Woensdag 16/10/2019

Interview

"Graffiti is de opvolger van popart"

Beeld rv

Wie de komende maanden een Rituals-winkel binnenloopt, zal daar niet naast de gele en groene tinten kunnen kijken. Het is de beroemde graffitikunstenares MadC die daarachter zit. Zij drukte haar creatieve stempel op de nieuwe ‘Express Your Soul’-collectie. "Ik heb geleerd dat ik inspiratie kan halen uit een geur."

Rituals en graffiti, de combinatie ligt niet voor de hand. Toen de ploeg van de cosmetica­winkel aan het brainstormen was over de zomercollectie, stelde een stylist voor om met streetart te werken. Hij toonde hen maar liefst achthonderd streetartwerken. Slechts één viel in de smaak, en dat was een werk van Claudia Walde, alias MadC. De twee besloten om samen in zee te gaan, en dus kreeg MadC de geur van de collectie toegestuurd met de opdracht om een canvas te beschilderen dat paste bij de geur.

Dat was best wel stressy voor de kunstenares: “Ik moest iets creëren dat tegelijkertijd mezelf én de geur vertegenwoordigde, maar dat ook nog op het product paste. Mezelf laten inspireren door een geur, dat had ik nog nooit gedaan, ik zat dus allesbehalve in mijn comfortzone. Ik heb mijn hersenen dan maar ‘afgezet’ en me gefocust op het werk, want het was ook de eerste keer dat ik zo’n grote samenwerking deed.”

Nochtans had MadC al heel veel voorstellen gekregen, onder andere voor kleding en een bagagemerk, maar die liet ze eigenlijk altijd aan zich voorbijgaan. “Past dat product wel bij me, kan ik er mijn hart inleggen?”, is de vraag die ze zich daarbij stelt. “Want je kunt mijn kunst er natuurlijk wel op drukken, maar wat heeft dat dan met mij te maken?” Met Rituals lukte het wél, want daar “gaat het meer over innerlijke schoonheid, over je goed voelen, eerder dan dat je probeert om er goed uit te zien voor anderen.”

Rebelleren

MadC startte als tiener al met graffiti te spuiten. “Het was zo’n typische fase waarin ik naar mezelf op zoek ging. Ik wilde rebelleren tegen mijn ouders en mijn grenzen verkennen. Daar paste de graffiticultuur ­perfect bij. Bovendien maak je er deel uit van een wereldwijd netwerk. In elk land is er wel iemand die je kan zeggen waar je kunt gaan schilderen, en je kunt altijd wel ergens op de sofa logeren. Natuurlijk had ik nooit gedacht dat ik hiervan zou kunnen leven, dat was nooit het plan.”

Haar artiestennaam heeft ze al van bij die prille start. “Ik was een overactief kind en raakte mijn energie niet goed kwijt. Als ik ging schilderen, zeiden mijn vrienden altijd: ‘The little mad one is there.’ De C staat voor Claudia, mijn echte naam.” Eigenlijk past de naam vandaag niet goed meer bij haar: “Ik ben erg gelukkig en voel me perfect in balans. Maar de naam plakt nu aan me. Toen ik een tijdje probeerde om mijn echte naam te gebruiken bij kunstgalerieën, bleven ze me MadC noemen, en toen dacht ik: whatever, I’m MadC.”

Wie is MadC? Geboren in 1980 als Claudia Walde / woont in Duitsland / studeerde grafische vormgeving aan de University of Art and Design in Halle en het Central Saint Martins College in Londen / schreef verscheidene boeken over streetart / beken­de werken: The 500 Wall in Leipzig, Lady Digby-muurschildering in Dulwich, Theatre Jean Vilar-muurschildering in Vitry. Beeld Photo: Marco Prosch

Haar werk vind je zowel op straat als in galerieën. Of er een groot verschil is tussen die twee werelden? “Ja en neen. Op een muur werk ik bijna alleen met spuitverf, en af en toe met een roller. Op canvas zijn dat vooral borstels. Het formaat verschilt natuurlijk. De fysieke bewegingen die je maakt voor een schilderij zijn totaal anders dan als ik een muur van 500 vierkante meter beschilder. Dan ben ik totaal uitgeput aan het einde van de dag. Tegelijkertijd zijn beide manieren heel energetisch en vrij, en schilder ik in dezelfde stijl. Wat ik in de studio ontwikkel, neem ik daarna mee op straat en werk ik heel groot uit. Wat ik daarvan opsteek, neem ik weer mee naar de studio. Ik moet ze echt allebei doen. Anders raak ik verveeld.”

Serieuze kunstwereld

Hoe de kunstwereld naar streetart kijkt, is de jongste jaren sterk veranderd. Vroeger wilden ze dat woord zelfs niet horen, maar je ziet de werken nu ook opduiken in musea en kunstgalerieën. De prijzen gaan mee de hoogte in. “Nu mensen ons werk op straat zien, kan hen dat inspireren om ook eens een galerie te bezoeken. Ook musea krijgen zo een totaal nieuw publiek. Het zijn niet langer stoffige plekken met witte muren”, vertelt MadC. “Eigenlijk hebben streetart en graffiti de plaats ingenomen van popart. Popart was de laatste echte kunststroming. Zo’n stroming wordt in het begin nooit geaccepteerd, dat was evengoed het geval met impressionisme. En nu is er dus streetart. Quite exciting!”

MadC investeerde best wel veel tijd in haar opleiding. Ze is erg blij dat ze geen kunst studeerde, maar wel grafisch design en karakteranimatie. “Stel dat ik een echte kunsttraining had gekregen, dan had dat grenzen in mijn hoofd opgeworpen. Mijn opleiding was eerder creatief: ik leerde werken met kleuren, met kalligrafie, druktechnieken… en zo kon ik ook met iets nieuws komen in deze wereld, iets wat je doorgaans niet ziet.”

De kleuren van Vincent van Gogh hebben haar erg geïnspireerd en ze vindt ook het abstracte werk van Gerhard Richter fascinerend. Maar, erg bijzonder, ze probeert vooral om niet te veel naar andere kunst te kijken. “Ik ben altijd bang dat ik te veel beïnvloed word door andermans werk. En dus doseer ik het echt. Een keer per maand ga ik naar een museum, of kijk ik in een boek of een artblog. Niet meer. Een klein vonkje volstaat.”

Liever niet anoniem

Graffiti­artiesten blijven vaak anoniem. Kijk maar naar Banksy. Niet zo bij MadC, die stilaan wereldberoemd is. “Toen ik enkele jaren geleden mijn eerste boek over streetart publiceerde, moest ik beslissen of ik dat onder mijn echte naam of onder mijn artiestennaam zou doen, en of mijn gezicht erbij mocht staan.” Over die beslissing deed ze maanden. Ze besloot om haar echte naam op het boek te zetten. “Het idee was: de auteur is Claudia Walde, en de artiest MadC. Maar zo werkt het natuurlijk niet.”

Haar muurschilderingen werden steeds groter. “Als je in Londen dagenlang aan één muur werkt, staan daar plots tien fotografen. Die kun je moeilijk zeggen dat ze maar moeten vertrekken. Bovendien wil ik ook focussen op mijn werk, in plaats van mijn gezicht te verbergen. Anoniem proberen te blijven was meer werk dan in de spotlights staan.” Maar eigenlijk is ze het nog altijd niet helemaal gewoon.

Werk van MadC (links) naast werk van het duo Herakut op een expo deze maand in München. Beeld EPA

In de beginjaren werkte MadC vooral in die typische graffitistijl. Op een gegeven moment had ze die techniek volledig onder de knie en ging ze op zoek naar een eigen stijl. In haar studio begon ze te werken met waterverf en borstels in plaats van spuitbussen. Op straat probeerde ze hetzelfde te doen mét spuitbussen. “Eigenlijk schilder ik nog altijd letters, al zien de meeste mensen ze niet meer. Graffitiartiesten vinden de letters altijd als eersten. Anderen zien het abstracte werk en de kleuren en de lagen, en dat is exact wat ik wil. Ik wil dat iedereen erin ziet wat hij/zij er graag in ziet en de energie voelt.”

Roze als statement

Opvallend in haar werk zijn de felle kleuren. “Die zijn vooral blauw, geel en magenta en een mix daarvan. Ik houd erg van de puurheid van die kleuren. Dat ik gelukkig ben, lees je in mijn kleurkeuze”. Want ook MadC is gestart met die typische donkere graffitikleuren. Het was een erg mannelijke wereld, maar daar stond ze in het begin niet bij stil. “Pas na een tijdje realiseerde ik me dat ik het enige meisje was tussen al die jonge gasten. In het begin sloten ze me uit, maar ik vocht terug en wilde me bewijzen. Daarna respecteerden ze me. Nu hoef ik helemaal niet meer te vechten.”

Ze vindt die gelijkheid een van de beste dingen die ze kon bereiken. “De eerste vijf jaar gebruikte ik nooit roze. Ook de naam MadC klonk helemaal niet vrouwelijk, dat wilde ik niet. Ik wilde beoordeeld worden op mijn werk.” Maar toen ze enkele jaren geleden kleuren mocht ontwerpen voor een bedrijf van spuitverf, koos ze voor roze, MadC Psycho Pink, en MadC Cherry Red. “Rood is mijn favoriete kleur. Het roze is een statement.”

Nog een statement: MadC eet al zeventien jaar geen vlees meer. “Ik ben vegetariër geworden omdat ik van dieren houd. Het lijkt me niet logisch om iets op te eten waar je van houdt. Toen ik thuis wegging, begon ik na te denken over wat ik belangrijk vind, en dat waren dieren en de natuur. Nochtans houd ik erg van de smaak van vlees. Ik houd het vol door mezelf in te beelden hoe het zou zijn om in het dier zelf te bijten.” (lacht) Als we opwerpen dat al die spuitbussen ook niet zo goed zijn voor de natuur, vindt ze dat we een punt hebben. “Ik heb het geluk dat het bedrijf dat me sponsort de meest milieuvriendelijke producent van spuitverf is. In hun gewone verf zit maar 8 procent toxines, terwijl dat bij andere gemakkelijk 35 procent is. En nu werken we samen rond een watergebaseerde spuitbus zonder toxines. Eigenlijk gaat die samenwerking met dat bedrijf een beetje zoals met Rituals: er was een klik. Niet omdat het gepland was, maar het werkte gewoon.” 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234