Woensdag 03/06/2020
Paul De Grauwe.Beeld DM

ColumnPaul De Grauwe

Als beleggers in paniekstemming verkeren, wordt alles wat beweegt als slecht nieuws geïnterpreteerd

Paul De Grauwe is professor aan de London School of Economics. 

Financiële markten maken rare bokkensprongen. Gisteren tuimelden de aandelenkoersen op spectaculaire wijze. Dalingpercentages van 5 tot 10 percent. Alleen tijdens de financiële crisis van 2008 hadden we zoiets meegemaakt. Nochtans was er naast het slechte nieuws ook goed nieuws.

Het slechte nieuws was de spectaculaire uitbreiding van de quarantaine in Noord-Italië. Dat is ook voor ons niet goed omdat het noorden van Italië volop ingeschakeld is in de lange productieketens die de geglobaliseerde wereld kenmerken. Bedrijven bij ons dreigen hun productie te moeten stilleggen als belangrijke onderdelen die in Italië worden geproduceerd niet terecht komen. Het gevaar is ook dat dergelijke quarantaines elders in Europa worden opgelegd. Dat zou de Europese economie in een diepe recessie kunnen duwen.

Er was gisteren echter ook goed nieuws. Dat was de spectaculaire daling van de olieprijzen (tot min 30 procent). De meeste Europese landen zijn netto-importeurs van ruwe olie. Zo’n daling van de prijs van olieproducten, betekent dat consumenten die minder zullen moeten betalen aan de pomp over een grotere koopkracht zullen beschikken. En dat zou de economie moeten stimuleren.

Dit goede nieuws telde niet. Integendeel, het werd als slecht nieuws afgedaan. Waarom begrijp ik niet goed. Wat ik hieruit leer is dat als beleggers in paniekstemming verkeren alles wat beweegt als slecht nieuws wordt geïnterpreteerd. Ik lig dus niet wakker van de koersdalingen in de aandelenmarkten per se. Die dalingen zijn geen goede thermometer van wat er in de economie gebeurt; ze zijn ook geen goede voorspellers van wat er in de toekomst zal gebeuren. Ze meten de vrees en de paniek die vandaag heerst bij de beleggers. Die vrees en die paniek worden hier duidelijk beïnvloed door de meest pessimistische scenario’s over wat het coronavirus aan economische schade zal veroorzaken.

Laten we het dus hebben over deze scenario’s. Ik spreek liever over scenario’s dan over voorspellingen. Niemand, ook de deskundigen ter zake, kan ons vandaag zeggen hoe de corona-epidemie zich verder zal verspreiden, hoeveel mensen getroffen zullen worden, en hoelang dit zal duren. Nochtans kan niets zinnigs worden verteld over de toekomstige ontwikkeling van de economie zonder een inzicht te hebben over de toekomstige evolutie van die vreselijke epidemie.

Laat mij dan beginnen met een pessimistisch scenario dat aan de basis ligt van de paniek in de aandelenmarkten. Dat is een scenario waarbij de epidemie in de volgende maanden niet onder controle komt. Andere Europese landen, en wie weet de VS van Trump, introduceren quarantaines en andere beperkingen op de stroom van mensen en goederen. Dit leidt tot een totale ontregeling van het productieproces. Een aanbodschok, zoals de economen dat noemen. Het pessimisme slaat toe bij consumenten en in de bedrijfswereld. Wat startte als een aanbodschok wordt ook een diepe negatieve vraagschok. Bedrijven komen in financiële problemen en gaan overkop. Massale werkloosheid is het gevolg. De overheidsfinanciën worden gedestabiliseerd omdat de overheidsinkomsten scherp dalen en de uitgaven toenemen om de bedrijven recht te houden en werklozen te betalen. De centrale bank moet machteloos toezien. Ik zwijg over de politieke en sociale implicaties van zo’n diepe recessie. En ook over de mogelijke desintegratie van de Europese Unie wanneer geen land nog bereid is samen te werken met de anderen.

Is zo’n pikzwart scenario mogelijk? Het antwoord is: ja. Zoiets kan gebeuren. Schat ik de waarschijnlijkheid hoog in? Niet echt, maar dat heeft waarschijnlijk meer te maken met het feit dat ik een fundamentele optimist ben.

Er zijn ook andere, veel minder zwarte scenario’s. Misschien slagen we er in de epidemie geografisch te beperken. Het is ook mogelijk dat die epidemie maar enkele maanden zal duren. In dat geval zal de aanbodschok niet zo intens zijn en zal die snel beëindigd zijn. Dan wordt dit een recessie in V-vorm. Dit wil zeggen dat de krimp van de economie kortstondig zal zijn en we kunnen dan ook een snel herstel verwachten. In zo’n scenario zal het belangrijk zijn dat de overheden bereid zijn uitgaven tijdelijk te verhogen en bedrijven te subsidiëren en/of uitstel van belastingen te geven om zeker te zijn dat ze overeind blijven tijdens de krimp. Overheden zullen zich, in dit scenario, moeten ontdoen van een andere irrationele vrees, met name dat een tekort van meer dan 3 procent van het bbp een catastrofe is.

Welke van de twee scenario’s is de meeste waarschijnlijke? Ik heb er geen benul van. Waarschijnlijk zijn beide scenario’s onwaarschijnlijk en moeten we rekening houden met andere scenario’s waar nog niemand aan gedacht heeft.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234