Zondag 26/05/2019

Leeftijdstest

Genetische leeftijdstest: belangrijke voorspeller of akelige waarzegger?

De wetenschap ontwikkelde een nieuwe bloedtest die onze biologische leeftijd voorspelt en daarbovenop onze gezondheidsrisico's in kaart brengt. Beeld THINKSTOCK

Een nieuwe bloedtest toont met een vingerprikje je ware biologische leeftijd. Die kan vijftien jaar verschillen met wat je identiteitskaart vertelt, en een indicatie zijn voor ziektes als alzheimer. Belangrijke voorspeller of akelige waarzegger?

De test, ontwikkeld door Britse, Zweedse en Amerikaanse wetenschappers, gaat op zoek naar de samenstelling van ribonucleïnezuur (RNA). Dat zijn piepkleine moleculen die genetische informatie bevatten en zo de 'echte' biologische leeftijd verraden.

Om de informatie in RNA te ontrafelen, vergeleek het onderzoeksteam huid-, hersen- en spierstalen van gezonde 25-jarigen met het genetisch materiaal van gezonde 65-jarigen. De combinatie van deze data werd toegepast op 107 Zweedse mannen, allemaal rond de 70 jaar oud. Hun 'biologische' leeftijd bleek tot vijftien jaar te verschillen van hun 'chronologische' leeftijd. De mannen zijn opgevolgd om de resultaten van de bloedtest te verifiëren. De proefpersonen met een 'gezonde biologische leeftijd' hadden op 82-jarige leeftijd beter functionerende nieren. Ook scoorden zij hoger op cognitieve testen.

Volgens de onderzoekers biedt de test, die wordt afgenomen met een simpele vingerprik, perspectieven voor het voorspellen, vaststellen en behandelen van ziektes zoals alzheimer. Het onderzoek, waarover bericht is in de Britse pers, is gepubliceerd in vakblad Genome Biology.

Deze nieuwe bevinding past in het snel ontwikkelende domein van de 'voorspellende geneeskunde', zegt specialist ethiek en medische filosofie Ignaas Devisch (UGent). "Het doel van deze geneeskunde is maximale controle verwerven over het eigen leven. Dankzij nieuwe technologieën lijkt dat ook mogelijk."

Een aantal van deze voorspellers is al ingeburgerd: biomarkers om nog verborgen tumoren op te sporen, embryoselectie om nakomelingen erfelijke aandoeningen te besparen, uitstrijkjes, mammografieën en poeptesten die speuren naar signalen van allerlei kankers. Daarnaast heeft zich een heuse markt van genetische zelftests ontwikkeld die balanceert tussen het bevredigen van de menselijke nieuwsgierigheid (Ik ben verwant met een IJslander!) en paranoia (Ben ik het product van overspel?).

Angst en onzekerheid

Want dat is het onvermijdelijke gevolg van dergelijke onderzoeken, zegt Devisch. "Je bent op zoek naar zekerheid, maar je wordt er net heel onzeker van. Dergelijke testen voorspellen risico's, geen zekerheden: je hebt een kans van zoveel procent op deze of deze aandoening. Ook al is die kans slechts 3 procent, je ben niet meer vrij van zorgen. Zo staat de rest van je leven meteen in het perspectief van een ziekte die je misschien, of misschien niet, zal krijgen."

Beeld Getty Images

Het effect op de persoon die de resultaten onder ogen krijgt, zegt Devisch, is moeilijk te voorspellen. "Een aantal mensen zal zijn of haar leven opeens heel positief gaan inrichten, de dingen gaan doen die ze altijd wilden doen, focussen op wat voor hen echt belangrijk is. Evengoed zijn er mensen die in een spiraal van angst en onzekerheid belanden, of een depressie. De vraag is of het veroorzaken van dergelijke heftige emoties opweegt tegen het beoogde doel van zo'n test, namelijk ziektes opsporen om ze te genezen."

In dat opzicht wordt de 'alzheimer-test' een zwaard van Damocles: de hersenaandoening is namelijk niet te genezen. Wie via zo'n test te horen krijgt dat hij of zij een verhoogd risico op de ziekte heeft, kan dus enkel bang afwachten tot de eerste verwarring en vergeetachtigheid toeslaat. Daarom tekende de Wereldgezondheidsorganisatie al in 1968 een kader uit dat bepaalt dat screening enkel zou mogen wanneer er een zinvolle behandeling voor de ziekte bestaat.

Beeld THINKSTOCK

Dat lijkt de ongeruste patiënt/consument niet te deren, kijk maar naar het succes van total body scans (slogan: 'krijg inzicht in je gezondheid'). De MRI-scan kost zo'n 1.000 euro, gebeurt vooral in Duitse privé-instellingen en lokt jaarlijks zowat 200 Belgen lokken (cijfers van de sector). Dichter bij huis zijn de voorbeelden van 15-jarige meisjes die naar de gynaecoloog om een uitstrijkje gaan (terwijl dat pas vanaf 30 nodig is) en vrouwen die onder het mes gaan voor knobbeltjes in hun borsten waarvan onderzoekers vermoeden dat een groot deel niet evolueert naar kanker, of een chemokuur volgen terwijl een mildere behandeling kan volstaan.

Hoe verfijnder er gescreend wordt, zegt Devisch, "hoe meer je vindt: uiteindelijk loopt iedereen wel een risico op íéts. Deze mensen komen dan weer terecht in de klassieke gezondheidszorg om te voorkomen of te genezen wat hun test aan het licht heeft gebracht. Het gevolg is veel onrust en stijgende kosten in de gezondheidszorg." De overheid probeert dat te voorkomen door praktijken als de body scan te verbieden, en door risicogroepen af te bakenen voor wie screening zin heeft. Zo gaat het vaak in de gezondheidszorg, zegt Devisch: "De goed geïnformeerde, vaak gezonde mensen springen op de kar. De groep waar de noden het hoogst zijn, vindt de weg net niet."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.