Woensdag 18/09/2019

Reisreportage

Architect Le Corbusier creëerde in India zijn perfecte stad

Beeld alamy

Nergens anders dan op de bloedhete vlaktes van het Noord-Indiase Punjab is architect Le Corbusier er meer in geslaagd zijn ideale stad vorm te geven. Chandigarh is een stad als beeldhouwwerk, een belofte om compromisloos komaf te maken met het verleden. Een experiment met succes, althans voor wie in utopieën gelooft. 

Wie Chandigarh binnenrijdt, verlaat India voor even. De chaos en waanzin van steden als Delhi, Bombay en Varanasi maken plaats voor gedisciplineerd verkeer, kraaknette wegen en verzorgde parken. Geen spoor van armoede. Chandigarh is niet alleen het Monaco van India, waar gepensioneerde Indiase miljonairs heentrekken, het is ook het grootste labo van wat uit de hand gelopen modernistische experimenten. De ‘Parel van de Punjab’ dankt haar bekendheid vooral aan de Frans-Zwitserse Charles-Édouard Jeanneret-Gris, beter bekend als Le Corbusier, die er in de fifties zijn ville radieuse of stralende stad losliet op de wereld.

Beginpunt van ons bezoek is het brutalistische Le Corbusier Centre in de wijk ‘Sector 19’. In dit lage en langgerekte kantoorgebouw bevinden zich de lokalen waar Le Corbusier en zijn neef Pierre Jeanneret vanaf 1952 leiding gaven aan het team dat instond voor het design van de nieuwe stad.

Binnenin is niets veranderd. Originele schetsen in het stoffige gebouw getuigen van de ongeremde verbeelding die het duo zich kon en mocht permitteren van de Indiase overheid. Chandi­garh diende namelijk een statement te worden. In 1947 werd Brits-Indië in tweeën gedeeld en verloor deelstaat Punjab haar hoofdstad Lahore aan Pakistan. Een nieuwe hoofdstad zou niet alleen komaf maken met het pijnlijke ­verleden, het zou in prestige en esthetiek de oude hoofdstad Lahore overtreffen.

Nieuw Parijs

Een staat zonder hoofdstad was dus op zoek naar een architect op zoek naar plaats. Bijzonder véél plaats. Le Corbusier, die enkele decennia tevoren al geopperd had dat de helft van Parijs vernietigd zou moeten worden om plaats te maken voor zijn modernistische utopie, werd in 1950 door de Indiase overheid verzocht om een nieuwe stad te bouwen ter grootte van datzelfde Parijs.

Beeld daan bauwens

Als de grootste architect van dat moment, die net de afwerking van het hoofdkwartier van de Verenigde Naties aan het overzien was, accepteerde hij het voorstel aan een tiende van zijn normale jaarloon. Le Corbusier zag zijn kans schoon om eindelijk zijn modernistische utopie ten uitvoer te brengen. Zijn ville radieuse bestond uit unités d’habitation, hoge betonnen flatgebouwen ­tussen grasland waaruit bewoners met de wagen dagelijks naar verafgelegen industriële of zakencentra zouden rijden. Alles draaide er om orde, symmetrie en standaardisering. Een radicale visie die vandaag absurd aandoet en waardoor de man vaak als totalitair wordt afgeschilderd. De ideale stad voor het ideale leven van de ideale mens houdt in dat je perfect weet wat dat laatste inhoudt.

Breuk met verleden

Le Corbusier en Jeanneret gingen haast maniakaal minutieus te werk in het ­ontwerp van de perfecte stad op ideale mensenmaat. Een dambordpatroon deelde de stad op in gelijke sectoren van 240 hectare. Dit garandeerde dat elke wandeling binnen een sector nooit langer zou duren dan tien minuten. Elke sector herbergde alle vitale stadsfuncties – winkels, administratie, residenties en onderwijs – zodat elk deel onafhankelijk van alle andere zou kunnen bestaan. Om te breken met het verleden kregen sectoren nummers in plaats van namen en kwam er een verbod op beelden van historische figuren.

Van het Le Corbusier Centre is het minder dan tien minuten met de tuktuk tot de ingang van de Panjab University in Sector 14. Blikvanger hier is
Ghandi Bhawan, een auditorium in de vorm van een lotus, in het perfecte mathematische ­midden van de stad, gebouwd door Jeanneret in 1962. Ook de modulaire universiteits­bibliotheek is van de hand van Le Corbusiers neef. Temidden van het Europese modernistische geweld bevindt zich het brutalistische cirkelvormige Student Center, ontworpen door de Indiase architect B.P. Mathur eind jaren 60, na de dood van Le Corbusier, maar geheel in de stijl van de meester.

Picasso in beton

Die meester ontfermde zich het gros van zijn tijd in Chandigarh over één van de meest waanzinnige projecten uit zijn bestaan: het Capitol Complex of Hoofdstedelijk Gebouwencomplex in Sector 1 – een taxirit van tien minuten van de universiteitscampus langs de groene vallei.

Drie gebouwen met reusachtige dimensies in rauw beton staan hier tegenover elkaar. De Legislative Assembly waar de overheden van deelstaten Haryana en Punjab vergaderen, lijkt een Picasso in beton. Op het dak combineert de architect de industriële vorm van de ­koeltoren met die van zon en maan: astrologie als gids voor de afwegingen van politici. De kolossale draaideur in blinkend email is een ­schilderij van de hand van Le Corbusier zelf. De 55 tegels werden in zijn Parijse studio beschilderd en dan hierheen gevlogen.

Beeld daan bauwens

Het parlementsgebouw sierde in 2010 nog de internationale krantenkoppen toen bleek dat de minimalistische stoelen die speciaal ontworpen werden voor het gebouw, op Londense veilingen verschenen. Indiase ambtenaren bleken stoelen, tafels, beeldhouwwerken en tekeningen weg te roven om ze aan spotprijzen te verkopen, zonder enige notie te hebben van de kunstwaarde. Een spoed­campagne onder leiding van Manmohan Nath Sharma, eerste assistent van Le Corbusier en later stadsarchitect, wierp haar vruchten af: in 2016 werd de site erkend en beschermd als UNESCO-werelderfgoed.

Recht tegenover het parlement bevindt zich de High Court of het hooggerechtshof, waar advocaten in zwarte toga’s met witte tulbanden druk in gesprek zijn met cliënten en collega’s. Het ­dubbele betonnen dak boven het gebouw vangt de moessonregens op, waarna het verdampende water het hele betonnen gebouw afkoelt. Het zware dak beschut het volledige gebouw, Le Corbusiers manier om te ­vertellen dat de wet zekerheid en bescherming biedt.

Half verborgen achter gebladerte even verderop ligt het grootste gebouw van de beschermde site. Het Secretariat Building – waar de regeringen van Punjab en Haryana zetelen – is de grootmeesters ode aan de ratio, repetitie en voorspelbaarheid van de bureaucratie. De Tower of Shadows, in het midden tussen de drie gebouwen, is puur architecturale spielerei. De betonnen vlakken waaruit de toren bestaat zijn zo gepositioneerd dat de volledige binnenruimte de hele dag lang gevrijwaard blijft van ook maar de minste zonnestraal. De burger, noodzakelijk gevangen tussen de drie machten, moet tijd en ruimte krijgen om tot rust te komen.

Wraak

Het valt meteen op dat het Capitol Complex een andere architecturale taal heeft dan de rest van de stad. Het Complex is ook, ondanks zijn groteske afmetingen, niet te zien vanuit de stad. Dit is geen toeval. Het illustreert hoe ver Le Corbusiers grootheidswaanzin hem kon drijven. Plannen uit 1951 tonen duidelijk aan dat het Secretariat Building zichtbaar zou moeten zijn vanuit de hele stad, tegen de achtergrond van de Himalaya. Toen de Indiase overheid hem ­echter verbood om zijn woontorens neer te zetten in parkland – een onmisbaar element van zijn ville radieuse – voelde hij zich bedrogen en zinde hij op wraak.

Beeld daan bauwens

Hij veranderde de plannen en plaatste een artificiële heuvel tussen de stad en het Complex. Minutieuze studies en schetsen uit die tijd tonen aan hoeveel moeite hij zichzelf getroostte om voetgangers uit het ene deel op geen enkele mogelijke manier een blik op het andere te gunnen. De constructie van een ­wandelpad op de heuvel werd op zijn bevel stilgelegd.

Verzoening

Toch is het nog goed gekomen tussen Le Corbusier en Chandigarh. De architect is er nooit in geslaagd alle bouwwerken die hij ontworpen had ook neer te poten op het Capitol Complex. Onder andere het monument van de open hand, symbool voor ‘vrede en verzoening, open om te geven en om te ontvangen’, is er tijdens zijn leven nooit gekomen. Twintig jaar na zijn dood in 1965 werd het project alsnog gerealiseerd. De 14 meter hoge sculptuur, een kruising tussen hand en duif, weegt 50 ton en draait mee met de wind op een hoogte van 26 meter. Na de plechtige inwijding van het monument in 1985 ­adopteerde de stad het ­symbool van Le Corbusier als logo.

De invloed van de neven is ook buiten Chandigarh terug te vinden. Hun Punjabi assistenten en studenten zetten de traditie voort en zwermden uit.

Het mooiste voorbeeld hiervan vind je op de campus van de Panjab University in Patiala, één uur rijden van Chandigarh. In een oase van groen en rauw beton bevindt zich de spectaculaire Guru Gobindh Singh Bhawan, gebouwd naar het voorbeeld van Jeannerets lotusgebouw, ook in het mathematische midden van de campus. Sikhs met felgekleurde tulbanden op Royal Enfields voeren je na bezoek met plezier door de futuristische campus naar het bus- of treinstation, ­vanwaar de reis verder kan. 

Beeld alamy

Praktisch

Transport: Chandigarh heeft een eigen luchthaven. Vluchten uit New Delhi duren exact één uur en kosten niet meer dan 50 euro. Elk kwartier vertrekt een bus van Delhi naar Chandigarh, die kost een schamele 3 euro en doet er vijfenhalf uur over. Chandigarh is de poort naar de Himalaya: op vijf uur naar het noorden geraak je met de wagen tot in Dharamsala, woonplaats van de dalai lama.

Slapen:  Ondanks alle tentoongespreide weelde zijn hier slaapplaatsen te vinden in alle prijscategorieën. Sector 45 is de meest volkse, hier vind je degelijk onderdak voor 500 Indiase roepie of 6 euro per persoon. Absolute topper is de Taj Chandigarh. Het ­vijfsterrenhotel ligt op ­wandelafstand van het Capitol Complex en heeft een zwembad op het dak. Kamers voor twee vanaf 90 euro.

Eten: Eettenten rond het Student Center op Panjab University bieden degelijke wereldkeuken aan kleine prijzen. De beste koffies vind je in Sector 17, tegelijk het shopping­district. Restaurant Saffron in Sector 36 heeft de beste ­reputatie van de stad, zowel wat keuken, bediening als ­interieur betreft. Noord-Indiase schotels vanaf 15 euro per persoon. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234