Zaterdag 18/01/2020

Interview

"Fuck, zijn we nu nog altijd met religie bezig?"

Joost Vandecasteele: 'Literatuur heeft een ontzettend dedain voor alles wat geen literatuur is. 'Ik kijk nooit tv', hoor je zo'n schrijver dan zeggen, alsof dat iets is om trots op te zijn.' Beeld Karoly Effenberger

Wat doe je tegen radicalisering en geweld? Een absurd applaus inzetten. Joost Vandecasteele schreef een verwarrende roman over onze verwarrende tijden. Flitsend, soms hilarisch, maar vooral ook verontrustend. "Een hedendaags boek móét futuristisch aanvoelen."

Na Charlie Hebdo werd Joost Vandecasteele gevraagd om in Bozar met Molenbeekse jongeren in discussie te gaan. Al snel kwam het onderwerp evolutietheorie bovendrijven. Daar leken die jongeren het meeste moeite mee te hebben. "Darwin, dat kennen we vanbuiten", zeiden ze, "maar we geloven het niet." "Maar er zijn toch wetenschappelijke feiten", bracht Vandecasteele in, wat ze beaamden, maar dat veranderde volgens hen niets.

"Feiten maken geen indruk", aldus Vandecasteele. "Dus begon ik me af te vragen wat wel indruk zou maken. Wij zien onszelf als wetenschappelijk en rationeel. Dat maakt ons zwak. We zullen nooit de stoersten zijn. Op zich is er niets mis met softies. De wereld zou een mooie plek zijn als softies het voor het zeggen hadden. Maar toch zou er iets moeten zijn dat ons een beetje sterker maakt. Vandaar dat mijn nieuwe roman een ode aan de vreemdheid is geworden. Een zot wordt immers met rust gelaten.

"Een tijd geleden hield ik op tv voor De afspraak een pleidooi voor een absurde staatsgodsdienst. Ergens geloof ik daar ook wel in. Dit is België, het land van Magritte en Kamagurka. Als er erge dingen gebeuren, komen wij niet verder dan een cursus of een deradicalisatie-ambtenaar. Na 9/11 nodigde de Amerikaanse overheid Hollywood-regisseurs uit met de vraag of zij tips hadden om de nieuwe werkelijkheid te tackelen. Fantastische fictie, was het antwoord. Ik vind dat een mooi idee."

Jungle heet die fantastische fictie in het geval van Vandecasteele, een roman over een schrijver die de bodem uit zijn wereld ziet vallen en zich genoodzaakt ziet alle mogelijke opdrachten aan te nemen. Een mens moet toch wat om te overleven. Hij reist naar Spanje en duikt onder tussen de daklozen, komt in de VS in een game terecht en voelt hoe onwerelds vreemd een gloednieuwe stad als Astana kan zijn.Jungledoet denken aanMassa, Vandecasteeles succesroman uit 2012, waarin de vervreemding in een steeds technologischer wordende wereld hand over hand toeneemt.

"Als een boek niet futuristisch aanvoelt, is het geen hedendaags boek", verklaart Vandecasteele. "Omdat een boek sowieso gedateerd is bij het verschijnen, probeer ik de nabije toekomst te tonen: niet morgen, maar overmorgen. Misschien heb ik te veel manga gezien of weirde horror gelezen in mijn jeugd, maar vandaag speelt er echt meer dan de vluchtelingenproblematiek.

"Ik ben nu 36 en herinner me nog goed de jaren negentig. We waren bezig met de toekomst. Niet alleen in sciencefiction of Hollywood-gewijs, maar ook in de realiteit: waar gaan we naartoe? Biedt waterstof een uitweg? Ons land nam een euthanasie- en een genocidewet aan. Toen de millenniumwende eenmaal achter de rug was, viel dat stil. Daar zal 9/11 wel voor iets tussen zitten, natuurlijk. Vrouwen- en homorechten, waarvan we lang dachten dat die verworven waren, worden weer ter discussie gesteld. En hetzelfde met religie:fuck, moeten we daar nog altijd over bezig zijn? Moeten we daar in 2016 nog steeds een plaats voor zoeken? Gaan we het heden blijven herhalen: meer olie en meer geloof?

"We zijn al tweeduizend jaar hetzelfde aan het doen en toch voelt het alsof de machthebbers zeggen: geef ons nog duizend jaar en het komt in orde. Soms zie je iets dergelijks in columns uit de katholieke hoek. Dan zitten ze te jammeren dat ze hun kijk op de wereld niet kunnen verkondigen en dan denk ik: vergeet niet dat je al tweeduizend jaar bezig bent met het verkondigen van die kijk. Je moet nu niet afkomen dat je geen kansen krijgt. Hetzelfde zie je met de islam. Die is nu 1.300 jaar oud en zit in zijn puberteit. Daar moeten we niet over zaniken. Wat denk je dat de katholieken aan het doen waren in 1300? Kruistochten aan het voeren. Godfried van Bouillon zou vandaag afgemaakt worden op Twitter. Wacht maar tot Scientology duizend jaar oud is, denk ik dan."

Jungle is flitsend en hilarisch. Het boek brengt alles met alles in verband en is zo up-to-date dat zelfs de verlamming van Brussel veroorzaakt door terreurniveau 4 er in staat. Vandecasteele: "Ik heb daarover getwijfeld, omdat ik het nog niet verwerkt heb. Ik wou niet in dezelfde hysterie raken als de media. Ik wou het vermelden zonder er grootse uitspraken over te doen. Want zo voelde het ook: niet groots, maar saai en vervelend. Maar het klopt wel. Als ik de wereld beschrijf als iets absurds, bevreemdends en verwarrends, en ik hoor dan Jan Jambon zeggen dat er een aanslag verijdeld is omdat er geen aanslag gebeurd is, dan denk ik: dit klopt zo hard met wat ik probeer te zeggen, dat ik het moet gebruiken."

Beeld Karoly Effenberger

Brussel is een constante in het boek. De verteller reist naar alle uithoeken van de wereld, maar in Brussel komt hij steeds weer thuis.
Vandecasteele: "Brussel is de meest futuristische stad van het land, de enige die in de buurt komt van een grootstad, wat op zich een recent fenomeen is. We zijn nog aan het uitzoeken hoe dit het beste werkt, maar we vallen al te veel terug op het bekende.

"Ik weet ook wel dat je niet kunt spelen met de levens van mensen en dat ze nog normaal moeten kunnen werken en school lopen. Maar ik vind toch dat het experiment ontbreekt. Het fascinerende aan Brussel is dat je een aanwezigheid voelt van verschillende werelden waar je niet binnenraakt. En dan heb ik het niet alleen over Molenbeek of de salafisten, maar ook over expats, de Aziatische gemeenschap of een aantal pinksterkerken. We zijn met zo veel, en het lukt. Het ontploft niet. Is dat een kwestie van tijd, zijn we te lui, of zitten we gewoon te dicht op elkaar? Molenbeek en de Dansaertstraat raken elkaar letterlijk.

"Abou Jahjah denkt dat het ieder moment kan ontploffen. Er moet maar een kerel omver geduwd worden door een politieagent en het is zover. Dan had het toch allang ontploft moeten zijn? Er zijn al genoeg incidenten geweest. Ik vind dat de Brusselaar zich goed gedraagt. De mensen zijn er zo afstandelijk, zegt men dan, en er is geen warmte. Maar dat is een manier van overleven natuurlijk. Elkaar met rust laten is vaak ook wel gezond.

"Maar dat betekent niet dat we moeten stoppen met nadenken over wat nog beter kan. Is het bijvoorbeeld zo verstandig om het centrum te vullen met gated community's? Men is overal lofts aan het bouwen en het eerste dat wordt opgetrokken zijn het hek en de muren eromheen. De beveiligingscamera's hangen er al voor men begint te bouwen.

"Laten we toch even nadenken over wat waar komt. Is het verstandig om een gokkantoor te vestigen in een arme wijk? Of om een durumzaak naast een bestaande durumzaak te openen? Ik wil van Brussel ook geen tweede Singapore maken waar alles gepland is, maar iedereen zomaar zijn gang laten gaan, maakt je als stad ook heel zwak. Je begint een voetgangerszone, maar als de handelaars klagen, stop je er weer mee, bijvoorbeeld. Zo van: 'O sorry, je vindt het erg dat je niet meer kunt rijden. We dachten dat je dat hilarisch zou vinden.' Dat is toch geen beleid? Een stad besturen is meer dan werken van dag tot dag.

"Ik mis een groots idee in Brussel, ook al voel ik dat er momenteel iets aan het broeien is in de goede zin van het woord. Brussel moet zich niet meten met Gent of Antwerpen, maar wel met andere hoofd- en grootsteden."

Of hoe het beter bestuurd kan worden?
"Dat het niet vlot met Brussel heeft veel met ons kiessysteem te maken. Af en toe moet men iemand uit Brussel in de regering droppen om toch ietwat geloofwaardig over te komen, maar dat is moeilijk. Je ziet alle partijen hardop denken: 'Hebben wij in feite wel iemand uit Brussel?' We zitten in België met ministers die heel groot zijn in hun provincie en vanuit die achtergrond redeneren. Iemand uit Brussel begint dus altijd met een achterstand tijdens de regeringsvorming. Die krijgt binnen zijn eigen partij dan te horen dat hij niet te veel mag verwachten aangezien hij maar een handvol kiezers heeft. Zolang dat niet verandert, zal Brussel altijd stiefmoederlijk behandeld worden. Kun je je voorstellen dat de Britse regering zou zeggen: 'Londen? Wie komt daar nu vandaan?'"

In die zin zijn de instortende tunnels een mooie metafoor?
"Ik vind dat een fantastische symboliek. Dat zelfs de infrastructuur het gevoel heeft: stop effe. Die tunnels lijken wel rochelende kelen die hoesten en waaruit brokken spatten: 'Sorry, ik zou in feite moeten stoppen met roken.'"

Beeld Karoly Effenberger

Het grootste deel van je personages zijn jonge anarchisten uit de underground. Hebben zij de toekomst in handen?
"Dat heb ik vooral in Spanje zo gevoeld. Daar sloeg de crisis echt heel hard toe. Zij die normaal gezien gespaard blijven, zoals de betere middenklasse en de artistiekelingen, voelden ze daar ook aan den lijve. Dat zorgde voor een frisse wind binnen de verzetsgroeperingen.

"In mijn boek komt de Hart Boven Hard-betoging aan bod. Dat was een heel andere betoging dan een betoging van de vakbond: heel weinig voetzoekers en rondvliegende Jupiler-blikjes. Ik geloof wel in het idee dat je niet hardhandig op straat moet komen om iets te veranderen. Klein verzet is mogelijk. We zitten met een regering die verzet nooit serieus zal nemen. Dan moeten we die regering ook niet serieus nemen. Ik weet uit ervaring dat je meer bereikt door iemand in de war te brengen dan door iemand kwaad te maken. Je kunt je middelvinger opsteken en dan krijg je een middelvinger terug. Stel echter dat iemand iets eikeligs doet en jij applaudisseert ervoor, dan breng je hem uit zijn lood. Zo raak je beter in iemands psyche dan wanneer je hem kwaad maakt. Dat wil ik doen met mijn boeken. Ik streef geen eeuwigheidswaarde na. Ik wil degene zijn die mensen aan het wankelen brengt."

Vandaar het motto van het boek, Richard Pryors 'When you ain't got no money, you gotta get an attitude'?
"In feite is daarmee alles gezegd over deze tijd. Als je niets hebt, heb je alleen je lijf, en is dat je visitekaartje. Het enige wat mijn hoofdpersonage nog bezit, is de personaliteit van de schrijver. Daar zet hij alles op in.

"Tijdens de nieuwjaarsreceptie van Open Vld stond Gwendolyn Rutten te roepen dat de regering 4 miljard bespaard had en hoe blij ze daar wel mee waren. Het lijkt alsof de visie van alle partijen vandaag teruggebracht is tot hoeveel er bespaard kan worden. Dat is dus tot wat onze westerse normen en waarden gecondenseerd zijn: bezit en geld. Daar gaan we de mensen warm mee maken, met spulletjes. We leven in een wereld die radicaliseert en wij bieden spulletjes aan, en als salafisten die terug in ons gezicht gooien, verstaan we dat niet. Volgens mij moeten we iets meer te bieden hebben dan comfort en spulletjes."

Wil jij de literaire pendant zijn van de adbusters die het reclamebord van Coca-Cola op het Brouckèreplein hackten?
"Eigenlijk wel. Literatuur is een akelige plek om aandacht voor te vragen. Ze is stoffig en saai. Dat ik vastzit in oude media, is een van mijn grote frustraties. Tv is er wel in geslaagd zich online uit te breiden. Er is geen dedain voor het internet. Literatuur heeft echter een ontzettend dedain voor alles wat geen literatuur is. 'Ik kijk nooit tv', hoor je zo'n schrijver dan zeggen, alsof dat iets is om trots op te zijn. Of 'Ik ben gestopt metHumo'. Wil je nu een medaille of zo?

"Literatuur laat zich in een hoekje drukken en denkt dat het voortbestaan gegarandeerd is zolang Jan Siebelink en Arthur Japin nog verkopen, maar die zijn ook aan het uitsterven. Ik ga op zoek naar het publiek dat zich in de steek gelaten voelt door de literatuur. Ik heb dat zelf meegemaakt.Toxvan Paul Mennes was heel belangrijk voor mij. Ik las het op het juiste moment om te beseffen dat literatuur ook zo mocht zijn. Om de zoveel tijd heb je mensen nodig die tegen achttienjarigen of twintigers en tegen gamers en geeks zeggen dat er ook een ander soort literatuur bestaat. Je moet hen iets aanbieden dat hen aanspreekt.

"Vandaag toont de literatuur ons een jarentachtigversie van de realiteit. Dat zelfs debutanten meegaan in dat verhaal vind ik echt verontrustend. Schrijf iets spannends en stap af van de overtuiging dat we nog steeds Harry Mulisch en Hugo Claus moeten imiteren. De wereld is veranderd en de lezer is een ander soort lezer geworden. Hij kan kiezen tussen verschillende media, en dan maak je beter dat je als schrijver een valabele optie bent, en niet de zieligste.

"Ik schrijf pulp, dat weet ik. Ik ben daar trots op en ik wil daar goed in zijn. De eersteAlien, van Ridley Scott, was een B-film, maar wel een fantastisch goede. Dus schrijf ik pulp, en dat maakt het gesprek met een uitgever er niet makkelijker op. 'Zo win je de Libris niet', zegt die dan, maarso be it. Vandaar dat ik zo blij ben met mijn nieuwe uitgeverij, Lebowski, die wel snapt wat ik wil doen."

Beeld Karoly Effenberger

Je hoofdpersonage verdwaalt op het internet en komt in een game terecht. In vergelijking met de wereld op het internet kan de echte wereld alleen maar teleurstellen?
"Wij baseren onze wereldvisie op wat ons aangereikt wordt. Het internet presenteert ons versies van de feiten die we steeds vaker voor die realiteit gaan houden. Ik zeg niet dat dat op zich slecht is, alleen moeten we erkennen dat we ons niet meer op feiten baseren. Vandaag is dat het duidelijkst te zien in Rusland. Vladislav Soerkov, een man die oorspronkelijk uit de kunstwereld komt, is Poetins naaste raadgever geworden. Hij gebruikt methodes uit de avant-garde om hem aan de macht te houden. Hij toont dat politiek en werkelijkheid spektakel zijn en brengt iedereen in verwarring. De enige standvastige is dan Poetin. Als een bevolking niet weet tegen wie ze in opstand moet komen, dan zal ze ook niet in opstand komen, zei Soerkov ooit. Er zijn dingen aan het gebeuren, dat voel ik, misschien niet hier, maar in onze geglobaliseerde wereld doet dat er niet meer toe."

Beeld kos

Misschien wel in Japan, waar je boek eindigt?
"Het leek me het logische einde van het boek: waar kan iemand na een apocalyps terechtkomen? Daar waar de apocalyps echt heeft plaatsgevonden natuurlijk, in 1945. Japanners denken anders over de realiteit. Vandaar dat robots er als veel menselijker beschouwd worden dan hier. Japanners denken dat robots een ziel hebben, terwijl Amerikanen dan weer proberen om een godsbesef in te bouwen in hun robots."

En Europeanen?
"Angst wellicht, of betweterigheid."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234