Maandag 18/11/2019

Interview

"Maggie is een merknaam, een beetje zoals Barbie"

Maggie De Block: "Ik probeer een goeie vakminister te zijn. Niet iemand die over alles haar mening verkondigt." Beeld Wouter Van Vooren

"In Werchter moest ik plots weg, er kwam te veel beweging in het publiek." De mensen die Maggie De Block (53) er spotten, wilden een selfie met haar en dat werd te gevaarlijk. De Open Vld-minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid is een cultfiguur geworden. Maar: "Eddy Merckx was ook een hype."

Waar de minister werkt, in de glazen Financietoren in Brussel, kijkt ze uit op de prachtige serres van de Botanique. Victor Hugo zou dit panorama, samen met de Grote Markt, de twee wereldwonderen van Brussel hebben genoemd. Zelf is Maggie De Block al blij dat ze wat bomen ziet. Zoals thuis, in Merchtem: "Ik wilde geen gordijnen in mijn huis. Om veel licht binnen te krijgen en om de bomen te zien."

Anders dan daar ziet niemand haar hier op de zesde verdieping zitten, maar verder is dit wel een symbool: Maggie De Block is bij uitstek de politica die het dorp in haar sacoche meenam naar de Wetstraat.

Er is nog iets met deze straat in Brussel. "Nu zien we de betogers passeren", zegt woordvoerster Els Cleemput. "Waar we vroeger zaten, wisten we het niet eens als ze voor de deur stonden."

U voelt zich als een vis in het water als het over Volksgezondheid gaat, maar bent u als arts zelf niet te véél betrokken?
(lacht) "Ooit vroeg iemand me of ik me als een haai voelde en ik zei: 'Neen, ik ben meer een walvis.' Ik ken de gevoeligheden in de sector omdat ik sinds mijn achttiende met geneeskunde bezig ben. En als het over tegengestelde belangen gaat, onderhandel ik. Ik ben nogal oplossingsgericht."

Wilt u zelf nog terug arts worden?
"Hoe langer ik weg ben, hoe moeilijker dat wordt. Ik zit nu aan de andere kant van de lessenaar en het zou niet verantwoord zijn mij direct weer los te laten op patiënten. Ik zou een sabbatical moeten nemen en me weer moeten bijscholen. Maar dan zou ik het wel meteen weer willen doen."

Zegt u nu dat u dat veel liever deed dan wat u nu doet?
"Neen. (aarzelt) Niet liever. Maar toch heel graag. Héél graag. Toen ik 12 was, droomde ik er niet van om minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid te worden. Wel om arts te worden."

Is het ooit gebeurd dat u tijdens de ministerraad als dokter aan de slag moest?
"In de vorige regering wel. Toen was een minister naast haar stoel gevallen en achterover gevallen. Ze zit vandaag niet meer in de regering. Neen, het was niet Laurette Onkelinx (PS), het was iemand anders. Ze (Joëlle Milquet (cdH) dus, TP/RVP) lag op de grond en niemand durfde eraan te komen. Maar het is snel weer goedgekomen met haar."

Maggie De Block. Beeld Wouter Van Vooren

Nu we het toch over collega's hebben: waarom bent u niet meer als Patrick Dewael?
"In welk opzicht? Ik kan wel wat verschillen bedenken, hoor: ik ben een vrouw en hij is van Tongeren."

En hij komt voortdurend tussen als het over de vluchtelingencrisis gaat. Hij heeft het departement beheerd, net als u, en kent het ook door en door. U blijft stil.
"Oh, maar Patrick is fractieleider en hij doet zijn werk. En ik heb niet de gewoonte om me uit te spreken over het werkterrein van collega's. Het is ook normaal dat je dat niet doet als je als staatssecretaris of minister zelf van dat terrein komt (De Block was in de regering-Di Rupo staatssecretaris voor Asiel en Migratie, TP/RVP)."

"En verder worden alle beslissingen in de schoot van de regering genomen. Ook over de opvang van vluchtelingen dus. Ik was daarbij. Ik weet zeer goed hoe moeilijk dat terrein is. Ik werkte er drie jaar en startte met de opvangcrisis van december 2011. Een crisis die toen al vijf jaar aan de gang was. Ook voor de daklozen was er geen opvang. Ik weet dus hoe moeilijk het is om iedereen van de straat te houden, maar ik ga niet de schoonmoeder van mijn opvolger spelen."

Geeft u Theo Francken (N-VA) binnen de regeringsmuren dan wel eens suggesties?
"Bij de overdracht van het kabinet gaf ik hem een boekje waarop stond: 'Keep calm and carry on.' (geamuseerd:) Toen ik vorige week merkte dat hij een beetje nerveus werd, heb ik hem ernaar gevraagd. 'Theo, lees je je boekje nog?'"

Maar het moet toch kriebelen. U was er drie jaar mee bezig en nu stelt dit enorme probleem zich.
"Dit is een toevloed van mensen en die gaat niet stoppen. Niet deze winter en nergens in Europa. En als er mensen zijn, moet je hen opvangen. Net zoals de daklozen. Iedere mens op straat moet onderdak krijgen."

Hoe kijkt u naar wat er in het Maximiliaanpark gebeurt en het politieke opbod errond?
"Ik passeer er wel eens met de wagen en ik heb het zien groeien. Dat park kon niet blijven: de omstandigheden zijn er mensonwaardig. Maar ik begrijp die mensen wel. Ze kozen voor hun vrijheid en dan moesten ze naar die toren."

Maar toen u Bart De Wever (N-VA) vorige week in zijn gastcollege in Gent bezig hoorde, jeukte het dan niet om tussen te komen?
(haalt de schouders op:) "Hij is voorzitter van een partij die niet de mijne is. Hij mag zeggen wat hij wil. Zoals ik me niet ga ergeren aan wat iemand van de Communistische Partij of van het Vlaams Belang zegt, doe ik dat ook niet aan wat hij zegt."

Alleen krijgen zijn woorden meer weerklank dan die van de communistische voorman.
"De enige die daarop moet aangesproken worden, is de persoon die dat zegt. Maar niet door mij. Ik zie hem ook niet vaak. (lacht) Ik ben geen toetssteen voor hem. En hij niet voor mij."

Gaat u akkoord met zijn betoog over 'culturele angst'? Zijn steeds meer mensen bang van de vluchtelingen?
"Daar ga ik niet op in. Maar de mensen moeten weten dat veel van die mensen hier gaan blijven en erkend zullen worden als vluchteling. In mijn gemeente zijn er deze week vijf Syriërs aangekomen. We gaan er alles aan doen om die mensen op te vangen en te integreren. Dat lukt, het bewijs is dat we op 16.000 inwoners 90 nationaliteiten tellen. En er is nooit een probleem geweest. Ik denk dat de meeste Vlamingen geen angst hebben. Ik ben niet zo fatalistisch als die partijvoorzitter. Het halve land is niet weggespoeld door die vluchtelingen, hè. We kunnen dit aan, daar ben ik zeker van."

"Natuurlijk moeten we hen op rechten en plichten wijzen; tegelijk moeten er aan onze kant ook taboes sneuvelen. Je kunt niet zeggen: ze moeten werken en bijdragen aan onze sociale zekerheid en ze tegelijkertijd discrimineren op de arbeidsmarkt. Daar zitten veel goed opgeleide mensen bij en als we ze aan het werk zetten, dragen ze daar vanzelf bij."

Maggie De Block. Beeld Wouter Van Vooren

Aan grote bespiegelingen lijkt Maggie De Block zich nooit te wagen. Ze legt dat zo uit: "Ik tracht een goeie vakminister te zijn. Niet iemand die over alles haar mening verkondigt." Dat mensen in de regering zouden zeggen dat ze dat niet doet omdat ze politieke feeling mist? "Ah voilà, dan hebben zij de verklaring. En dan stel ik vast dat je zonder politieke feeling toch heel hoog kunt raken. Mijn partij zou overigens heel graag willen dat ik meer naar buiten treed."

Ze zegt dat het geen uitgekiende mediastrategie is. "Ik heb geen drie spindoctors." Dat dit interview er pas vier maanden na aanvraag kwam, is dan wel weer bewust. "Wij doseren heel hard. En er is veel werk." Die rol op de achtergrond staat haar populariteit ook niet de weg. In alle peilingen scoort ze heel hoog. "Maar onze partij leeft niet op één Maggie. We zijn een ploeg."

U noemt uzelf bij de voornaam. Zoals Jean-Luc en Steve bent u Maggie. Toen ik deze morgen mijn dochters van 18 en 15 over dit interview vertelde, zeiden ze: 'Maggie? Cool!' Hoe verklaart u dat?
"Ik weet dat niet. Als er in het parlement scholen op bezoek zijn en de gidsen vragen welke politicus ze kennen, roepen ze: 'Maggie.' Toen ik Werchter bezocht om te kijken hoe de hulpdiensten functioneerden, moesten ze me plots ontzetten. Met camera's houden ze het publiek in het oog en in één van die vakken het dichtst bij mij ontstond er te veel beweging. Die jonge mensen wilden allemaal een selfie en dat werd te gevaarlijk."

U bent bijna een cultfiguur.
"Maggie is een merknaam, een beetje zoals Barbie. (lacht) Al delen we enkel dezelfde klinkers. Of zoals Bic en Pampers. Een communicatiespecalist zei me dat ooit van die merknaam. 'Maggie' staat voor een vrouw in de politiek. En dat is raar, want ik ben een heel atypische vrouw in de politiek."

Die communicatiespecialist was niet Noël Slangen. Hij gaf ooit toe dat hij het niet in u zag.
"Noël maakte voor de partij ooit een boekje over het werk van de parlementairen. Daar bleek geen enkele vrouw in te staan. Nochtans waren we toen met drie: Fientje Moerman, Yolande Avontroodt en ikzelf. Alledrie harde werkers. Ik mailde hem daarover en hij vroeg zich af waarom ik daarin zou moeten staan. Omdat ik hard gewerkt had, zei ik. 'Dat maakt van jou toch nog geen stemmenkanon?', antwoordde hij. Dat had ik ook nooit beweerd."

"Ik heb dan een opiniestuk geschreven onder de titel: 'Maggie in de Slangenkuil'. Noël dacht dat die hoofdletter een tikfout was, maar dat was het niet. Nu lachen we daarover."

Is die populariteit nog even groot als een jaar geleden?
"Ik heb daar geen antenne voor, maar natuurlijk blijft dat niet duren tot het einde van mijn leven. (lacht) Er zou anders wel een heel groot crematorium moeten gevonden worden om al mijn fans de kans te geven afscheid te kunnen nemen van me. Dat blijft niet. Kijk maar naar Eddy Merckx. Dat was zo'n hype dat mijn vader zijn zoon absoluut Eddie wilde noemen."

Mensen percipiëren u als 'gewoon', iemand zonder façade. Toch zei iemand: haar enige façade is het harnas dat ze aantrok toen haar vader overleed. Toen besloot ze de redder van het gezin te worden. En zo ziet ze zich nu als de redder van de gezondheidszorg.
"Ik heb dat gezin niet gered. Mijn moeder was gelukkig zeer dapper en optimistisch en ik denk dat ik veel van haar heb. Zij heeft beslist dat dat een grote tegenslag was, die jonge vader die verongelukte, maar dat daar niet nog meer mensenlevens door geraakt mochten worden. En ze gaf ons alle kansen op school en in het leven."

U was 8. Herinnert u zich het moment nog waarop u hoorde dat uw vader overleden was?
"Ik was op school en zag op de speelplaats plots twee vriendinnen van mijn moeder. Dat vond ik grappig omdat zij geen kinderen op school hadden. Tot op de deur geklopt werd, de leraar buitenging en terugkwam: 'Neem je boekentas en je jasje, er zijn twee vriendinnen van je mama en je mag mee naar huis.' Op dat moment dacht ik dat er iets met mijn mama aan de hand was. Ze was zwanger van mijn jongste broer. Thuis zat iedereen te huilen en daar heeft mijn grootvader het me verteld. Hij was op zijn werk gebeld. Wij hadden geen telefoon en hij heeft mijn moeder ingelicht."

"Na de begrafenis was dat het eerste wat mijn moeder deed: een telefoon laten installeren. Ze wilde altijd bereikbaar zijn en andere mensen kunnen bereiken. Ze vatte de koe bij de horens."

Maggie De Block. Beeld Wouter Van Vooren

In Buitengewoon Maggie, het boek van Marijke Libert, sprak u over uw goede band met Elio Di Rupo. Die legde u uit omdat ook hij zijn vader op jonge leeftijd verloor.
"De situatie was anders. Elio was pas twee toen dat gebeurde, zijn broers kwamen in weeshuizen terecht en zijn moeder had nauwelijks middelen van bestaan. Het kan dus nog veel erger als er geen sociale bescherming is. Maar we hebben allebei moeten knokken. Toen we in Brussel samen Spullenhulp bezochten, vertelde hij dat hij nog altijd een oud tafeltje had waar hij als kind aan studeerde. Wel, ik heb net zo'n zelfde oud tafeltje."

Heeft u nog souvenirs van uw vader?
"Vooral foto's. En we hebben nooit gezwegen over mijn vader. Mijn moeder is later hertrouwd, maar mijn vader bleef altijd iemand van de familie. Iedereen verwerkt rouw op zijn manier, dat is beschreven. Voor anderen is dat niet altijd makkelijk te herkennen. Ik volgde mijn moeder en heb het een plaats gegeven."

Maggie De Block. Beeld Wouter Van Vooren

Ter relativering heeft ze geen boek nodig, geen muziek, geen troost. Mensen noemen dat 'onthecht'. Zij noemt dat de realiteit: "Al toen ik acht was, wist ik dat de dood het allerergste was dat kan gebeuren. Al de rest is minder erg." Wat niet betekent dat er niks is behalve het werk. Onlangs kocht ze, op aanraden van vriendinnen die de film zagen, de muziek van Fifty Shades of Grey. "Ik bestelde die cd en zette die thuis eens op. (ze schatert het uit:) Na het vierde nummer zei mijn man al: 'Ik kan niet blijven luisteren naar al dat gehijg en gekreun.' Maar als ik alleen ben, zet ik het graag op."

Veel leestijd is er niet, zegt ze. Als kind las ze de bibliotheek van Merchtem leeg en op haar twaalfde moest ze een schriftelijke toestemming van moeder meebrengen om boeken 'vanaf 16 jaar' te mogen uitlenen. Onlangs kocht ze de nieuwe van Isabel Allende. En in haar iPhone schrijft ze tips van recensenten. Of maakt er een foto van. "Kijk", toont ze de cover van een boek. "Liberalisme. Het verhaal van een idee. De Bezige Bij. 39,99 euro. Als ik nog eens in de boekhandel kom, ga ik dat kopen. Omwille van deze, zeer herkenbare zin: 'Eén van de grote zwaktes van de liberalen is dat ze verwachten dat anderen hun liefde voor discussies en nuances delen.'

"Lezen is verrijkend. Televisie zal dat ook wel zijn, maar ik heb ooit de keuze gemaakt niet te kijken en daar heb ik geen behoefte aan. Zes jaar lang hadden we zelfs geen tv. Pas toen 'ons Julie' er was en mijn moeder zei dat ze bij haar wel heel graag naar Tik tak keek, vond mijn man dat het moment om er een te kopen. 'Om Julie naar Tik tak te laten kijken.' (lacht) Natuurlijk kijkt hij vooral naar voetbal en koers."

Vindt u zichzelf eigenlijk ijdel?
"Ik denk niet dat ik een van de meest ijdele mensen ben. Net als mijn moeder en mijn dochter heb ik een zwak voor handtassen en voor schoenen. Dat blijkt erfelijk bepaald. Mijn grootmoeder had dat ook. En verder is mijn man fan van juwelen. Toen ik 40 was, kocht hij me voor het eerst een ketting met een dikke witte parel. Sindsdien koopt hij altijd iets bij feestelijke aangelegenheden."

Maar ijdelheid zou ook hierin kunnen zitten: een cartoonist die u ooit als het beeldje Venus van Willendorf had getekend, zei dat u hem bij de eerstvolgende ontmoeting aansprak op die tekening.
"Karl (Meersman, tekenaar bij onder meer 'Trends', TP/RVP). Ja. Maar heb je dat gezien? De schaamlippen van dat mens waren tweemaal zo groot als haar hoofd. Ik ken Karl en ben gek van zijn tekeningen. Ik hou van zijn humor. Maar toen ... Ik zag hem en hij legde me dat uit. Omdat ik zo populair was en zoveel stemmen haalde voor de Open Vld, gebruikte hij een symbool van vruchtbaarheid en welstand. Toen begreep ik dat. Maar toon die tekening en vraag eens op straat wat ze betekent ... Welke vrouw zou dat leuk vinden om zo in Trends te staan?"

Maar u bent niet rancuneus, zei hij ook. Het is gezegd en het is voorbij.
"Met zijn uitleg kon ik leven, maar het was zeker niet de gedachte die bij me opkwam toen ik die tekening zag. Hij zei dat hij er ook veel reacties op gekregen had en dat er op de redactie over was gesproken. Een tijd later stelde hij samen met Ivan De Vadder De parabel van het ezelsoor voor en signeerde mijn exemplaar. Thuis las ik: 'Lieve Maggie, ik zal het nooit meer doen.' Dat vond ik super. En ik ben er verder niet overgevoelig voor. Iedereen tekent me zoals hij dat wil."

Wat vond u dan van de tweet van Tom Van de Weghe (gewezen VRT-correspondent in China en de VS, red.) toen u pas minister van Volksgezondheid werd? Hij vroeg zich af of iemand met uw postuur dat wel mocht zijn.
"Van wié? (lacht) Ik stel vast dat de VRT daarop heeft bespaard."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234