Maandag 22/07/2019

Het Groot Onderhoud

Brigitte Herremans over Israël en Palestina: "Het is geen Amerikaanse western, maar een Griekse tragedie"

Beeld Karel Duerinckx

Vijftien jaar lang was Brigitte Herremans bij ons hét gezicht van Broederlijk Delen en Pax Christi. Eind deze maand stopt ze daarmee. Maar het Israëlisch-Palestijns conflict zal ze altijd blijven volgen. "Ik ben daarmee vergroeid." Een gesprek met een gutmensch, over westerns en tragedies, het nut van onthechting en het gevaar van echokamers.

"Mijn grootvader werkte tijdens de Tweede Wereldoorlog mee met het verzet”, vertelt Brigitte Herremans. “Hij had een boerderij in Zaffelare en bood daar vluchtelingen soms onderdak, in zijn schuur. Naar het schijnt waren dat soms partizanen, soms ook Joden. Mijn grootmoeder en hun kinderen wisten daar niets van. Mijn moeder heeft altijd sympathie gehad voor het Joodse volk en de staat Israël. Voor haar generatie was het vanzelfsprekend om pro-Israëlisch te zijn. Daar heb ik vaak met haar over gediscussieerd.”

Weinig Vlamingen kennen de geschiedenis van het Israëlisch-Palestijns conflict zo goed en grondig als Brigitte Herremans. Vijftien jaar lang volgde ze dat dossier bij Broederlijk Delen en Pax Christi. Eind februari stopt ze daarmee. Met die job, tenminste, het dossier zal ze altijd blijven volgen. “Ik ben daarmee vergroeid”, zegt ze. “Als kind waren er twee dingen die mij ontzettend verdrietig konden maken: de kruisweg van Jezus Christus, omdat die lijdensweg mij raakte. En de Holocaust, die ik nooit heb kunnen vatten.”

Toen ze 14 was, nam haar vader haar mee naar Israël. “Mijn vader reisde sowieso veel, hij had een internationaal bedrijf dat autobanden verhandelde. En hij had ook een Israëlische vriend die we daar toen opzochten. Dat land boeide mij meteen. Toen ik 16 was, gaf ik al spreekbeurten over het Israëlisch-Palestijns conflict. Aan de universiteit heb ik daarna onder meer Arabistiek gestudeerd, en Bijbels Hebreeuws.”

Herremans gaat halftijds aan de slag bij Bozar in Brussel, waar ze de programmatie van kunstenaars en schrijvers uit het Midden-Oosten en Noord-Afrika zal versterken. “En ik probeer een beurs te bemachtigen om te doctoreren aan de Universiteit Antwerpen”, vertelt ze bij een kop koffie in haar huiskamer in Mariakerke bij Gent. “De kans is klein dat ik die beurs kan krijgen, maar dan doe ik het wellicht op eigen houtje. Ik wil bestuderen hoe het Belgisch beleid met betrekking tot Israël en de Palestijnse gebieden in de loop van de jaren is geëvolu­eerd.”

Welke grote lijn ziet u in dat beleid?

Brigitte Herremans: “België was altijd een voortrekker. Vanaf de start van de bezetting van de Palestijnse gebieden in de jaren 60 is België bijvoorbeeld kritischer voor Israël dan andere Europese landen. In de jaren 70 waren wij het eerste Europese land dat stelde dat het lot van de Palestijnen geen louter humanitair probleem was, maar een politiek probleem. En als minister van Buitenlandse Zaken heeft Karel De Gucht in 2008 ferm geprotesteerd tegen de oorlog in Gaza. Dat was erg uitzonderlijk.”

Hoe is de situatie vandaag? Bij de N-VA, toch de leidende partij op federaal niveau, zijn sommigen geëvolueerd van supporters van het Palestijnse volk naar felle verdedigers van het Israëlische beleid.

“De Volksunie noemde de Palestijnen vroeger in één adem met de Catalanen, Schotten en Koerden. Vandaag is de N-VA, zoals de meeste andere partijen, verdeeld en is men voorzichtig. Maar Didier Reynders, minister van Buitenlandse Zaken, reageert kritisch op de vernieling van EU-projecten. Alle infrastructuur voor Palestijnen die in bezet gebied wordt gebouwd zonder bouwvergunning, breekt Israël af. Een week geleden nog twee klaslokalen gefinancierd door een Europees consortium. Terwijl Israël als bezettende macht die bevoegdheid niet heeft. Dat is in strijd met de vierde Conventie van Genève.”

Waarom vernielt Israël scholen?

“Israël heeft het gemunt op Palestijnse projecten in een bepaalde zone van de Westelijke Jordaanoever. De regering wil een groot deel hiervan op termijn annexeren en is daarvoor nu alles aan het klaarmaken. Als je mensen hun scholen en ziekenhuizen ontneemt, gaan ze weg. Dat is de logica. Zo worden Palestijnen er langzaam maar zeker gedeporteerd. Met als uiteindelijke bedoeling: Israël zo groot mogelijk maken. De creatie van Bijbels Israël. Terwijl Palestijnse scholen worden vernield, krijgen Israëlische kolonisten vrij spel.”

Protesteert de Europese Unie daar nog tegen?

“De manier waarop Israël met de Europese Unie omgaat, is niet coherent. Israël neemt het beste van twee werelden: het heeft een bevoordeelde relatie met Europa, maar neemt het niet nauw met de mensenrechten. Europese landen oefenen toch te weinig druk uit. Net zoals ze altijd militaire regimes in het Midden-Oosten hebben gedoogd.”

In tegenstelling tot die militaire regimes is Israël wel een democratie.

“Is een land waar twee van de acht miljoen burgers geen gelijke rechten hebben wel een democratie? En dan heb ik het niet alleen over de Palestijnen, maar ook over de Arabische burgers in Israël. Op alle mogelijke vlakken botsen Arabieren op het feit dat ze geen Joden zijn. Israël beschouwt zichzelf als een Joodse staat. De laatste tijd valt het woord ‘apartheid’ steeds vaker. Onder meer de Zuid-Afrikaanse schrijver John Coetzee vraagt zich af hoe we anders een land moeten noemen waar twee volledig gescheiden systemen bestaan.”

Brigitte Herremans: "Het lijkt mij een brug te ver als de politie je huis kan betreden omdat je een vluchteling herbergt. Wij leven in een rechtsstaat." Beeld Karel Duerinckx

Geef eens een voorbeeld?

“Neem nu het verhaal van de Palestijnse Ahed Tamimi, dat hier ook het nieuws heeft gehaald. Zij is een meisje van 17, dat Israëlische soldaten heeft geslagen en gebeten. Daarvoor moet ze wel gestraft worden, maar niet op deze manier. Ze wordt nu vastgehouden en kan tot zes maanden in detentie blijven, en zelfs langer, zonder proces. Sorry, maar zoiets kan niet. Kolonisten die Palestijnen aanvallen, worden zelden vervolgd. Een Palestijn die met een steen gooit, kan tien tot vijftien jaar cel krijgen. Zo’n verschillende behandeling, met een militair en een civiel rechtssysteem, dat kan niet in een democratie.”

Er is, behalve Coetzee, nog iemand die Israël vergelijkt met Zuid-Afrika tijdens de apartheid: Dyab Abou Jahjah.

“Ik ken zijn visie. Maar ik heb het moeilijk met de provocatie. Het is zo’n geladen conflict, waar zoveel mensen door geraakt worden. Als je echt bekommerd bent, waarom moet je dan andere mensen altijd het gevoel geven dat ze er niets van begrijpen, dat ze eigenlijk halvegaren zijn? In debatten doet Abou Jahjah dat. Mij noemt hij zelfs een zionist, omdat ik mensen er graag aan herinner dat het zionisme ook een bevrijdingsbeweging was, voor een volk dat in Europa altijd is vervolgd en bijna vernietigd.”

Wat vond u van de tweet van Abou Jahjah, na een aanslag op Israëlische soldaten, dat het Palestijnse volk zich mag verdedigen ‘by any means necessary’?

“Ik ben het daar niet mee eens. Er bestaat een recht op gewapend verzet volgens het internationaal recht, maar dan moet aan bepaalde voorwaarden zijn voldaan. En burgers die met een vrachtwagen inrijden op soldaten, voldoen daar niet aan. Gewapend verzet levert trouwens weinig op. De Palestijnen hebben recht op een eigen staat, maar terreur en steekpartijen brengen die niet dichterbij. Als vredesorganisatie kunnen wij ons daar niet in vinden. Ik volg liever Martin Luther King dan Malcolm X.”

De staat Israël wordt dit jaar 70. Hoe kijkt u terug op die stichting?

“Ik bekijk dat niet zwart-wit. De stichters van de staat Israël waren veel democratischer dan de huidige regering. Ze zagen wel degelijk nog een plaats voor de Palestijnen die in Israël bleven. Al hebben ze natuurlijk 750.000 mensen verjaagd.”

Onder het wakkere oog van de internationale gemeenschap.

“Ja, maar twee jaar na de Holocaust. Dat was nu eenmaal het schuldgevoel van Europa. Iedereen had het gevoel dat kritiek op Israël ongepast was. Terwijl de Israëlische historicus Ilan Pappé de gebeurtenissen van 1948 een etnische zuivering noemt. Zover zou ik zelf niet gaan. Israël heeft destijds gebruikgemaakt van het feit dat het de sterkste partij was, het doel was geen etnische zuivering. Bedenk ook dat de jonge staat Israël meteen werd aangevallen door Arabische landen, en dat dit een ongelooflijke angst veroorzaakte.”

U mag Israël al een tijdje niet meer in.

“Nee. Ik krijg nog altijd geen gehoor bij de ambassade. Tijdens mijn laatste bezoek aan Israël werd ik ondervraagd door de veiligheidsdiensten, die wilden dat ik alle namen en nummers van mijn contacten opschreef. Dat heb ik uiteraard geweigerd, en dus ben ik na een nachtje in een detentiecel terug naar België gebracht. Dat was niet traumatisch, hoor. Wel heel vervelend.”

Toen u kort daarna in De afspraak zat, noemde Michael Freilich, hoofdredacteur van Joods Actueel u ‘vals en achterbaks’, en ‘een wolf in schaapskleren’.

“Dat was een zwaktebod. Hij speelde op de vrouw. Ik spreek mensen altijd aan op feiten. Ik begrijp dat de pro-Israël-lobby zeer geïrriteerd is door mensen zoals ik, die zich vooral baseren op internationale rapporten. Ik zeg eigenlijk nooit iets choquerends, ik ben geen antizionist, ik ben niet radicaal, ik beschouw mijzelf als een vriend van Israël.”

Toch staat op de website van Joods Actueel een hele waslijst aan inhoudelijke verwijten. Zo zou u systematisch het Israëlische perspectief onderbelichten.

“Dat is niet zo. Ook als ik zogenaamde inleefreizen begeleid, zal ik altijd empathie vragen voor Israël. Ik waarschuw altijd voor antisemitisme en veroordeel het. Het probleem is dat Israël focust op wat men ‘nieuw antisemitisme’ noemt, antisemitisme dat zich zogezegd vermomt als kritiek op het land of het zionisme. De Franse president Macron noemt antizionisme ook antisemitisme, en dat is een domme uitspraak. Je mag de Joodse gemeenschap in de diaspora nooit vereenzelvigen met de staat Israël. Dat willen veel Joden zélf niet.”

Is het antisemitisme vandaag niet vooral aanwezig in de Arabische wereld?

“Ook in het Westen is het antisemitisme helaas nog altijd sterk aanwezig, zelfs in kringen rond de Amerikaanse president Trump.”

Maar die heeft wel een Joodse schoonzoon en hij heeft Jeruzalem erkend als hoofdstad van Israël.

“Dat is juist. Trump wordt nu omringd door mensen uit de harde pro-Israël-lobby, maar heeft tijdens zijn campagne wel de steun gekregen van figuren met een achtergrond bij de Ku Klux Klan. Hij heeft in elk geval geen duurzame visie op het vredesproces. Barack Obama had wel een visie, maar heeft op dat vlak moeten inbinden. De pro-Israël-lobby in het Congres had hem duidelijk gemaakt dat hij moest kiezen tussen Medicare en het vredesproces. Obama heeft Medicare gekozen. Het vredesproces is vandaag morsdood.”

Nog even terug naar het antisemitisme: is dat niet al lang aanwezig in de Arabische wereld? De grootmoefti van Jeruzalem had in 1942 een ontmoeting met Hitler.

“Dat klopt. Maar het antisemitisme is een exportproduct van Europa. Joden hadden in de Arabische wereld vroeger weliswaar geen gelijke rechten, maar ze werden er niet massaal vervolgd en vermoord zoals in Europa. Dat moeten Europeanen toch toegeven. Maar de Palestijnen hebben in hun wanhoop en hun strijd tegen het zionisme inderdaad de verkeerde bondgenoten opgezocht. De foto van de grootmoefti bij Hitler heeft lang een prominente plek gehad in het Holocaustmuseum Yad Vashem in Jeruzalem.”

Nu niet meer?

“Nee. De wetenschappelijke raad van het museum heeft beslist dat die foto niet zo’n prominente plek verdient. Dat de Holocaust geen product was van de Palestijnen. In 2015 heeft de Israëlische premier Benjamin Netanyahu gezegd dat de grootmoefti mee de aanstoker was van de Holocaust. Maar dat is niet juist. Ik vind het zeer gevaarlijk dat hij op die manier de geschiedenis probeert te herschrijven.”

Het is een dieptragisch conflict.

“De Israëlische schrijver Amos Oz noemt het een botsing tussen twee ‘gelijken’: beide partijen hebben een stukje gelijk. Het zionisme was een koloniale beweging, maar ook een bevrijding na eeuwenlang vervolging en antisemitisme. Het is geen Amerikaanse western met goed tegen kwaad, maar veeleer een Griekse tragedie. Ik dacht vroeger ook dat het een western was. Nu niet meer. En als je Israël vergelijkt met pakweg Syrië, dan is het verschil enorm. In Syrië grijpt als het ware elke dag een oorlog plaats zoals in Gaza in 2008.”

Als u naar Syrië kijkt, en die andere brandhaarden, hoe vindt u dan dat de wereld eraan toe is, tegenwoordig?

“De grote tragedie van deze tijd is volgens mij dat mensenlevens en mensenrechten geen sikkepit meer waard zijn. Ik ben opgegroeid in de jaren 90, met de genocide in Rwanda en de oorlog in ex-Joegoslavië. Dat choqueerde mij enorm, ook daar komt een stuk van mijn inzet vandaan. Veel mensen dachten toen: erger kan het niet worden. En dat zijn we lang blijven denken. Maar de futiliteit van een mensenleven is nooit zo groot geweest als nu. Denk ook aan Jemen, dat wordt gebombardeerd door Saudi-Arabië.”

En iedereen laat begaan.

“De realpolitiek overheerst. De Verenigde Staten en de Europese Unie laten begaan. In 2002 werd nog het Internationaal Strafhof opgericht. Dat vond ik geweldig. Dat gaf hoop. Maar het voluntarisme in de internationale politiek is verdwenen. In Jemen en Syrië worden ziekenhuizen gebombardeerd, en toch staat dat niet hoog op de internationale agenda. Zelfs stervende baby’s raken ons niet meer.”

Donald Trump heeft Syrië toch gebombardeerd, wat Obama nooit deed?

“Ja, hij heeft na een gifgasaanval van het regime raketten afgevuurd. Maar Trump is zo onvoorspelbaar dat je niet weet welk beleid hij voor ogen heeft. Daarom is het zo beangstigend dat hij de VS wil bewapenen met extra kernwapens, om de dreigingskracht te verhogen. Dat maakt onze wereld ook niet veiliger.”

Heeft de wapenwedloop tijdens de Koude Oorlog uiteindelijk niet mee geleid tot de val van de Sovjet-Unie? Is bewapening soms niet nodig?

“Die redenering kan ik niet volgen. De wapenwedloop heeft niet verhinderd dat Rusland en de Verenigde Staten tot vandaag tegenover elkaar staan. Een wapenwedloop kan nooit een duurzame manier zijn om de wereld te beheren, om wereldvrede af te dwingen. Die lijkt vandaag verder weg dan ooit. Rusland krijgt vrij spel in Syrië, en niemand die daar iets tegen onderneemt. Ik zie een bijzonder instabiele wereld, al is mijn perspectief misschien vertekend omdat ik natuurlijk vooral naar het Midden-Oosten kijk.”

Was de inval in Irak in 2003 geen kantelpunt voor die regio, en voor het westerse respect voor internationaal recht en mensenrechten?

“Dat was een catastrofe. En toen al gebaseerd op fake news, want er was geen sprake van massavernietigingswapens in Irak. Die inval heeft alleen maar het gevoel bestendigd dat de Arabische schrijver Amin Maalouf goed beschrijft: de vernedering die Arabieren al decennia voelen. Het Westen heeft de militaire regimes in het Midden-Oosten altijd gedoogd en gesteund. Burgers hadden geen rechten en werden in de steek gelaten door het Westen. De inval in Irak heeft dat gevoel van vernedering doen exploderen.”

Brigitte Herremans: "Het leven is te kort. Daarom probeer ik mij ’s avonds te laven aan schoonheid, en niet aan Facebook-berichten die mij irriteren." Beeld Karel Duerinckx

Hoe staat IS ervoor volgens u?

“Ik ben niet zo positief als sommige andere waarnemers, die geloven dat de kop van de slang is. IS kun je niet zomaar militair verslaan, omdat ze een model hebben dat geënt is op onvrede. Ik ben geen IS-specialist, maar je voelt op het terrein dat de voedingsbodem voor dat afschuwelijke gedachtegoed nog bestaat. Zolang mensen geen bescherming krijgen, zullen ze zich tot radicale krachten aangetrokken blijven voelen. Wij vinden bescherming vanzelfsprekend. We vergeten dat andere mensen die ook willen.”

Iets anders. Broederlijk Delen en Pax Christi zijn christelijk geïnspireerd. Bent u zelf eigenlijk gelovig?

“Nee, ik ben gelovig opgevoed, maar in een strenge nonnenschool ben ik van mijn geloof gevallen. Niet dat ik mij per se als atheïst wil profileren, liever als agnost. Ik ben eigenlijk tamelijk onverschillig geworden tegenover het geloof. Maar er is iets in het engagement en de bevlogenheid van gelovige mensen dat uniek is. Ik heb het altijd fijn gevonden om in die omgeving te mogen werken. Christenen hebben sterk het gevoel dat ze werken aan iets dat hen overstijgt.”

Bent u als activiste ook bezorgd om de mensenrechten in eigen land? Dat fameuze wetsontwerp over woonstbetreding, bijvoorbeeld, wat vindt u daarvan?

“Mijn voornaamste focus is het Midden-Oosten, maar ik ben blij dat collega’s bij andere ngo’s zich daarmee bezighouden. Ik wil ook niet per se over alles een scherpe mening hebben. Hoe meer meningen je hebt, hoe meer die verdund worden, denk ik.”

Uw grootvader zou zich fel verzet hebben tegen dat wetsontwerp.

“Zeker. Dat denk ik ook. Begrijp mij niet verkeerd: het lijkt mij een brug te ver als de politie je huis kan betreden omdat je een vluchteling herbergt. Wij leven nog altijd in een rechtsstaat. Ik vind het goed dat er actie wordt gevoerd. Ik denk dat acties zoals die in het Maximiliaanpark andere mensen kunnen aanzetten om op te komen voor dingen die ze van wezenlijk belang vinden. Transmigranten hebben óók rechten.”

Wie dat vindt, is tegenwoordig al snel een gutmensch.

“Ik vind het discours over gutmenschen bijzonder pijnlijk. En pure provocatie.”

Hebben de critici soms geen punt: een zogenaamde gutmensch is vaak emotioneel verontwaardigd, terwijl hij of zij soms geen rationele argumenten heeft.

“Daar ga ik niet mee akkoord. Gutmenschen ondernemen actie omwille van objectief en waarneembaar onrecht. Die mensen schofferen en belachelijk maken, is verkeerd. Als je iemand wegzet als gutmensch die alleen maar kumbaya zingt, neem je hem of haar niet ernstig als gesprekspartner. Ik ga niet mee in de polarisatie.”

Op uw Facebook-pagina citeert u regelmatig de stoïcijnse filosofen.

“Ik hou van het stoïcijnse gedachtegoed. Van de onthechting. Van de aanbeveling om altijd te handelen met vriendelijkheid. Act with kindness. Dat lukt mij niet altijd, maar ik probeer het wel. Sinds ik het boekje The Daily Stoic van Ryan Holiday heb gekregen van een vriend, zet ik regelmatig een passage op Facebook. Ik besef goed dat het leven kort is, te kort om jezelf te verliezen in negativiteit. Daarom probeer ik mij ’s avonds te laven aan schoonheid, en niet aan Facebook-berichten van mensen die mij irriteren.”

Is het niet gezond om jezelf bloot te stellen aan mensen die een visie vertolken die volkomen haaks staat op die van jezelf?

“Ik word daar veeleer ongemakkelijk van, eerlijk gezegd. Ik begrijp dat we op die manier kennis verwerven, door onze axioma’s los te laten en ruimte te scheppen voor nieuwe inzichten, maar toch vind ik het soms erg destabiliserend. Neem nu de discussies over kernenergie, of over glyfosaat. Ik las onlangs een artikel dat betoogde dat het debat over glyfosaat meer nuance verdient.”

Het interessante is dat je uit iemands visie op het Israëlisch-Palestijns conflict vaak kunt afleiden hoe die persoon denkt over klimaat, kernenergie en glyfosaat.

“En dat is bevreemdend en beangstigend. Blijkbaar zoeken mensen veel te weinig een soort van intellectueel ongemak op. Wij lijden allemaal aan de zogenaamde confirmation bias: wat in ons kraam past, geloven we, en andere informatie niet. Dat is zeker het geval bij onderwerpen waar we ons niet in verdiept hebben. Ik probeer mij daarvan bewust te zijn. Over sommige zaken heb ik niet genoeg nagedacht en ben ik als het ware een beetje kleingeestig. Dat besef maakt je nederig. Mensen leven in hun eigen echokamers.”

Moeten we die bubbels niet proberen te doorbreken?

“Natuurlijk. Ik ben ooit een goede vriend kwijtgespeeld omwille van het islamdebat. Ik was met hem beginnen te kissebissen op Facebook en had hem na een tijdje ontvriend. Die vriendschap is daarna ook in het echte leven doodgebloed. Hij verweet mij dat ik geen twijfel toeliet over bepaalde onderwerpen. Zoiets mag mij niet meer overkomen. Ik wil mij niet uitsluitend omringen met mensen die hetzelfde denken als ik.”

Moet u die vriendschap dan niet proberen te herstellen?

“Dat heb ik proberen te doen. Ik kwam hem onlangs tegen en heb mea culpa geslagen. Hij kon er gelukkig eens om lachen. Ik heb daar veel uit geleerd. Dat het erg belangrijk is om jezelf intellectueel kwetsbaar op te stellen. Ook als dat je zekerheden doet wegvallen. Nu goed, ik kan wel tegen een stootje, natuurlijk. Ik houd vaak lezingen en daar ontmoet ik uiteraard ook antisemitische en racistische mensen. En ik hoor vaak genoeg dat de moslims het hier gaan overnemen, dat islam en democratie niet verenigbaar zijn.”

Merkt u dat aan de sympathie voor de Palestijnen? Dat veel mensen hen vandaag vooral als moslims zien?

“Een beetje wel. Vlamingen hebben van oudsher begrip voor underdogs, voor volkeren die onderdrukt worden. Maar vandaag staat men sceptisch tegenover moslims. Ik heb het zelf ook soms moeilijk met de toenemende orthodoxie en een uitwas als het salafisme. Als agnost merk ik soms de afstand tussen mijzelf en sommige islamitische vrienden. We hebben soms discussies over bepaalde vragen, bijvoorbeeld of kinderen tijdens de ramadan mee moeten zwemmen met de rest van de klas. Ik vind van wel. Maar ik weet ook dat dé islam niet bestaat. En dat Palestijnen een enorm gastvrij en tolerant volk zijn.”

Vindt die boodschap nog gehoor?

“Het wordt moeilijker. Voor mensenrechtenactivisten zijn het geen gemakkelijke tijden. Mensen worden tegenwoordig misschien te hard overspoeld door alle miserie van de wereld. Op den duur worden mensen onverschillig. Ik heb hoogopgeleide vrienden die niet meer naar het nieuws kijken. Voor mij is dat onvoorstelbaar. De uitdaging om mensen warm te maken voor de goede zaak, is groot. Je roept als activist sneller frictie op. Mensen zijn ook sceptischer, en vragen zich af waar hun geld naartoe gaat. Wat op zich een goede zaak is.”

U gaat nu voor Bozar werken en doctoreren. Waarom niet de politiek in?

“Dat is niets voor mij. Ik sta liever aan de zijlijn. Liever beïnvloeden dan uitvoeren. Ik kijk er ook naar uit om mij bij Bozar met literatuur en kunst te mogen bezighouden. En dat doctoraat wil ik absoluut schrijven.”

Desnoods zonder beurs, dus zonder financiering?

“Ik kan dat nog altijd combineren met mijn baan bij Bozar en free­lance opdrachten voor overheden of ngo’s. Rapporten schrijven of vormingswerk doen. En ik ben het gewoon om geen hoog salaris te hebben. Bij een ngo verdien je nu eenmaal niet wat je bijvoorbeeld bij een agentschap van de Verenigde Naties kunt verdienen. Maar daar heb ik voor gekozen.”

En de Verenigde Naties spreken u niet aan?

“Nee, want dan zou ik minder het gevoel hebben dat ik iets doe dat van wezenlijk belang is. Ik heb vrienden die zulke internationale jobs hebben, maar ik zou het moeilijk vinden om in zo’n hiërarchische machinerie te moeten functioneren. Het nadeel aan een hoog salaris is ook dat je dan gevangen zit, in een gouden kooi. En zodra je daar je levensstijl aan hebt aangepast, kun je niet meer terug. Ook dat is een stoïcijns inzicht: we hebben meer controle over ons lot dan we zelf denken. Sommige dingen doen we onszelf aan.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden