Donderdag 18/07/2019

Familieklap

Thijs Dansercoer over zijn vader, poolreiziger Dixie: ‘Mijn vader is zot, zeg ik altijd. Maar ik bewonder hem wel’

Dixie Dansercoer en zoon Thijs. Beeld Bob Van Mol

De oudste is 56 jaar en Belgiës bekendste poolreiziger. De jongste is 23 en staat te popelen om met zijn vriendin straks door Centraal-Amerika te reizen. Dixie en Thijs Dansercoer, vader en zoon.

DIXIE

“Doordat mijn kinderen van jongs af aan tussen twee gezinnen moesten schipperen, werden ze snel erg zelfstandig. Toen mijn eerste vrouw en ik uit elkaar gingen, heb ik me uiteraard schuldig gevoeld over de verwarring die dat teweegbracht. Maar in het leven heb je zulke dingen nu eenmaal niet in de hand.

“Een organisatorische uitdaging was het wel, maar wij hebben gewoon ons eigen ding gedaan. Ik had genoeg gereisd om te weten dat er voldoende andere manieren bestaan om je leven in te richten dan volgens de Belgische dogma’s. In Afrika leggen kinderen van vier jaar twintig kilometer te voet af om water te halen.

“Natuurlijk kan ik de fysieke afwezigheid tijdens mijn langere expedities niet goedpraten. Maar als ik er wél was, brachten we onze tijd samen zo goed mogelijk door. Ik heb de kinderen altijd gevraagd of ze het nog oké vonden dat ik soms zo lang weg was. Komen en gaan maakt integraal deel uit van mijn opvoedingsverhaal.

“Onze momenten samen probeerde ik zo veel mogelijk te bewaren op film. Onlangs heb ik al mijn Super 8- en VHS-tapes gedigitaliseerd, en elk van de kinderen een harde schijf vol herinneringen geschonken.

“Mijn eigen werk – de boeken en films over mijn expedities – heb ik hun nooit opgedrongen. Ik wil geen variant van de schreeuwende vader langs het voetbalveld zijn. Maar ik hoop wel dat ze mijn boeken nog zullen lezen. Want nu vatten mijn kinderen de intensiteit van mijn poolreizen toch nog niet helemaal.

“Mijn oudste dochter Evelien en mijn jongste zoon Thijs toonden wel al interesse om mee op expeditie te gaan. Met Evelien vertrek ik binnenkort. Met Thijs zal dat pas voor later zijn, gezien hij met lichte vertraging is afgestudeerd.

“Mijn band met Thijs was altijd goed, maar praten over diepgaande thema’s deden we nooit. Nog steeds niet, trouwens. Hoe hij zich écht voelde, daar had ik meestal het raden naar. Op dat vlak blijft hij een mysterie voor mij. Het zit niet in zijn karakter om zijn gevoelsleven uitgebreid te bespreken, dus forceer ik dat ook niet. Gelukkig weet ik dat hij zulke dingen wél met zijn vriendin kan bespreken.

“Samen met haar trekt hij binnenkort voor drie maanden naar Centraal-Amerika. In Thijs herken ik een nieuwsgierigheid naar de wereld; dat maakt mij blij. Ik vind het belangrijker dat mijn kinderen zichzelf ontplooien dan dat ze een vast contract bij een of ander bedrijf hebben en een huis kopen. Hoewel dat exact is wat mijn oudste zoon Jasper nu doet, weliswaar als zelfstandige. (lacht) Dat kan natuurlijk, maar ik wil vooral dat ze ook verder kijken dan België.

“Iedereen vraagt mij voortdurend of een van hen mijn fakkel zal overnemen. Aangezien poolreizigers een met uitsterven bedreigd ras zijn, ben ik inderdaad op zoek naar opvolging. Het zou natuurlijk fantastisch zijn als Thijs of een van mijn andere kinderen dat zou willen, maar ik verwacht het zeker niet. Want als voltijds poolreiziger moet je écht wel opofferingen maken.”

Beeld Bob Van Mol

THIJS

“Net zoals het voor mij normaal was om twee gezinnen te hebben – woorden als plusouder bestonden toen nog niet – wist ik ook niet anders dan dat mijn vader af en toe weg was. Het waren vooral mijn klasgenootjes en leerkrachten die zich afvroegen of ik mijn papa niet te hard miste, nadat ze in de kranten over zijn expedities hadden gelezen.

“Ik weet nog goed hoe we hem bij elke terugkomst met spandoeken op de luchthaven opwachtten. Maar ook vanaf de Zuidpool was hij een beetje bij ons, aangezien hij altijd van alles achterliet. Zo ben ik erg dankbaar voor de speurtochten die hij voor ons in elkaar stak; elke week was er een nieuw raadsel te kraken, of een schat te vinden. Voorts kregen wij ook een schriftje om tijdens zijn afwezigheid in te schrijven en tekenen – een soort van dagboek aan onze vader. Ik dacht daar altijd goed over na, want ik wilde hem een zo mooi en interessant mogelijk schriftje kunnen teruggeven.

“Eén keer, ik moet een jaar of zes geweest zijn, had ik echt de schrik te pakken. Ik had in mijn hoofd gestoken dat hij door ijsberen opgegeten zou worden. Die angst was niet eens zo onterecht, aangezien ik wist dat ze bij een vorige reis hun luchtpistolen moesten gebruiken om zich te verdedigen.

“Later hoorden we elkaar ook af en toe tijdens zo’n expeditie. Dan zag ik een nummer met achttien cijfers op mijn scherm verschijnen, en wist ik dat het de satelliettelefoon was. Dat waren eerder gesprekken à la ‘Alles goed?’, aangezien we gedwongen waren de gesprekken kort te houden. Maar ik ben sowieso geen grote prater. Dit is waarschijnlijk de eerste keer dat ik zo veel over mijn vader vertel. (lacht)

“Aan onze reizen samen koester ik mooie herinneringen. Zo gingen we regelmatig naar Ohio, waar Julie, mijn vaders huidige vrouw, vandaan komt. Daar werden we rotverwend met pizza en snelle suikers, heel Amerikaans allemaal. Maar evengoed heeft papa me leren skiën, of trokken we naar de Ardennen. Dat was allemaal heel back to basics; all-inclusive op een strand liggen was niets voor ons.

“Dat avontuurlijke en sportieve heb ik van mijn vader; ik kan onmogelijk stilzitten. Net zoals zijn vermogen om je met volle overgave ergens op te storten. Als groepsleider van de scouts, of voor een klas: ik neem graag verantwoordelijkheid op.

“Dat ik graag bij mijn woord blijf, heb ik ook van mijn vader. Die is best strikt, maar wel rechtvaardig. Toen ik als puber mijn grenzen begon af te tasten, heeft hij meteen duidelijk gemaakt waar in ons gezin geen plaats voor was. Daar ben ik hem achteraf gezien dankbaar voor: hij heeft mij deftig opgevoed.

“Of ik trots ben op mijn vader? ‘Die is zot’, zeg ik altijd over hem. Omdat het misschien wel de enige manier is waarop ik mijn bewondering voor hem kan uitdrukken. Want wat hij doet, is toch wel buitengewoon.” 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden