Zaterdag 19/10/2019

Monster van de Macht

René Stockman: "De Heilige Geest is een uitstekend lobbyist"

René Stockman in de pastorie van de Broeders van Liefde in Gent: "Ik hoef me niet te conformeren aan de meerderheid. Ik heb de waarheid niet in pacht, maar wil wel voor mezelf blijven nadenken, zonder dat ik rekening moet houden met wat dat voor mijn imago betekent." Beeld Thomas Sweertvaegher

Als generaal-overste van de wereldwijde congregatie Broeders van Liefde geldt hij als de machtigste Belg in het Vaticaan. In eigen land kan René Stockman (61) enkel toekijken hoe zijn Kerk een minderheidskerk is geworden. "Ik koester mijn plek in de marge."

Wanneer hij nog eens in het land is, verblijft broeder René Stockman in een bescheiden pastorij van de Broeders van Liefde in Gent. Zijn bureau is er volgestouwd met heiligenbeelden, een kazuifel op een kapstok en foto's van ontmoetingen met twee pausen. De huidige paus Franciscus ontbreekt.

Broeder Stockman is meer van paus Benedictus dan van Franciscus. Met de vorige kerkleider onderhield de in Rome residerende generaal-overste van de Broeders van Liefde een vriendschappelijke band. "Ik hou van Benedictus", zegt hij.

Met zijn opvolger is het allemaal wat minder. "Ik ken Franciscus ook goed. Zijn stijl ligt me wat minder, en mijn stijl ligt hem vast ook minder. Maar we hebben elkaar toch al twee keer ontmoet, waarvan één keer in persoonlijke audiëntie."

De tegenstelling tussen de twee pausen is een perceptiekwestie, meent Stockman. "In de leer zitten ze op dezelfde lijn. Benedictus was meer een leraar dan Franciscus, maar hij is wel een warme, toegankelijke, eenvoudige mens. Het merkwaardige is dat Franciscus misschien wel meer moraliserende uitspraken doet dan Benedictus ooit gedaan heeft, maar hij komt er mee weg. Misschien heeft de Kerk vandaag meer een Franciscus nodig, en had ze gisteren meer een Benedictus nodig, en eergisteren een Johannes-Paulus."

Bio René Stockman

• 61 jaar, geboren in Assenede
• Generaal- overste en dus internationaal hoofd van de congregatie Broeders van Liefde, actief in onderwijs en psychiatrische zorg in 27 landen
• Werkte van 1976 tot 1987 als verpleger en directeur in psychiatrische instituut Dr. Guislain in Gent
• Vanaf 1988 overste van alle zorginstellingen van de Broeders van Liefde in België
• Vanaf 1994 overste voor België, Roemenië en Oekraïne, vanaf 2000 wereldwijd generaal-overste
• Woont in Rome

Met Benedictus vertrok uw rechtstreekse lijn naar de top van het Vaticaan.
René Stockman: "Benedictus is een vriend. We kenden elkaar al langer; als we elkaar vroeger tegenkwamen in Rome, was de relatie hartelijk. Toen hij paus werd, werd dat allemaal anders, natuurlijk. Benedictus durfde ook meer te delegeren. Franciscus heeft het imago van pastorale bewogenheid, maar hij leidt de kerk misschien wel autocratischer dan zijn voorganger."

Vroeger was het beter?
"De paus is de paus. Franciscus beroept zich minder op de bestaande structuren. Hij heeft zijn eigen netwerk rond zich verzameld. Hij wou zich niet laten opsluiten in het apostolisch paleis, om niet zoals zijn voorganger verstrikt te raken in dat interne raderwerk. Benedictus is daarin vastgedraaid, en hij had de fysieke kracht niet meer om zich daaruit te bevrijden. Dat heeft hem uiteindelijk gebroken.

"Deze paus wil meer voeling houden met de werkelijkheid buiten. In de praktijk heeft hij wel een heel hotel voor zichzelf opgeëist. Maakt hem dat meer bereikbaar? Ik weet het niet. Een audiëntie aanvragen is alleszins niet zo eenvoudig."

Bij een pausverkiezing blijken ook de hoogste geestelijken niet immuun voor ruwere vormen van machtsgebruik.
"Dat is allemaal menselijk. Wat telt, is dat de stemgerechtigde kardinalen met een groot gevoel van verantwoordelijkheid in conclaaf gaan. Ze dragen de rode kleur van het martelaarschap. Ze moeten als het ware bereid zijn hun bloed te geven voor God en zijn Kerk. Natuurlijk spelen er op zo'n moment ook lagere gevoelens en persoonlijke ambities, maar dat is niet de boventoon."

Hoe valt zo'n beslissing dan?
"Ik geloof erg in de inspiratie van de Heilige Geest."

Kandidaat-pausen hoeven niet te lobbyen, alleen op de Heilige Geest te vertrouwen?
(fijntjes) "De Heilige Geest is een uitstekend lobbyist. Hij inspireert mensen om de juiste leider op het juiste moment te kiezen. Voor mij maakt het spirituele volwaardig deel uit van het leven. De neiging om het spirituele te beperken tot iets exotisch dat buiten ons staat, is juist waar ik me tegen verzet.

"Kijk naar de verkiezing van Franciscus. Het is toch helder dat er een bepaald profiel is opgesteld, en dat gezocht is naar iemand die aan dat profiel beantwoordde? Voor het conclaaf wordt dan in informele contacten onder kardinalen wat uitgetest. Kan die? Wil deze? Mag diegene? Is dat gekonkel in een geheim genootschap? Neen, dat is wandelen met de voorzienigheid, met de Heilige Geest. "

Neemt u deel aan die informele contacten?
"Dat is het exclusieve terrein van de kardinalen. Ik heb weleens een contact met hen, maar niet systematisch. Wees gerust, ze komen niet aan de generaal-overste van de Broeders van Liefde vragen wie paus mag worden. Toen Franciscus werd verkozen, heb ik dat samen met u vernomen, toen hij op het balkon verscheen."

Beeld Thomas Sweertvaegher

(Kerkelijke machthebbers) "... zijn de enige machthebbers die gebieden hebben die ze niet verdedigen, en onderdanen die ze niet besturen."
Machiavelli, De heerser, XI,1

"Een passie." Zo omschrijft broeder Stockman de macht. "In ieder mens zitten drie grote passies: de passie van de macht, de passie van bezit en de passie van genot. En die passie kan ons drijven om steeds meer te bezitten, te genieten en steeds meer macht uit te oefenen.

"We hebben allemaal de behoefte en het verlangen om een zekere macht uit te oefenen. Het is aan ons om die passies in de positieve richting te brengen. Niet alleen voor onszelf, maar ook voor de anderen."

"Passies zijn krachten die een eigen leven kunnen gaan leiden en je kunnen inpalmen. Waakzaamheid is altijd nodig. Je moet je laten drijven door je passies, maar je mag er de slaaf niet van worden."

Luc Van den Bossche (gewezen sp.a-minister van Onderwijs) heeft u ooit de machtigste man van Vlaanderen genoemd.
(lacht) "Dat was meer dan overdreven. Wij konden wel goed met elkaar overweg. Wij delen een bepaalde directheid. Toen hij dat zei, was ik verantwoordelijk voor heel wat scholen en instellingen in België. Natuurlijk had ik toen macht. Als het gaat over meer dan 12.000 medewerkers, dan heb je zogezegd macht. En dan heb je het oor van bevoegde ministers. Zoals ik nu ook in Rome wel terecht kan bij sommige mensen in het Vaticaan. Maar ik wil me zeker niet vergelijken met echte machthebbers zoals politici of ondernemers."

U bent nochtans de CEO van een multinational.
"Je kunt dat zo noemen, maar dat is totaal verschillend. De omvang is misschien vergelijkbaar, maar de doelstelling en de omgeving is toch helemaal anders. Ik ben de laatste drie weken in Sri Lanka, Kenia, Nairobi en Congo geweest. Als ik die landen bezoek, kijk ik niet naar de boekhouding. Ik kijk naar onze core business: de zorg.

"Ik kom net terug uit Congo. Daar speelt het 'chef zijn' nog heel sterk. Ik moet me daar anders gedragen dan hier. Daar verwacht men dat de chef ook echt iets zegt en de richting bepaalt. En daar wordt naar geluisterd. Als ik me hier op dezelfde manier zou gedragen als chef, zou het verzet snel komen."

Is het ook daarom dat u graag in Afrika bent? Paternalistisch leiderschap ligt u beter.
"Ik ga vaak naar Afrika omdat ik er graag ben, maar ook omdat ik denk dat ik daar meer nodig ben dan hier. Ik beschouw paternalisme niet eens als een verwijt. Ik wil graag een vaderfiguur zijn. In Congo zullen ze mij een 'goeie papa' noemen, hier een strenge vader. Ik ben een vaderfiguur, zoals mijn eigen vader dat was: uiteindelijk altijd gehoorzaam aan mijn moeder." (lacht)

"Als onze godsdienst kracht van je verlangt, wil ze in feite meer dat je in staat bent om lijdzaam te verdragen dan dat je krachtig op kunt treden"
Machiavelli, Discorsi, II

Godsdienst wordt vaak gebruikt om mensen te verknechten.
"Ik denk dat dat niet juist is. Godsdienst is opium voor het volk? Juist niet. Ik heb de opdracht als christen om mee te bouwen aan een betere wereld. Godsdienst roept ons net op om actief in de wereld te staan en strijd te voeren tegen het negatieve. Anderzijds biedt ze ons een spiritualiteit aan om met het lijden om te gaan. Dat is misschien de verwarring tussen lijden en religie."

Medelijden leidt vaak tot liefdadigheid, dat in constrast staat met structurele oplossingen.
"Dat is toch geen tegenstelling? Liefdadigheid, caritas, is een beweging van liefde voor de medemens. Dat vertaalt zich in compassie, medelijden. Ik open mezelf voor het lijden van de andere. Dat zet me aan om werk te maken van de verbetering van de levenssituatie van die andere.

"Liefdadigheid is niet: mensen wat eten geven, en dan weer naar huis."

Waarom trekt u die grens van medelijden aan het einde van het leven? Is het niet net liefdadig om mensen die uitzichtloos lijden ook te verlossen uit hun lijden?
"Mijn verzet tegen euthanasie gaat over een fundamenteel eerbied voor het leven. We moeten alle leven eerbiedigen. Vanaf het begin tot het einde. We moeten er alles aan doen om dit leven te verbeteren, maar euthanasie is geen nieuwe vorm van barmhartigheid. Het gaat tegen het leven zelf in.

"Wat mij bang maakt, is het hellend vlak. Je kunt je afvragen of mensen met een handicap niet beter aan hun lot worden overgelaten. Of dat ze beter niet geboren zouden worden. We gaan nu naar een Down-vrije maatschappij. Ook dat noemt men een daad van barmhartigheid. Zo gaat men een heel gevaarlijk mensbeeld ontwikkelen. Wie gaat bepalen wat een kwaliteitsvol leven is?

De mensen zelf misschien?
"Wat is kwaliteit? Kan je dat bepalen? Wie gaat invullen voor mij dat mijn leven kwaliteitsvol is?"

U wil dat doen voor mij. U bepaalt dat alle leven kwaliteitsvol genoeg is om het te behouden.
"Ik wil het leven niet laten afhangen van de kwaliteit van het leven. Het gaat hier over het leven als dusdanig. Wij zijn niet de eigenaars van ons leven.

"De doos van Pandora is geopend. Over steeds meer groepen wordt bepaald dat ze in aanmerking kunnen komen voor euthanasie. Natuurlijk is de kwaliteit van het leven van een heel aantal groepen beperkt. Mijn moeder is 94 jaar en zit in een rusthuis. Ze kan haast niet meer lopen. Is haar leven nog kwaliteitsvol? Volgens sommigen zijn bejaarden levensmoe, en is dat een argument om hen euthanasie te laten plegen. Voor je het weet, wordt euthanasie vanaf een bepaalde leeftijd normaal, de norm."

Het is niet zo dat er een kwalitatieve maatstaf is, en dat iedereen die daar niet aan tegemoet komt automatisch geëuthanaseerd wordt.
"Die richting gaan we wel uit. Als het om mensen met dementie gaat bijvoorbeeld, die wilsombekwaam worden."

Kunt u met de hand op het hart zeggen dat er niet geëuthanaseerd wordt in uw instellingen?
"We hebben daar duidelijke afspraken over. We laten geen euthanasie gebeuren in onze ziekenhuizen. Natuurlijk zijn daar spanningen over, maar ik ben daar niet bang voor. Mocht een van onze dokters daar toch aan meewerken, dan gaat die in tegen de regel van het huis. Dan zullen we bekijken welke maatregel we nemen. Dat heeft te maken met de levensvisie van onze instellingen. Daar mogen we toch consequent in zijn?"

Beeld Thomas Sweertvaegher

Als wijzelf geen eigenaar zijn van ons eigen leven, wie heeft dan wel de macht?
"God is de eigenaar. Wij zijn slechts de beheerders. Heeft God dan een macht over het leven? Zo zou ik het niet uitdrukken. Maar het leven is wel in de handen van God. God is almachtig. Maar die almacht is getekend door liefde. Dat is ook ons devies: God is Liefde.

"Ik probeer me daar als leider heel sterk door te laten inspireren. Voor mij is een goede leider als de Goede Herder. Die de 99 schapen achterlaat om dat ene schaap te gaan zoeken. Aandacht besteden aan diegene die het moeilijk heeft."

Hoe ver zou u gaan voor dat ene schaap?
"Erg ver. Je moét daar ver in gaan. Uiteraard levert dat spanningen op. Barmhartig zijn voor die ene persoon, kan soms onrechtvaardig zijn voor de rest. Soms moet je toch het barmhartigheidsprincipe laten primeren. En dan kun je daar zelf het slachtoffer van worden."

Zoals toen u in 1996 zelf een politieagent belde om een pedofiele broeder niet te laten arresteren?
"Dat gesprek is uit de context gesleurd. Ik heb enkel gevraagd die man niet als misdadiger weg te slepen uit ons instituut. Men was van plan die met sirenes op klaarlichte dag te komen oppakken. Dat wilde ik niet. Heb ik daar goed mee gedaan? Op dat ogenblik dacht ik van wel.

Wat denkt u nu?
"Die man is vrijgesproken."

Het heeft uw reputatie van machtsmens gevoed.
"Dat was geen machtsvergrijp. Ik was toen overste van die man, en ik heb toen gereageerd als vaderfiguur."

U zou het zo opnieuw doen?
"Ja. Eigenlijk wel. Wat is je reputatie tenslotte? (zwijgt even) De context was twintig jaar geleden ook anders."

Had u het misbruik anders aangepakt, wetende wat u nu weet?
"Bepaalde gevallen had ik genuanceerder aangepakt, ja. Maar niet fundamenteel anders. Zo veel gevallen zijn er bij ons ook niet geweest."

Negenendertig gevallen.
"Ik heb dat cijfer nooit bewezen gezien. Het is niet omdat sommigen dat zegden, dat het er ook zoveel waren."

God is liefde, zegt u. Dan kan gebrek aan aandacht voor slachtoffers toch geen kwestie van 'context' zijn.
"Er zijn fouten gemaakt. Dat ontken ik ook niet. Ik heb geleerd uit het verleden. We hebben nu een commissie met experten om zulke zaken te voorkomen. Dat is onze grote taak."

Zijn die vormen van machtsmisbruik niet inherent aan de hiërarchische leiderschapsstructuur in de Kerk?
"Neen. Dat gevaar schuilt overal waar mensen een machtspositie hebben over andere mensen. Dat is niet inherent aan de Kerk. Natuurlijk is dit machtsmisbruik, maar dat is geen kerkelijk probleem. Binnen de sport, binnen gezinnen gebeurt het evengoed. Ook dat heb ik gezien bij psychiatrische patiënten. Dat was een wereld die ik niet kende. Ik kon me dat niet inbeelden, dat een vader zijn kinderen zou misbruiken."

Uw congregatie werkt met de allerzwaksten uit de samenleving. U zorgde als jonge broeder voor gehandicapten. Daar begint toch de macht? En de verleiding van machtsmisbruik.
"Precies daarom moet je goed met de macht leren omgaan. Ik ben als jonge broeder zeer jong in beleidsfuncties gedropt. Ik was vijfentwintig toen ik directeur was van een school. Dat is heel jong. Ik heb daar geleerd hoe om te gaan met de macht. Dat is voor mij een enorme leerschool geweest.

"Mijn roeping was niet vanzelfsprekend. Ik was het enige kind, mijn vader was een kleine zelfstandige smid. Het was snel duidelijk dat ik hem niet zou opvolgen, maar mijn ouders hadden wel andere plannen met mij. Ze hebben dat moeten leren aanvaarden. Als jongeling zag men in mij ook totaal geen leider. Misschien is dat ook gezond geweest om zonder ambitie in een leidersfunctie te treden. Ik heb me in het begin vaak afgevraagd of ik dat wel kon."

Beeld Thomas Sweertvaegher
"De doos van Pandora is geopend. Voor je het weet, wordt euthanasie vanaf een bepaalde leeftijd de norm." Beeld Thomas Sweertvaegher

"Een man die zich altijd en overal goed betoont, gaat noodzakelijkerwijs ten gronde te midden van zovelen die niet goed zijn."
Machiavelli, De heerser, XV, 1

In zijn frequente opiniestukken, van Tertio tot De Morgen, waarschuwt broeder Stockman graag voor "de maakbare wereld die zich tegen zichzelf keert". Spreekt hier een cultuurpessimist?
"Is het pessimistisch om je bekommerd te tonen over de teloorgang van waarden? Ik ontwaar een hardnekkige, verblindende verleiding van brood en spelen. Wat echt van waarde is, blijft ongezien. Elke zomer weer kijk ik met bezorgdheid naar de festivalcultuur."

"Jong zijn in de zomer betekent tegenwoordig blijkbaar alleen nog naar festivals gaan en in de weekdagen tussen de festivals uitrusten om in het volgende weekend weer paraat te staan. Het festival als passie: dat is toch een teken van ontstellende leegte?"

God is a dj, eerwaarde.
(glimlacht) "Dat bedroeft mij. En dan permitteer ik me weleens de vrijheid om daarover een stukje te schrijven - niet pessimistisch, wel bekommerd."

Daarmee plaatst u zich wel in de ideologische marge.
"Ik koester die plek in de marge. Moet ik ze dan ontvluchten omdat de meerderheid elders staat? Ik hoef me niet te conformeren aan de meerderheid. Ik heb de waarheid niet in pacht, maar wil wel voor mezelf blijven nadenken, zonder dat ik rekening moet houden met wat dat voor mijn imago betekent. Ik heb een overtuiging, probeer die consequent na te leven, en ik deel die overtuiging mee. Niet dogmatisch, wel consequent."

Tegenover uw feitelijke macht is ideologische onmacht komen te staan.
"Misschien is dat wel een authentiekere positie. Levensbeschouwelijk vertegenwoordigen wij de meerderheid niet meer, maar we weten wel dat wie nog aan onze kant staat ook écht overtuigd is. Ik zou het jammer vinden mochten mensen mijn overtuiging bejubelen omwille van de macht die ik heb."

Dat was nochtans de machtspositie van de Kerk, vroeger.
"Ik spreek dat niet tegen. Dat bracht de Kerk in een schijnbaar comfortabele positie: de eigen overtuiging diende niet verdedigd te worden, de kudde volgde de herder toch. Dat is vandaag niet meer het geval. Ik ben daar niet rouwig om. Ook een minderheidskerk blijft een kerk. In andere landen zijn katholieken die zich in de minderheid bevinden, in India of Vietnam, juist erg gloedvol overtuigd. Daar kunnen we nog wel wat van leren. Dat vurige mis ik hier."

"Vandaag moet ik argumenten gebruiken om te overtuigen, niet alleen sentimenten. Als ik een kritisch boek schrijf over het risico van euthanasie, dan besef ik al te goed zelf dat ik geen kerkelijk gebod uitvaardig. Toch wil ik mijn gedachten formuleren, en anderen uitnodigen om het ook een keer van mijn kant te bekijken. En ik kan alleen maar hopen dat sommigen daar ook iets van zullen meedragen."

Uw meeste werknemers zijn tegenwoordig leken, geen broeders meer. Zelfs in uw eigen instelling ontglipt de macht u.
"Is dat zo? Ik hoop dat alle medewerkers meewerken aan de doelstellingen van de congregatie. Dat ze goede zorg en goed onderwijs geven en dat ze openstaan voor de existentiële en spirituele identiteit van onze organisatie.

"Kun je nog een ziekenhuisgroep leiden vanuit een christelijke identiteit, in de huidige seculiere context? Ik vind van wel, maar ik dring niets op. Niemand hoeft zijn opdracht hier in te vullen op de manier dat ik dat doe. Maar er is wel een ondergrens: wij zijn niet zomaar een zorgbedrijf. Wij zijn een instelling met, welja, 'spirit'.

En als een medebroeder u 'ultraconservatief, wars van alle realiteitszin, bezeten om Gods Werk uit te voeren' noemt, dan moet dat kunnen? (In 2009 schreef een medebroeder een open brief tegen Stockman, BE/JM)
"Ik heb dat gelezen. Dat treft me, ik ben ook maar een mens. Natuurlijk ben ik conservatief: ik wil graag bewaren wat van waarde is. Conserveren is een kwaliteit. Met de term ultraconservatief kan ik niks. Ik ben voortdurend bezig met verandering en vernieuwing. Ik ben dus ook een progressief. (lacht) Is inzet voor armen en kwetsbaren conservatief? We proberen in onze hulpverlening innovatief te zijn."

Bent u een radicaal?
"Ik verzet me alleszins tegen de gelijksteling van radicalisering en fundamentalisme. Een radicaal is geen extremist. Ik leef radicaal, ja. Ik kan niet anders. Het christendom vraagt van ons een radicale navolging van het evangelie. Christus was een radicaal, maar hij was geen extremist.

Heeft de macht u veranderd?
"Ik probeer mezelf te zijn. Met ouder worden, word je soepeler en verdraagzamer.

"Na vijftien jaar verblijf in het buitenland voel ik me wel eens vervreemd. Ik woon in Rome, en kom alleen nog occasioneel in Gent. Maar als ik bijvoorbeeld in Congo of Rwanda kom, dan ben ik altijd getroffen door de gastvrijheid en vriendschappelijkheid. Die mis ik hier wel eens. De verzakelijking van relaties staat me tegen."

U zal in 2018 na drie mandaten achttien jaar generaal-overste geweest zijn. Dat is lang. Misschien zelfs gevaarlijk lang.
"Het heeft het voordeel van de ervaring. Ik ben alles wat je in mijn functie kan tegenkomen, wel al eens tegengekomen. Maar het kan ook een blindheid veroorzaken. Daarom dat de overste begeleid wordt door een raad in de congregatie die elke zes jaar vernieuwd wordt.

"Die drie mandaten zullen volstaan. Mijn voorganger had er vier, maar ik ben mijn voorganger niet. Ik heb nog een leven naast de macht. Ik geef bezinning, schrijf graag. Daar zou ik me graag aan wijden, ook als ik geen leiding meer geef."

U hebt kanker gehad. Heeft dat uw perspectief veranderd?
"Het stelt de vraag naar wat waardevol is in het leven op scherp. Dat heeft me spiritueel verdiept. Misschien ben ik wel een beter mens geworden, met meer oog voor de essentie.

"Ik koppel de heilige onrust aan de heilige onverschilligheid. De onrust is de inzet zonder reserve, de onverschilligheid is het geloof dat er een oplossing zal komen. Op ieder probleem in mijn leven heb ik tot nu toe een oplossing 'ontvangen'. De onzekerheid over die oplossing leidt tot onrust, maar ze gaat gepaard met een zekerheid dat er een oplossing komt. Daarom mag niets nog mijn innerlijke rust bederven."

Wat is uw favoriete bijbelpassage?
"'Alles wat je gedaan hebt voor je broeders, heb je voor mij gedaan.' Mattheüs 25:40. Dat is voor het leven. Je moet proberen om in de andere de persoon van Christus te zien. Ik moet zelfs in u Christus zien. U begrijpt, dat is soms niet makkelijk." (lacht)

Beeld Thomas Sweertvaegher

Nog twee vragen

Hoeveel verdient een generaal-overste?
(maakt een rondje met duim en wijsvinger) "Nul. Nul euro. De congregatie zorgt voor mij. Ik heb natuurlijk altijd wat geld op zak, maar bezitten doe ik niets. Alles is van de congregatie. Ik moet eerlijk omgaan met al mijn kosten: als ik wat uitgeef, moet ik beseffen dat het niet mijn geld is dat ik gebruik. Ik koop een nieuw horloge als het oude stuk is, niet als er een nieuwe mode is.

"Ik ben tevreden met wat ik heb. Deze ruimte is voor me ingericht, en ik heb er wat persoonlijke stukken aan toegevoegd, die van mijn ouders komen. Mijn moeder zit in een rusthuis. Het geld uit de erfenis staat op mijn naam, maar wordt aan de congregatie toevertrouwd om te beheren. Ik kan op het eind van mijn leven bepalen of het geld naar de congregatie gaat of naar iemand anders."

Wie is de machtigste mens van het land?
(denkt erg lang na) "Een tijdje geleden zou ik gezegd hebben: Bart De Wever (N-VA), omdat hij zijn klemtoon op het land kon leggen. Nu zijn partij in de federale regering zit, weet ik het niet zo goed meer. Tja, wie heeft de meeste macht nu? De koning, misschien?"

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234