Zondag 20/10/2019

Skiën

Zo ga je off-piste als een baas – en niet als een idioot

Beeld Paul Faassen

Tree holes, lawines en konijnen met maar één pootje, met dank aan uw skilat: buiten de pistes skiën of snowboarden kan zo mooi zijn, maar dan moet u wel weten wat u doet. Lees dus ook even dit wanneer u uw volgende sneeuwvakantie boekt.

Laat ik dit even duidelijk stellen: winters in België zijn niet leuk. De dagen zijn kort, het straatbeeld vult zich dankzij een gulle hoeveelheid regenbuien haast permanent met norse gezichten, we maken ruzie om Zwarte Piet, en het grootste hoogtepunt is een feest op oudejaarsavond dat vrijwel altijd weer op een dronken ontgoocheling uitdraait. Om te voorkomen dat we in de wintermaanden in een netelige depressie verzinken, vluchten we massaal naar skigebieden. Daar is het wèl leuk in de winter.

Om zo’n weekje wintersport te doen slagen, is meer nodig dan een stel versgewaxte skilatten en een royale hoeveelheid Jägerthee. We willen verse sneeuw. Voor veel skiërs en snowboarders zit het ultieme plezier er namelijk in om buiten de voorbereide pistes te rijden. Dat is begrijpelijk. Er is weinig beter dan met een pluimstaart van flinterdunne sneeuw achter je aan zo goed als geruisloos door een diep, dik poedertapijt te scheuren.

Het enige minpunt: iedereen denkt het zonder gevaar te kunnen, met als gevolg dat er elk jaar weer mensen sterven in lawines, gewond raken, of wegens roekeloos off-pistegedrag door locals uitgescholden worden voor ‘quelle boulette’ of ‘scheiß-Wichser’. En dan hebben we het nog niet eens over de dieren, wier leven hevig door elkaar gerammeld wordt wanneer iemand als een enfant terrible op skilatten door hun achtertuin komt aandenderen.

Samen met wintersportleraars en gepassioneerde freeriders Sander Van Bruwaene en Junior Roose maakten we een stappenplan voor hoe je deze winter het meeste uit je freeride kunt halen zonder dat je jezelf, de ander en het ecosysteem al te veel leed berokkent.

Er ‘cool’ uitzien

Klinkt waarschijnlijk als iets wat een kalende middelbareschoolleraar zou zeggen, of je moeder, maar off-piste heb je te maken met takken, stenen en rotsen. Draag dus àltijd een helm en bij voorkeur ook kont-, rug- en buikbescherming. “Veel mensen dragen geen helm omdat het er niet cool uitziet”, vertelt Sander. “Maar vallen en geen pijn hebben, dát is cool. Hoe meer bescherming, hoe veiliger je je voelt. Naast techniek is zelfvertrouwen het allerbelangrijkste om te voorkomen dat je valt.”

Techniek

Er is altijd wel een skiër of snowboarder die er na een paar dagen op de piste van overtuigd is dat hij de sport meester is. Vaak is dat dezelfde persoon die zorgt voor zo’n vreselijk roetsjspoor in het midden van een prachtig stuk diepsneeuw waar iedereen vanuit de lift hoofdschuddend naar kijkt. “Freeride vraagt om een andere techniek”, vertelt Junior. “Je moet je gewicht anders verdelen en leren hoe je genoeg snelheid behoudt om bovenop de sneeuw te blijven. Als je stilstaat, zink je erin weg.”

Zijn tip: zorg dat je eerst ervaren genoeg bent op de piste voor je eraan begint, en neem daarna een les poedersnowboarden of -skiën. Of vraag tenminste een vriend met genoeg kennis en ervaring om je te leren hoe het moet.

“De stukjes tussen de pistes zijn ideaal voor een eerste oefening. Ze zijn gemakkelijk te bereiken en je komt meestal weer bij de lift uit. Ga in het begin niet verder dan een paar meter van de piste weg en bekijk vooraf vanuit de lift heel goed waar je wilt oefenen, of er geen rotsen zijn of onverwachte drops.”

Sander vult aan: “Om te vermijden dat je op een plat stuk komt vast te zitten en de helft van je ochtend verliest omdat je jezelf uit een dikke laag sneeuw moet zien te wroeten – een klassieke beginnersfout – spreek je best duidelijke, zichtbare ontmoetingspunten af waar je één voor één naartoe afdaalt.”

Pas als je gevorderd bent op die stukken, kun je beginnen aan sidecountry. “Dat is terrein waar geen skiliften of pistes lopen, bijvoorbeeld de achterkant van een skigebied”, vertelt Junior. “Daar is veel meer kennis en voorbereiding voor nodig, maar je kunt er dagen of weken na sneeuwval nog steeds ­perfecte sneeuw scoren.”

Snowboarders, koester de skiërs

Voordat je de longen uit het lijf zucht: besef dat skiërs twee ski’s hebben waarmee ze in diepsneeuw kunnen stappen, en stokken die je kunnen redden als je stilvalt en met elke schuifelbeweging die je maakt een stukje dieper de sneeuw in zakt.

Voorbereiding is de sleutel

“De allerdomste off-piste-actie is wanneer mensen riskante stukken rijden na heftige weerschommelingen en zware sneeuwval. Ze denken: yes, verse sneeuw, laten we alles pakken wat we kunnen pakken. Maar zo simpel is het jammer genoeg niet”, vertelt Sander. “Je hele freeridedag staat of valt met je voorbereiding. Neem een kaart en verzamel alle nodige informatie. Hoeveel centimeter heeft het gesneeuwd? Was dat twee dagen geleden, vannacht of vanochtend? Hoe stond de wind toen het sneeuwde? Van west naar oost? Blijf dan weg van de oostflanken; daar ligt nu veel te veel sneeuw.

“Zoek ook online op wat de temperatuur was in de dagen voor de sneeuwval en hoe warm het nu is op de berg. Een snelle temperatuurschommeling betekent meer lawinegevaar. En hoe is de hellingsgraad van het terrein waar je wilt gaan? Alles boven de 30 graden is gevaarlijk, eronder zit je wel goed. Kijk ook bij Ski Patrol waar er lawinegevaar is en check wat de weersvoorspellingen van de dag zijn. Als er dichte mist voorspeld is, cancel je beter je plannen.”

Vorig jaar nog vonden vier mensen de dood nadat ze off-piste in de Franse Alpen overvallen werden door een lawine. De weerberichten checken is cruciaal. Beeld BELGAIMAGE

Andermans sporen volgen

“Hé kijk, in dat poederveld verderop lopen een paar sporen dus het zal wel veilig zijn”, zei geen enkele freerider met gezond verstand ooit. “Blindelings andermans sporen volgen, is een van de stomste dingen die je kunt doen”, vertelt Junior. Een Belgische vriend van hem kwam zo eens twaalf uur lang vast te zitten boven een honderd meter diepe afgrond.

Sander bevestigt: “De persoon die die sporen zette, is misschien zelf in een afgrond gevallen, of hij of zij had klimgordels en touwen bij zich om te rappellen, of een parachute om mee van die afgrond te springen. Als je het terrein niet tot in de puntjes uitgespit hebt, blijf er dan weg. Of neem een gids. Als je met een gezelschap bent, kan dat vaak al voor 80 euro per dag, en je leert er gigantisch veel van bij.”

Gear up

“Hoe dieper je in de natuur trekt, hoe groter het gevoel van avontuur, maar hoe verder je bent van de mensheid en hulp. Het is dus vanzelfsprekend dat je op stap gaat met mensen die weten wat ze doen, en dat je rugzak dusdanig uitgerust is dat je er jouw leven en dat van je vrienden mee kunt redden”, vertelt Junior.

De drie belangrijkste dingen die je bij je moet hebben, zijn allemaal te huur bij de skischool: een schopje, een sonde en een lawinebieper. Dat laatste is een tracking device waarmee je bij een lawine iemand opspoort, en dus ook opgespoord kan worden. Met de sonde, een soort tentstok, por je in de sneeuw tot je een lichaam voelt, waarop je met je schopje de bedolven persoon uitgraaft. Een airbagrugzak is ook goed om te hebben.

“Maar,” benadrukt Junior, “bijna even gevaarlijk als zonder deze materialen off-piste gaan, is ze wel bij je hebben maar niet weten hoe je ze moet gebruiken. Je materiaal is slechts zo goed als de persoon die het gebruikt.”

Volg daarom een lawinecursus. “Dat is supertof en interessant. Blijf die kennis daarna ook af en toe herhalen door iets te verstoppen in de sneeuw en ernaar op zoek te gaan. Als iemand daadwerkelijk in een lawine terechtkomt, telt elke seconde. Na drie minuten zonder lucht is er al kans op hersenschade en na vijftien minuten is de kans dat iemand nog leeft nihil.”

Sander vult aan: “Zorg ervoor dat je altijd voldoende snacks en drank bij je hebt om langer weg te zijn dan gepland – je weet maar nooit. In mijn rugzak zit ook altijd een extra laag kleren, een tweede paar handschoenen en een herstelkit voor mijn vest of broek voor mocht daar een scheur in komen. Als je ergens vastzit, geraak je heel snel onderkoeld. Zo’n scheur dichten, kan je leven redden. En vergeet niet om, voor je vertrekt, het nummer van Ski Patrol of directe reddingsdiensten op te slaan in je telefoon, of nog beter: uit je hoofd te leren.”

De bergen zijn niet van jou

Sorry, poederjunkies. Wat de stilte van de off-piste je ook probeert wijs te maken, je bent hier niet alleen. “Freeriders vergeten soms dat ze zich midden in de thuis van een heleboel dieren bevinden”, vertelt Sander. “Waar ik werk in Zwitserland, vertellen locals vaak zielige verhalen over konijntjes met een pootje minder omdat er iemand overheen is geskied, of dode herten die uit angst ergens van afgevallen zijn. Dieren verliezen al genoeg habitat door de pistes. We moeten ons er bewust van zijn: de off-piste is hun thuis, niet dat van ons.”

Juist omdat je je zo geluidloos beweegt, horen de dieren je niet aankomen en schrikken ze zich – vaak letterlijk – een ongeluk. Sommige diersoorten die regelmatig zo opgeschrikt worden, bijvoorbeeld op populaire off-pistestukken, blijven er na een tijdje helemaal weg. Ze veranderen hun habitat en voedsel op een manier die misschien minder goed voor ze is, maar wel veiliger aanvoelt.

Sander: “In de betere skigebieden staat op de kaart aangegeven waar ongeveer welke dieren zitten. Houd die plekken in je achterhoofd als je je afdaling maakt, wees er voorzichtig, kijk beter uit. Staat er niks op de kaart? Spreek locals aan.”

“En neem uiteraard altijd je rommel mee”, voegt Junior toe, “Ook sigarettenpeuken. Pistes, sneeuwkanonnen, skiliften, vuilnis – wintersport is al niet de meest milieuvriendelijke activiteit die er is. Laten we daar niet nog een schepje bovenop doen.”

Ga niet stiekem toch onder oranje verbodslinten door

Gewoon niet doen.

Off-piste op een gletsjer

“Gletsjers bestaan uit ijs en in dat ijs zitten spelonken: de beruchte gletsjerspleten”, vertelt Junior. “Die raken volgesneeuwd en zijn bijna onzichtbaar. In mijn tien seizoenen in de sneeuw heb ik al genoeg verhalen gehoord over off-pisteskiërs die erin vielen en heel dicht bij de dood gekomen zijn. Je kunt meer dan twintig meter naar beneden vallen. Ben je niet met een gids, blijf dan weg van de off-piste, zelfs van de kleine stukjes tussen de pistes.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234