Zondag 31/05/2020

Interview

De Tien Waarheden van Alicja Gescinska: "Het is heel normaal om ongelukkig te zijn"

Beeld Karel Duerinckx / Gert Van Goethem

In De Tien Waarheden stelt Stef Selfslagh een interessante sterveling de vraag: "Wat zijn de tien dingen die je in de loop van je leven hebt geleerd en die je als waarheden durft te verkondigen?" Het resultaat: bruikbare levenswijsheden, niet zelden verpakt in snedige oneliners. Aflevering 31: de Pools-Belgische filosofe Alicja Gescinska.

Deze maand verschijnt de vierde druk van De verovering van de vrijheid, het boek waarmee Alicja Gescinska (35), filosofe, in 2011 debuteerde. De afgelopen jaren schreef ze ook een roman, maakte ze voor Canvas Wanderlust, doceerde ze aan twee Amerikaanse universiteiten en beviel ze van drie zonen. 

Wanneer ik bij Alicja Gescinska aanbel, hoor ik in plaats van het gebruikelijke ‘dingdong’ de instrumentale versie van het zowel in Helmut Lotti-fanclubs als in spionkoppen erg populaire 'You'll win! Every fight you fight, every game you play!' Een muzikaal oppeppertje dat haar helpt om glimlachend de deur te openen wanneer de boze buitenwereld haar uit haar existentiële gemijmer komt rukken? Een dartel tegengewicht voor de aanvallen van somberte waaraan ze geregeld ten prooi valt? Of auditief restafval van de vorige bewoners dat ze te grappig vond om te verwijderen? Ik wil het haar vragen, maar vergeet het op slag wanneer ik haar woonkamer binnenkom en recht in de ogen kijk van Tadeusz, haar drie maanden oude zoon. Tadeusz is de levende versie van een ‘Welkom in ons huis!’-bord: alleen al in zijn richting kijken, volstaat om de temperatuur in je hart prompt met tien graden te doen stijgen.

De geboorte van Tadeusz, in oktober 2016, was voor Gescinska een van de vele hoogtepunten van een uitzonderlijk jaar. In februari verscheen Een soort van liefde, haar debuutroman. In augustus lag Allmensch in de winkel, een essay waarin ze ons aanmoedigt om de wereldverbeteraar in elk van ons te doen ontwaken. En in het najaar maakte ze Wanderlust, een als ‘slow tv’ geklasseerd Canvas-programma waarin ze met een voor tv-makers onkarakteristieke nederigheid ging luisteren naar filosofen, kunstenaars, schrijvers en wetenschappers.

Moeten we uit de alomtegenwoordigheid van Gescinska afleiden dat ze van plan is om de vrouwelijke Alain de Botton te worden en haar filosofische bagage te vertalen in – komt-ie – laagdrempelige levenslessen? “Nee. Filosofie en levenswijsheden: ze zijn geen vreemden voor elkaar, maar ze zijn ook niet met elkaar getrouwd. Wat de School Of Life van De Botton typeert, is de belofte die hij eraan koppelt: ‘Kom naar onze filosofieschool en je zult een beter leven leiden.’ Echte filosofie maakt die belofte niet: een cursus wijsbegeerte is geen handleiding voor een beter leven. Een goed filosofieboek kan je miserabel en hopeloos achterlaten. Als een levenskunstboek dat doet, is het een slecht boek.'"

En ik die dacht dat haar tien waarheden niks minder dan levensverbeterende inzichten gingen zijn, zeg ik. Ze lacht en antwoordt: “Mijn waarheden zijn niet méér waar dan die van je andere gesprekspartners. Een stelling als ‘water kookt op 100 graden’ moet waar zijn. Maar levenswijsheden zijn overtuigingen. Wat míj helpt om het leven draaglijk te maken, is niet noodzakelijk nuttig voor jou.”

Verwachten mensen van filosofen dat ze altijd slim zijn, zoals ze van komieken verwachten dat ze altijd grappig zijn? “Nee. Wat ik wél merk, is dat mensen mij willen bewijzen hoe slim ze wel zijn. Dat uit zich in opmerkingen als: ‘Wat je net vertelde, wist ik al. En ik heb niet eens filosofie gestudeerd.’ Of: ‘Ik ben ook filosoof. Allez, levensfilosoof.’ Erg vermoeiend soms.” (lacht)

Waarop Tadeusz, die inmiddels in de armen van zijn moeder ligt, een kirrend geluid produceert dat zich nog het best laat vertalen als: ‘Volwassenen: ik vind ze nu al grappig.’

Het Is Niet Omdat Het Niet Slechter Kan Dat Het Niet Beter Moet.

“We hebben de morele plicht om altijd beter te doen. Voor onszelf, voor onze medemensen, voor de maatschappij. Veel mensen zeggen: ‘Zoals het leven nu is, is het toch niet slecht?’ Ik antwoord dan altijd: ‘Misschien niet. Maar mogen we alleen maar dingen veranderen als het slecht gaat? Ook wat oké is, kan beter.’

“Sommige filosofen, zoals Bas Haring, vinden dat de mens de lat helemaal niet hoog hoeft te leggen. ‘Speel kaart, voer geen klap uit, dat is ook een mooi leven’, zegt hij. Maar je kunt niet alle dagen in beschonken toestand patience spelen en op het einde van de rit zeggen: ‘Ik ben een goed mens geweest.’ Je moet iets proberen te máken van je leven.

“Mijn eigen leven kan ook beter. Ik heb met niemand ruzie, maar ik kan best nog meer betekenen voor mijn vrienden. Je hoort mensen weleens brommen: ‘Ik ben niemand iets verschuldigd.’ Ik vind dat een akelige zin. Een mens is geen eiland. We hebben allemaal veel te danken aan de mensen om ons heen. We zijn hen wél iets verschuldigd.”

'‘Ik ben niemand iets verschuldigd.’ Ik vind dat een akelige zin.'Beeld Karel Duerinckx / Gert Van Goethem

Toen ze zeven was, emigreerde ze samen met haar ouders en twee zussen van Polen naar België. Hebben haar ouders hun eigen leven opgegeven om hun kinderen een bétere versie van het bestaan cadeau te doen? “Ja. Ze hadden ook in Warschau kunnen blijven. Maar ze wisten dat we ons daar nooit vrij hadden kunnen ontwikkelen. Dat we er ons hadden moeten schikken naar de wensen van de communistische partij. Mijn ouders hebben een offer gebracht en precies daarom moet mijn leven zinvol zijn. Anders hebben ze hun land en hun vrienden voor niks achtergelaten. Daar zou ik niet mee kunnen leven.

“Of ik mezelf op die manier niet te veel druk opleg? Ja. Ik ga vaak met een schuldgevoel slapen. Omdat ik vind dat ik die dag niet genoeg betekend heb. Maar eerlijk? Ik zou willen dat méér mensen weleens met een schuldgevoel gaan slapen. We mogen best wat veeleisender zijn voor onszelf.”

Count Your Blessings.

“We hebben zoveel om dankbaar voor te zijn. En toch lopen we voortdurend te klagen. Dat is niet zo mooi. We zouden beter benoemen wat er wél allemaal goed is aan ons leven.”

Hoe komt het dat mensen meer talent hebben om te mopperen dan om te juichen? “Omdat we onszelf alleen vergelijken met mensen die het in onze ogen beter hebben. We denken nooit: ‘Jeetje, vergeleken met de Sudanezen hebben wij het hier nogal getroffen.’ Terwijl we dat beter wél zouden doen. Want wie in België geboren wordt, heeft per definitie het groot lot gewonnen. Je kunt hier spotgoedkoop studeren, goed verdienen, overal je mening over geven… Allemaal dingen die we als vanzelfsprekend zijn gaan beschouwen, maar dat helemaal niet zijn.

“Voor alle duidelijkheid: ik huppel niet elke dag vrolijk door het leven. Integendeel: ik ben regelmatig ongelukkig. Maar net daarom tel ik vaak mijn zegeningen. Als tegengewicht.”

Ik vraag wat haar bij momenten ongelukkig maakt. “Het eeuwige denkwerk. (glimlacht) Nadenken is noodzakelijk, maar maakt het leven niet gemakkelijker. Wie zijn dagen al reflecterend doorbrengt, cirkelt voortdurend rond de vaststelling dat de wereld er globaal gezien slecht aan toe is. Dat weegt. Zeker omdat ik mezelf ook nog eens verplicht om van de wereld een betere plek te maken. En vaak het gevoel heb dat ik daar niet in slaag. Er zijn dagen waarop ik met dat overbevraagde hoofd van mij tegen de muur knal. Maar gelukkig sta ik ook altijd snel weer op.”

In Tijden Van Succes Kent Men Zijn Vrienden.

“‘In tijden van nood kent men zijn vrienden’, luidt het gezegde. En dat klopt ook. In 2010 is mijn vader gestorven. Ik heb toen gemerkt wie er voor me was en wie niet. Maar kort daarna kwam mijn eerste boek uit en kreeg ik in de media mijn eerste interviews. Wel, ik verzeker je: ook in tijden van succes kent men zijn vrienden.

“Sommige mensen vinden het gemakkelijker om je te troosten als het slecht gaat dan om je te feliciteren als het goed gaat. Ze zien je zogezegd graag, maar toch gunnen ze je geen succesje. Vreemd is dat. Ook al omdat mijn succes zo bescheiden is. Ik ben geen intergalactische beroemdheid geworden, ik kom gewoon nu en dan in de krant of op tv. Maar toch is dat blijkbaar al genoeg om jaloezie op te wekken. Mijn vriendenkring is er de afgelopen jaren kleiner door geworden. Afgunst is een destructieve emotie.”

De Ander Kan Gelijk Hebben. (Hans-Georg Gadamer, Duits filosoof)

“Ooit vroeg iemand de Duitse filosoof Hans-Georg Gadamer: ‘Hoe zou je je filosofie samenvatten?’ Hij dacht lang na en zei: ‘De ander kan gelijk hebben.’ Ik vind dat een prachtig antwoord. Dat de ander gelijk kan hebben, zou het uitgangspunt van elk gesprek moeten zijn.”

Kan de ander ook gelijk hebben als hij Donald Trump heet? “Als de ander gelijk kan hebben, kan hij gelijk hebben, hé? Zeker in een alternatieve feitenwereld. (lacht) Er wordt vaak gezegd: ‘Trump-aanhangers zijn dom.’ Maar dat is niet noodzakelijk waar. Misschien hebben sommige mensen op Trump gestemd om redenen die we beter moeten proberen te begrijpen. Wij focussen altijd op wat iemand doet. Terwijl het net zo belangrijk is om ook te weten waarom die persoon dat doet.

'Sommige mensen vinden het gemakkelijker om je te troosten als het slecht gaat dan om je te feliciteren als het goed gaat.'Beeld Karel Duerinckx

“De ander begrijpen, is trouwens niet hetzelfde als er ook begrip voor opbrengen. Het is best mogelijk dat je iemands standpunt begrijpt, maar toch zegt: ‘Ik ga niet akkoord. Het is niet goed dat je zo denkt.’

“We gaan er altijd van uit dat andersdenkenden niet genoeg hebben nagedacht. Maar iemand kan een totaal ander standpunt innemen dan jij en toch even lang hebben nagedacht. Het is te gemakkelijk om alle pro-life-activisten weg te zetten als religieuze idioten die zonder enige vorm van reflectie een christelijk dogma volgen. Het is perfect mogelijk dat iemand zich grondig heeft bezind en toch bezwaren heeft tegen abortus.

“In Vlaanderen kunnen blijkbaar alleen ongelovigen intellectuelen zijn. Wie religieus is, wordt automatisch als minder intelligent beschouwd. Mijn atheïstische vrienden zeggen vaak: ‘Eenmaal je Darwin hebt gelezen, word je vanzelf atheïst.’ Maar denken ze nu echt dat katholieken nog nooit Darwin hebben gelezen? In de Verenigde Staten wordt een gelovige intellectueel niet als een rond vierkant gezien. Neem Cornel West, een van de belangrijkste hedendaagse filosofen. Hij is populair bij zowel Republikeinen als Democraten. Hij is links-progressief, denkt bijzonder scherp én is een baptist. Het een sluit het ander dus niet uit.”

Is ze zélf gelovig? “Op die vraag antwoord ik liever niet. Mensen denken in hokjes. Zodra ze zouden weten of ik katholiek of vrijzinnig ben, zouden ze al mijn filosofische uitspraken vanuit dat hokje interpreteren. Atheïsten denken dat ik katholiek ben omdat ik de geschriften van Paus-Johannes Paulus II bestudeerd heb. Katholieken denken dan weer dat ik atheïstisch ben omdat ik aan de UGent gedoctoreerd heb. Dat zegt genoeg. De waarheid is: mijn filosofische beschouwingen zijn niet op mijn geloof of atheïsme gebaseerd. Mijn boek over vrijheid wordt door gelovigen én ongelovigen gewaardeerd.”

Kinderen Maken Makkelijke Dingen Moeilijk. En Moeilijke Dingen Makkelijk.

“Sinds ik kinderen heb (Gescinska heeft behalve een zoon van 3 maanden ook nog twee zonen van 5 en 3 jaar, STS) zijn de moeilijke dingen in mijn leven gemakkelijker geworden. Ik vertelde je al dat ik soms last heb van existentiële worstelingen. Vroeger liet ik me in dat verdriet weleens gaan en bleef ik drie dagen jammerend in bed liggen. Maar sinds ik mama ben, vraag ik me nooit meer af waarom ik zou moeten opstaan. Ik sta op omdat mijn kinderen boterhammen nodig hebben en naar school gebracht moeten worden. En omdat ik hen ’s namiddags met de glimlach aan de schoolpoort wil gaan opwachten. Mijn zonen verdienen dat. Het is niet hún fout dat hun mama zich over de ellende in de wereld wil buigen. (lacht)

“Tegelijkertijd maken kinderen de gemakkelijke dingen in het leven veel moeilijker. Vroeger kon ik binnen de twee seconden mijn huis verlaten: ik stapte door de voordeur naar buiten en dat was het. Nu is ‘het huis verlaten’ een regelrechte onderneming geworden. Minstens een kwartier lang moet ik sergeant spelen: ‘Waar is je jas? Vergeet je handschoenen niet!’ Wat vanzelfsprekend was, is ingewikkeld geworden, en wat ingewikkeld was, is vanzelfsprekend geworden.”

'In Vlaanderen kunnen blijkbaar alleen ongelovigen intellectuelen zijn.'Beeld Karel Duerinckx / Gert Van Goethem

Ohne Musik Wäre Das Leben Ein Irrtum. (Friedrich Nietzsche, Duits filosoof)

“Zonder muziek zou het leven voor mij ondraaglijk zijn. Dankzij muziek voel ik me minder vaak eenzaam, vind ik rust en kan ik mijn leven beter aanvaarden. Muziek is voor mij zoveel meer dan een deuntje. Chopin, Schubert, Beethoven… Ze verbinden me op een haast metafysische manier met mijn medemensen. Schrap muziek uit mijn leven en ik word gegarandeerd een stuk dierlijker.

“En toch kan muziek ook irritant zijn. Wanneer ik in een restaurant ben, bijvoorbeeld, heb ik liever dat er geen muziek gespeeld wordt. Zo kan ik mij toespitsen op de conversatie met mijn tafelgenoten. Ik heb een hekel aan achtergrondmuziek. Als ik naar muziek luister, mag er niks anders zijn dan die muziek. Ik wil er volledig in kunnen op gaan.”

Geen Falen Is Zo Erg Als Falen Voor Jezelf.

“Wanneer ik niet tevreden ben over mezelf, mag nog heel de wereld zeggen dat ik wél goed bezig ben, ik zal mij daar niet beter door voelen. Ik kan mezelf niet bedriegen: als ik wéét dat ik tekortgeschoten ben, blijft dat gevoel aan mij knagen. De kunst is om ervoor te zorgen dat het mij niet opvreet.”

En lukt dat? “Niet echt. (lacht) Ik wil altijd beter doen, het is nooit goed genoeg. Toen mijn vader op sterven lag, besefte hij dat hij met zijn leven veel meer had kunnen doen. Ik wil vermijden dat ik dat later ook denk. Daarom sta ik mezelf niet toe om lui of moreel onverschillig te zijn. Maar hoe geëngageerder ik in het leven sta, hoe meer ik het gevoel heb dat ik faal. Er zijn altijd wel dingen die ik beter had kunnen doen.

“Het is voortdurend balanceren op een slappe koord. Ik wil mijn leven zo zinvol mogelijk maken, maar ik moet ervoor zorgen dat die ambitie gezond blijft. Dat ik niet té veeleisend word voor mezelf en permanent met een schuldgevoel rondloop.”

Whenever You Find Yourself On The Side Of The Majority, It Is Time To Pause And Reflect. (Mark Twain, Amerikaans schrijver)

“Als mensen de ene kant opgaan, ga ik vaak de andere kant op. Een tijd geleden moest iedereen Kapitaal in de 21ste eeuw van Thomas Pikkety gelezen hebben. Zo’n grote consensus maakt automatisch een soort van oppositie in mij wakker. Laat mij dan maar degene zijn die Pikkety niét leest, denk ik dan. Murakami heeft ooit gezegd: ‘Als je alleen maar leest wat andere mensen lezen, zul je alleen maar denken wat andere mensen denken.’ De nagel op de kop. Ik lees liever boeken die door niemand anders gelezen worden. Zo stuit ik misschien op iets wat nog door niemand anders gedacht wordt.

“Toen ik nog lesgaf, zei ik tegen mijn atheïstische studenten: ‘Lees nu eens niét Richard Dawkins. Wat heb je aan het werk van een auteur waarmee je het alleen maar eens bent? Lees liever een katholieke of een joodse denker.’ En tegen mijn gelovige studenten zei ik precies het omgekeerde: ‘Lees nu toch eens iets van Dawkins.’ Studenten moeten tijdens hun studie niet instemmend knikken, maar fronsen. Ze moeten zich een beetje onprettig voelen. Als denken te gezellig wordt, ben je niet goed bezig.”

Geluk Wordt Overschat.

“De defaultpositie van de mensheid is niet gelukkig zijn, maar ongelukkig zijn. Op het moeilijke pad van het leven heb je af en toe een mooi uitzicht. Dat zijn de momenten van geluk. Maar meestal ben je hijgend de berg aan het beklimmen en allerminst van het uitzicht aan het genieten.

“De fout die wij maken, is denken dat we gelukkig moeten zijn. En als we dat dan niét zijn, zeggen we meteen: ‘Er is iets fouts met mij.’ Maar dat is niet zo. Het is volstrekt normaal om je ongelukkig te voelen. Het is volstrekt normaal om bezorgd te zijn. Eens je dat beseft, word je een stuk weerbaarder.”

'Dagen die het leven zinvol maken, zijn vaak de dagen waarop je helemaal niet zo gelukkig bent.'Beeld Karel Duerinckx / Gert Van Goethem

Als we niet zozeer een staat van geluk moeten ambiëren, wat dan wel? “We moeten vooral een zinvol leven proberen te leiden. En de dagen die het leven zinvol maken, zijn – hoe vreemd het ook mag klinken – vaak de dagen waarop je helemáál niet zo gelukkig bent. De periode waarin mijn vader op sterven lag, was geen gelukkige, maar wel een zinvolle periode: het waren de meest intense en liefdevolle maanden die ik ooit met hem heb doorgebracht.

“Om maar te zeggen: het is niet omdat je ongelukkig bent, dat je leven om zeep is. Ook in ongelukkige staat kun je uitzonderlijke dingen doen. Een zinvol leven is dus niet per se een gelukkig leven. Dat klinkt een beetje deprimerend, maar het is wel zo.” (lacht)

Liefde Mag Voorwaardelijk Zijn.

“Mensen willen bij voorkeur onvoorwaardelijk graag gezien worden. Ik niet. Ik wil voorwaardelijk graag gezien worden.

“Onvoorwaardelijk bemind worden, betekent: graag gezien worden, wat er ook gebeurt. Maar als ik straks ingrijpend zou veranderen – ik verwaarloos mezelf, ben één en al negativiteit en word een slechte moeder – zou ik het vreemd vinden, mocht mijn man me graag blijven zien. Sterker nog: ik zou het beschouwen als een uitholling van onze liefde. Ik ga er namelijk van uit dat mijn man mij graag ziet omwille van wie ik ben. Anders kan hij net zo goed iemand anders graag zien. Wel, dan is het ook logisch dat hij niét meer van me zou houden wanneer ik een totaal ander persoon geworden zou zijn. Als hij me zelfs dan nog graag zou zien, wil dat alleen maar zeggen dat hij niet van me houdt omwille van wie ik ben. En wat betekent zijn liefde dan nog?”

En wat met de ouderliefde? Is die niet per definitie onvoorwaardelijk? “Mocht mijn man iemand vermoorden, denk ik niet dat ik hem graag zou blijven zien. Mocht een van mijn zoons later iemand vermoorden, zou ik hem vermoedelijk wél graag blijven zien. Wil dat zeggen dat ik meer van mijn kinderen hou dan van mijn man? Helemaal niet. Het wil enkel zeggen dat moederliefde een ánder soort liefde is dan partnerliefde. En ‘ander’ is geen synoniem van ‘beter’. Liefde laat zich niet berekenen. Hoe meer we de liefde proberen te definiëren, hoe meer ze ons ontglipt.”

Op het einde van ons gesprek vertelt ze me alsnog het verhaal van haar deurbel. “Elke keer je bij ons aanbelt, hoor je een ander deuntje: Chopin, ‘Für Elise’, Poolse volksliederen, ‘Happy Birthday’, noem maar op. Mijn vader heeft daarvoor gezorgd. Hij was dol op dat soort onnozele fantasietjes. Vroeger was dat voor mij een bron van ergernis. Maar nu is het een bitterzoet aandenken. Ik zou die melodietjes niet meer kunnen missen.” Of hoe liefde zelfs de vorm kan aannemen van een deurbel. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234