Donderdag 23/01/2020

Manhattan heeft het hoog in de bol

Beeld UNKNOWN

Als er wordt bijgebouwd op het kleine eiland Manhattan, moet iets anders verdwijnen. En bijgebouwd werd er voortdurend. Met een staalboek van zowat alle architecturale stijlen van de jongste eeuwen tot gevolg. In New York wandelen is: omhoogkijken.

Van de 17de eeuw schiet er niets meer over in Manhattan, tenzij enkele fundamenten en het stratenplan van het zuidelijkste stadsdeel. Daar doen de smalle, kronkelende straten nog denken aan een oude Europese stad, maar de wolkenkrabbers nemen dat effect weg. Die combinatie bestaat nergens anders ter wereld. Ook van de 18de eeuw blijft weinig over. Een kerkje, enkele villa's en een Hollandse boerderij. Manhattan werd gebouwd in de laatste twee eeuwen.

In de gebouwen van de vroege 19de eeuw is de Engelse invloed uitgesproken. Downtownvind je nog veel voorbeelden, net als in Greenwich Village. De gebouwen werden steeds groter. Steen nam veel plaats in, daarom kregen veel commerciële en industriële gebouwen vanaf het midden van de eeuw geprefabriceerde gietijzeren componenten. Men kon kiezen uit een grote variëteit aan stijlen, een architect was overbodig. In Soho en Tribeca vind je de grootste verzameling van cast iron-gebouwen ter wereld. Voor woonhuizen werden de elegante brownstones populair, herenhuizen die nog steeds prominent voorkomen in Manhattan en Brooklyn.

De experten zijn het er niet over eens van wanneer de eerste wolkenkrabber dateert. Volgens sommige kenners was de Haughwout Store (1857) er al een, volgens anderen was het Flatiron-gebouw (1902) de eerste. Eén ding is zeker: eens ingenieurs het gebruik van staal hadden geperfectioneerd kwam er een wedloop op gang. De 241 meter hoge, neogotische Woolworth Building (1913) bleef lang onklopbaar. Pas in 1930 werd hij voorbijgestoken, eerst door de Bank of America en vervolgens door de Chrysler Building. Elf maanden later moest de art-decoschoonheid al de duimen leggen voor de Empire State Building. Die bleef de hoogste, tot de Twin Towers in 1973 af waren. Lower Manhattan staat al van bij het ontstaan van de stad voor geld en macht. Hier vind je de oudste wolkenkrabbers. Hoe ouder de gebouwen, hoe meer details de architecten aanbrachten op de toppen. Ze leken het publiek uit te nodigen om stil te staan en omhoog te kijken.

Genoeg van modernisme
De periode na WOII was de tijd van de 'International Style', met pioniers zoals Le Corbusier. Gedaan met de vooroorlogse fantasieën in vormen en materialen, buitenbeentjes zoals het Guggenheim-museum uitgezonderd. Het meest zichtbare symbool van de stijl was de glazen gevel. Strakke gebouwen zoals de United Nations, Lever House en de Seagram Building veranderden de skyline ingrijpend, maar tegen het midden van de jaren 1960 hadden de New Yorkers het gehad met het hoge modernisme. In de daaropvolgende postmodernistische jaren was het zoeken. Architecten mengden oud en nieuw. In die tijd kreeg Times Square een radicale facelift. Sinds het begin van de 21ste eeuw is een aantal nieuwe vormen toegevoegd aan de skyline, zoals het New Museum of Contemporary Art, de nieuwe campussen van Baruch College en Cooper Union, en de Hearst Building.

De torens van het nieuwe WTC zullen dan weer een stuk traditioneler uitvallen dan de eerste designs suggereerden. Bouwpromotoren beseffen dat green buildings goed in de markt liggen. Opvallende voorbeelden zijn de nieuwe hoofdkwartieren van de Bank of America en The New York Times Building. De financiële crisis van 2008 mag de bouwwoede dan afgeremd hebben, stilvallen doet het in New York uiteraard nooit.

 
De crisis remt de bouwwoede, maar New york staat niet stil
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234