Vrijdag 15/11/2019

Interview

Hanne Gaby Odiele, model: ‘Ik ben geen man. Ik ben geen vrouw. Ik ben Hanne. Eindelijk’

Beeld Eric T. White for The New York Times

In 2017 onthulde het Belgisch topmodel Hanne Gaby Odiele (31) dat ze intersekse was: geboren met het uiterlijk van een meisje, maar met de chromosomen van een jongen. Vandaag noemt Hanne zich resoluut non-binair. ‘Ik ben een persoon, geen geslachtsdeel.’ 

Begin oktober. Hanne Gaby Odiele – née Hanne Termote – komt na een resem najaarsshows even tot stilstand in ­hometown Kooigem. Nu ja, stilstand: binnen een paar uur gaat het alweer richting Noord-Frankrijk, waar vader en moeder Termote vanavond hun 60ste verjaardag vieren. En tot het zover is, moet er nog feesthuiswerk gemaakt worden. Uit tijdsoverwegingen besluiten we om in Skypeland af te spreken in plaats van ons stuur op te vreten in de files tussen West-Vlaanderen en Vlaams-Brabant.

Voor we aan het interviewgedeelte van ons gesprek beginnen, kondigt Hanne aan dat er eerst nog wat taalkundige issues uitgeklaard moeten worden. Dat gaat als volgt. “Om te beginnen: wil je het in je stuk niet hebben over ‘interseksuelen’ maar over ‘intersekse mensen’? Het woord interseksueel wordt geassocieerd met seks. En intersekse gaat niet over seksualiteit, maar over geslacht. Also: ik noem mezelf sinds kort non-binair. Dat wil zeggen dat ik me noch een man, noch een vrouw voel. En dat ik het bijgevolg fijn zou vinden, mocht je in je stuk genderneutrale voornaamwoorden gebruiken om naar mij te verwijzen. Kan je ‘zij’ en ‘haar’ vervangen door ‘hen’ en ‘hun’? Ja? Dank je.”

Om u alvast een voorsmaakje te geven van de ­grammaticale rampspoed die u in dit stuk te wachten staat: u zal nergens lezen: ‘Hanne postte een foto op haar Instagram-pagina’. Wel: ‘Hanne postte een foto op hun Instagram-pagina’. U zal ook niet lezen: ‘Ze maakte carrière als model’. Wel: ‘Hen maakte carrière als model’.

Dat is verdomd raar, gromt u? Ik begrijp u. Maar als u gaat briesen dat ‘die weirdo’s nu ook nog onze persoonlijke voornaamwoorden afpakken’, moet ik u ­intomen. Niemand pakt u namelijk iets af. Mannen en ­vrouwen blijven bestaan, net als de hij/zij- en zijn/haar-­voornaamwoorden waarmee ze taalkundig getrouwd zijn. De hen/hun-combinatie is gewoon een extra optie. Een ­linguïstisch akkoordje dat we sluiten om mensen die zich man noch vrouw voelen niet gevangen te zetten in een ­identiteit die niet de hunne is.

En ja, het gebruik van genderneutrale voornaamwoorden klinkt binnen ons huidige grammaticale kader even fout als het verwarren van ‘noemen’ met ‘heten’. ‘Hen droeg een muts op hun hoofd’ is voor de oren net zo pijnlijk als ‘hij noemt Frank’. Maar zoals schrijv(fst)er Misha Verdonck in Zizo Magazine suggereert: laten we troost putten uit een oneliner van Kees van Kooten: ‘De taalfout van vandaag is de taal­regel van morgen’. (Als het niet waar is, dan klinkt het toch goed.)

Voor we verdergaan, nog gauw even een verklarend ­alineaatje. Intersekse mensen worden geboren met fysieke geslachtskenmerken die niet overeenstemmen met wat de maatschappij als mannelijk of vrouwelijk beschouwt. Anders gezegd: ze komen niet eenduidig als jongen of meisje ter wereld. Er zijn, afhankelijk van de bron, ­tussen de veertig en honderd varianten van de intersekse conditie: sommige intersekse mensen hebben mannelijke XY-chromosomen en vrouwelijk uitziende genitaliën, anderen hebben vrouwelijke XX-chromosomen en een clitoris die op een penis lijkt. Belangrijk: de intersekse conditie van een persoon zegt niks over diens genderidentiteit. Intersekse mensen zijn dus geen transpersonen.

U bent nog mee? Terug naar Hanne Gaby Odiele dan. Aangezien hen twee jaar geleden in Humo nog zei dat hen ‘een vrouwelijke intersekse persoon’ was – met ‘een ­vrouwelijke, zorgdragende energie’ – vraag ik hen wat hen ertoe gebracht heeft om zich voortaan non-binair te ­noemen. (Rustig maar, het went wel.)

“De term ‘non-binair past gewoon veel beter bij mij dan om het even welk ander woord”, zegt Hanne. “Heel mijn leven heb ik me afgevraagd: ben ik nu een jongen of een meisje? Vandaag doet het er niet meer toe. En dat is ­ongelooflijk bevrijdend. Ik ben geen man, ik ben geen vrouw, ik ben Hanne. Eindelijk.”

Beeld Eric T. White for The New York Times

Op je Instagram-pagina noem je jezelf ‘an intersexy being’. Dat klinkt een stuk lekkerder dan ‘a non-binary person’.

(lacht) “Intersexy is een woord dat intersekse mensen vaak gebruiken. ‘Oh, that’s very intersexy’. Dat wil zeggen: ‘Oh, that’s very nice’. Intersexy is een synoniem voor mooi. Het is een woord waarmee we benadrukken dat intersekse mensen mooi zijn in plaats van problematisch.”

Zijn de meeste intersekse mensen non-binair?

“Nee. Maar ik denk wel dat het aantal non-binaire mensen in de intersekse gemeenschap nog zal toenemen. Omdat steeds meer mensen ontdekken dat het niet nodig is dat je je óf een man, óf een vrouw noemt. Je mag je ook nu eens mannelijk en dan weer vrouwelijk voelen. Of mannelijk en vrouwelijk tegelijk. Of noch mannelijk, noch vrouwelijk.

“Veel mensen denken dat non-binariteit een derde geslacht is: een nieuw genderterrein, ergens tussen mannelijkheid en vrouwelijkheid in. Dat klopt niet. Iemand die non-binair is, kan nog altijd typisch vrouwelijke en typisch mannelijke dingen doen. Ik scheer nog altijd mijn benen, om maar iets te zeggen. Non-binariteit staat dus niet los van vrouwelijkheid en mannelijkheid. Jezelf non-binair noemen, betekent vooral dat je niet gereduceerd wil worden tot een sekse. Dat je jezelf als een persoon ziet in plaats van een geslachtsdeel.”

Jij werd uiterlijk geboren als meisje, maar was inwendig een jongen: je had geen eierstokken of baarmoeder, maar wel niet-ingedaalde teelballen en XY-chromosomen. Was dat medisch gezien dan geen probleem?

“Nee. De artsen hadden mijn ouders verteld dat mijn ­teelballen verwijderd moesten worden omdat het risico op teelbalkanker te groot was. Alleen: daar bleek achteraf ­helemaal niks van aan. Ik ben niet om medische, maar om cosmetische redenen geopereerd: mijn lichaam moest en zou in een van de twee geslachtshokjes – in mijn geval het vrouwelijke – passen. Ik moest gefikst worden: een non-binair lichaam houden, was voor de dokters geen optie.

“Het straffe is dat ik er door mijn operatie in medisch opzicht op achteruit ben gegaan. Ik ben al sinds mijn tiende in mijn menopauze. Ik heb veel meer kans op het ­ontwikkelen van botontkalking. En dan zwijg ik nog over de psychologische trauma’s. De dokters hadden mijn ouders aangeraden om mij nergens van op de hoogte te brengen. Op het moment dat mijn teelballen verwijderd werden, werd ik zogezegd geopereerd aan mijn urinewegen. Slotsom: andere mensen hebben zonder mijn medeweten beslist hoe mijn lichaam eruit moest zien. Dat sleep je je hele leven met je mee.”

Beeld Eric T. White for The New York Times

Hoe zou jij er vandaag uitzien, mocht je op je 10de niét geopereerd zijn?

“Precies zoals ik er nu uitzie. Zonder mijn operatie zouden mijn testikels mannelijke hormonen zijn blijven produceren. Maar aangezien ik aan AOS (androgeen ongevoeligheidssyndroom, red.) lijd, zou mijn lichaam die mannelijke hormonen meteen hebben omgezet in vrouwelijke. Ik zou dus ook zonder operatie borsten hebben. Ik zou ook zonder operatie géén baard hebben.

“Wat mijn operatie dan wél heeft teweeggebracht? Aangezien mijn testikels verwijderd werden, maakte ik plots geen mannelijke geslachtshormonen meer aan, die dus ook niet langer naar vrouwelijke hormonen konden worden omgezet. Ik moest dus vanaf mijn 10de vrouwelijke ­hormonen slikken. Ik voelde me vreemd en abnormaal.”

En dan moest je puberteit nog beginnen, sowieso al geen onbekommerde tijd.

“Als puber wist ik al dat ik nooit maandstonden zou hebben of kinderen zou krijgen. Ik walgde van mijn eigen lichaam. Dit is niet het lijf van een echte vrouw, dacht ik. Wat is er met mij aan de hand? Pas op mijn 17de ontdekte ik de waarheid. In het tijdschrift Fancy las ik een stuk over een meisje dat als kind verschillende operaties had ondergaan en net als ik geen maandstonden had en onvruchtbaar was. Ze noemden dat meisje ‘intersekse’. Dan ben ik ook intersekse, wist ik onmiddellijk.”

Vergeef me de vraag, maar hoe verliep je seksuele coming of age?

“In mijn eerste relaties heb ik seks angstvallig vermeden: ik beëindigde nog liever een relatie dan dat ze lichamelijk werd en ik de waarheid over mezelf moest vertellen. Gelukkig heb ik gaandeweg wél een heel fijn seksleven gekregen. Ik heb de chance dat mijn man behalve knap en liefhebbend ook erg geduldig is.” (lachje)

Heb je je ouders ooit verweten dat ze je als kind niet de waarheid over je operatie verteld hebben?

“Nee. Het zijn de dokters die hen hebben aangeraden om te verzwijgen dat mijn testikels verwijderd zouden worden. Als ik íémand iets kwalijk moet nemen, zijn zij het dus.”

Waarom is de medische wereld zo gretig om intersekse mensen te opereren?

“Omdat artsen nog in een binaire wereld leven. Omdat ze hun patiënten willen doen ‘fitten’ in hun heteronormatieve mensbeeld. Gedurende mijn jeugd zijn mijn dokters maar met één ding bezig geweest: ervoor zorgen dat er een penis in mij zou passen. Op mijn 17de is mijn vagina operatief ­dieper gemaakt. Volgens de dokters om later een ‘normaal seksleven’ te kunnen hebben. Maar een bevredigend ­seks­leven steunt toch niet enkel op de aanwezigheid van een penis en een vagina? Seks is toch geen synoniem van penetratie?

“We staren ons blind op de penis en de vagina, maar dat zijn maar kleine onderdelen. Als je penis wat kleiner of je clitoris wat groter is: who cares? Je moet geen perfect lichaam hebben om graag gezien te kunnen worden.”

Je ijvert voor zelfbeschikking: je vindt dat intersekse kinderen zelf moeten kunnen beslissen of ze een geslachtsbepalende operatie ondergaan. Moeten er, zoals in Malta, wetten komen die hen dat recht geven?

“Ik ijver vooral voor normalisering. Vandaag worden intersekse mensen gemedicaliseerd. Ten onrechte, want zolang ze gezond zijn, mogen hun lichamen gerust afwijken van de heteronormen. Mensen daarvan bewust maken, is voor mij belangrijker dan aandringen op nieuwe wetten. Als ouders van intersekse kinderen wéten dat een operatie in de meeste gevallen niet nodig is, zijn er ook geen wetten nodig om die operaties te verbieden.”

Wetten werken bewustwording wel vaak in de hand.

“Dat klopt. En misschien moet er in een tussenfase wel degelijk een wettelijk verbod komen. De Verenigde Naties hebben niet voor niks geoordeeld dat geslachtsbepalende operaties zonder de toestemming van kinderen een vorm van genitale verminking zijn. Alleen is het opstellen van ­wetten altijd zo’n heikel ding. Want waar moet je qua ­leeftijd de grens trekken? Op 18 jaar? Dat weten we eigenlijk niet. Wat we wél weten, is dat opteren voor een geslachts­bepalende operatie een bijzonder goed geïnformeerde keuze zou moeten zijn. Die bovendien door niemand anders dan de betrokken persoon gemaakt mag worden. Niet door de dokters, maar ook niet door de ouders.”

Beeld Eric T. White for The New York Times

Volgens uroloog Piet Hoebeke is een volledige ban op chirurgie een brug te ver. In een interview met deze krant zei hij: ‘Ik heb ooit tweelingbroers behandeld. Aan de buitenkant waren het knappe mannen, maar ze waren jarenlang getraumatiseerd door hoe ze er onderaan uitzagen: ze hadden een kleine vagina. Wij hebben hen een kleine penis gegeven, zodat ze nu staand kunnen plassen en erecties hebben – dat is een nieuw leven voor die mannen.’

“Ik zeg niet dat operaties altíjd zinloos zijn. Er zijn soms ook gevallen waarbij het om gezondheidsredenen belangrijk is om te opereren. Maar dat zijn uitzonderingen. De meeste intersekse kinderen hoeven niet geopereerd te worden. De samenleving moet leren om hen te aanvaarden zoals ze zijn.”

Klinisch psycholoog Nina Callens vindt het vreemd dat we wel afstand nemen van genderstereotypen – meisjes mogen nu ook voetballen, jongens mogen nu ook koken – maar dat we blijven vasthouden aan biologische stereotypen: mannen moeten teelballen en een penis hebben, vrouwen borsten en een vagina. Heeft ze een punt?

“Absoluut. Waarom zou een meisje geen teelballen of een jongen geen vagina mogen hebben? Waarom hebben we het zo moeilijk met mensen die geslachtelijk anders zijn? We weten ondertussen toch dat sekse een spectrum is en ­gender een fluïdum?”

Naar schatting 1,7% van alle mensen is intersekse. Er zijn ongeveer evenveel intersekse mensen als roodharigen. Hoe komt het dat zo’n grote groep mensen al die tijd zo onbekend is gebleven?

“Daar zijn verschillende redenen voor. Om te beginnen zíé je aan mensen niet onmiddellijk dat ze intersekse zijn. Je kan dat goed verstoppen. Trust me, ik heb het jarenlang zelf gedaan. En ten tweede heeft de medische wereld ons jarenlang behandeld als anomalieën, als ‘foutjes van de natuur’. Daardoor hebben we ons lang geschaamd voor ­onszelf en waren we niet geneigd om met ons verhaal naar buiten te komen.”

Toch zeg je in de VPRO-documentaire Beste reizigers: “We’re finally finding our community”.

“Intersekse mensen beginnen elkaar te vinden, ja. Dankzij de sociale media komen we gemakkelijker met elkaar in contact dan vroeger. In Amerika zijn er al intersekse ­kinderen die via YouTube hun verhaal doen. En er zijn ouders van intersekse kinderen die een boek hebben geschreven over hun ervaringen. Ook in België is er nu een vereniging voor intersekse mensen: Intersekse Vlaanderen, opgericht door Emmanuelle Verhagen, zelf een intersekse persoon. Emmanuelle brengt intersekse mensen in ons land samen en wil de taboes rond intersekse verder slopen. Dat is mooi.”

Droom jij van een wereld waarin gender irrelevant is?

“Ik droom vooral van een wereld waarin mensen zich niet langer van elkaar distantiëren door zich op te delen in twee geslachten. We zijn allemaal gelijk. Gender is maar een concept dat is uitgevonden om mensen in hokjes te stoppen. Je móét helemaal geen man of een vrouw zijn. Je moet jezelf zijn, punt.”

Al vijftien jaar wordt Hanne Gaby Odiele door de grootste ontwerpers ter wereld gevraagd om hun catwalks van ­streetcredibility te voorzien. Toenmalig modelscout Tom Van Dorpe spotte hen op hun 17de tijdens het Kortrijkse muziekfestival Novarock. Nauwelijks drie maanden later woonde hen in New York, stond hen in de modellen-top 10 van ‘beste nieuwkomers wereldwijd’ en liep hen – uitwendig onbewogen, maar inwendig hemelhoog jubelend – een show voor Marc by Marc Jacobs. De voorbije jaren ­flaneerde hen op de catwalks van alle denkbare ontwerpers – van Dries Van Noten tot wijlen Karl Lagerfeld – pronkte hen op de covers van alle denkbare modebladen – van Vogue tot Elle – en deelde hen de kleedkamer met alle denkbare collega’s – van Hannelore Knuts tot Holly Greenberry.

Toen Hanne twee jaar geleden vertelde dat hen ­intersekse was, werd het Engelse ‘intersex’ even de meest gebruikte zoekterm op Google. Hanne werd geportretteerd door The Guardian, geïnterviewd door de BBC en gelauwerd door de toonaangevende modewebsite The Business of Fashion. Sindsdien combineert hen twee jobs: die van topmodel en die van activiste. Een combinatie die minder onmogelijk is dan ze lijkt, zegt Hanne.

“De modewereld is de laatste twee jaar fel veranderd. Modellen zijn rolmodellen geworden. Vroeger moest je een canvas zijn waarop ontwerpers om het even welke ­persoonlijkheid konden projecteren. Vandaag mag je volop je eigen persoonlijkheid uitspelen. Mensen zijn niet meer geïnteresseerd in modellen die alleen maar mooi kunnen zwijgen. Je mag nu iets te zeggen hebben. Teddy Quinlivan werpt zich op als spreekbuis van de transgemeenschap. Adwoa Aboah maakt mental illness bespreekbaar. En ik ben pleitbezorger van de intersekse gemeenschap. Modelling is voor mij modelling with a purpose geworden. En dat vind ik zalig.

“Ik ben blij dat de modewereld – die ons altijd nogal benepen versies van vrouwelijkheid en mannelijkheid heeft geserveerd – zo divers is geworden. Ooit waren zowat alle modellen blank, blond en slank. Nu heb je modellen in alle maten, rassen, leeftijden en gender­variaties.”

Toen bekend werd dat transgendermodel Valentina Sampaio voor Victoria’s Secret ging werken, nam de marketingdirecteur ontslag: hij vond de ­aanwezigheid van transgendermodellen ‘onwenselijk’. Niet alle modemerken zijn op ethisch vlak vooruitstrevend.

“Wat er bij Victoria’s Secret gebeurd is, is – denk ik – een laatste stuiptrekking van het traditionele segment van de modewereld. En ik denk dat de uitspraken van Razek zich ook wel in dalende verkoopcijfers hebben vertaald. Het ­lingeriemerk van Rihanna (‘Fenty’, red.) is veel inclusiever en succesvoller dan Victoria’s Secret. Jonge mensen herkennen zich niet langer in dat eenduidige beeld van de slanke, blonde godin. De wereld is klaar voor meer diversiteit. Hoe je je voelt, is belangrijk. Niet hoe je eruitziet.”

Beeld Eric T. White for The New York Times

In interviews beweer je vaak dat je modellencarrière je geholpen heeft om je lichaam te aanvaarden. Dat had ook anders kunnen uitpakken: dat je je tussen al die glamourlijven de uitzondering zou voelen. De weirdo.

“En toch heeft mijn job me sterker gemaakt. Voor ik naar New York trok, was ik volledig vervreemd van mijn lichaam. Door modellenwerk te doen – wat heel fysiek werk is – heb ik het beetje bij beetje opnieuw ontdekt. Ik heb als model veel verschillende gradaties van vrouwelijkheid en ­mannelijkheid leren kennen. Dat was een enorme ­verrijking. Mijn werk heeft er zeker toe bijgedragen dat ik mijn eigen non-binariteit heb ontdekt.”

Je hebt altijd gezegd dat je intersekse conditie maar ‘een klein deeltje’ is van wie je bent. Toch verbindt Google jou meer aan je intersekseverhaal dan aan wat dan ook. Je bent niet langer Hanne, het model, maar Hanne, het intersekse model. Is dat de prijs die je voor je getuigenis moet betalen?

“Ik beschouw dat niet als een offer. Natuurlijk moet ik vaak over mijn intersekse conditie praten. Maar ik heb er zo lang over moeten zwijgen dat erover spreken nog altijd deugd doet. Vroeger moest ik een rol spelen. Sinds mijn getuigenis kan ik mezelf zijn. En help ik ook andere intersekse mensen om zichzelf te zijn. Dat geeft veel voldoening.”

Je bent sinds augustus 2016 getrouwd met DJ en model John Swiatek. Is hij behalve een partner ook een bondgenoot?

“Het feit dat John en ik getrouwd zijn, helpt om een van de grootste misverstanden over intersekse mensen te ontkrachten: dat ze niet graag gezien zouden kunnen worden. Ons huwelijk is voor ouders van intersekse kinderen – die zich vaak afvragen of hun kinderen ooit een partner zullen vinden – een hele geruststelling: ‘Kijk, zij is ook intersekse, en toch is ze getrouwd’. (lacht) Het mooie is: John schaamt zich niet voor mij. Dat ik intersekse ben, tast zijn mannelijkheid niet aan. Maar denk nu niet dat wij voortdurend over gendervariaties praten. Mijn intersekse lichaam mag dan voor de buitenwereld a big deal zijn, voor ons is het allang een bijkomstigheid.”

Zij het dan wel een bijkomstigheid die ervoor zorgt dat jullie nooit biologische kinderen zullen kunnen krijgen.

“So? Ik hoef mezelf niet per se voort te planten om me goed te voelen. Ook zonder kinderen kan je een mooi en zinvol leven leiden. Als John en ik ooit een kind willen, kunnen we nog altijd overwegen om er een te adopteren. John is zelf een adoptiekind, hij kent het niet-biologische ouderschap. Maar voorlopig is adopteren voor ons niet aan de orde. Er zijn in het leven nog zo veel andere manieren om stukjes van jezelf door te geven.”

Tot slot: je woont al vijftien jaar in New York. Hoe is de stad in al die jaren geëvolueerd?

“Eerlijk? New York is zijn ziel aan het verliezen. Het is the playground van the rich aan het worden. De huurprijzen zijn er zo hoog dat buurtrestaurants moeten wijken voor Starbucks-filialen en lokale biowinkels voor Whole Foods-supermarkten. Vroeger had je in sommige delen van New York nog leuke parken. Nu staan er overal highrises waarin mensen wonen als vissen in een bokaal. Ik denk dat er voor het eerst meer mensen uit New York vertrekken dan dat er aankomen. Vooral de artistiekelingen zoeken andere oorden op.

“Ik reis zelf ook weer vaker naar België. Ik ben deze zomer nog twee maanden in Brussel geweest. En ik vond het er geweldig. Ik hou van de non-conformistische kantjes van de stad: je kan er nog ongegeneerd met een pint op straat rondlopen. (lacht) Ik ben er tijdens mijn jeugd niet vaak geweest, maar nu ben ik echt verliefd geworden op Brussel.”

We nemen afscheid, een verjaardagsfeest ter ere van je ouders organiseert zichzelf niet. Terwijl ik Skype afsluit en me weer naar mijn eigen biotoop teleporteer, vraag ik me af hoe dat nu in godsnaam moet met die hen/hun-voornaamwoorden. Gaat de combinatie van meervoudige voornaamwoorden en enkelvoudige werkwoordsvormen niet aandoenlijk zijn? Gaat de grammaticacorrector van mijn laptop zich uit protest niet tot ontploffing brengen? Gaat Jan Jambon in mijn stuk geen bijkomend bewijs zien van zijn stelling dat ook in de media ‘de rijke, Nederlandse taal’ aan het verkrotten is?

Dan denk ik: da gade gij niet bepalen, Jan. Ik leg de autocorrector van mijn laptop het zwijgen op en begin te tikken. Soms moet het niet klinken, maar botsen.

interseksevlaanderen.be

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234