Zondag 23/02/2020

ColumnHilde Van Mieghem

Als ik bovenaan op de Spaanse trappen sta en de horde mensen zie die zich door de winkel-straatjes wurmen, maak ik rechtsomkeer

Hilde Van Mieghem heeft het druk, maar neemt de tijd voor een gloedvolle blik achter de schermen van haar leven.

Alle wegen leiden naar Rome. In elk geval de mijne wel, vorig weekend. Ik moest mijn ver-weg-van-alles-en-iedereenparadijs noodgedwongen verlaten om me met wereldse zaken bezig te houden, in dit geval een interview. In februari wordt een documentaire die ik maakte losgelaten op Vlaanderen en daar moet eerst over gepraat worden.

Na negen weken totale stilte met af en toe op de achtergrond een streepje Klara begeef ik me weer in de bewoonde wereld. Onderweg verbaas ik me over het prachtige landschap. Het ene na het andere schilderij uit de renaissance schuift voor mijn ogen voorbij. De heuvels liggen erbij alsof ze getekend werden. De elegante cypressen die als uitroeptekens in het landschap staan, de omgewoelde donker­bruine akkers, de groen­blauwe glooiingen van de heuvels met middeleeuwse dorpjes boven op het hoogste puntje.

Er is niet veel verbeelding nodig om in gedachten net zoals Rubens of Montaigne te paard door dit land te trekken. Het is overduidelijk waarom ze dat deden. De schoonheid doet pijn in haar volmaaktheid. Jammer genoeg is mijn stalen ros heel wat sneller, het heeft geen haver nodig en hoeft ook niet te rusten. Voor ik het goed en wel besef rijd ik Rome binnen.

Even slikken.

Maar een oude vos verliest zijn streken niet, en als een volleerde Romeinse doorkruis ik Rome, wring me tussen de auto’s door en rij gezwind naar het hotel waar we afgesproken hebben. Ik passeer het Colosseum en het Forum Romanum en denk weer aan de reis die ik maakte met mijn jongste – de oudste wilde toen al niet meer mee. Ik zie ons weer lopen over dat Forum Romanum, zij met haar map Latijn onder de arm, dertien was ze toen en heel enthousiast omdat alles waarover ze geleerd had hier ook echt, tastbaar aanwezig was.

Hoe ze na uren ronddwalen enthousiast uitriep, toen ik doodop ging zitten op een of andere antieke steen: “Mama, we hebben de tempel van de Vestaalse maagden nog niet gezien, die moet hier ergens liggen!” en hoe ze geconcentreerd de plattegrond in haar map bestudeerde. “Ja, hier, gevonden, kom op! We moeten die kant uit!”

“Schat, ga jij maar kijken, ik blijf hier lekker wat in de zon zitten.” Waarop ze als een jong veulen wegdraafde tussen de ruïnes om me een uur later uitgelaten te komen vertellen wat er allemaal te zien was. Ik zie haar glinsterende ogen glashelder voor me, en glimlach terwijl ik verder rij.

Herinneringen zijn als zuurstof, ze verjagen de benzinelucht van het heden.

Na het interview loop ik nog even Rome door, het zijn tenslotte solden, je weet maar nooit of ik iets op de kop tik. Als ik bovenaan op de Spaanse trappen sta en de horde mensen zie die zich door de smalle winkelstraatjes wurmen, vergaat me alle lust. Nee, ik wil het beetje stilte dat ik nog in me draag bewaren en ik maak rechtsomkeer. Ik zoek mijn stalen ros op en geef het de sporen. Daar gaan we. Terug naar waar niemand is.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234