Dinsdag 18/02/2020

Borstkanker

Het jaar van de borst: "Vergankelijkheid kan ook een bitch zijn, weet ik nu"

Lander en Inge over leven na de kanker: 'We zijn geen mensen die graag plannen, en in deze situatie is dat goed.'Beeld Jonas Lampens

'Je bent samen gewond. Dit boek brengt het litteken in kaart.' Journalist Lander Deweer schreef Onze borst, een dagboek van het jaar waarin zijn vriendin Inge kanker kreeg en een borst moest afstaan. Nu kijken ze samen verder. 'Ik weet niet of we die borst zo hard missen.'

"Zelden zo'n lekkere komkommersoep gegeten als in Volkegem."

Het is waar, maar het is ook een grapje. We hadden afgesproken in Volkegem, waar Lander en Inge bijna een jaar wonen. Een week later suggereerde hij dit zinnetje als begin van dit verhaal. Omdat het moeilijk is: Lander was (en is, als freelancer) een collega bij De Morgen. Zelfs meer, je ziet hem graag. Hem interviewen was dus lastig. Dit uitschrijven bijna onmogelijk. Hoe begin je dan?

Hij had dus komkommersoep gemaakt. We hebben die samen gegeten, met pistolets en eiersalade, en koffie gedronken die Inge bij buurvrouw Marcella haalde. Dat kan nog in Volkegem, waar geen winkel is en mensen elkaar kennen. En helpen. "Als de overbuurvrouw voor het slapengaan nog rook uit onze schouw ziet komen, zegt ze de volgende dag: ''t Is precies nog laat geworden gisteravond?' Dat vind ik schoon."

Schoon is wat Lander Deweer (29) en Inge Desmit (31) belangrijk vinden in het leven. En schoon is hoe hij schrijft in Onze borst en hoe ze samen de hele namiddag gepraat hebben over wat gebeurd is en wat nooit meer zal weggaan. Alle woorden die hierna volgen, zijn van hen.



Lander: "Zonder kanker woonden we hier niet. Nu nog niet. Maar in één jaar word je veertig jaar ouder en dan geniet je ervan de stoof aan te steken en daar de hele avond naar te kijken. Voordien woonden we in een appartement in Schaarbeek. Als het koud was, zetten we daar de chauffage wat harder."

Inge: "Televisie interesseert me minder. Ik droomde al langer van een plek als deze en soms moet je gewoon springen. Ik durf meer risico's te nemen, ik voel me minder angstig. Mensen vroegen: 'Is het wel het moment om zo'n beslissing te nemen? Je bent emotioneel misschien onzeker?'"

Lander: "Dit huis kopen, wás een emotionele beslissing. Maar als je kanker meemaakt, denk je helderder. Er is veel minder mist en er zijn veel minder zijwegen. Misschien klink ik nu als Phil Bosmans, maar ik weet nu beter wie ik ben. Ik heb mezelf beter leren kennen."

Beeld Jonas Lampens

Inge: "In het begin had ik heel veel schrik dat Lander bij me zou weggaan. Ik was immers geen goeie partij meer: we zullen geen kinderen hebben en ik ben verminkt. Op je dertigste wil je dat niet. Ik zou het hem niet kwalijk genomen hebben.

"Ik weet niet hoe het leven verder gaat. Ik hoop het niet, maar als het tussen ons ooit fout loopt, dan weten al mijn volgende lieven op voorhand dat ik hen geen kind kan geven. Dat wist Lander niet."

Lander: "Je moet niet bang zijn".

**
Een sms, om 10u14. 'Ik kom naar huis lief. Ben je daar nog even?'
Verbijstering. Het zal toch niet waar zijn?'
(Onze borst, p. 15)
**

Inge: "De eerste keer dat het woord 'kanker' op je geplakt wordt, is lastig. Je voelt niks en het duurt twee weken voor er een diagnose is. Dat zijn erg spannende dagen."

Lander: "Ieder moment verwacht je het telefoontje dat zegt: ze gaat dood".

Inge: "De diagnose was dus een moment van opluchting. Na de eerste consultatie in Sint-Augustinus in Wilrijk kwamen we lachend buiten. Een aantal stappen zijn voor iedereen gelijk: er komt chemo, er zijn bestralingen en er is onderzoek. Maar hoe je ermee omgaat, is anders. Ik zat eens met twee andere vrouwen in de chemozaal. De vrouw rechts van me zat er compleet onderdoor, de andere vrouw had nog maar drie maanden te leven en zat toch te lachen."

Lander: "Iedereen heeft het recht om triest te zijn".

Inge: "De kranigheid van mensen bij wie het uitzichtloos is, valt me op".

Lander: "Maar we wisten dat de kanker die jij hebt, behandelbaar is. Hoe zouden we reageren als we van de eerste dag wisten dat je maar zes maanden meer te leven had."

Inge: "Wil je dat wel weten?"



Inge: "De onzekerheid blijft. Zeker vijf tot tien jaar."

Lander: "Ik denk voor de rest van ons leven. Maar net die wetenschap maakt het draaglijk. Die kanker zit wel elke dag in ons hoofd, maar hij beheerst ons leven niet. Het feit dat we nooit kinderen zullen hebben, is dan weer van een andere categorie."

**
'We praten over ouder worden, ziekte, de dood. 'Ironisch eigenlijk', zeg ik. 'Of het nu gaat om wielertruitjes, telefoonkotjes of gevelreclame, ik vind de dingen pas mooi als ze voorbijgaan, als de vergankelijkheid er een filter over heeft gelegd.
Vergankelijkheid is bijna een noodzakelijke voorwaarde voor schoonheid. Maar als die opeens zo dichtbij komt, dan lukt het me niet om er de schoonheid van in te zien.'
(Onze borst, p. 26)
**

Inge: "Vroeger dacht ik: wat zou ik graag in de jaren dertig geleefd hebben. Nu denk ik: ik zou liever dertig jaar later geboren zijn."

Lander: "Vergankelijkheid kan een bitch zijn, weet ik nu. (lacht) Plots ben ik heel erg voor de vooruitgang."

Inge: "Als ik dit in de jaren dertig had meegemaakt, dan was ik er nu niet meer. (lacht) Maar dan had ik wel schone jurkjes gedragen."



Lander: "De hele periode zit nog fris in mijn hoofd, maar toch begint het al een beetje als verleden te voelen. Dit boekje lijkt soms fictie. Dat was ook de reden om het te schrijven: je probeert een periode in woorden te vatten.

"Maar dat van die fictie maak je jezelf wijs. Je bent nog ziek. Voordien heb ik nooit een dagboek bijgehouden. Ik houd er ook niet zo van. Alleen dat van Sylvain Tesson (Zes maanden in de Siberische wouden, rvp) en de dagboeken van Leonard Nolens las ik graag. Maar nu drong deze vorm zich op. Het staat allemaal in zeven kleine schriftjes."

Inge: "Toen ik ziek werd, vonden we geen boek dat ons paste. En we hadden geluk dat hij schrijft. Natuurlijk is elk geval van kanker anders. Het was dus niet de bedoeling medische tips te geven."

Lander: "Er bestaan veel boeken, maar die zijn geschreven door patiënten zelf en vaak wordt het tranerig. Met veel hoofdletters en uitroeptekens. Wat het moest worden, wist ik niet. Maar ik wist wel wat het níét mocht worden. Het mocht geen handleiding zijn en het mocht niet melig worden. Het mocht ook niet over Inge en Lander gaan. Het gaat over twee jonge mensen die brute pech hebben. Verder heeft dit boekje geen enkele pretentie. Ik vergelijk het vaak met al tastend je weg zoeken in een donker woud."

Inge: "Het mocht niet alleen over mijn borst gaan".

Lander: "Ook daarom staat er een tekening op de cover. Het is Inges zelfportret en ze is kaal. Je ziet dat ze ziek is, maar er zit veel kracht in haar ogen."

**
'Wie dit verhaal leest, zou kunnen denken dat we de vlammende komst van kanker sereen aanvaarden. Het is de blik van de buitenstaander, want de pijn snijdt onze dagen doormidden.'
(Onze borst, p. 61)
**

Beeld Jonas Lampens

Lander: "Als buitenstaander heb je geen kijk op dat leven. Er staan bewust geen namen in het boek. Je gaat hoe mensen reageren toch niet in de weegschaal leggen? Hebben we vrienden verloren? Neen. Hebben we vrienden beter leren kennen? Misschien wel.

"Maar ik neem niemand iets kwalijk. Soms ben je ook blij dat er over iets anders wordt gesproken."

Inge: "Ik vond erover communiceren met de buitenwereld wel gevoelig. Er waren mensen die vroegen: 'Alles komt toch goed met u?' Daar kun je niks over zeggen, want van de dokters hoor je zoiets nooit."

Jonas, de fotograaf: "Ik heb altijd schrik gehad om door te vragen. Je denkt toch steeds: misschien ben ik al de derde die er vandaag over begint..."

Inge: "Met vragen stellen, kun je nooit fout doen. Ik hoop dat dit boek die gêne wegneemt. Alleen al de gêne die je merkt tegenover mijn kaalheid. (lacht naar Jonas) Skunk Anansie, zei je. Toen mijn haar weg was, viel het nog mee. Maar pas als je wenkbrauwen en je wimpers weg zijn, zie je er ziek uit."

Lander: "Dan ben je geen lid meer van de club van de gezonde mensen. Maar tegen betutteling kunnen we niet en met medelijden koop je niks."



Inge: "An, mijn zus, zei onlangs: 'Je hebt eigenlijk nooit veel over je ziekte verteld'. Ik heb me wel afgevraagd hoe moeilijk het voor een moeder moet zijn om te zien dat haar dochter ziek is. Lekker koken kan ze niet, want je woont er niet meer en tegen kanker bestaat geen moederkeszalf. Het is tegen de natuur in.

"Maar mensen vertellen je niet hoe ze ervan afzien. Tussen ons ging het wel. Als Lander angstig werd, kon ik die angst verzachten. En als ik het werd, was hij er."

Lander: "Het eerste wat ze je zeggen is: ga geen internetfora lezen. Toch doe je het en altijd kom je bij de verkeerde verhalen uit."

Inge: 'Ik heb dat nooit gedaan. Je kunt je eigen verhaal er niet aan weerspiegelen en je mag niet verwachten op het internet antwoorden over je eigen medische toestand te vinden."

Lander: "Maar je bent wel samen gewond en dit boekje is er om dat litteken in kaart te brengen. Als ik een beeldhouwer was, had ik allicht een beeld gekapt. Nu heb ik geschreven."

**
'Studio Schaarbeek opent zijn deuren voor het muzikale talent. Dit is de Tumor Top Tien van deze week. (...) De top drie van de meest gedraaide liedjes bestaat momenteel uit deze nummers. Op drie 'De definitie van geluk', live uitgevoerd door Berlaen, Maaike Cafmeyer en Roger Raveel. (...) Op twee staat deze week Raymond van het Groenewoud met 'Ik wil jouw man zijn'. Na een heerschappij van zes weken heeft Raymond zijn scepter moeten afgeven aan een nieuw nummer één. Hier is Die Antwoord en 'I Fink U Freeky'. Supertip van deze week is 'El Desierto' van Lhasa De Sela.'
(Onze borst, p. 63)
**

Inge: "Ik ben zelf heel kil geworden. Bij The Broken Circle Breakdown heb ik geen traan gelaten. Ik heb leuke boeken gelezen, zoals Gone Girl, een dikke gust die ik graag las. Maar ik kan niet zeggen dat een boek me speciaal raakte.'

Lander: "Veel breien heb je gedaan. En mensen aangezet tot breien. Als Inge dit dagboek zou schrijven, zou het heel anders zijn."

Inge: "Ik ben veel ongevoeliger geworden. Misschien komt dat door het relativeren, dat kan. Vroeger kon ik van de minste tegenslag in de put zitten. Als ik liefdesverdriet had, jongens toch... Maar nu niet. Misschien komt het omdat je op niemand kwaad kunt zijn."

Lander: "Je ziet sneller door de stroop heen en je hebt snel de neiging om te denken: stel u niet aan."

Inge: "An en mijn mama zeiden me: 'Je schreit zo weinig'."

Lander: "Dat is pure overlevingsdrang. Als ze me een paar jaar geleden hadden gezegd dat ik een lief met borstkanker zou hebben, dan zou ik dat zelf anders gezien hebben. Maar nu voelen we ons geen helden die 'death row' overleefd hebben."

Inge: "Je kan gewoon niet voorspellen hoe je ermee om zal gaan."

**
'Misschien kunnen ze borstsparend werken en zullen we er niet veel van zien. Alleen wat littekens en wat minder borst. Het is niet dat ik kleintjes heb, ik kan best wat borst missen.'
Ik zeg dat we het zullen moeten aanvaarden als het zover komt, dat we zeer blij mogen zijn als blijkt dat er een leven na kanker is. Ik zeg ook dat het spijtig zou zijn als er in haar borsten moet worden gesneden. 'Zulke mooie heb ik nog niet veel gezien.'
(Onze borst, p. 125)
**
Het is halfnegen op een woensdagochtend in februari en ik zie mijn lief voor het laatst met twee gave borsten. Voor de spiegel in ons appartement hebben we ze gisteravond bekeken en betast, als afscheid.
(Onze borst, p. 151)
**

Inge: "Of ik een borstreconstructie wil? Ik weet het nog niet. Ik steek het geld liever in het nieuwe dak dat ons huis nodig heeft dan in een tweede tepel. En ik heb nog geen zin om opnieuw in een ziekenhuis te gaan liggen. Ik weet trouwens niet of we die borst zo hard missen nu en ik heb een beetje schrik van het fake."

Lander: "Het zal ook een zware operatie zijn".

Inge: "Chemo, operatie en radiotherapie zijn nu achter de rug. Ook de behandeling van een jaar met herceptine is verleden tijd. Nu krijg ik nog een hormonenpil die me in menopauze houdt en dat zal nog vijf tot tien jaar zo zijn. Ik zou zwanger kunnen worden, maar ik mag het niet. Want zwangerschap zorgt voor een hormonale verandering die ook de tumor weer kan aanwakkeren."

Beeld Jonas Lampens
Beeld Jonas Lampens

Lander: "Ook voor de buitenwereld is deze periode na de kanker en de behandeling ervan raar. Ik denk dat het is zoals met rouwen. Op een bepaald moment mag het gedaan zijn. Terwijl het voor ons nu soms erger is. De angst om te hervallen is er, terwijl je niet meer in het ziekenhuis bent waar de zorgen dichtbij zijn.

"Die minder tastbare angst is vaak lastiger dan de chemo. Kanker is een guerrillastrijder die zich verbergt in het struikgewas. De mensen zien het niet meer. Gelukkig is er voor ons veel om ons rechtop te houden."

Inge: "Onlangs heb ik tegen een vriendin gezegd: 'Neen, ik ga geen kinderen krijgen'. Ze snapte dat niet, maar het is zo. Kijk, als vriendinnen op Facebook aankondigen dat ze zwanger zijn, dan vind ik dat nog altijd lastig. Maar dat is zonder jaloezie."

Lander: "We hadden de leeftijd om aan kinderen te beginnen en in de plaats krijg je een tumor. De enige gelijkenis is dat je er ook voor naar de kliniek moet."

Inge: "En dat je je mottig voelt, vapeurs krijgt en alle andere kwalen die bij een zwangerschap horen. Het is heel hormonaal. Mijn reukzin werd bijvoorbeeld heel erg ontwikkeld."

Lander: "Maar ondertussen is Inge meter geworden van het kindje van een goede vriendin. Dat is een goede tussenweg. En in plaats van een kindje hebben we nu een boek. (glimlacht)

"Stiekem droomde ik er altijd van om voor mijn dertigste een boek te schrijven. Al van toen ik op de zolder van pepe Sef strips van Jommeke zat te lezen. Pepe Sef is onlangs overleden en net nu is het boek er. Al had ik dit natuurlijk liever niet geschreven."



Inge: "Via het ziekenhuis kreeg ik gratis tickets voor festivals. Voor de Night of the Proms bijvoorbeeld, of voor Werchter. Dat leek me niks. Ook voor Tomorrowland. Dat wil ik wel eens meemaken, maar nu denk ik: hoe gek is het om aan kankerpatiënten gratis tickets te geven voor een festival dat vol drugs zit."

Lander: "Dat weet je toch niet? Maar het klopt wel dat het gek is. Je hebt kanker en dan moet je ergens voorrang krijgen."

Inge: "Toch zijn er mensen die zo denken. Op een parkeerplaats had ik eens ruzie met een vrouw die plots zei: 'Zeg, ik ben wel gehandicapt, hè'. Ik was in shock. Dat is zo fout, want je weet zelf nooit wie tegenover je staat. Een paar oudere vrouwen hebben me ook wel eens gezegd dat ik chance had dat ik een jonge vrouw was. 'Als oudere vrouw is het moeilijker.' Dat steekt, maar je kunt je daar niet tegen verdedigen."

**
De maan is bijna vol wanneer ze zegt: 'Het komt goed, lief, ik voel het. Het zal niet meer hetzelfde zijn, maar dat wil niet zeggen dat het slechter is.'
(Onze borst, p. 175)
**

Inge: 'Het is opvallend hoe je je grenzen verlegt".

Lander: "Kanker legt je karakter bloot. We zijn al geen mensen die graag plannen en in deze situatie is dat goed. Alle zekerheden vallen weg. Als je controle wilt, word je triest. Je moet gewoon stap voor stap ondergaan wat de natuur doet. En daarin zijn we allebei nederig."



Vorige zomer kochten Lander en Inge een huis. Dat was niet makkelijk met lening en verzekeringen: kankerpatiënt blijf je voor eeuwig. Anderhalve maand later nam Lander ontslag en besliste als freelancer verder te gaan. Hij schreef dit boek, elders in deze Zeno staat een verhaal uit zijn pen. Hij wandelt en fietst veel. En maakt soep.

Inge werkt weer vier dagen op vijf als restaurateur van oude gebouwen.

In Studio Volkegem staat Balthazar met 'Then What' nu op nummer 1. Voor de Supertip van de Week zorgt Willem Vermandere. Hij zingt: 'Alles gaat over'.

Onze borst. Dagboek van kanker van Lander Deweer is uitgegeven bij Manteau, telt 192 bladzijden en kost 19,99 euro.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234