Vrijdag 18/10/2019

lust & liefde

“In de ogen van mijn vrienden werd ik na mijn 35ste als single een steeds ernstiger geval. Alsof je er pas echt toe doet als je met iemand bent”

Beeld thinkstock

Voor Mira (38) was daten een noodzakelijk kwaad, tot ze een heel stuk in de dertig was. Ze zat liever in haar eentje naar series te kijken, lekker thuis. Die ene date, in dat saaie café, wou ze dan ook bijna afzeggen... 

“Ik vond daten altijd een vrij onzinnige opgave. Ik wist nooit hoeveel drankjes je geacht werd te drinken voor je met goed fatsoen weer kon vertrekken, en soms kwam het er dan ook maanden niet van, tot ik vond dat het tijd werd en ik een afspraak plande. Nooit meteen, altijd een paar weken later. Uitstellen. Zo liet ik mezelf zien dat ik echt actie ondernam om een man te vinden, en kon ik intussen avonden lang in mijn eentje op mijn eigen bank een serietje kijken.

“Bevriende stellen spoorden mij aan in hun voetsporen te treden, in hun ogen werd ik na mijn 35ste als single een steeds ernstiger geval. Alsof je er pas echt toe doet als je met iemand bent. Maar diezelfde stellen die zichzelf gelukkig prezen, waren dat vaak allerminst. Het was net of het hebben van een relatie zelf het doel was, niet het geluk dat ermee gepaard zou gaan.

“Op een avond in het najaar van 2016 was het weer zover. Ik zou een man ontmoeten die ik had gezien op Tinder, een datingsite waar ik dus eigenlijk nooit op zat. Ik zag op tegen de plichtmatig­heden, de vragen over en weer, en overwoog even om af te zeggen. Maar ik beloofde mezelf een sigaret voor en na de ontmoeting als ik doorzette.

“Het begon al bij het café, slecht gekozen, uitgestorven op één man na, dat moest hem dus zijn. Ik benaderde hem van de achterkant en toen ik bij zijn stoel was aangekomen, stak ik mijn hoofd van opzij om een hoek. Godverdomme, wat was hij knap. Ik dacht aan de kleren die ik de hele dag al droeg, een saaie trui en een broek. Wat bezielde me met mijn halfslachtigheid? Wel komen opdagen, maar niet proberen er leuk uit te zien.

“We begonnen te praten, deden een soort vragenspel en aan het einde van de avond rookte ik geen sigaret, want er was niets om stoom over af te blazen. Het gesprek, mijn bewegingen, de tijd, alles was vanzelf gegaan. Een beetje in de war liep ik het café uit. Dit was het moment om afscheid te nemen, maar hij liep mee tot aan de hoek. Ik was verbaasd, want door te wachten tot ik mijn fiets van het slot had gehaald, had hij eigenlijk al aan zijn ‘eerste-date-beleefdheidsnorm’ voldaan. Maar op de hoek vroeg hij: mag ik je kussen en voor ik het wist kuste hij mij.

“Mijn familie en vrienden waren opgelucht toen ik hen, in de weken die volgden, vertelde dat ik een leuke man had leren kennen. Ik was verliefd, dol op hem, en hij zei dingen als: wanneer ik zelf een vrouw had mogen verzinnen, was jij haar. We ontwikkelden na verloop van tijd een eigen manier om meningsverschillen op te lossen door elkaar de argumenten van de ander te laten verwoorden. Ik liet mijn gemene woordgrapjes achterwege.

“Maar zeker in het begin vroeg ik me ook af hoe het moest als ik naar de wc wilde. Wat als ik na een paar uur bij hem zou gaan verlangen naar de beschutting van mijn eigen huis? Toch wees alles erop dat we elkaar echt gevonden hadden. Hij was anders dan de eikels die mij soms huilend op de badkamervloer hadden doen belanden nadat ze me grof aan de kant hadden gezet. Mijn vriendinnen zagen mijn geluk, dat, moet ik zeggen, bij vlagen euforisch aanvoelde, alsof ik drugs had gebruikt. Ik had altijd gestreefd naar het geluksniveau ‘tevreden’, maar dit was werkelijk gelukzalig. De eczeem die ik toen had, leek hem net zo min te interesseren als de stomme kleren op de eerste date, ik waande me mooi en begeerlijk. En toen begon om mij heen het vragen: hoe krijg je dat voor elkaar, wat jij hebt willen wij ook. Ineens was ik de liefdesexpert die anderen moest adviseren, terwijl ik er echt niks voor had gedaan.

“Iedereen lijkt te denken dat je het zelf in de hand hebt, door bijvoorbeeld ‘eerst van jezelf te gaan houden’, of ‘er niet op uit te zijn’, maar liefde is zuiver toeval. Na een paar maanden gingen we voor het eerst samen een weekend weg. In het hotelzwembad zei hij: raad eens hoeveel baantjes ik onder water kan zwemmen. Ik stond met mijn rug naar hem toe, lachte iets als ‘opschepper’ maar toen ik een moment later omkeek hing hij aan de zwembadrand met zijn gezicht onder het bloed. Tijdens het wedstrijdje met zichzelf had hij zijn neus gebroken tegen de rand. In één klap verdween de sexy zwembadvibe en een uur later zaten we naast elkaar in het ziekenhuis. Ik zag in een flits voor me hoe wij tweeën de komende jaren in talloze verschillende situaties op dezelfde manier naast elkaar zouden zitten. Toen wist ik zeker dat hij het voor mij was. Ook toen er gevreesd werd voor een hersenschudding en ik hem de nacht erop iedere twee uur wakker moest maken, dacht ik geen moment: laat-ie naar zijn moeder gaan, dan kan zij het opknappen.

“Het is misschien een raar voorbeeld, maar voor mij het bewijs dat de omstandigheden voor liefde op geen enkele manier te regisseren vallen. Ik had niet eerst van mezelf hoeven houden of zo, de grootse liefde is me pardoes in de schoot geworpen. Sinds december wonen we samen. Als ik thuiskom en hij is er, ben ik extreem blij en draai ik kwispelend om hem heen. En soms zeggen we: zullen we ons vanavond ‘uitzetten’? Dan doe ik wat ik vroeger in mijn eentje deed: in een saaie trui naar een serie kijken, terwijl hij naast me wat zit te werken. Ik leg dan wel altijd mijn voeten op zijn been om hem te kunnen voelen en denk: wat een wonder dat dit allemaal tegelijk kan, zonder naar adem te hoeven happen.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234