Woensdag 23/09/2020

InterviewFamilieklap

Tom en Stijn Audenaert: ‘Mijn broer was een varken toen hij klein was’

Tom (r) en Stijn Audenaert.Beeld Bob Van Mol

De oudste is 41, bekend als acteur in onder andere Unité 42. De jongste is 36 en probeert als chef van restaurant Vos in Lokeren de lockdownkater weg te koken. Tom en Stijn Audenaert, broers.

TOM

“Ik ben de tweede oudste van vier. Stijn is de jongste. Waren wij in Dendermonde geboren, dan hadden we op het paard mogen zitten. Eigenlijk chance dat we in Lokeren woonden, want naar het schijnt moeten die jongens achteraf heel veel kine volgen omdat ze zo lang met de benen gespreid op dat stalen ros moeten blijven zitten.

“Ik weet nog dat Stijn een varken was toen hij heel klein was. Een echt kakkernestje. Hij wilde er altijd bij zijn als mijn ouders vrienden op bezoek hadden. Dan schroefde hij de spijltjes van zijn bedje en ontsnapte hij, om bij mama op schoot te kruipen terwijl ze zaten te eten. En wij, de grotere broers, moesten in bed blijven. Gadverdamme, dachten we dan.

“Onze ouders runden thuis een loodgieters­bedrijf, ze waren dus altijd in de buurt. En hoewel ze hard werkten, kwamen wij niks tekort. Nadat mijn moeder ons in bed had gestoken, werkte ze vaak nog door tot drie uur ’s nachts, om ons dan ’s morgens weer op tijd naar school te brengen.

“Wij kregen ook alle vrijheid om ons eigen pad te volgen, ze hebben ons totaal niet gepusht om hun zaak over te nemen. Stijn is uiteindelijk in hotelschool Ter Duinen in Koksijde beland, en ik wist pas op redelijk late leeftijd dat ik wilde acteren. Wij gingen nooit naar het toneel en ik was meer een filmfreak. Eigenlijk ging ik boekhouder worden, ik had er zelfs voor gestudeerd. Maar toen ontdekte ik het amateurtoneel. Na één voorstelling was ik totaal verkocht, hoewel ik bijna moest overgeven van de zenuwen. Ma en pa moesten wel even slikken toen ik hen zei dat ik acteur wilde worden. Hoe gaat die daar in godsnaam van leven, moeten ze gedacht hebben. Maar ze lieten me vrij.

“En nu zijn ze heel erg fier op alle broers. Op het gênante af, zelfs. We hebben mijn vader maar niet verteld over dit interview, anders had hij hier sowieso mee aan tafel gezeten. (lacht) Hij hielp me bijvoorbeeld toen ik op zoek was naar een huis, en al bij het eerste bezoek hoorde ik hem aan de makelaar vragen: ‘Ken je ’m niet? Allez, Hasta la vista, Quiz Me Quick?’ Altijd als hij me op tv gezien heeft, zegt hij: ’t was schunne. En gij waart den besten.’ Bij Stijn hetzelfde. Als hij in een ander restaurant heeft gegeten: ‘Het was lekker, maar niet zo lekker als bij u!’

“Daarin moet ik hem wel gelijk geven. Als ik hier in de buurt moet draaien, probeer ik de ploeg altijd te overtuigen om eens bij Vos te komen eten. Ik ben zo trots als ze dan zeggen: ‘Amai, lekker!’

“Alle vier de broers zijn down to earth. Koken is voor Stijn een ambacht. Hij zal nooit gaan zweven en werkt keihard. Bij mij is dat hetzelfde, ik zie acteren ook als een ambacht. Zo zijn wij groot­gebracht. Heel nuchter.

“Door onze jobs is het niet eenvoudig om ons allemaal samen te krijgen. Maar als het lukt, met Nieuwjaar bijvoorbeeld, is het supergezellig. Wij hebben niet gauw woorden, en ook onze kinderen komen supergoed met elkaar overeen. Ik ben niet zo nostalgisch, maar nog heel lang nadat mijn ouders in een ander huis waren getrokken, reed ik soms per ongeluk onze oude straat in.”

Sijn: ‘Ik kijk niet zoveel tv en zie nog niet de helft van zijn werk, vrees ik, maar bij ‘Influencers’ denk ik: allee, Tom, da’s echt grappig hè.’ Beeld Bob Van Mol

STIJN

“Wij zijn opgegroeid op een steenworp van het restaurant. Iedereen in Lokeren kende de vier jongens. In onze straat stonden nog amper huizen, dus we hadden massa’s plaats om te spelen. In het maïsveld bijvoorbeeld, als de boer ons tenminste niet wegjoeg. En onze ouders lieten ons begaan. Met mijn speelkameraad, die thuis een schrijnwerkerij had, ging ik kampen bouwen, en vlotten voor op de gracht. Ik was een straatloper, Tom niet. Die zat liever binnen, films te kijken.

“Onze pa had het altijd druk. Op zondag trokken wij nooit onze laarzen aan om samen een boswandeling te gaan maken. Vaker spreidde mijn vader dan een plan op de keukentafel uit, om leidingen te gaan tekenen. En dan moesten wij hem met rust laten. Het is knap hoe mijn ouders die zaak uitgebouwd hebben, maar nu ik zelf vader ben, probeer ik toch wat vaker in de tuin te voetballen met mijn zoon. Als ik thuis ben, ben ik écht thuis en word ik opgeslorpt door mijn gezin. Heb ik toch nog werk, aan nieuwe menu’s bijvoorbeeld, dan doe ik dat wanneer mijn kinderen in bed liggen.

“De mooiste herinneringen heb ik aan de zee. Elke zomer logeerden wij twee maanden in Knokke bij onze grootouders. In het weekend en tijdens het bouwverlof kwamen mijn ouders ook. Ze hadden daar een strandcabine en namen ons mee op restaurant. En oké, ik was misschien wel dat kleine ettertje dat met zand gooide naar mijn grotere broers. (lacht)

“Tom had al een vakantiejob terwijl ik nog met schepjes in het zand zat te spelen. Hij werkte bij de cabines en was dus nog in de buurt om zeilen in het zand te kloppen en strandstoelen klaar te zetten. Daar aan zee kon hij echt goeie typetjes neerzetten. Al zag niemand aankomen dat hij acteur zou worden. Ook hij zelf niet. Wij waren vrij terughoudende, verlegen jongens. Bij Tom is die liefde voor toneel pas naar boven gekomen bij de honderd dagen, toen een leraar hem vroeg om een zieke klasgenoot te vervangen in de show. ‘Zijde zot?’, was zijn eerste reactie.

“Ik vind het knap dat het hem gelukt is om het te maken in zo’n kleine wereld. Hij heeft daar fameus goed zijn plan in getrokken. Ik kijk niet zoveel tv en zie nog niet de helft van zijn werk, vrees ik, maar nu bij Influencers (sketchprogramma op Vier, red.) denk ik: allee, Tom, da’s echt grappig hè. Zeker dat Lokers dialect. De eerste keer dat ik hem zag spelen op het scherm, was op de Lokerse Feesten, in een reclamespotje van Win for Life. Supergrappig. Tom stond toen ook in het publiek, misschien vond hij dat minder plezant. (lacht)

“Ik was ook al geen kind meer toen ik wist dat ik kok wilde worden. Ik heb zelfs nog een omweg gemaakt via de land- en tuinbouwschool. Een week heb ik het daar uitgehouden. (lacht) Nu, als mijn moeder aan het koken was, zat ik altijd bij haar op het aanrecht, te helpen met eitjes klutsen of boterhammen bakken. En we hadden een ijsturbinetje thuis, waar ik mij over ontfermde. Heel anders dan bij Tom, die heeft pas zijn eerste ei gebakken toen hij al in de twintig was.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234