Dinsdag 07/07/2020

Interview

Thomas Vanderveken: "Ik ben niet beter dan een ander en niemand is beter dan ik"

Beeld Sofie Coreynen

Er is Otto, zijn pasgeboren zoon en de gevoelens die hij teweegbrengt. Er is de passie voor het podium, voor klassieke muziek ook en waar die vandaan komt. En er is het rotsvaste geloof dat de liefde sterker is dan de haat. Thomas Vanderveken (35): "Ik streef pure liefde na."

Zelden zet Thomas Vanderveken zijn bekende kop in om aandacht te vragen voor een maatschappelijk thema. Zelden, soms dus wel. Zoals voor meer zwangerschapsverlof voor vaders, en voor een asbestcertificaat. Het eerste heeft alles te maken met zijn prille vaderschap; het andere met het afscheid van zijn eigen papa.

"Er is één beeld dat ik heel mijn leven ga meedragen. Eén moment van 10 seconden waar ik heel mijn leven lang liefde uit kan halen. Mijn vader was stervende. Hij woog nog 40 kilogram. Door de hoge dosis morfine verdween zijn persoonlijkheid. Af en toe was hij bij bewustzijn. Ik lag bij hem in bed. Ik was dicht tegen hem aan gekropen. Om hem te troosten. En toen gebeurde het."

"Hij begon in mijn haar te krabben. Híj troostte mij."

"Hoe sterk, hoeveel liefde, warmte heeft iemand als die stervende is en toch nog troost kan bieden. Dat is een fantastisch moment. Ik kan er heel mijn leven naar terug. Daar heb ik alle liefde gevoeld. Dat is mijn voorbeeld."

Dertien jaar later wordt hij op straat aangesproken als meneer Vanderveken, steevast gevolgd door complimenten over zijn programma Alleen Elvis blijft bestaan. En ja, zeker niet het ge-meneer maar wel de positieve reacties strelen – "natuurlijk" – zijn ego. Maar Vanderveken nuanceert: "Flattery is wonderful as long you don’t inhale. Ik ben vooral blij en dankbaar dat het wordt uitgezonden en dat de gasten willen komen. We vragen veel engagement van hen: ze moeten een goed beeldgeheugen hebben, interessant kunnen vertellen én open durven te zijn. Ik zeg altijd: iedereen mag op elke vraag níét antwoorden als hij maar zegt waarom. Als dat niet kan, om welke reden dan ook, dan werkt het niet."

Natuurlijk moeten we het hebben over Alleen Elvis blijft bestaan. De voorbereidingen voor het nieuwe seizoen zijn volop aan de gang. Het is zijn kind en als presentator wordt hij alom geprezen om zijn interviewstijl. Vanderveken probeert een eerste luisteraar te zijn, en de juiste omstandigheden te creëren. "Interviewen is een parasitaire bezigheid. Je scoort op de rug van een ander. En omdat je erbij zit, lijkt het alsof jij het ­verhaal ontfutselt, maar als de ander het niet wilt vertellen, is er niets. Zie me als een vroedvrouw die het kind van de gast helpt te baren."

Beeld Sofie Coreynen

Hij mag dan wel bescheiden zijn, dat hij de lat hoog legt, is evenzeer een feit. Vrijblijvendheid is geen optie. "We stoppen veel tijd in het selecteren van de gasten. De plaatsen zijn beperkt én we proberen in te haken op wat er leeft en we willen daar een antwoord tegenover zetten. Anders dreigt het een praatbarak te worden. Dat mag niet. Ik wil proberen een nieuw verhaal of op zijn minst een relevant verhaal te vertellen. Alleen zo voel ik me nuttig."

"Ik zou het heel moeilijk hebben om nog louter de gastheer te zijn van een programma waar ik niets aan toevoeg. En eigenlijk heb ik dat altijd opgezocht. Zelfs als veejay bij JIMtv. Bij de start was er niets. Wij waren de alfa en omega van onze eigen programma’s. Ik maakte zelf mijn decor. En dan met de camera op pad en monteren maar. Alles vertrok vanuit onszelf. Daar heb ik alles geleerd over televisie."

Tussen dessert en tombola

Televisie maken was niet het plan. Een opleiding heeft hij niet. Een passie wel: de piano. Maar ook daarin: geen diploma. "Ik ben pianist, maar eigenlijk ook niet. Ik wou niet per se een concert­pianist worden, maar ik wou wel goed kunnen spelen. Ik heb het ingangsexamen van het conservatorium gedaan met in mijn achterhoofd: dit is mijn eerste keuze maar als het niet lukt, doe ik iets anders, Germaanse of zo."

Het lukte hem wel, maar een duik aan de verkeerde kant van het zwembad, met een steeds weer ontstekende vinger tot gevolg, besliste er uiteindelijk over dat Vanderveken muziektheorie ging studeren. "Ik heb maar twee jaar piano gespeeld en mijn tweede kandidatuur beëindigd met 10 op 20. Mijn diploma muziektheorie heb ik wel afgewerkt, ook al was ik toen al aan het werk."

JIMtv, Klara, Steracteur sterartiest en zelfs een rol in de serie Spoed, jawel, Vanderveken is van vele markten thuis. Het lijkt alsof ‘iets in de media doen’ zijn drijfveer was. "Mijn pa was acteur (Hugo Vanderveken, bekend onder de artiestennaam Ugo Prinsen, was lid van het dramatische gezelschap van de BRT en speelde onder andere de rol van de koster in De paradijsvogels, KK) maar hij regisseerde ook vaak amateurgezelschappen. En dan hadden ze een kindje Jezus nodig en daar was ik dan."

"Hij coachte ook mensen voor voordrachtwedstrijden. Op mijn achtste vroeg hij of ik wilde meedoen. Ik had nee kunnen zeggen, maar ik heb ja gezegd. Ik zie me nog staan, met mijn rug tegen de verwarming in de keuken, gedichten van Paul van Ostaijen opzeggend. Ik begreep er niets van maar mijn pa was een goede leraar, dus zei ik het op de juiste manier en won een prijs, kreeg vijf boeken mee naar huis en dat was cool. Zo heb ik de liefde voor een podium opgebouwd. Op mijn vijftiende ging ik met een vriend de vrouwengildes in de buurt opluisteren met muziek en grapjes. Tussen het dessert en de tombola. En we kregen rijstpap. Het was dát wat ik graag wilde blijven doen en wat ik nagejaagd heb: op een podium verhalen vertellen en en muziek spelen."

Beeld Sofie Coreynen

"Als er iets voorbijkwam, heb ik het gepakt. Ik heb altijd mijn goesting gevolgd. Ik had en heb twee voorwaarden om ja te zeggen tegen iets. Ga ik er iets uit leren? En gaat het leuk zijn, met leuke mensen? Twee keer ja, is doen."

Een ja dus ook voor zijn nieuwe Canvas-programma Thomas speelt het hard (in het najaar op Canvas, KK) waarin hij zichzelf klaarstoomt om het, niet evidente, pianoconcerto van Edvard Grieg te spelen. "Ik wou al lang een programma maken over klassieke muziek. Ik merk dat veel mensen geïnteresseerd zijn, maar vaak niet weten hoe ze eraan moeten beginnen. Het is een prachtige wereld die eindeloos interessant is en waar eindeloos inspiratie uit geput kan worden. Uit de muziek zelf, die vaak briljant en tijdloos is, en die vandaag nog altijd verhalen vertelt die diep menselijk relevant zijn, en ook uit de geschiedenis die daar automatisch bij komt kijken."

"Er zou meer plaats moeten zijn voor muzische vorming en voor sport. Men zegt mij dat het onderwijs veranderd is sinds mijn schooltijd – ik zal het zien als Otto gaat – maar ik vind het onderwijs heel cognitief, heel erg gericht op leren leren, opnemen, over antwoorden krijgen, niet over vragen leren stellen en al helemaal niet over creatief leren zijn, en schoonheid appreciëren, laat staan maken."

"Dat moet dan allemaal na schooltijd. Terwijl dat de essentiële dingen zijn. Zelfs economisch bekeken: in een wereld waar iedereen kan produceren maar slechts weinigen kunnen bedenken, moeten we ernaar streven om de bedenkers te zijn. Ik denk dat muziek leren appreciëren daar zeker toe kan bijdragen."

Vanderveken stipt nog een voordeel aan: "Ik heb een goed ­historisch besef omdat ik zoveel met klassieke muziek bezig ben. Ik ken de geschiedenis van Europa redelijk goed omdat ik die componisten, en de tijd waarin ze schreven, ken. Daarmee wil ik niet zeggen dat het vak muziekanalyse moet ingevoerd worden. Dat niet; ‘birds don’t do ornithology’, zei Charlie Parker."

Niemand is beter

Geprikkeld worden door cultuur beschouwt hij als een groot cadeau dat hij kreeg van zijn ouders, die hem en zijn broer (Samuel, beeldend kunstenaar, KK) overal mee naartoe namen. “Mijn vriend en buur Vincent Verhelst (ook collega bij VRT, KK) zei onlangs, en ik was het volledig met hem eens, dat hij niet gelooft in de pretparkroute voor kinderen. "Kinderen kunnen echt wel iets aan in een museum. Het zijn wonderlijke plekken. Voor mij toch. Als ik hier in dit café zit, dan zie ik een bepaald design dat ik in boekjes ook zie, mensen die zich op bepaalde manier gedragen die heel conventioneel is… Niet zo in het museum. Daar word ik uitgedaagd om dingen te zien die ik normaal niet zie."

De modewoorden ‘elite’ en ‘intellectualisme’ vallen. Tegenwoordig zijn het geen geuzennamen. "Elite wordt vaak verkeerd gedefinieerd. Cultureel geïnteresseerd zijn is niet elitair. Dat klopt niet. Elitair is: iemand die miljarden op zijn rekening heeft en die zegt dat hij een wet gaat proberen in te voeren om zijn schatrijke vrienden gemakkelijker aan leningen te laten geraken. Dat is de elite die voor de elite elitaire wetten stelt. Dat is verschrikkelijk en daar moet je geweldig tégen zijn."

"Ja, en intellectualisme, wat is dat? Ik ben graag verstandelijk geprikkeld. Ben ik dan een intellectueel? Ja? So be it. Maar: ik voel me niet beter dan iemand anders. Echt niet. Maar even goed: er is ook niemand beter dan ik. We staan echt allemaal op dezelfde hoogte als mens. Dat helpt me ook om interviews te doen in Alleen Elvis, of om in Thomas speelt het hard met de groten der aarde te ­spreken."

"Ik ben vaak onder de indruk van iemand, van wat die verwezenlijkt heeft, wat die allemaal weet, maar ik voel me nooit minder waard. Ik hoop dat de mensen die dat niet voelen of denken, het kunnen overwinnen. Ze doen daarmee uiteindelijk zichzelf alleen maar pijn."

Vanwaar dat zelfvertrouwen komt? "Ik kom uit een heel fijn warm nest waarin ik gedragen ben geweest door mijn ouders, mijn broer en familie. Waarin onzekerheden geuit konden worden, waarin het niet ­verkeerd was om eens een foute stap te zetten. Je was altijd opnieuw welkom, je kon altijd weer contact maken met de homebase. Ik denk dat het daar begint."

"Mijn vader was 42 toen hij mij kreeg. Hij had een leven zonder kinderen achter de rug, stond al wat wijzer in het leven. En toen hij kinderen kreeg, was dat heel bewust. Hij hield een dagboek bij: van in het begin van ons leven schreef hij over wat we allemaal meemaakten. Daaruit meen ik te leren dat hij het ook echt heel goed wou doen. Hij was een geëngageer­de vader. En dat in combinatie met mijn moeder, die 24 was. Zij bruiste van levensvreugde en lust. Zij wou losbreken, de wereld ontdekken, samen met hem. Ze waren een goede match. Een van de dingen die ik me herinner als fijn is dat we elke avond aan tafel bleven zitten. Uiteindelijk kwamen we wel voor de televisie terecht, maar eerst babbelden we met elkaar. Soms twee uur lang. Dat was de plek waar alles op tafel kon komen, bijgelegd kon worden, benoemd. En voor de rest hebben we heel veel liefde gekregen."

Beeld Sofie Coreynen

"‘If equal affection cannot be, let the more loving one be me’, zei de dichter Auden. Het is verkeerd om liefde af te wegen. Evenveel te willen krijgen dan je geeft; we doen het allemaal, maar het hoeft niet. Je moet eigenlijk blij zijn op het moment dat je iets doet voor een ander zonder dat je weet wat je eigenlijk aan het doen bent, of welk doel het precies dient. Je doet het omdat je weet dat je een ander een plezier doet of omdat je die graag ziet. Dat is pure liefde. Dat heeft mijn vader me getoond. Dat streef ik na."

Feminisme en macho’s

"Ik heb zoveel liefde gekregen. Er is overschot, en die is er voor altijd. Denk ik toch. Maar ik ben ook een gelukzak. Ik ben gelukkig. Mijn pad is bezaaid met rozen. Enkel het overlijden van mijn vader is een angel. De rest is een droom. Ik weet niet of ik hetzelfde kan zeggen als alles tegen begint te vallen. Ik weet niet hoe groot mijn draagkracht is. Ze lijkt groot op het moment dat alles goed gaat, maar ja, dat is gemakkelijk. Ik kan dat hier dus allemaal wel beweren, maar evengoed is er niets van waar. Lieg ik mezelf iets voor."

Otto, zijn eerste zoon, kwam in januari van dit jaar. Zijn partner Véronique Leysen en hij waren er klaar voor. “Ik wil al heel mijn leven papa worden. Ik denk dat het het coolste is dat je als mens kunt doen. Er is niets graver dan een kind op de wereld ­zetten. Het is het wonder van het leven samengepakt in materie. Dat is zo schoon. Zo schoon."

"Als iemand mij vroeg, voor wij Otto kregen, hoe gelukkig ik was, dan zou ik mezelf een 8,5 op 10 gegeven hebben. Vandaag zeg ik: ik heb me vergist: de schaal gaat tot 20. Er is een verdieping aan mijn leven bijgekomen. Er zijn veel clichés over kinderen, en ze zijn allemaal waar."

Vanderveken besliste om een maand thuis te blijven. "Nog veel te kort. De meeste mannen moeten na tien dagen weer aan de slag. Eerlijk? Ik vind dat discriminatie. Als we willen dat mannen een gelijkwaardig deel van de zorg opnemen, moet je ze ook de kans geven en ze niet van in het begin in de rol van hulpouder duwen."

‘Meer zwangerschapsverlof voor de vader, daar zou iedereen beter van worden’, zo bepleitte hij het onlangs in Cath & gasten op Eén. Daarop liet de staatssecretaris voor Gelijke Kansen Zuhal Demir (N-VA) in De afspraak op Canvas verstaan er wel oren naar te hebben. De debatten zijn geopend. “Ik eis een gelijkwaardige ouderrol op. Maar ja, als ik er natuurlijk niet ben, dan heb ik ook niets in de pap te brokken, en dan moet ik ’s avonds ook niet te veel willen."

"Ik heb het geluk een begripvolle vrouw te hebben die snapt dat ze haar lief niet onder curatele dient te plaatsen voor de opvoeding van haar kind. Ja, en vrouwen gaan dan vaker deeltijds werken. Omdat het in de vrouw zit? Gender speelt daarin natuurlijk een rol. Vrouwen zijn vaak meer zorgend, maar als we mannen niet de kans geven die rol op te nemen van bij het begin, dan moeten we ook niet verwachten dat ze het ineens gaan doen als het kind vijf jaar is."

"Het feminisme focust vaak op de vrouw. Maar ik denk niet dat je de vrouw kunt redden, als je de man er niet bij betrekt. Zolang wij mannen de enigen zijn die moeten gaan vechten, en de enigen zijn die het vuile werk staan op te knappen, kun je niet ­verwachten dat een bepaalde machismocultuur verdwijnt."

"Vroeger dacht ik: het zit in de opvoeding. Punt. Ik dacht dat genderidentiteit opgelegd was. Dat mannen maar macho’s zijn omdat het maatschappelijk van hen verwacht wordt. Dus dat de oplossing zo simpel was als: we geven onze jongens poppen en onze meisjes kranen, en Lego. Maar daar geloof ik vandaag niet meer in."

"Meisjes wíllen die pop en die poppenwagen en jongens wíllen bouwen. Vrouwen zijn emotioneler, hebben andere hormonen, mannen worden sneller agressief. We mogen gender niet ontkennen. En natuurlijk is dat fluïde – we zijn allemaal anders – en die fluïditeit moeten we aanvaarden. Maar als iemand zo hard een vrouw kan zijn dat die dat zelfs beseft in een mannenlichaam, dan kun je niet anders zeggen dan dat genderidentiteit sterk is."

"Alleen betekent het niet dat mannen per se vechtmachines moeten zijn en afgeslacht worden in oorlogen, en dat vrouwen voor de kinderen mogen zorgen of per se drie vijfde moeten gaan werken. Daar moeten we wel voorzichtig in zijn."

Asbestklootzakken

Het zou dus ook zomaar kunnen dat Vander­veken ooit zelf beslist om minder te werken en voor de opvoeding van Otto te kiezen. Hij sluit niets uit. Hij is tout court geen planner. Als hij weet wat hij dit jaar gaat doen, is het voor hem genoeg. Een lange­termijnplan hoeft niet zo.

Dit jaar is er alvast genoeg te doen. Straks ook nog een nieuw seizoen van Voor hetzelfde geld, én er is dat blijvend engagement: zijn strijd tegen asbest. Onlangs gebruikte hij de megafoon die hij als bekende mens heeft. In een interview met Christel Van Dyck op Radio 2 vertelde hij over de doodsstrijd van zijn vader. Ondertussen is er een asbestcertificaat gekomen. Hij steekt de pluim niet op eigen hoed, de Vlaamse regering was er al mee bezig, maar toch.

"Ik heb het gewoon nog eens benoemd. Als er daardoor elk jaar vijfhonderd mensenlevens gered worden. Hallo? Dan is mijn getuigenis nuttig. Ik wil helemaal niet het geweten zijn in de plaats van iemand anders. Je zet jezelf daarmee ook op een kwetsbare plek."

"Er zijn genoeg mensen die pakweg Nic Balthazar afrekenen op zijn groen prediken. Terwijl Balthazar alleen maar zegt wat rationeel verantwoord is. Tja, plots ben je een pater, iemand die preekt. Je moet daar zuinig mee omspringen. Het niet beter willen weten dan een ander. Maar af en toe helpt het om de megafoon die je hebt te gebruiken voor de goede zaak."

"Mijn vader is gestorven aan asbestkanker, longvlieskanker die je alleen kunt krijgen door het inademen van asbest. Hij was een gezonde man die nog 20, 25 jaar te goed had, en plots: knal. Anderhalf jaar was de prognose en en het verdict luidde dat hij alleen maar meer pijn zou krijgen. Hij is walgelijk, vreselijk gestorven. Ten onrechte omdat er dus ooit klootzakken asbest geproduceerd hebben. Ik weet hoe gevaarlijk die stof is. Ik weet hoeveel mensen daardoor getroffen worden. Ik kan het asbest­certificaat alleen maar toejuichen."

"Het is een verantwoordelijkheid die we opnemen voor het verleden. In België is dat verleden heel zwaar. We zijn decennialang de grootste asbestverbruiker ter wereld geweest. Dat komt omdat hier grote asbestverwerkers waren, Eternit en Scheerders-Van Kerckhoven, die een sterke lobby hadden, maar ook omdat de Inno afgebrand is en omdat er in het collectieve Belgische geheugen een schrik voor brand zat. En asbest is brandveilig. Dus hebben we in alles asbest gestoken. Waar je kijkt op Vlaamse wegen kom je asbestplaten tegen. Dat moet er echt uit."

"Het probleem is ook dat je het vaak niet weet. De meeste mensen weten nu wel dat ze niet met de hogedrukreiniger op golfplaten tekeer moeten gaan, maar we onderschatten het structureel nog steeds. En dus is het een geweldige vooruitgang als je een huis koopt om te weten waar het asbest zich bevindt."

"Zijn mensen daar een beetje tegen? Ja, weer een kost, weer administratie. Alleen ben ik ervan overtuigd dat het dat waard is. En als jij in een huis woont met veel asbest, zou jij dat dan willen verkopen aan mensen met kinderen? Zou je dan een gerust geweten hebben? Ik mag hopen van niet. Wat mij betreft is de volgende stap: subsidies geven aan mensen die asbest willen laten verwijderen."

"En als de samenleving daar maar beperkt in kan tussenkomen, dan moet de asbestverwerkingsindustrie van toen over de brug komen. Zij dragen nog altijd een loodzware verantwoordelijkheid want zij wisten dat het dodelijk was, en toch zijn ze decennia­lang blijven produceren. Eternit is van naam veranderd, maar daarmee is de historische verantwoordelijkheid niet weg. Ze hebben gewacht tot 2004 om hun licenties te verkopen in het buitenland. In India bouwen nu arme mensen nog altijd elke dag met asbest. Dat is om je ogen uit te krabben."

"Ik leef heel mijn leven met de angst dat ik eraan ga sterven. Ik weet dat ik er ben aan blootgesteld. In de ontspanningsruimte van het conservatorium van Brussel waren de leidingen van de verwarming ingewikkeld met gips met asbest. Heel veel leidingen zijn zo en het is de gevaarlijkste vorm. De deur van het lokaal schuurde tegen die leidingen, en er dwarrelde een mist van schilfers naar beneden. Elke dag opnieuw liep ik daardoor. Elke dag opnieuw ademde ik het in. En op een dag hing er een papiertje op, op een A4 geschreven: opgepast asbest. We lachten daar toen mee. Wisten wij veel. Met mijn genetische gevoeligheid… Misschien word ik maar 55."

"Ik mijd die gedachte zoveel mogelijk. Die angst die veel mensen hebben – want misschien heb je wel eens met de hogedrukreiniger op zo’n plaat gezeten – kunnen we wegnemen. We moeten ervan af."

Er zit thuis een ander soort engagement te wachten. Een van de grootste soort. Wat hij zijn zoon zou willen meegeven? “Ik heb dezelfde vraag aan Véronique gesteld. Ze zei: dat alles kan. Je mag jezelf niet beperken, niet op voorhand al de schaar zetten in je eigen mogelijkheden. Ik ben ervan overtuigd dat veel mensen verder zouden kunnen springen als ze zichzelf nu maar eens niet tegenhielden. Geloven dat alles mogelijk is, is een mooi begin."

"En ik? Ik geloof dat liefde sterker is dan haat. Ik geloof erin dat, als er iemand je ­verschrikkelijk haat, je die eventueel nog kunt helpen door die graag te zien. Omgekeerd geloof ik niet dat iemand die jou verschrikkelijk haat jou kan verplichten om hem te haten. Ik denk dat liefde krachtiger is dan haat. Ik geloof dat het vuur blust. Ik ben er stellig van overtuigd dat je haat kunt overwinnen door graag te zien. Ik ben er zeker van. Dat wil ik aan mijn zoon meegeven."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234