Zondag 29/03/2020

OpinieFrederik De Backer

Aalst Carnaval: nuance laat zich slecht in piepschuim uitsnijden

“Aalst Carnaval is voor iedereen. En tégen iedereen. De stoet is hun klaagmuur.”Beeld Bas Bogaerts

Frederik De Backer is eindredacteur bij De Morgen en de auteur van Naarland.

Ik heb mijn vader voor mijn ogen zien sterven toen ik 10 was. Hij zat naast mij in de zetel, mijn moeder was naar de winkel. Een plotse hartaanval, 42 jaar oud. Ik weet niet hoelang ik daar alleen heb gezeten naast een voorwerp dat even voordien nog mijn grote voorbeeld was, maar in mijn hoofd zindert de impact al 22 jaar na: het kan elk moment gedaan zijn. Hij wilde een Mercedes kopen op zijn 50ste, wel, er heeft er nooit een voor de deur gestaan. Tenzij misschien de ambulance.

Al zeker sinds het tweede middelbaar maak ik grapjes om wat toen is gebeurd. Iedereen mag lachen met wat mij is overkomen. Door om een trauma te lachen, wordt een slachtoffer het meester en stopt het slachtoffer te zijn. Het leven wordt er alleszins veel leuker op.

Ik woon 10 kilometer buiten Aalst maar ik hou niet van verkleedpartijen en drink geen alcohol, dus je krijgt mij met geen stokken naar carnaval. Toch vind ik het mooi hoe een hele stad een jaar lang toeleeft naar die ene week waarin weer en wind worden getrotseerd om met elkaar te lachen en te zingen. In plaats van binnen te zitten, achter schermen, zwelgend in verzuring zanikend over de rest van de wereld.

Ik richt me hier niet tot politici. Links noch rechts. Er zijn verkiezingen op komst, en dan hebben zij hun eigen maskers op te zetten. Neen, ik richt me tot gewone mensen die door media worden toegeschreeuwd een kant te kiezen in een zoveelste ‘tja…’-discussie.

Aalst Carnaval heeft niets met haat te maken. Ik heb van dorpsgenoten nog nooit gehoord dat ze er niet met open armen zijn ontvangen. Aalst Carnaval is voor iedereen. En tégen iedereen. De stoet is hun klaagmuur. De ideale wereld op wielen. Niets of niemand is onaantastbaar: politici, BV’s, moslims, Joden en zeker zijzelf niet. ‘Voil jeanetten’ lachen niet met holebi’s, maar met zichzelf. Ze waren oorspronkelijk carnavalisten die de oude vodden van hun vrouwen droegen omdat ze te arm waren voor échte kostuums. Zelfspot als uniform.

De ironie is dat net hierdoor Joodse en Aalsterse humor zo dicht bijeen liggen: bol van zelfspot.

Want jawel, ook de Bende van Nijvel komt aan bod op carnaval, toch een pijnlijke passage in de lokale geschiedenis. David Van de Steen, het bekendste slachtoffer, getuigde er pas nog over in Het Laatste Nieuws én voegde eraan toe dat hij daarmee kon lachen. Niet iedereen kan dat, en daar moet begrip voor zijn, maar waar ligt de grens? Hoezeer moet een mens zijn denken en doen aanpassen aan de verlangens van een ander?

Als je iemand vraagt een Nederlander te beschrijven, komt daar vaak gierig- en luidruchtigheid aan te pas. Een Duitser draagt lederhosen, een Antwerpenaar is arrogant, een West-Vlaming een boer en een Aalstenaar marginaal. Is dat de norm? Neen. Zijn er zo? Ja. Enkel dwazen zien de wereld in clichés, maar dan wel het hele jaar door.

Bij Unia zijn 25 klachten over Aalst Carnaval binnengelopen, waarvan 16 nog vóór de stoet vertrokken was. Het lijkt me dat er meer dan 25 Joodse burgers in dit land wonen, net zoals niet alle praalwagens tegen hen waren gericht. Veralgemenen is dus niet aan de orde. Die carnavalisten roepen ook niet op tot haat of geweld tegen Joden, ze zeggen hoogstens dat Joodse mensen – en bij uitbreiding iedereen – geen lange tenen moeten hebben. De mop draaide om lichtgeraaktheid. Ongenuanceerd misschien, maar perfect genuanceerde humor is zéér zeldzaam en laat zich bovendien slecht in piepschuim uitsnijden. Hoe dan ook verkies ik botte humor boven een spreekverbod. 

Maar er zijn grenzen aan humor, klinkt het dan. Dat zei men ook van Charlie Hebdo voor twee gekken de halve redactie uitmoordden. Nadien werd het een wereldwijd symbool voor de vrijheid van meningsuiting. Terwijl Charlie Hebdo structureel en veel verder over de schreef ging dan enkelingen in Aalst. Bijna zover als men op de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook doet. Ja, aan de Holocaust gingen ook karikaturen vooraf, maar waar waren de Joodse klachten toen moslims op carnaval, in Charlie Hebdo of in Deense kranten werden voorgesteld als terroristen? Terwijl hen in Abu Ghraib, Guantanamo Bay en Sittwe toch ook verschrikkelijke dingen wordt aangedaan. Moeten we de vervolging van minderheden aanklagen, of alleen die van de Joodse gemeenschap?

Enkel een volslagen randdebiel ontkent dat de Holocaust verschrikkelijk was. En die valt ook niet te relativeren. Maar nogmaals: in Aalst lachen ze met een vermeend gebrek aan zelfspot, niet met de Holocaust. Deze hetze dient vooral de politiek (DM 25/2), en zeker wat dat betreft vergt Belg-zijn enige relativering. Het is die zin voor relativering die we beginnen te verliezen. Maar als we ze ooit definitief kwijtraken, zal het laatste greintje in Aalst worden opgebruikt.

Beeld BELGA
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234