weerstand”) zozeer in de lucht van de zaal hangt, dat de muzikanten op het podium niet anders kunnen dan eronder te bezwijken. Welaan dan. Dat het meer vertrouwen schept om te weten dat je zelf 2.000 kaartjes hebt verkocht, dan dat je jezelf moet gaan bewijzen voor een publiek dat nog nooit van je groep heeft gehoord. Daar kan ik inkomen. Maar dat hoort er toch gewoon bij, denk ik dan? Als bekendheid een vereiste zou gaan worden om een concert te mogen spelen, laten we dan met z’n allen voor de vijfentwintigste keer naar Metallica of U2 gaan kijken, en vooral hopen dat we alles tot en met de bindteksten mee kunnen ‘lip synchen’.

Ik zal je trouwens een geheimpje verklappen: net zoals Hetfield en Bono, zijn je favoriete groepen – Slowdive, Japandroids en Cocaine Piss – ook allemaal ooit support act geweest. Bij die laatste is dat niet eens zo lang geleden. Sterker nog: zonder zich in het verleden te degraderen tot een lauwe kom mosselen, zoals je dat zo lyrisch stelt, had hun naam vandaag nooit bovenaan de affiche gepronkt.

Pas wanneer je verderop in je pleidooi van wal steekt over technische sabotage van de voorprogramma’s, verliest je argumentatie helemaal de trappers. Als je als band geen eigen geluids- of lichttechnicus kunt meebrengen, is de kans misschien inderdaad iets groter dat er een onverwacht probleem de kop op steekt. Maar welke programmator of directeur zou zijn technisch personeel in godsnaam de opdracht geven het voorprogramma zo slecht mogelijk te laten klinken?

Dus beste muziekprogrammatoren: blijf vooral support acts boeken! Als het even kan in zo goed mogelijk – financiële, technische en promotionele – omstandigheden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234