Maandag 25/05/2020

Interview

"Men zal me niet snappen. Maar dat is niet erg"

Dan Bejar, frontman van Destroyer.Beeld Fabiola Carranza

Destroyer belooft in zijn groepsnaam dood en vernieling, maar levert in plaats daarvan levensmoeë popballades. Het is lang niet de laatste keer dat opperhoofd Dan Bejar (42) zijn luisteraars op het verkeerde been zet. Ook het fabelachtige Poison Season komt met een eigen kompas.

Niemand zal het je kwalijk nemen als je Dan Bejar een warhoofd noemt. Zijn nonchalante hemdjes zitten nooit helemaal goed, zijn haardos stelt het wel zonder kapper en hij kijkt maar wat rond. Eigenlijk is die afwezige look niks anders dan clever verstopte bedachtzaamheid. Wanneer je met Bejar praat, denkt hij over elke vraag drie keer na en wanneer hij cryptisch antwoordt, is dat niet uit pompeuze gemakzucht maar wel omdat het gewoon zijn manier van communiceren is. Eén ding is zeker: hij heeft een aparte kijk op het leven en op de muziek, en het is misschien wel daarom dat hij met Destroyer nooit het grote lot heeft gewonnen - ook al had hij vier jaar geleden de winnende cijfers in de hand.

Vier jaar geleden was er de vorige plaat, Kaputt: een tussen artpop en softrock bengelend meesterwerk dat muziekcritici deed likkebaarden over die "hippe nieuwe groep, Destroyer". De plaat zou voor Dan Bejar doen wat Lost in the Dream deed voor The War on Drugs en High Violet voor The National: eindelijk een groot publiek optrommelen. Destroyer kreeg aanbiedingen in de schoot geworpen voor late-night talk shows en stond opeens helemaal bovenaan de festivalaffiches.

Plezierig, denk je dan, maar niet voor Bejar. Van zodra hij zijn teen in de poel van het succes had gestoken, kreeg hij koudwatervrees. Destroyer werd opeens een promomiddel, een potentiële leverancier van reclamejingles en radiosingles, en dat zat hem niet lekker. Bejar blijft een trots product van de tegencultuur. "Ik wil weg van de aandacht", verzuchtte hij toen. "Laat het succes maar zo. Laat de wereld maar vergeten dat Kaputt ooit is uitgekomen."

Wisselen van gezicht

Zijn fifteen minutes hebben gelukkig wel iets opgeleverd: geld. Zonder Kaputt had Bejar nooit het budget gehad om Poison Season op te nemen op de manier die hij wilde: groots, met veel instrumenten. Al zul je dat niet in elk nummer geweten hebben, want sommige exemplaren ('Girl in a Sling') zijn zuiver intiem, terwijl andere ('Dream Lover') een eind weg rocken. Een Destroyer-album klinkt altijd voor de helft als Destroyer en voor de andere helft als nóg maar eens iets totaal anders. Zoals op het webzine Pitchfork stond: "Kaputt II, this ain't."

Om de verschillen maar eens op te lijsten: Kaputt was een studioplaat, Poison Season werd live opgenomen. Kaputt was consistent van stijl, Poison Season wisselt voortdurend van gezicht. En was Kaputt nog narratief rechtlijnig, dan is Poison Season een en al fascinerende abstractie en nukkige schoonheid. Dan Bejar wist soms zelf niet helemaal wat ervan te maken. Het nummer 'Times Square' staat er twee keer op ("Ik had twee versies liggen en vond ze allebei goed."); 'Dream Lover' klinkt na 'Times Square I' als een wolkbreuk, een song uit een ander album; en 'Girl in a Sling' is dan weer hartverscheurend direct, waar de rest van het album wat rond de pot draait. "Girl, I know what you're going through, I'm going there too", is de mooiste zin van de plaat.

Er is de invloed van Van Morrison, van Frank Sinatra en van "vroege religieuze muziek", maar vraag je Bejar naar het hoe en waarom, dan haalt hij zijn schouders op. Voor hem is het simpel: de inspiratie komt waar ze vandaan komt. Hij spreekt in kleuren ("Daar moet het paarser klinken.") en gevoelens ("Ik heb graag sentimenteel, maar niet té sentimenteel.") en hij verstopt zich achter gortdroge humor: "Mijn volgende album zal wat meer dancegericht zijn."

Maar wanneer hij het puur over muziek heeft, over klank, over geluid, kan hij uren helder vertellen. Alleen al over het luide volume van 'Dream Lover' vult hij zes minuten zonder onderbreking. Zijn adoratie gaat van Bob Dylan over de Italiaanse componist Nino Rota tot obscure jazzcats als Gato Barbieri. "Ik denk niet dat mensen het album zullen snappen, maar dat is niet erg."

Dan Bejar.Beeld Fabiola Carranza

Net als bij de abstracte Dylan - laten we het die van 'Mr. Tambourine Man' noemen - zit er in Bejars teksten heel veel, zonder dat je altijd kunt zeggen wát precies. "Normaal vertel ik over persoonlijke issues, maar hier pakte ik het als schrijver aan: elke song is een kortverhaal. Het zijn vertelsels vol tegenstrijdigheden die zich afspelen in een fatalistische wereld. Poison Season is heel donker uitgedraaid."

De verhalen hebben één overkoepelend thema: Bejars personages zijn waar ze niet willen zijn, maar de aarde draait verder. "Ik vind dat erg romantisch. Nietsnutten van wie het drama zich afspeelt tegen de achtergrond van grote conflicten, en losers die een klompje gratie zoeken maar niet vinden. Het zal wel iets over mij zeggen, maar zo'n verhalen fascineren me."

Wat betekent de titel Poison Season eigenlijk? "Als de letters er naast elkaar mooi uitzien, dan vind ik dat ze een titel waard zijn. En dan zeker als ze een tegenstrijdige klank hebben. Ik denk dat Poison Season leest zoals de songs klinken."

Enigmatisch en met een goed getimede scheut deadpan humor: dat is Dan Bejar in een notendop. Ga Poison Season zeker ontdekken; verwacht alleen niet om aan te treffen wat je verwacht had.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234