Zondag 16/06/2019

Interview

Actrice en professioneel gastvrouw Veerle Dobbelaere: "Eenmaal de 40 voorbij ben je als actrice mossel noch vis”

Veerle Dobbelaere. Beeld Daniel Cohen

Ze speelt in twee nieuwe films. Toch is acteren eerder bijzaak geworden voor Veerle Dobbelaere (51), nu vooral lifecoach en professionele gastvrouw. Maar dan zonder het zeemzoeterige: “Voor mij mag het botsen aan de feesttafel. Zolang je elkaar daarna maar weer in de armen valt.”

Ze nestelde zich in het collectieve geheugen als Magda, de op bondage en zweepjes beluste vrouw van de SM-rechter, als de katholieke Leontien uit Ons geluk en als Chris Haagdoorn, de taaie advocate in Recht op recht. Maar de tijd dat je geen televisie kon aanzetten of je zag het pittig roodharig kopje van Veerle Dobbelaere op het scherm passeren, is al even voorbij. Toen bekend raakte dat de actrice eind dit jaar in de bioscooprevival van De Collega’s 2.0 én de kortfilm Klem zou opdraven, vroegen mensen zich zelfs luidop af of die comeback er dan toch ging komen.

“Terwijl ik nooit gestopt ben met acteren”, zegt Dobbelaere. “Wel beperk ik me sinds een aantal jaren tot één serie of film per jaar.” Deels eigen keuze, deels uit noodzaak, vertelt ze. Na een tijd begonnen de mooie personages op te drogen. “Eenmaal de veertig voorbij krijg je als actrice een pak minder rollen aangeboden. Je bent mossel noch vis: te oud om de sexy stoeipoes te spelen, te jong om de bomma te zijn. Ik kon geen jaar meer vullen als actrice. Of ik moest twintig keer hetzelfde soort personage spelen.”

Dus zocht en vond Dobbelaere een nieuwe rol: die van professionele gastvrouw en lifecoach. Een Vlaamse – hippere – kruising van Martha Stewart en Dr. Phil, zo u wil. Met haar concept ‘De gasten van Veerle’ nodigt ze mensen uit bij haar thuis, een herenhuis in Berchem dat zo in de interieurboekjes kan, met strakke designstoelen en gezellige schapenvelletjes, fotoboeken op de koffietafel en familiefoto’s op de Smeg-frigo. Naast een biologisch driegangenmenu, van rode biet tot Thaise zalm, schotelt Dobbelaere haar gasten “échte gesprekken en levensvragen” voor die “tot nieuwe inzichten leiden”.

Ze pende ook een alternatief etiquetteboek neer voor wannabe gastheren en -vrouwen: Te gast bij Florina. Dobbelaere: “Je moet je niet generen om de soep en het dessert uit te besteden aan je gasten, en een tafellaken hoeft niet gestreken te worden. Ik haal het gewoon klammig uit de droogkast en leg het de avond voordien op tafel. Het hoeft allemaal niet perfect, is mijn boodschap.”

Veerle Dobbelaere

- is 51 jaar

- werkt als actrice en life- en mental coach

- raakte bekend met rollen in series als
Ons geluk, Recht op recht, Spoed en Gent West

- speelde mee in films als
Smoorverliefd en SM-rechter

- startte na zitzakkenlijn DOBS en textiellabel Clodette met 
het tafel- en coachconcept De gasten van Veerle, degastenvanveerle.be

- zal straks te zien zijn in de kortfilm
Klem van Ish Ait Hamou, die Eén uitzendt op 1 januari, en De Collega’s 2.0 van Jan Verheyen, vanaf 12 december in de bioscoop

Maar uw tafelkleed hangt wel nooit langer dan 30 tot 40 centimeter over de rand, las ik. En borden moeten een duimbreed van de tafelrand.

“Door een tafel mooi en verzorgd aan te kleden, toon je je gasten dat ze welkom zijn. Dat schept meteen een sfeer: ‘Ik ben blij dat je er bent’. Dat hoeft daarom niet veel tijd of geld te kosten. Paprika’s, basilicumplanten of uitgestrooide smarties zijn even decoratief op tafel als een bloemstuk. Ik heb ook al witlofbladjes als naamkaartjes gebruikt, beschreven met zwarte alcoholstift.”

Wat is uw definitie van een geslaagd feestje?

“Het moet warm en authentiek zijn. Voorgeprepareerde dingen in een warmhoudbak van de traiteur vind ik gruwelijk ongezellig. Dan liever een goed stuk mozzarella, tomaat en stokbrood. Eenvoudig maar lekker. Ik word echt slechtgezind van slecht eten.”

Hebt u ook tips om de lieve vrede aan tafel te bewaren tussen zatte nonkels, rechtse grootvaders en linkse kleinkinderen, vegans en carnivoren?

“Ik ben niet zo van de lieve vrede. Die wordt overschat. (lacht) Mijn ouders zijn gescheiden toen ik zestien was. Maar al snel besloten we kerst toch samen te vieren, inclusief nieuwe partners. Best pittig. Zeker mijn mama kon soms giftig uit de hoek komen als ze een glaasje te veel op had. Maar wij konden daar als gezin mee om. Omdat er genoeg liefde was, en de intentie om het weer goed te maken. Ik ben niet bang van confrontaties. Het mag goed botsen, zolang je elkaar op het einde van de avond maar in de armen valt.”

Gemakkelijker gezegd dan gedaan.

“Bij De tafel van Veerle krijg ik twaalf mensen aan één tafel die elkaar vaak niet kennen. Met zijn allen voeren we één gesprek, dat ik leid. Ik stel vragen als: wat is de mooiste fout die je in je leven hebt gemaakt? Soms ontstaan er stevige discussies. Toen een vrouw antwoordde dat ze kwaad was dat haar kinderen met piano gestopt waren en hun muzikaal talent verkwanselden, reageerde een meisje naast haar nogal gekwetst. Zij had zelf een moeder die haar in alles wilde sturen. Deze confrontatie is voor beiden interessant. In zo’n situatie wijs ik op de bedoelingen van de ander. Om niet de aanval te zien, maar de bezorgdheid die erachter zit.”

Onbekenden thuis uitnodigen is gewaagd als BV: nog geen creepy fans over de vloer gehad?

“Gelukkig niet, nee. Veel mensen hadden het mij om die reden afgeraden. Maar ik vraag mijn gasten om zich kwetsbaar op te stellen. Dan helpt het als ik zelf een stukje van mijn harnas afleg. Een huiskamer is ook veel warmer dan een restaurant. Mijn concept gaat over voedsel voor het lichaam en de geest.”

Dat laatste moet u even uitleggen.

“Laatst had ik een vegan chef die onder meer eetbare bloemen serveerde. Een van mijn gasten was een diehard carnivoor die doorgaans zelfs geen blad spinazie aanraakte. Hij is uit zijn comfortzone getrokken, heeft iets ervaren.

“Ik wil mensen raken. Laten zien wat er kan gebeuren als je even vertraagt, stilstaat bij zaken als talent en geluk of je afvraagt wie je bent en wat je wilt. Of samen in stilte van een rode biet proeft. Zoals vroeger op een bankje zitten, gewoon kijken, nadenken en luisteren: wij kunnen dat niet meer. Hier om de hoek is een tramhalte. Elke dag loop ik daar voorbij en zie ik mensen bijna in hun telefoon kruipen. Niks mis met verbinden op Snapchat en Facebook, maar het is toch nog iets anders dan verbinden in het echte leven. Dat wil ik doen.”

actrice: Veerle Dobbelaere. Beeld Daniel Cohen

Sommigen zouden dat wollig durven noemen. 

“Dat weet ik, maar ik heb de indruk dat het tij aan het keren is.”

Waaraan merkt u dat?

“Als lifecoach werk ik vaak samen met bedrijven. Die zien zo veel burn-outs, stressgerelateerde aandoeningen en depressies dat ze beginnen te beseffen: we moeten eens iets anders proberen. Met de welvaart zit het wel goed, het welzijn zijn we uit het oog verloren.”

Bedrijfspsycholoog Frederik Anseel uitte kritiek op de wildgroei aan coaches: “Iedereen doet maar wat.”

“Ik heb speciaal een diploma gehaald bij The Coaching Square, dat een goede reputatie heeft en erkend is. Voor mezelf, en voor mijn geloofwaardigheid. Ik wilde niet gezien worden als ‘die actrice die maar wat doet’. Je hebt ook onlineopleidingen, of reeksen van vier sessies in het avondonderwijs. Al is daar op zich ook niks mis mee.”

Is iemand na vier sessies dan al geschikt om mensen met problemen te helpen?

“Veel coaches zijn ervaringsdeskundigen die zelf uit een verhaal van burn-out, scheiding of een ontslag komen. Mensen die door een coach weer op het goede pad zijn gezet en dat daarna ook voor anderen willen doen. Ik geloof in het gezegde: als de leerling klaar is, openbaart zich de meester.”

Bent u zelf ervaringsdeskundige?

“Ik ben zelf een tijd in therapie geweest. Mijn hoofd zit, euhm, wat ingewikkeld in elkaar.”

Op welke manier?

“In mij zit een grote dualiteit die ik lang niet begreep. Enerzijds een heel zachte, zorgende, zeg maar vrouwelijke kant. Anderzijds de nood om mij te profileren. Een heel mannelijke energie. Daadkracht. Ik beschouw mezelf als natuurlijke leider, ik wil niet met mezelf laten sollen.

“Ik vond het lang moeilijk om daar een balans in te vinden, zonder door te schieten in extremen. Als iemand met problemen zat, trok ik me dat zo hard aan dat ik helemaal verdween in de zorg voor een ander. Mijn therapeut zei op een bepaald moment: ofwel ga je stoppen met jezelf zo te laten uitmelken, ofwel ga je daarin verder en ga je er geld mee verdienen. Dus ben ik voor lifecoach gegaan.”

Waarom vindt u uzelf een goede coach?

“Ik ben altijd geïnteresseerd geweest in de menselijke psychologie. Daarom ben ik gaan acteren. Niet om de bekendheid. Daar heb ik niks mee.

“Als ik over straat loop, zijn het andere mensen die mij erop wijzen dat ik herkend word. Zelf ben ik daar niet mee bezig. Ik wilde en wil gewoon verhalen vertellen. Mensen inzicht geven, nieuwe perspectieven aanreiken, personages vormgeven.

“Omgekeerd maakt mijn gevoeligheid een goede actrice van mij. Ik kan makkelijk verbinding leggen met pijn, emoties, getormenteerdheid. Op dat vlak ben ik ook ervaringsdeskundige: al die personages die ik ontleed heb, daar leer je ook uit. Als acteur doe je niet anders dan spelen met ­perspectieven.”

Van welke rol heeft u zelf veel geleerd?

“Goh, van ieder personage dat ik heb gespeeld. In Klem, de kortfilm van Ish Ait Hamou, speel ik Els, een topchirurge die een asielzoeker op de trein leert kennen. Omgaan met trauma’s, de vluchtelingenproblematiek, liefde: het zit allemaal in dat verhaal, zonder dat het moraliserend wordt. Ik vind Ish echt een genie.

“Maar ik haal evenveel plezier en inzicht uit De Collega’s 2.0 van Jan Verheyen. In die film speel ik directrice Hilde Reniers. Een alleenstaande vrouw met een serieuze seksuele appetijt. Ze scant elke man: is het een lekker vleesje of niet? Ik ga er zo over, zet dat personage zo vettig neer, dat ik geschrokken ben van mezelf. Dat je op je 51ste als actrice sans gêne een vrouw kan neerzetten die zoveel seks uitstraalt zonder dat het zielig wordt, dat vind ik geweldig.

“Ik zei het al: er is wel iets aan de hand met vrouwen boven de vijftig. Alsof de media verwachten dat je dan achter je geraniums sjaals begint te breien voor je kleinkinderen en dat het leven stopt. Ik zeg ook altijd tegen fotografen: geen Photoshop. Of ik moest een gigantische puist hebben. (lacht) Maar ik wil een lans breken voor decolletérimpels en kraaienpootjes. Dat je niet jong moet zijn om aantrekkelijk te wezen. Vijftig is het nieuwe dertig.”

Nochtans schreef u in uw boek Foert, ik ben veertig dat u botox overwoog om aan het schoonheidsideaal te voldoen.

“Enkel voor researchdoeleinden. Ik heb het nooit gedaan. De reactie van mijn man en kinderen volstond: ‘Dat meent ge niet, gij die altijd zo naar naturel streeft?!’ (lacht) Vrouwen – en mannen – mogen van mij gerust een fronsrimpel laten wegspuiten. Iedereen wil immers de beste versie van zichzelf zijn. Ik ook. Maar als ik zie dat sommigen zo hard aan een jeugd proberen vasthouden die toch niet meer terugkomt, denk ik: kom eens langs in mijn coachingpraktijk, wij moeten eens babbelen. Je kan zoveel spuiten, knippen en plakken als je wilt, op een dag komt die muur tien keer harder aan.”

“Het is heel intrigerend hoe vrouwen boven de 35 afgerekend worden op hun uiterlijk”, zei acteur Kürt Rogiers onlangs in deze krant. “Ik ben 47 en speel nog altijd een donjuan. Een actrice van 47 zal geen verleidster meer spelen of het moet een oude hoer zijn.”

“Precies. Het leeuwendeel van de scenaristen, producenten en regisseurs zijn mannen. Dat zijn de mensen die de context en verhalen creëren. Natuurlijk doen die dat vanuit hun eigen perspectief, en niet vanuit dat van een vrouw. Je kunt het hen zelfs niet kwalijk nemen. Weten zij veel. Daarom is het goed dat er steeds meer vrouwen ook zulke jobs opeisen.

“En dan mag ik nog niet klagen. De afgelopen twee jaar had ik een kleine rol in Gent West (gevangenisserie op VIER, KVDP). Vroeger werd ik altijd gevraagd voor grote, dragende rollen die een andere verantwoordelijkheid eisen. Nu had ik een veel grotere vrijheid en kon ik experimenteren. Geweldig tof, ook al werd de helft eruit geknipt.”

actrice: Veerle Dobbelaere. Beeld Daniel Cohen

“Tien jaar geleden had ik zo’n rol wellicht geweigerd”, zei u toen Gent West uitkwam.

“Vanuit een soort ego of bewijsdrang, omdat ik grote rollen aankon. Die drang ben ik nu kwijt. Ik hou nog steeds van spelen, wil acteren tot mijn laatste snik. Maar ik hoef niet meer zo nodig te bewijzen dat ik goed ben. Mensen vinden mij een goede actrice of niet: hoe dan ook is dat allang beslist.

“Vroeger was ik allergisch aan achterklap. Maar ik heb leren loslaten wat anderen denken of vinden.”

Wat is de grofste roddel die ooit over u de ronde deed?

“Geen idee. (denkt na) Ik weet wel dat ik het imago had – misschien nog heb – een harde te zijn. Arrogant zelfs.”

Terecht?

“Mijn directheid wordt vaak met arrogantie verward. Ik heb geen geheimen, spreek alles uit. En dat komt soms hard aan. Mijn vriendenkring is dat al gewoon. Anderen iets minder.” (lacht)

Dat vraagt om een voorbeeld.

“Laatst was een visagiste een half uur te laat, waardoor heel de shoot vertraging opliep en iedereen stressy rondliep. Dan zeg ik – vriendelijk maar kordaat – tegen dat meisje: ‘Deze stress komt door u! Dat beseft ge toch.’ Dat is de coach in mij. Om haar te doen inzien: te laat komen kan je professionele relaties schaden, pas daarmee op. Ze zal nadien misschien denken: wat een bitch, die Veerle. Het zij zo. Mijn drang om mensen iets bij te leren is groter dan mijn behaagzucht.”

Dat wordt vijf minuten later duidelijk als erin de keuken naast ons een luide klap en dito vloek weerklinkt: echtgenoot Alain Bokken heeft de zak hondenbrokken voor hun boxer Maurice laten vallen. Veerle veert van tafel, schiet even uit: “Baby! Wat een lawaai! Ik ben hier wel een interview aan het doen.”

Eenmaal terug aan tafel, zegt ze: “Als ik mensen kwets, neem ik wel altijd mijn verantwoordelijkheid. Dan zeg ik: ‘Sorry, niet zo bedoeld.’ Maar ik hou me eraan om zo direct te blijven communiceren. Het heeft het voordeel van de duidelijkheid en het is gezonder dan alles opkroppen. Mijn zus heeft mij ooit een aantal jaar na de feiten voor de voeten gesmeten dat ik een cadeau voor haar eerstgeboren zoon was vergeten te kopen. Ik begrijp dat niet. Zeg meteen wat je wil zeggen, dan is dat uit je systeem.

“Omgekeerd ben ik ook iemand die klakkeloos aanneemt wat een ander zegt. Ook van mijn partners. Ik verspil geen tijd en energie met me af te vragen: is die wel eerlijk? Wat zit erachter?”

actrice: Veerle Dobbelaere. Beeld Daniel Cohen

Is dat vertrouwen nooit beschaamd?

“Een paar keer. Dat is dan voor de rekening van de ander.”

U bent op uw 42ste voor het eerst gehuwd. Een late romanticus?

“Noem me romantisch en realistisch tegelijk. Toen ik ‘ja’ zei tegen Alain was dat honderd procent met de intentie ‘tot de dood ons scheidt’. Maar tegelijk weet ik dat de kaarten morgen anders geschud kunnen worden en onze wegen toch kunnen scheiden. Ik leef in het hier en nu. Veel mensen slepen het verleden met zich mee, maken zich zorgen over de toekomst en vergeten het nu.

“Nu voelt onze relatie heel goed en veilig.”

Uw ouders experimenteerden met de vrije liefde. U zag enkele minnaars komen en gaan. Gelooft u daardoor harder of net minder in monogamie?

“Ik heb in de praktijk gezien dat meerdere relaties hebben al snel te ingewikkeld wordt. Zelf heb ik ook wel eens een affaire gehad, omdat ik ongelukkig was. Maar als relatiemodel? Nee. Ik heb dat ‘wij twee tegen de wereld’-gevoel nodig. Al mag iedereen doen wat hij of zij wil. Ik ben gezegend met weinig oordelen. Als coach word je daar ook op getraind.”

“Sinds een aantal jaren heb ik een hartsgrondige, bijna fysieke afkeer gekregen van mannen die te dicht bij mij komen. Het wordt erger met ouder te worden”, zei u in 2013 in Het Laatste Nieuws. #MeToo avant la lettre?

“Nee, van intimidatie of erger heb ik nooit last gehad. Dat ging over iets anders. Ik ben een spons. Ik ben zeer gevoelig aan geluiden en geuren. Als iemand te dicht in mijn personal space komt, heb ik al snel iets van: back off. Sommige mensen, vaak mannen, voelen dat echt niet aan.

“Een huisarts gaf me ooit een boek over hoogsensitiviteit. Ik las het, herkende er veel in en nam me daarna voor om dat nooit tegen iemand te vertellen.”

Bang om niet geloofd te worden?

“Zo’n label helpt wel om jezelf beter te begrijpen, en als ankerpunt voor je omgeving. Maar ik ben tegen hokjes. Ik ben méér dan hooggevoelig. Zelf zou ik die term ook nooit gebruiken. Het is nogal een modewoord.”

Iedereen blijkt hooggevoelig tegenwoordig.

“Alsof het een wedstrijd betreft: om ter gevoeligst. Terwijl er nog een verschil is tussen dingen goed aanvoelen en hoogsensitiviteit. Ik raak heel makkelijk overprikkeld. Dan slaap ik slecht, kom ik niet tot rust, zit er te veel ruis in mijn hoofd.”

Dan lijkt gastvrouw spelen voor tafels van twaalf man geen evidente carrièrezet?

“Overal zijn nu eenmaal prikkels. Op een set ook. Het komt erop neer een balans te vinden. Meditatie helpt. Ik mediteer elke dag twintig minuten. Heel heilzaam, ook al ziet niet iedereen dat zo.

“Ik vind dat ook niet erg. Ik hou enorm van weerstand. Daar zit, vanuit het perspectief van een coach, het grootste potentieel. Dan weet ik: hier kan iemand echt geholpen worden. Hij of zij moet gewoon de klik nog maken.”

Dit jaar kreeg u van vereniging Skepp de Skeptische Put, de bedenkelijke prijs voor pseudowetenschappen.

(windt zich op) “Daar was en ben ik heel erg boos om. Dat was gebaseerd op foute informatie.”

U zou volgens Skepp als coach optreden voor het bedrijf TalentTester, dat carrièreadvies verstrekt op basis van gelaatsuitdrukkingen.

“Achter TalentTester zit een vriendin, die gelaatskunde heeft gestudeerd. Als uit die test blijkt dat iemand conflictvermijdend is en die persoon herkent zich daarin en wil daar nadien iets mee doen, ben ik gewoon een van de coaches naar wie ze doorverwijzen. Verder heb ik daar niks mee te maken en Skepp weet dat. Maar als je de prijs aan een onbekende geeft haal je het nieuws natuurlijk niet.”

“Ze hebben mij geofferd. Zonder mij vooraf te contacteren. Ook achteraf hebben ze nooit op mijn boze mail gereageerd. Zo onrechtvaardig. Van mij mogen ze ­ontploffen.”

Voor welk kantje zou u zelf nog een coach kunnen gebruiken?

“Voor veel dingen. Ik doe er dan ook om de paar jaar beroep op. Je kan een hele goede dokter zijn en toch af en toe ziek worden. Iedereen heeft blinde vlekken.”

Wat zijn die van u?

“Ik zie ze niet. Daarom zijn het blinde vlekken.” (lacht)

Dingen waar anderen u op wijzen?

(denkt na) “Kinderen opvoeden vind ik heel interessant, maar zeker niet altijd even makkelijk. Alain heeft ook kinderen – tussen ons twee zijn er in totaal vijf – soms met verschillende waarden en normen. Met zo’n samengesteld gezin omgaan is wel iets waar ik nog in kan groeien. Bovendien heb ik de neiging om mensen in mijn dichte omgeving heel de tijd te willen coachen, ook al vragen ze daar niet om. Mijn gezin kan dat maar matig appreciëren. Dat zorgt soms voor spanningen. Ik wil hen helpen, maar tegelijk weet ik: mensen aanvaarden pas hulp als ze er zelf klaar voor zijn.”

“Kinderen zijn niet het beste wat me ooit is overkomen”, zei u ooit.

“Ik ben daar zwaar mee gebasht, met die uitspraak. Als mensen verkondigen dat je bepaalde dingen niet mag zeggen, denk ik automatisch; dat zijn taboes die de moeite waard zijn om onder de loep te nemen. Zoals toegeven dat je bij een brand je eigen kinderen eerst zou redden en je man die van hem. Dat is gewoon iets primairs. Wil dat zeggen dat ik zijn kinderen minder graag zie? Neen.

“Laat ons in het algemeen wat normaler over het ouderschap doen. Het leven is het beste wat me is overkomen. Met alles wat erin zit. Met kinderen, lieven, ex-lieven, vaders, moeders die te vroeg sterven. Ik ben heel blij met mijn kinderen, zou het zo opnieuw doen. Maar af en toe wil je ze tegen de muur plakken. Soms is opvoeden dikke vette kak. Of ben ik nu weer te direct?” (lacht)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden