Vrijdag 15/11/2019

Milieu

Vergeet Jaws, de oceaan is prachtig (en deze kunst moet die redden)

De geometrische structuren zijn gratis en voor iedereen dag en nacht te bezoeken. Beeld Shawn Heinrichs/Patrick Fallon Underwater Pavilions, 2016, installation view, Avalon, California. Courtesy of the Artist, Parley for the Oceans and The Museum of Contemporary Art, Los Angeles

Voor de kust van Los Angeles doken we de oceaan in, op zoek naar de paviljoenen van kunstenaar Doug Aitken. Milieuactivist Cyrill Gutsch, die het project ondersteunde, is er absoluut van overtuigd dat kunst de oceaan kan redden.

In het koude water van Catalina, een eiland voor de kust van Los Angeles, liggen sinds december vorig jaar drie kunstwerken aan de oceaanbodem geankerd. En als het weer meewerkt, zullen wij ze straks ook verkennen. De Underwater Pavilions zijn de jongste installatie van kunstenaar Doug Aitken (48), die werkt en leeft aan de overkant van het water, in Venice.

De structuren liggen 3 tot 10 meter diep. De wanden zijn bekleed met spiegels en namaakrots: de spiegelwanden weerkaatsen licht, zeewier en fauna – een school oranje garibaldi’s, een zeeleeuw in de verte – alsook duikers en snorkelaars. Ze golven zachtjes mee met de deining. ’s Nachts worden ze ­verlicht, en dan lijken ze half caleidoscoop, half verdronken ruimteschip.

Aitken heeft een jaar gezwoegd aan het project. Hij werkte samen met Parley for the Oceans, de in New York gevestigde milieu­organisatie van Cyrill Gutsch, een designer en creatief entrepreneur die na een carrière­wissel voltijds ijvert voor het voortbestaan van de oceanen. Gutsch sprak zijn netwerk aan, en leverde experts: oceanografen, ingenieurs, duikbootbouwers. “Met Parley begeleiden we een proces dat eigenlijk al is begonnen”, zegt Gutsch, die zijn haar in een paardenstaart draagt en meestal gehuld is in monochroom zwart. “Geen enkele grote beweging is zo snel gegroeid als de milieubeweging. Met Parley willen we de ultieme deadline halen, en het schip keren voor het te laat is.”

Gutsch begon zijn kruistocht na een toevallige ontmoeting met kapitein Paul Wat­son, milieuactivist sinds 1969, medeoprichter van Greenpeace en stichter van de Sea Shepherd Conservation Society. “Ik ben Watson gaan opzoeken in juni 2012, nadat hij in Duitsland gearresteerd was omdat hij de Japanse walvisvangst in Antarctica had belemmerd. Hij leek op de Kerstman in een piratenpak – zachte blik, heel intelligent ook: Wikipedia in levenden lijve. Van kapitein Watson heb ik geleerd dat de oceanen met uitsterven bedreigd zijn, en dat er een deadline is, en dat die deadline zelfs door de Verenigde Naties wordt aanvaard: 2048. Als we gewoon voortdoen, wordt dat het jaar waarin de oceanen sterven. Na die ontmoeting heb ik beslist dat ik van de oceaan mijn klant zou maken.”

Milieuactivist Cyrill Gutsch (l.) en kunstenaar Doug Aitken ontwikkelden de Underwater Pavilions. ‘We willen het schip keren voor het te laat is.’ Beeld rv Ami Sioux

Met Parley zoekt Gutsch toenadering met de creatieve sector. Hij organiseert de Parley Talks, een reeks conferenties. De organisatie steunt ook onderzoek, leidt een recyclageprogramma voor plastic afval uit zee, en tracht grote merken achter zich te scharen. Zoals Adidas, dat vorig jaar een sportschoen ontwikkelde met gerecycleerd plastic, sinds kort gevolgd door voetbaltruitjes. “Die schoen hebben we in zes dagen ontwikkeld. En vervolgens heeft die schoen het hele bedrijf veranderd. Adidas heeft nu aangekondigd dat het op termijn geen maagdelijk plastic meer gaat gebruiken. Volgend jaar hebben we projecten gepland met een dozijn merken, in de mode, maar ook in de automobielindustrie.”

Imago van oceanen herdefiniëren

De onderwaterpaviljoenen van Doug Aitken moeten vooral een boodschap uitdragen: vergeet Jaws, de oceaan is prachtig. “Kunstenaars, ontwerpers, muzikanten, schrijvers, wetenschappers: dat zijn de mensen die het imago van de oceanen kunnen herdefiniëren.” En als het imago van de oceanen verbetert, dan staan we een stap dichter bij de redding van onze blauwe planeet.

“Iets creëren zonder dat iemand tussenkomt,” vindt Gutsch, “is heel puur. Kunst is daarom het hoogste goed. Kunstenaars ­beïnvloeden de creatieve gemeenschap. De architect moet luisteren naar de projectontwikkelaar, de industrieel designer moet de regels van de markt volgen. Iedereen moet naar iemand anders luisteren. Behalve de kunstenaar.”

Doug Aitken verwierf bekendheid met zijn video’s, vaak geprojecteerd op verschillende schermen tegelijk, of op de gevels van gebouwen. Maar zijn oeuvre is veelzijdig. In 2013 liet hij voor het project Station to Station een trein rijden van Brooklyn, New York, naar Oakland, Californië, met aan boord onder anderen singer-songwriter Patti Smith en kunstenaars James Turrell en Olafur Eliasson. Hij filmde actrice Chloë Sevigny voor Black Mirror, een film die op zijn retrospectieve tentoonstelling in The Geffen Contemporary in Los Angeles wordt vertoond in een soort spiegelpaleis.

De werken zijn verankerd aan de oceaanbodem. Beeld Shawn Heinrichs/Patrick Fallon Underwater Pavilions, 2016, installation view, Avalon, California. Courtesy of the Artist, Parley for the Oceans and The Museum of Contemporary Art, Los Angeles

In 2009 boorde Aitken een pijp van 200 meter in de Braziliaanse ondergrond. Op de bodem installeerde hij microfoons. Het knarsen van de aarde werd live gebroadcast in een elegant glazen paviljoen, gebouwd over de pijp. De kunstenaar beschouwt de pijp en zijn onderwaterpaviljoenen als deuren naar een ander landschap. “In beide gevallen zocht ik een manier om kunst uit het museum te halen. Ik wilde een project opzetten waar je niet snel even naartoe kon rijden. Toen ik Cyrill ontmoette, was dat ook een soort venster naar een andere community. En dat heeft het project heel erg verrijkt. Ik zag de mogelijkheid van kunst die een dialoog creëert over zaken die eigenlijk heel erg verwijderd zijn van de kunst.

“Als je landwaarts kijkt, dan zie je zowat alles: de bergen, de wolkenkrabbers. Als je naar de oceaan kijkt, zie je niets. De oceaan is een plat oppervlak, een minimale, horizontale lijn. Als je die lijn observeert, als kunstenaar, vraag je je af: hoe begin je met de oceaan? Dit kleine, bizarre project is voor mij een vertrekpunt: het dient als een soort portaal naar de ruimte onder dat platte oppervlak. Onbekend, mooi, en mysterieus. Ik denk dat het paviljoen werkt als een wit gat, het tegenovergestelde van zo’n zwart gat dat licht opzuigt. De paviljoenen reflecteren alles rondom. Je kunt ze in de oceaan zien schitteren, een warme gloed.

“En wat je ziet, verandert de hele tijd. Wat ik leuk vind aan dit project, is dat het open is voor iedereen. Er worden geen tickets verkocht, je hebt geen vergunning nodig, je kunt overdag gaan kijken of ’s nachts, en het ­verandert en evolueert constant."

De installatie van de drie structuren heeft een maand langer geduurd dan verwacht. En ons bezoek, begin december, wordt nog eens met 24 uur uitgesteld: stormweer.

Beeld Shawn Heinrichs/Patrick Fallon Underwater Pavilions, 2016, installation view, Avalon, California. Courtesy of the Artist, Parley for the Oceans and The Museum of Contemporary Art, Los Angeles

De tocht van Long Beach op het vasteland naar Catalina duurt ongeveer een uur met de Catalina Express. De paviljoenen zijn te water gelaten voor het Catalina Casino, een cirkelvormig gebouw in art-deco­stijl met balzaal en bioscoop (maar zonder gokautomaten of tafels). De paviljoenen zijn voor het eerst toegankelijk voor publiek. Er is geen signalisatie, en bezoekers worden geacht hun trip helemaal zelf te regelen: dit is kunst voor avonturiers, en voor insiders.

We worden opgevangen door een duikinstructeur, krijgen een snelle opleiding, en plonzen de diepte in, gekleed in een wetsuit, vinnen aan onze voeten. Het water is koud maar niet té en is enigszins troebel, een gevolg van de storm van de voorbije dagen. De vissen scholen samen in de rotspartijen en het zeewier langs de oever. De paviljoenen liggen aan de rand van een met boeien afgelijnde duikzone, een minuut of vijf zwemmen van de kust. Twee ervan zijn gemakkelijk zichtbaar met snorkelbril, voor de derde moet je al wat dieper het water in. Zoals beloofd glimmen en glanzen de structuren in het water: reusachtige diamanten die door het water heen de zonnestralen filteren en reflecteren. Vissen zijn die ochtend niet te bespeuren, maar de ervaring is ook zo bijzonder. Onder water lijkt alles trager, stiller en rustiger: alsof je opnieuw geboren wordt (tot je een gulp zeewater binnenkrijgt).

Beeld Patrick T. Fallon

“Kijk,” zegt Aitken, als we na een kwartier uit het water strompelen, “iedereen is gefascineerd door de virtuele werkelijkheid. We kunnen nergens meer naartoe zonder onze telefoons. We leven steeds meer in een fictionele, verbloemde versie van de werkelijkheid. Een week geleden stond ik hier in mijn wet­suit, er blies een stevige wind, en ik stapte van dat trapje, recht in de oceaan.”

Hij wijst voor zich uit. “En vanaf dat moment voelde alles rond me écht. Het was een louter fysieke ervaring. Daar vloog ik in slow motion, en ik dreef door het water, en ik zag het licht om me heen, en de vissen, en ik zat niet vast aan een kabel, gebogen over mijn laptop. Voor mij, op dit punt in ons tijdperk, was dat iets van waarde.”

De onderwaterpaviljoenen blijven tot juni geankerd voor de kust van Catalina. Later zouden ze verhuizen naar de Malediven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234