Vrijdag 15/11/2019

Interview Lust en liefde

‘Dan sta ik daar, naakt, en denk: wat jammer dat er nooit iemand in huis rondloopt die me voluit kan zien’

Illustratief beeld. Beeld Getty Images/Image Source

Keer op keer wordt ze afgerekend op haar afkomst. Hoewel de Turkse Aylin (52) al ruim dertig jaar hier woont en een goede job heeft, lopen de mannen hard weg als ze horen dat ze in het land van Erdogan geboren is. En teruggaan, dat is totaal geen optie. 

Als Turkse woon ik al dertig jaar in dit land, maar hier heb ik nooit de liefde van een man gevonden, noch de liefde voor een kind. Ik was 22 en net een maand afgestudeerd aan de universiteit toen ik hiernaartoe kwam. Een jaar zou ik blijven, maar ik vond boeiend werk en bleef.

“In het begin heb ik wel vriendjes gehad, maar mijn mannen wilden niet trouwen. Op mijn 33ste zei de liefde van mijn leven: ik weiger mijn handtekening te zetten onder een papiertje, alleen maar om jouw familie een plezier te doen. Mijn moeder in Turkije vroeg: ‘Houdt hij eigenlijk van jou?’ ‘Hij zegt van wel’, zei ik. ‘Dus niet,’ antwoordde mijn moeder, ‘want waarom zou hij niet tekenen voor wat voor jou van groot belang is? Voor hem is het toch van geen waarde.’

“Mijn moeder is laagopgeleid, maar zeer intelligent. Zelf ben ik sinds mijn 16de al geen moslim meer, maar zij bidt iedere dag vijf keer tot Allah, om de diepste wens van haar dochter te vervullen. En als ik haar opzoek, zegt ze: ‘Kom hier, laat me je rug wassen. De rug is bij de vrijgezel het meest verwaarloosde lichaamsdeel, je kan er zelf niet bij.’ Ze heeft gelijk, dat is ­precies hoe het voelt. Een enorm, permanent gemis. Ik sta voor de spiegel en kijk naar mijn ogen die misschien te groot zijn voor westerse begrippen, naar mijn neus die iets mannelijks heeft, mijn gestalte die niet bepaald lang is, maar ik zie ook mijn mooie huid, de verhoudingen die kloppen en goed zijn, en dan sta ik daar, naakt, en denk: wat jammer dat er nooit iemand in huis rondloopt die me voluit kan zien en me in het ­voorbijgaan vastpakt of knuffelt.

Iets uit handen geven

“Het is niet eens de seks die ik mis. Het is de huidwarmte, de intimiteit. Het fijnst vind ik het als een man zijn twee handen in een kom om mijn gezicht vouwt, de genegenheid ervan, de kalmte, het vertrouwen. Maar de laatste keer dat dat gebeurde, is alweer twintig jaar geleden.

“Ik verlang, behalve naar ­lichamelijkheid, naar het delen van zorg en verantwoordelijk­heden. Binnenkort ga ik ­verhuizen, en nu al kan ik gek worden van het feit dat ik weer alles in mijn eentje moet regelen. Voor mijn werk voer ik ­pittige overleggen, hoe fijn zou het zijn als ik thuis eens iets uit ­handen kon geven. En het is nadrukkelijk om mijn verbijstering te uiten en niet uit klaagzucht, dat ik het hier, op deze plek, allemaal ­vertel. Dit is een geweldig land om te wonen. Ik word goed betaald en gerespecteerd in het bedrijfsleven, in intellectueel en zakelijk opzicht heb ik alle kansen gehad en benut. Maar als ik een vergaderzaal binnenloop is er niet één keer dat ik niet denk: ik ben de enige van jullie zonder partner en kinderen. Ik ben de vrouw zonder man. Keer op keer afgewezen, niet om wie ik ben, maar om het land waar ik geboren ben. En dat terwijl ik niet eens trots ben op mijn afkomst. Mijn wieg stond in Turkije, mijn geliefde familie woont er, dat is alles. Was ik Zweedse geweest, of Française, hoe anders zou mijn leven dan gelopen zijn.

“Vreemd genoeg zijn het juist de hoger opgeleide mannen die zich het meest onbeschaamd tonen in hun vooroordelen. Zodra ze horen dat ik Turks ben, haken ze af. Op datingsites word ik geblokkeerd, of er volgt gewoon verder geen contact. ‘Progressief Turks’, heb ik nu op mijn profiel gezet, maar niemand vraagt wat ik daarmee bedoel. Mannen reageren: die Erdogan, hoe kon het zover komen, en dan zeg ik, jullie hebben helemaal gelijk, maar mijn steun heeft hij niet. Bij Parship, dat adverteert met ‘daten voor hoogopgeleiden’, ontmoette ik een man, die letterlijk zei: ‘Ah, je bent Turks, het spijt me, ik heb mijn kinderen al genoeg trauma’s bezorgd.’ Dat is dan het volk dat hier de dienst uitmaakt. Badend in vooroordelen, niet nieuwsgierig, en wellicht op zoek naar blond. Het is krenkend om te worden afgedaan als iets waar je kennelijk bang voor moet zijn. Exotisch genoeg om een nacht het bed mee te delen, maar niet goed genoeg om de moeder van iemands kinderen te mogen worden.

Verdroogd lichaam

“Met mijn vriendinnen praat ik er nauwelijks over. Voor je het weet, zegt iemand kwezelig: maar liefje, je moet eerst van jezelf leren ­houden. Maar ik houd van mezelf, dat is het probleem niet. Ik merk alleen hoe mijn ziel en lichaam veranderen. Een lichaam dat lang geen water krijgt, verdroogt, zo is het ook met liefde. Mijn lijf is verhard en koud, voelt niet langer soepel, een onaangeraakt lichaam is gelijk aan dat van een melaatse.

“Nog altijd zie ik het meisje voor me dat ik had kunnen baren, in mijn dromen is ze een jaar of drie: lichtbruine ogen, lichtbruin haar, want ze heeft een vader van hier. Haar handen mollig met putjes op de plek waar later de knokkels komen. Aylin Femke is haar naam. Maar nu ik 52 ben, vervaagt die droom tot een stilstaand beeld. Mijn dochter blijft altijd drie.

“Je zou zeggen, als je zo teleurgesteld bent, ga dan terug naar Turkije, verkoop je huis en begin daar opnieuw. Maar dat gaat niet. Ik woon hier inmiddels te lang. Ik ben te rap van tong en te kritisch om me daar nog aan te kunnen ­passen. Turkije is een hard land geworden. Bovendien, als alleenstaande vrouw zonder kinderen word ik daar als mislukt aanzien.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234