Maandag 22/07/2019

lust & liefde

"Na 50 jaar zei ze: ik heb een waardeloos leven gehad en nu ga ik er iets van maken"

Beeld Getty Images

Lucas (78) had het bij lange niet zien ­aankomen. Maar het gebeurde toch. Zijn vrouw vond het na een halve eeuw huwelijk genoeg geweest en vertrok. Een pijnlijke en vooral onlogische beslissing, vindt hij.

Een paar maanden nadat mijn vrouw en ik ons 50-jarig huwelijk hadden gevierd, zei ze: ‘Ik wil van je scheiden. Ik ga weg.’ Welk tijdstip of welke dag dat precies was, weet ik niet meer, alleen nog dat ik dacht dat ze een grap maakte. Ze zei: ik heb een waardeloos leven gehad en nu ga ik er iets van maken. Even daarvoor was onze dochter van 46 naar ons toe gekomen met dezelfde mededeling. Die had ik zien aankomen. Onze dochter deed alles in haar eentje, ze was kostwinner, ze zorgde voor de kinderen en kookte bijna iedere avond. Dat begreep ik. Maar om voor mij onbegrijpelijke redenen moet mijn vrouw op dat moment hebben gedacht: wat zij kan, kan ik ook. Anders kan ik haar timing niet verklaren.

“Wij waren al die vijftig jaar een superstel. De taken in huis hadden we altijd zo verdeeld dat we elkaar niet in de weg liepen. Ik werkte en verdiende veel geld om het haar zo makkelijk mogelijk te maken en zij was thuis bij de kinderen en verzorgde de etentjes. Vaak vroeg ik haar mee naar congressen, maar meestal had ze goede ­argumenten om thuis te blijven. Wij waren, zo heb ik het altijd ervaren, goed op elkaar ingespeeld. Als we het ­bijvoorbeeld weer eens tijd vonden voor een feestje, ­pakten we als vanzelf allebei de taak op die we kenden. Doe jij de gastenlijst, zei mijn vrouw, dan maak ik de bloemstukken en regel de catering. En in een uur stond zo’n feest smetteloos in de steigers.

“Nu, achteraf, kan ik niet anders dan concluderen dat ons huwelijk een scheefgegroeid misverstand was. Ik was gelukkig, of misschien moet ik zeggen: tevreden. En ik dacht dat zij dat ook was, maar ineens bleek dat ze iets ‘creatiefs’ miste in haar leven. Toen de kinderen vijfentwintig jaar geleden de deur uit gingen, zei ze op een dag: ‘Ik wil weer deelnemen aan het arbeidsproces’. Dat leek me een goed idee. Maar ze was er zo lang uit geweest dat ze niet veel verder kwam dan vrijwilligerswerk. Ze stortte zich op de flora van de stadstuinen, waar natuurlijk niks mis mee is. 

"In een huwelijk hoef je niet alles te delen, de interesses, de inzichten, de ideeën. Als zij hele dagen met haar handen in de aarde wilde wroeten, prima. Ook al vond ik het zelf altijd jammer dat zij nooit belangstelling had voor mijn artsenpraktijk, ik heb daar nooit een probleem van gemaakt. Er was zoveel wat dat gemis compenseerde. En ik meende dat zij er net zo over dacht. Dat bedoel ik met het misverstand dat ons ­huwelijk blijkt te zijn geweest. Kennelijk verkeerde zij in de veronderstelling dat ik niet alleen verantwoordelijk was voor haar materiële welzijn, maar ook voor haar geestelijke welzijn. Waar ik mijn schouders ophaalde over tekortkomingen in ons huwelijk – immers geen huwelijk is zonder – legde zij met het grootste gemak na vijftig jaar de oorzaak van haar misère bij mij.

“Ik woon aan de rand van een natuurgebied en als ik uit het raam kijk, zie ik stellen van mijn leeftijd op eenzelfde fiets, in hetzelfde trainingspak voorbijrijden. Hoe kan dat, vraag ik me af. Hoe inspireer je elkaar als er op den duur geen verschil meer is tussen de een en de ander en zelfs de kleding die je draagt uitwisselbaar is? En hoe zit het dan met de erotiek? Ik reageerde boos op de ­uitlatingen van mijn vrouw. Ik had haar immers nooit opgedragen huisvrouw te worden. Ook al kwam het me goed uit, het was uiteindelijk toch haar keus. 

"Natuurlijk begrijp ik dat het pijnlijk is als je ver in de zeventig bent en niets tastbaars hebt om op terug te kijken. Niets ­waarvan je kan zeggen: kijk, dit heb ik gedaan, dit heb ik gemaakt. Alle maaltijden die mijn vrouw voor haar gezin heeft bereid zijn verorberd, de examens en ­huwelijken waarnaar ze onze kinderen liefdevol heeft begeleid, liggen al decennia achter ons. ‘Heb je het dan slecht gehad bij me?’, vroeg ik haar op die onfortuinlijke dag waarop ze onze toekomst neermaaide. ‘Nee’, zei ze. En ik riep: ‘Schat, je had het fantastisch. Er staan hier 27 fotoalbums, ga daar eerst eens in kijken voor je zoiets radicaals beslist.’

“Ja, ik was boos. De woede van een man die gewend is dat alles volgens plan verloopt. En meer dan dat. Want deze breuk was te voorkomen geweest als mijn vrouw beter had nagedacht. We hadden het niet slecht. Is dat niet al heel wat? Ik was elke dag blij haar te zien. Kort voor haar vertrek hadden we een geweldige reis gemaakt door Italië. Als ik zeg dat ze bij het vaste meubilair hoorde, is dat niet uit ongenoegen of minachting. Ik was ook háár vaste meubilair. Een huwelijk van een halve eeuw leunt nu eenmaal grotendeels op gewoonten en routine. Het zou een illusie zijn iets anders te verwachten. Misschien, denk ik nu, had ik te weinig oog voor haar verlangens. Had zij misschien wel fietstochtjes ­willen maken op identieke elektrische fietsen? Maar daarmee zouden we elkaar toch hebben gesmoord en doodgedrukt? Zij was niet ik, maar de pilaar waarop ik steunde. Zonder haar had ik nooit kinderen gehad. Zonder haar had ik nooit kunnen reizen voor mijn werk. Zo bezien was niet ons huwelijk zelf het misverstand, maar het beëindigen ervan. Een onomkeerbaar, tragisch misverstand. Ik had mijn vrouw een groter relativeringsvermogen toegewenst. Dan waren we nu nog samen.

“Want haar besluit om alleen verder te gaan was vooral ingegeven door principes. Een ideëel besluit met dramatisch praktische consequenties. Een half jaar later ze heeft nog altijd geen ziektekostenverzekering ­afgesloten of belastingaangifte gedaan, want dat regelde ik altijd. We zien elkaar nog steeds wel eens. Als er een kleinkind jarig is, haal ik haar op met de auto. En soms komt ze bij me eten. Om dan bij het derde glas wijn met vertrokken gezicht te roepen dat ik haar leven heb ­verwoest.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden