Dinsdag 28/01/2020

Week van het Gents

Ach, die toeristen die een Gentenaar aanspreken, ze hebben het niet makkelijk!

Fritz tavernier, alias Froze. Beeld Universal

Fritz Tavernier is rapper Froze. Hij groeide op in Gent en woont in Brussel. Hij schreef dit stuk naar aanleiding van de Week van het Gents, tot en met dinsdag 12 december.

Voor ik dit verhaal vertel, lijkt het me goed om eerst het begrip 'toeristen in Gent' te herdefiniëren. Chinese roots hebben of een fototoestel dat met één flits alle omstanders kan verblinden, zijn geen directe vereisten. Het zijn simpelweg mensen die niet in Gent wonen. Singles kun je herkennen aan de verdwaasde blik in hun ogen, terwijl koppels zich eerder laten kenmerken door grote zakken uit de Primark en een kinderwagen met meerdere verdiepingen.

Ik weet dus ook perfect hoe ik moet reageren op het moment dat een van hen me staande houdt. Het is druk in de stad. Ik sta in het midden van de Lange Munt, oog in oog met twee toeristen die me in een onbegrijpelijke taal aanspreken. "Een skwoen utzicht! Een skwoen utzicht!" Ik typ de woorden in via google Translate, maar krijg geen resultaat. Na enkele minuten van totale verwarring begrijp ik dat ze op zoek zijn naar het mooiste uitzicht over Gent.

Ach, die toeristen, ze hebben het niet makkelijk! Maar ik begrijp hun frustratie. Twee jaar geleden ruilde ik zelf mijn geliefde Gent in voor de Europese hoofdstad, en mijn eerste contacten met de lokale Brusselse bevolking verliepen ook erg moeizaam. Toen ik voor het eerst, tijdens een etentje bij vrienden, de woorden 'beestig' en 'demax' liet vallen, viel er meteen een ijzige stilte aan tafel. 

Toen ik op het einde van dezelfde avond zei 'Moatje, ben keer den bos in', werd ik vreemd aangekeken en vroeg iemand me zelfs of ze een ambulance moesten bellen. "Nee, alles teup, kga gewoon mijn schup afkoise", antwoordde ik. Maar ook deze laatste poging bleek enkel de Babylonische spraakverwarring te voeden. Het Brusselse dialect: ik zal het als Gentenaar nooit leren. Bovendien is mijn vocabulaire in het Frans even uitgebreid als het Duits van Jean-Marie Pfaff.

De twee toeristen in de Lange Munt kijken me vragend aan. "Een skwoen utzicht! Een skwoen utzicht!" Ik haal diep adem, raap mijn gedachten tezamen en verwijs hen vriendelijk door naar het Gravensteen. Terwijl ik me omdraai, besluit ik om mijn route te wijzigen. Ik loop over de Vrijdagmarkt, via de Wijzemanstraat naar Sint-Jacobs. Vanaf daar wis ik mijn sporen uit, tot ik aankom in de inkomhal van blok X. Hier hoef je geen kaartje te kopen. Sesam, open u! Ik ga naar de bovenste verdieping en sluip voorbij de buren. Hier is het.

Op het moment dat ik mijn blik over de daken laat glijden, moet ik denken aan de twee toeristen. Hoe zij nu door de kantelen van het Gravensteen gluren, elkaar aankijken en zeggen; 'uzicht! utzicht! Das toch gien skwoen utzicht!' Zware vrieskou en lichte schuldgevoelens overvallen mij.

De eerste sneeuw hangt in de lucht. Ik voel hoe de koude wind dwars door mijn kleren waait. Laat het maar sneeuwen, mijn vader zal blij zijn. Ik geniet van het uitzicht en besef dat hij nu ook ergens staat te kijken, naar diezelfde stad. Zijn ogen op de wolken gericht. Zijn neus tegen het raam gedrukt. Rustig wachtend. Zacht ademend. Tot de damp op de ruit zijn blik zal vertroebelen en de wereld zal vervagen. Met onder hem het drukke rumoer van de toeristen op straat. Eeuwig zoekend naar wat ze nooit zullen vinden. 

Volg Froze ook op Instagram.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234