Dinsdag 22/10/2019

Vrouwen over hun lichaam

‘Vagina’s zijn zoveel mooier dan piemels. En de mijne maakt mensen blíj’

Nog een laatste keer duiken we mee de kleedkamer in en keren we het lichaam van drie boeiende vrouwen (deze keer Flo Windey, Daniëlla Somers en Leonie Gysel) binnenstebuiten. Waar schuilen hun troeven? Hoeveel kilootjes moeten erbij of -af? Welke rimpel willen ze graag gladstrijken? En hoe experimenteren ze met hun lijf tussen de lakens? ‘Seks met een vrouw is meestal veel zachter dan met een man. In het begin is het wel wat raar – je bent tenslotte een piemel gewoon – maar dan vraag je gewoon wat tips en leer je weer wat bij.’

Lees hier de vorige delen van deze reeks over Vrouwen en hun lichaam.

Flo Windey: ‘Borsten in de strijd’

Sinds een paar weken gooit Flo Windey (24) haar hele lichaam in de strijd om de Vlaamse jeugd te onderrichten over lijf, leden en wat je er zoal mee kunt om een bevredigend seksleven te hebben. In haar YouTube-rubriek ‘Flowjob’, die het Studio Brussel-handelsmerk draagt, laat ze geen lust of lichaamssap onbesproken.

Beeld Johan Jacobs

Als jij over lichamen en seks praat, valt er geen greintje schroom te bespeuren. Mogen we ervan uitgaan dat je seks naast doodgewoon ook gewoon leuk vindt?

Flo Windey: “Ik zou de hele dag seks kunnen hebben, ja. Als ik een paar weken geen seks heb, dan word ik onuitstaanbaar. Dan loop ik echt chagrijnig.”

Hebben we het nu over seks of over een orgasme?

Windey: “Een orgasme. Als ik seks heb gehad zonder een orgasme, dan ben ik helemáál niet om aan te spreken.

“Ik praat vooral graag over seks, ook tijdens of achteraf: ‘Wat vond jij ervan?’ Seks is nu eenmaal geen topsport. Er bestaat geen handleiding: ‘Zet je voet zo, ga in die hoek liggen en dan komt het goed.’ Je moet je mond opentrekken, als je iets fijn vindt of net niet. Als die communicatie lukt, dan komt dat je seksleven alleen maar ten goede. Ik zou niet in een relatie kunnen zitten met slechte seks. Eén keer was ik dolverliefd op een jongen, maar tot een orgasme kwam het gewoon niet. Ik deed mijn best om het te doen werken, maar op den duur begonnen ook andere dingen aan zijn persoonlijkheid me te storen. Toen was het voorbij. Misschien kan ik op mijn 60ste settelen voor iemand met wie ik wel match buiten het bed, maar niet erin. Maar nu? No way.”

Helpt seks je om je lichaam te ontdekken?

Windey: “Soms sta ik na het vrijen versteld van mezelf: ‘Wat heb ik nu gedaan?’ Ik geef altijd de raad: je moet alles een keertje proberen. Neem nu seks met een vrouw – ik ben wel ergens bi. Meestal is seks met een vrouw veel zachter dan met een man. In het begin is het wel wat raar – je bent tenslotte een piemel gewoon – maar dan vraag je gewoon wat tips en leer je weer wat bij.

“Wat ik met ‘Flowjob’ wil bereiken, is jongeren doen praten over seks. Wat willen ze graag weten? Ik merk bij mezelf en bij vrienden dat we het liever vragen aan Google dan aan elkaar. Als je vocht in je onderbroek vindt, dan ga je dat niet aan vriendinnen vragen, je googelt het gewoon. Alleen denkt dokter Google altijd meteen dat het een soa is. Of dan zegt hij dat je eraan moet ruiken. Sorry, maar dat doe ik niet. Uiteindelijk ben ik gewoon naar de dokter gegaan. Hij zei meteen: ‘Da’s normaal.’ Wist ik veel wat witverlies was. Daar hebben ze het niet over in de les seksuele voorlichting. Op school leer je alleen hoe je kindjes maakt. Of beter: hoe je ze níét maakt. Maar hoe je klaarkomt, als hetero of homo, daar piepen ze niet over. De Vlaamse jeugd heeft ‘Flowjob’ broodnodig, dat weet ik zeker.”

Heb jij al soa’s gehad?

Windey: “Nee, maar sommige van mijn vrienden wel. Omdat zij erover durfden te praten, ben ik er minder bang van geworden. Als tiener denk je dat een soa het einde van de wereld betekent. Nu weet ik dat dat niet klopt – of toch niet in de meeste gevallen.”

Flo Windey: ‘Ik snap dat mensen, als ze me zien ronddartelen in mijn ondergoed op Instagram, denken dat ik ijdel ben, maar niets is minder waar.’ Beeld Johan Jacobs.

Ben jij nog onzeker over seks?

Windey: “Toch wel. Ik zit nu in een fijne relatie, dus het probleem stelt zich niet. Maar als ik in het verleden met iemand nieuw naar bed ging, dan had ik soms de neiging me te willen bewijzen: ‘Wacht maar, ik zal je eens tonen wat ik in mijn mars heb.’ Of dan voelde ik achteraf paniek: ‘Wat als hij me helemaal niet goed vond?’ Als je gasten over de vloer krijgt, dan wil je toch ook dat ze het leuk hebben? Je wil niet dat die ander je een slechte recensie geeft op je Tripadvisor. Wat ook meespeelt: ik ben heel onzeker over mijn lichaam.”

Die indruk kregen we niet, toen we daarnet door je Instagram scrolden.

Windey: “Ik vind mezelf geen knappe vrouw. Ik heb er ook niet altijd uitgezien zoals ik er nu uitzie. Op mijn 16de woog ik 20 kilo meer. En toch zat ik toen beter in mijn vel dan nu. Het ging nochtans niet goed met me: ze hadden ADHD vastgesteld, ik moest blijven zitten, en uiteindelijk ben ik veranderd naar een school waar ik niemand kende. Op de speelplaats zat ik altijd in mijn eentje naar The Cure te luisteren. Ik had schijt aan de wereld. De pillen die ik moest slikken voor mijn ADHD, maakten me apathisch en asociaal.”

En toch voelde je je toen beter over je lichaam?

Windey: “Ja, omdat ik niet bezig was met hoe ik eruitzag. Het kon me niet schelen. Ik was jong en wilde gewoon feesten. De jongens keken toch niet naar me. Ik was een franke, dikke troela van 15. Maar stilaan begon ik te vermageren, mijn beugel ging eruit, mijn puisten verdwenen, en opeens was ik wél iemand. Nog voor ik de volledige 20 kilo kwijt was, kwam het mooiste meisje van de school – een blonde van 2 meter – op de speelplaats vragen waar ik naar luisterde. Ze bleek ook een grote fan te zijn van The Cure en David Bowie – en begon me mee te nemen naar feestjes. Plots voelde ik: ‘Aha! Zo is het dus om mooi en populair te zijn.’”

Nu omschrijf je bijna de metamorfose van het lelijke eendje.

Windey (lacht) «Een beetje wel. Het voelde heel raar aan. Opeens kon ik rokjes aandoen die veel te kort waren, zonder dat mijn dijen elkaar raakten. Ik weet nu dat daar ook gevaar in schuilt: ik heb heel erg genoten van de voorbije vakantie, maar ik bleek achteraf wel drie kilo bijgekomen. Opeens raakten mijn dijen elkaar weer. Even was ik in paniek, maar gelukkig kan ik dat snel weer loslaten. Heb ik ook geleerd van die vriendin. Als zelfs een mooie blonde van 2 meter complexen heeft, dan weet je: niemand ontsnapt eraan.

“Ik snap dat mensen, als ze me zien ronddartelen in mijn ondergoed op Instagram, denken dat ik ijdel ben en mezelf de shit vind, maar niets is minder waar. Ik kan mijn lichaam soms haten.”

Wat valt er te haten?

Windey: “Mijn neus. Die vind ik echt niet mooi. En ik ben niet trots op mijn borsten, ook al toon ik ze vaak op Instagram. Ik heb de kleinste boezem van mijn familie. Zelfs mijn oma van 1 meter 50 heeft dikkere borsten dan ik. En die is 90!

“Soms vind ik mijn lichaam helemaal niet vrouwelijk of verleidelijk. Dan wilde ik dat ik meer troeven had om in de strijd te gooien. Een vriendin van me heeft onlangs een borstvergroting gehad. Ze voelt zich nu zoveel beter. Ik snap dat wel, al zou ik het zelf nooit overwegen. Ik ben bang van operaties. Ik wil mijn neus heel graag laten opereren, maar de angst houdt me tegen. Op Instagram volg ik plastische chirurgen die filmpjes posten van hun operaties. Als ze die neusflap openklappen... Gruwelijk! Of dan snijden ze een tepel los met een koekjessnijder, om vervolgens die borst op te pompen. Nee, niks voor mij.”

Denk je dat grotere borsten je vrouwelijker zouden maken?

Windey: “Ik voel me nu soms zo’n tomboy, un garçon manqué – ik ben in het Frans opgevoed. Vroeger ging ik skaten, droeg ik baggy broeken en dikke skateschoenen. Als mijn mama kwam aandraven met iets roze, dan ging ik over mijn nek. Maar nu wil ik dat wél, vrouwelijk zijn. Nu draag ik kleedjes, maar toch vind ik mezelf er niet elegant uitzien. Om de één of andere reden zal mijn gat altijd zichtbaar zijn. Dan begin ik te springen of doe ik uit het niets een koprol. Eén keer was ik al een hele festivalweide overgestoken vóór iemand me erop wees dat mijn kleedje achteraan nog in mijn onderbroek stak. Meer dan grotere borsten heb ik misschien elegantie nodig om me vrouwelijker te voelen.”

Maar je vagina vind je wél mooi, weten we sinds ‘Flowjob’.

Windey: “Ja. Als ik een spiegel passeer en me afvraag hoe het nog zou zijn met mijn vagina, dan werp ik er weleens een blik op. Vagina’s zijn zo mooi roze en zacht. Veel mooier dan piemels. Die ogen zo agressief: ‘Hier ben ik!’ Ik zou niks aan de mijne willen veranderen. Ik hoor er ook nooit klachten over. Nog niemand heeft me ooit gezegd: ‘Steek dat ding weg!’ (lacht) Mijn vagina maakt mensen blij.”

Daniëlla Somers: ‘Geen laagje spek’

Van alle vrouwenlichamen uit deze reeks is dat van Daniëlla Somers (55) het enige dat al wereldtitels heeft opgeleverd. Acht keer in totaal knokte het lijf van Somers zich tot bokskampioen. Betaalt ze daar nu een prijs voor?

Daniëlla Somers: “Mijn laatste titel dateert van negentien jaar geleden, maar ik voel me nog altijd fit. In mijn actieve periode heb ik mijn lichaam dan ook altijd goed verzorgd: ik liet me regelmatig masseren, zorgde dat ik de juiste voeding binnenkreeg en nam er nog wat vitamines en voedingssupplementen bovenop. Daarnaast deed ik acupunctuur, ging ik naar de osteopaat, volgde ik manuele therapie... Noem maar op. Misschien heb ik daarom nog geen greintje last van kwaaltjes. Of misschien heb ik gewoon goede genen, dat kan ook. Mijn moeder is 89, woont alleen en gaat nog altijd dansen.”

Beeld Johan Jacobs

Wip jij nog elke ochtend vlotjes uit je bed?

Somers: “Absoluut. De ene dag al wat gezwinder dan de andere, maar dat heeft niks met boksen te maken en alles met onze verbouwingen: we zijn onze boksclub helemaal aan het vernieuwen en dat gaat gepaard met wat mentale vermoeidheid.

“Mijn trainer zei vroeger altijd: ‘Aan een goede bokser zie je niet dat hij bokst.’ Je moet met je verstand boksen. Je ontwijkt beter tien slagen om er eentje te geven, dan er tien te incasseren. Mijn gezicht is nooit tot bloederige pulp geslagen, ik heb nooit mijn neus gebroken én ik heb al mijn tanden nog. Hooguit kwam er na een wedstrijd eens een straaltje bloed uit mijn neus, maar zelfs dan kon je nog niet van een bloedneus spreken.

“Mijn grote geluk is dat mijn lichaam me nog nooit in de steek heeft gelaten. Op mijn 55ste heb ik nog maar drie keer iets gebroken: mijn arm, mijn oogkas en mijn pink.”

Daniëlla Somers: ‘Ik wil mijn spieren kunnen zien. Mijn sixpack, mijn biceps... Zeker mijn buik heb ik graag zo strak mogelijk. Op dat vlak ben ik enorm ijdel: hoe meer spieren, hoe liever.’ Beeld Johan Jacobs.

Ben je vaak bont en blauw uit de ring gekomen?

Somers: “Meestal niet, hoewel ik altijd snel een blauw oog had. Zelfs als ik per ongeluk eens met mijn eigen handschoen tegen mijn oog zat, had ik het al vlaggen.”

Tilde je zwaar aan je geschonden gezicht?

Somers: “Niet aan die blauwe ogen, maar een boksersneus of bloemkooloren heb ik altijd weten te vermijden. Hoe Delfine Persoon er na haar laatste kamp in New York uitzag, zo had ik er niet graag uitgezien. Sommigen zeggen dan dat het part of the game is, maar ik vermeed het toch liever. Ik ben dus wel ijdel, ja. Niet dat ik ooit aan mezelf zou laten snijden, maar een fit lichaam is me heel dierbaar.”

Wat is fit voor jou?

Somers: “Ik wil mijn spieren kunnen zien. Mijn sixpack, mijn biceps... Zeker mijn buik heb ik graag zo strak mogelijk. Op dat vlak ben ik enorm ijdel: hoe meer spieren, hoe liever. De zomer is wat dat betreft altijd een gevaarlijke periode: je eet en drinkt wat meer, en voor je het weet, zit je afgetrainde lichaam onder een laagje spek.”

Jij bent na je carrière dus nooit gestopt met aan je lichaam te werken?

Somers: “Toch wel. Nadat ik mijn bokshandschoenen aan de haak had gehangen, heb ik twee jaar lang in de zetel gezeten en geen klop gedaan. Ik at waar ik zin in had: frietjes met stoofvlees, bloemkool met veel kaassaus... Dat had ik al die jaren moeten missen. Tot ik opeens negen kilo dikker was en walgde van mijn eigen lichaam. Stilaan – zeker niet obsessief – heb ik mezelf weer in vorm gebracht. Ik kreeg weer plezier in het sporten en ging vanzelf weer aan de volkorenpasta en de kipfilet. Twee jaar geleden heb ik zelfs nog een keer een tandje bijgestoken. Ik dacht: nog één keer wil ik mijn lichaam op z’n scherpst zetten. Dat probeer ik nu te onderhouden, maar ik ontzeg mezelf zeker niet alles. Ik ben tenslotte geen 20 meer.”

Weegt dat ouder worden op je?

Somers: “Nee. Ik merk dat ik me fysiek nog prima kan meten met de jonge mensen hier in de club. Twee keer per week train ik nog stevig mee. Een derde keer zou mijn lichaam ook nog aankunnen, maar dan zou ik toch een uurtje langer moeten slapen om dat te verteren. En verder merk ik ook wel dat mijn vel niet meer is zoals vroeger. Als ik vroeger mijn vet wegtrainde, dan trok mijn huid meteen strak. Nu lukt dat niet meer. Tja, dat is de leeftijd. Dat het onderste stukje van mijn buik niet zo strak meer is, heb ik natuurlijk ook te danken aan mijn zoon. Dat is spijtig, maar ook dat kan ik relativeren.”

Je zwangerschap was niet je makkelijkste periode.

Somers: “Nee, en ze was ook niet voor herhaling vatbaar. Dat had puur met mijn lichaam te maken: ik was 18 kilo bijgekomen. En niet alleen aan mijn buik, maar overal. Als ik mezelf in de spiegel zag, schrok ik me een ongeluk. Nadien heeft mijn lichaam zich wel razendsnel hersteld. Zelfs op de Amerikaanse televisie klonk het van: ‘Wauw, ze is net moeder geworden! Look at those abs!’”

Is je lichaam ooit een obsessie geweest?

Somers: “Eén keer heb ik gedacht: nu moet ik stoppen. Ik was té mager geworden. Sindsdien begrijp ik hoe mensen zich kunnen verliezen in anorexia. Gelukkig was ik rationeel en oud genoeg om mezelf een halt toe te roepen.

“Maar letten op wat ik eet hoort nu eenmaal bij de routine die ik mezelf heb aangeleerd. Ik ben blij als ik op vakantie merk dat er een weegschaal is. Me helemaal laten gaan geeft me een paniekerig gevoel.”

Iets helemaal anders: ben jij blij met je borsten?

Somers: “Heel eerlijk: toen ik nog met een man getrouwd was en jurkjes droeg – ik heb 20 jaar een fantastisch huwelijk gehad met mijn ex – heb ik weleens gedacht dat een grotere boezem toch wel leuk zou zijn. Maar sinds ik met een vrouw samen ben, past dat niet meer in mijn leven. Nu ben ik wie ik écht ben: een stoerder type vrouw. Daar passen nepborsten niet bij. Mijn echtgenote houdt van die stoerheid. Vanochtend was ze haar nylons aan het uitzoeken en zei ik lachend: ‘Afblijven, dat zijn de mijne.’ Het idee alleen al dat ik in nylons zou rondlopen, vindt ze vreselijk. Ze heeft me graag stoer en sportief.

“Qua uiterlijk en persoonlijkheid ben ik nu een totaal ander mens dan in mijn heteroseksuele relatie. De twee staan haaks op elkaar. Ik gedroeg en kleedde me toen vrouwelijk, uit liefde voor mijn man en omdat ik dacht dat het zo hoorde. Nu trek ik geen rokjes of kleedjes meer aan. Hoge hakken heb ik wel nog. Als ik chique gekleed moet gaan, dan doe ik een mooi Hugo Boss-pak aan. Uit de vrouwenlijn, welteverstaan.

“Ik ga nog altijd wel vrouwelijk gekleed, in de zin dat alles wat ik draag, moet matchen. Dat had ik vroeger al: in de ring wilde ik dat mijn topje en mijn short bij elkaar pasten. Ik kan me geweldig goed voelen als al mijn kledij op elkaar is afgestemd.”

Wat vind jij mooi aan het lichaam van je vrouw?

Somers: “Hoe vrouwelijker zij eruitziet, hoe sexyer ik haar vind. Hakjes, rokjes... De hele rimram. Zo zal het vast niet bij elk lesbisch koppel zijn, maar bij ons wel.

“Mooie borsten kunnen me altijd bekoren, hoewel er ook niks mis is met een mooie kont (lacht). En een stel lange benen vind ik ook best mooi. Doutzen Kroes vind ik bijvoorbeeld een heel mooie vrouw, ook al val ik doorgaans op brunettes. Ik ben altijd fan geweest van de Victoria’s Secret-lingerieshow, hoewel ik de modellen er de laatste jaren wat te mager vind uitzien. Het is allemaal niet meer in proportie. Er is niks mis met wat rondingen bij een vrouw.

“Stel dat mijn huidige relatie ooit stopt – we hebben een schitterende relatie, voor alle duidelijkheid – dan zou ik meer moeite hebben om me bloot te geven aan een nieuwe vrouw dan aan een nieuwe man. Misschien omdat een vrouw heeft wat ik ook heb. Maar eigenlijk heb ik niet zoveel problemen om mijn lichaam te tonen: als sporter ben ik dat gewoon. Samen onder de douche staan was de normaalste zaak van de wereld.”

Vrees je de dag dat je het boksen compleet zal moeten laten?

Somers: “Helemaal stoppen met sport? Nee, dat gaat niet. Ik ben al sportend geboren. Als kind heb ik nooit in een hoekje zitten lezen. Ik was altijd de beste in de turnles. Meisjes of jongens, niemand deed beter. Zo zal ik ook sterven: sportend en op zoek naar wat gezonde competitie. Het moet een soort gen zijn.”

Leonie Gysel: ‘Zelfzeker is sexy’

Uiterlijke schoonheid is voor Leonie Gysel (42) haar dagelijks emplooi: als visagiste rent ze van filmset naar fotoshoot, waarna ze in haar vrije uurtjes het podium beklimt als zangeres bij Arsenal.

Leonie Gysel: “Ik vind het therapeutisch om de mooiste gezichten en lichamen onder handen te nemen. Ze ogen dan wel perfect, in hun hoofd zijn ze niet zo zeker van zichzelf als je zou vermoeden. Ik denk vaak: schatteke, ik zou tekenen voor een lichaam als het jouwe.

Leonie Gysel. Beeld Johan Jacobs

“Ik was nooit een dik kind, maar ik was altijd wel ronder dan gemiddeld. Rond én zwart: dat is een serieuze boterham. En toch heb ik nooit wakker gelegen van hoe ik eruitzie. Ik heb altijd een joie de vivre uitgestraald, waardoor mensen mijn gewicht en huidskleur leken te vergeten. Ik werd aanvaard en was populair.”

Heb je dat zelfvertrouwen aan je ouders te danken?

Gysel: “Mijn moeder had het typische lichaam van een Afrikaanse vrouw: mooi rond. Ze was niet ontevreden over haar lijf, al heeft ze, zoals elke vrouw, wel een dieet of 35 geprobeerd. Ik heb dat ook gedaan. Sporten met een personal coach? Ook geprobeerd. Maar mijn gewicht heeft me nooit zo hard gestoord dat ik mezelf dingen ging ontzeggen. Ik heb er geen probleem mee in bikini op een strand te liggen, zelfs al zijn mijn vriendinnen halve mannequins. I’ll be the chubby one, dat maakt mij niet uit.”

Tot je 13de ging je naar school in Congo.

Gysel: “Ja, maar ik ging naar een Belgische school, waar ik in de klas zat met blonde meisjes met blauwe ogen. In mijn tienerjaren heb ik mijn haar ook wel een keer ontkruld. Tuurlijk! Dat ideaalbeeld van steil, glanzend haar is zo sterk dat we allemaal op een bepaald moment in die val trappen.”

Hoe krijg je krulhaar steil?

Gysel: “Met chemische producten. Niet pijnlijk, maar wel een risico: laat je het product er te lang op, dan kun je je haarwortels wegbranden. Ik was een jaar of 16. Voordien had ik het niet moeten proberen. De krullen van zijn drie dochters, dat was de trots van mijn vader. Daar kwam je niet aan.”

Dat doet denken aan ‘Don’t Touch My Hair’ van Solange, het zusje van Beyoncé. Raken mensen vaak ongevraagd je haar aan?

Gysel: “Zeker toen we klein waren. Telkens als we in België waren – we woonden tien maanden in Afrika en kwamen twee maanden naar hier – was het weer wennen aan de handen die constant naar onze haardos graaiden. We stelden ons daar geen vragen bij, het was gewoon zo. Vergelijk het met een zwangere buik: iedereen wil er altijd ongevraagd een hand op leggen.

“Als visagiste schmink ik vooral blanke mensen. Vervolgens verschijnen die blanke gezichten op tv en op de covers van de bladen, en zo help ik mee het beeld in stand te houden: blank is de norm en wij wijken af. Ik besef dat.”

Maakt het je kwaad?

Gysel: “Nee. Ik vind het alleen spijtig dat het in 2019 nog altijd zo is. Stilaan komt er nu toch wat beweging in. Als er tot voor kort zwarte meisjes werden ingezet in grote reclameopdrachten, dan was het altijd in combinatie met een blank en een Aziatisch model, om een soort politieke correctheid uit te stralen. Maar onlangs zag ik een campagne van L’Oréal, die helemaal gefocust was op een zwart model. Jullie beseffen het niet, maar dat is een mijlpaal. Een gekleurd model dat een hele campagne trekt? Ongezien! Al maak ik me geen illusies: de volgende trend – zwart of wit – wordt boven onze hoofden beslist.

“Complexen over mijn huidskleur heb ik nooit gehad. Ik denk dat ik over een gezonde dosis naïviteit beschik. Ik denk vaak: het komt wel goed. Ik wil dat soort boosheid ook niet meegeven aan mijn kinderen. Natuurlijk heb ik ook racisme meegemaakt. Natuurlijk ben ik ook al afgeschreven, puur op basis van mijn huidskleur. Toen mijn man en ik ons eerste huis kochten, verliep alles vlot, tót de verkopers ons onder ogen kregen: ik zwart en mijn man met een buitenlandse naam – hij heet Mirko Banovic. Plots werden we ondervraagd als een stel criminelen. Fijn was dat niet, maar het zijn zeker niet de dingen die me gemaakt hebben tot wie ik ben. Dat ik zware dyslexie heb, heeft me veel meer gevormd. In mijn kindertijd maakte je met dyslexie geen schijn van kans op de arbeidsmarkt en was je alleen nog maar goed voor de fabriek. Maar kijk, ik sta er toch. Het heeft me leren vechten.”

Gebruik jij op een podium je lichaam om je publiek in te pakken?

Gysel: “Je zult me nooit horen praten op een podium. Communiceren met het publiek doe ik met mijn blik en mijn lichaam. Potverdomme, zie ik de vrouwen dan bewonderend denken, zij durft dat. Ze zien ook wel dat ik niet de ideale maten heb, maar dat ik me daar toch sta uit te leven.”

Hoe kijken de mannen?

Gysel: “Die bewonderen ook dat ik daar zo complexloos sta. Zelfzekerheid – niet arrogantie – is sexy. Ik sta al jaren op een podium en ik weet wat mijn troeven zijn. Ik weet dat ik kan dansen en dat mijn moves effect hebben. Dat had ik al vroeg in de gaten. Ik stond een keer met mijn ogen dicht op de dansvloer te genieten. Toen ik ze weer opende, stond iedereen in een kring naar mij te staren. Ik ben snel iets gaan bestellen aan de bar (lacht).”

Was jij er vroeg bij?

Gysel: “Op een klasreünie zei iemand me: ‘Jij had altijd een voorsprong op de rest.’ Als ik op mijn 11de een feestje gaf, dan schoof ik de meubels aan de kant voor een dansvloer. De andere kinderen waren daar nog niet mee bezig. Die zaten met hun hoofd nog bij verstoppertje spelen. En toch heb ik lang gewacht met seks. Ik was al 18 bij mijn eerste keer. Dat had met opvoeding te maken: wij leerden dat ons lichaam een tempel is. Mijn moeder was vrij streng en beschermend. Je mag dansen en bewegen zoveel je wil, maar niet iedereen mag zomaar binnen en buiten (lacht). Dat leer ik nu ook aan mijn dochter.”

Het cliché luidt dat Afrikaanse vrouwen sensueler zijn.

Gysel: “En dat ze daardoor beter zijn in bed. (Draait met haar ogen) Ik weet het. If she can’t dance, then she can’t ooh.”

Is dat zo?

Gysel (lacht): “Next question, darling. Daar heeft niemand zaken mee.”

Iets minder sexy: hoe kijk jij tegen ouder worden aan?

Gysel: “Je zult zeggen: ‘Daar gaat ze weer met haar positivisme’, maar ik ben dankbaar: ik mág 43 worden. Mijn mama heeft de 40 amper gehaald. Met mijn zwarte huid heb ik één voordeel: black don’t crack. Wij krijgen minder snel rimpels. Maar verder zie ik ook wel dat alles – mijn huid, mijn borsten – wat begint te zakken. De zwaartekracht wint altijd. Ik zou het nooit écht doen, maar ik heb er weleens aan gedacht mijn borsten te laten optrekken. Ik stond al niet vooraan toen ze werden uitgedeeld. En sinds de kinderen denk ik: help, waar gaan ze naartoe? Ik wil over tien jaar niet eindigen als een pygmeevrouw (lacht). Ach ja, dan koop ik wel een betere beha. Ik voel me er zeker niet ongelukkig over.

“Als ik iets zou kunnen veranderen, dan is het niet mijn lichaam, maar mijn hoofd: ik zou die dyslexie eruit halen. Dan zou ik veel sneller veel meer informatie kunnen opnemen. Ik heb hier nog een hele bibliotheek boeken staan, waar ik nu niet doorheen geraak. Leve de audioboeken!”

© HUMO

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234