Zaterdag 08/08/2020

InterviewDe Vragen van Proust

Activist Yassine Boubout: ‘Een winkel binnenlopen en mensen die je begroeten, dat heb ik in Antwerpen nog nooit meegemaakt’

Yassine Boubout: ‘Als het erop aankomt zou ik mijn leven op het spel zetten, ja. Ik ben niet bang om op te staan voor een gelijkwaardige samenleving.’ Beeld © Stefaan Temmerman

Schrijver Marcel Proust beantwoordde ze ooit in een vriendenboekje, nu geeft De Morgen er een eigenzinnige draai aan. Zevenentwintig directe vragen, evenveel openhartige antwoorden. Vandaag: rechtenstudent en activist Yassine Boubout (23). Wie is hij in het diepst van zijn gedachten?

1. Hoe oud voelt u zich?

“Ik zou zeggen 28 jaar. Ik heb me van jongsaf aan ouder gevoeld. Vanaf de leeftijd van 12 jaar ben ik beginnen omgaan met oudere mensen omdat ik mij daar beter bij voelde. Ook nu heb ik veel minder feeling met 23-jarigen. Wat hen interesseert, interesseert mij meestal niet. Ik sta misschien wat ernstiger in het leven.”

BIO • geboren op 24 april 1997 in Antwerpen • studeert rechten aan de VUB • bestuurslid Uit De Marge vzw • medestichter One-Line Solidarity • voormalig voorzitter Movement X • doet onderzoek naar politie in België en Europa

2. Wat vindt u een belangrijke eigenschap van uzelf?

“Ik ben direct. Ik zeg altijd wat ik denk, ook al kan dat soms wat grof of hard overkomen. Ik draai niet graag rond de pot. Niet iedereen apprecieert dat natuurlijk. Zeker in Vlaanderen krijg ik soms te horen dat ik arrogant ben. In Nederland heb ik daar geen last van, daar zeggen ze sneller waar het op staat.

“Al op heel jonge leeftijd was ik sociaal geëngageerd. Als Belg met Marokkaanse roots ben ik opgegroeid met een vader en moeder die naar Al Jazeera en BBC News keken, waar het vaak ging over de oorlog in Irak of over de strijd in Palestina of Libanon. In het begin had ik vooral interesse voor internationale conflicten, later ben ik me ook gaan focussen op discriminatie en ongelijkheid in België. Ik vond dat ik mijn stem moest laten horen en zo ben ik in het activisme beland.”

3. Hoe is de band met uw ouders?

“Mijn vader is zes jaar geleden overleden. Mijn band met hem was heel goed. Hij was degene die brood op tafel bracht en als arbeider moest hij vroeg naar zijn werk en kwam hij laat thuis, waardoor we in de week weinig tijd met elkaar doorbrachten. Maar in het weekend deden we leuke dingen samen. Ik kon ook altijd bij hem terecht als ik problemen had.

“Net voor zijn dood ben ik in het activisme gestapt. Hoe hij daar tegenover gestaan zou hebben, weet ik dus niet, maar mijn moeder was aanvankelijk natuurlijk bezorgd. Ze zag haar zoon naar betogingen gaan en vond dat wel eng. Maar na een tijd begon ze me te vertrouwen en zag ze dat ik geëngageerd was met goede bedoelingen en mezelf niet in de problemen bracht. Voor een interview zal ze me wel sturen: ‘praat wat goed’ of ‘wees wat extra genuanceerd’.” (lacht)

4. Wat is uw passie?

“Ik heb een verborgen passie voor cinematografie. Ik kan echt genieten van films met prachtige shots, films die perfect in elkaar steken. Maar ik kan soms ook walgen van films waarvan iedereen zegt: ‘Dat is een goeie film’, als ze al te voorspelbaar zijn of shots bevatten die niet bij een bepaalde scène passen. Ik ben heel streng op dat gebied, precies omdat ik zo gepassioneerd ben. Sommige regisseurs sturen me zelfs een pilot door om mijn ongezouten mening te vragen.

“Ik ben geen voorstander van Vlaamse tv, die filmstijl is niets voor mij. Tarantino vind ik dan weer geweldig, maar ik heb vooral een grote liefde voor oudere films zoals A Bridge Too Far (onder regie van Richard Attenborough, 1977, red.) en Lawrence of Arabia (David Lean, 1962, red.). Die longshot waarin Omar Sharif vanuit de woestijn op zijn kameel komt aangereden tot bij de waterput en de gids van Lawrence neerschiet, is een mijlpaal in de filmgeschiedenis, ik noem dat een cinematografisch orgasme.” (lacht)

5. Is het leven voor u een cadeau?

“Eerlijk gezegd: neen, mijn leven is geen cadeau geweest. Ik ben opgegroeid in een heel harde context van armoede en kansarmoede, in een wijk met veel criminaliteit en drugsproblemen. Ik zou durven zeggen dat de eerste negentien jaren van mijn leven, zware jaren waren. Maar ik voel nu wel dat mijn leven gekanteld is, dat ik het meer in de hand heb. Ik ben verhuisd naar Brussel, ik ben veel zelfstandiger geworden, zowel financieel als mentaal. Ik heb er altijd van gedroomd om eens naar een winkel te kunnen gaan zonder naar het goedkoopste product te moeten zoeken. Nu kan ik toch al eens een A-merk kiezen in plaats van een Aldi-merk, wat mij toch een zekere rust in mijn hoofd geeft. (lacht)

“Ik denk dat het leven nu pas een cadeau wordt. Ik ben nog jong, dus jullie zouden mij die vraag op mijn 50ste nog eens opnieuw moeten stellen.”

'Ik heb er altijd van gedroomd om eens naar een winkel te kunnen gaan zonder naar het goedkoopste product te moeten zoeken.'Beeld © Stefaan Temmerman

6. Wat is uw droom?

“Ik studeer momenteel strafrecht, maar ik wens een manama (master-na-masteropleiding, red.) te doen in internationaal recht omdat ik mijn toekomst in het buitenland zie. Ik heb een droomjob voor ogen die moeilijk te bereiken is, maar dromen zijn er om na te jagen. Wat ik zou willen doen, is werken op het veld rond oorlogsconflicten. Human Rights Watch heeft een prachtige afdeling genaamd het E-team, een kleine groep van onderzoekers die in oorlogsgebied infiltreren en alles rapporteren. Ze kaarten niet alleen mensenrechtenschendingen en schendingen van het oorlogsrecht aan, maar spelen ook informatie door aan de media om de internationale druk op malafide leiders te verhogen. Strijden voor internationaal humanitair recht is voor mij een droomjob en ik zal ervoor vechten tot ik hem heb.” (lacht)

7. Welke geluksscore geeft u zichzelf?

“Momenteel zou ik zeggen een zeven. Geen acht, negen of tien, omdat ik nog altijd bezig ben met mijn studies, en nog zoekend ben. Maar ook geen vier of vijf, want ik kom van een drie, van een heel harde context en heb die volledig achter mij gelaten. Ik voel me een stuk gelukkiger dan toen ik nog een kind was.

“Ik heb veel onrecht meegemaakt. Mijn eerste contact met de politie was op achtjarige leeftijd. We werden tegen een combi gedrukt en gefouilleerd omdat iemand in de buurt waar we woonden een fiets had gestolen. Ik begon zo hard te huilen dat de politie dreigde om naar mijn ouders te stappen, wat heel traumatiserend was. Ik ben ook op jonge leeftijd in elkaar geslagen door een kerel met een Vlaamse leeuw rond zijn heupen. Ik was aan het voetballen met een zwart vriendje en hij kwam dronken aangerend en riep ‘makak’ en ‘neger’ naar ons. We zetten het op een lopen, maar mijn beentjes waren niet zo snel, dus ik werd gevat en kreeg klappen. Waarom? Wie zal het zeggen? Er was geen enkele aanleiding. Ook op school heb ik een leraar gehad die me steevast ‘makak’ noemde. Ik heb al heel vaak racisme in the face gekregen en dat is een van de redenen waarom ik mij engageer, omdat ik anderen al die trauma’s wil besparen.”

8. ‘Blijf in uw kot’, hoe ging u daarmee om?

“Ik werd daar een beetje gek van, als ik het zo mag zeggen. (lachje) Ik was het gewoon om enkel naar huis te gaan om te slapen of om eens een uurtje te rusten, maar nu zat ik ineens opgesloten tussen vier muren. Ik heb me vooral gerealiseerd dat mijn leven bestaat uit werken. Uit bezig zijn. Bezig zijn met zaken die niet persoonlijk zijn: onderzoek, activisme, studies. Op het moment dat alles stilviel besefte ik dat ik niets meer had. Ik begon me zo hard dood te vervelen dat ik een piano gekocht heb, een gaming pc, en een trompet.” (lacht)

9. Wat is uw zwakte?

“Mijn zwakte is dat ik mezelf soms verlies in mijn koppigheid. Hoewel ik altijd reflecteer over kritiek van anderen, ben ik heel standvastig. Het duurt toch wel even voor ik besef dat ik mijn mening moet herzien of dat ik iets fout heb aangepakt. Ik denk dat mijn koppigheid soms hard kan overkomen bij mensen die het met mij oneens zijn.”

10. Waar hebt u spijt van?

“Er zijn twee dingen die telkens weer naar boven komen. Eén, ik heb spijt van mijn verleden, waarin ik dingen gedaan heb die nooit hadden mogen gebeuren. Ik was echt het foute pad aan het opgaan.

“En twee, ik heb spijt dat ik mijn vader niet meer gesproken heb vlak voor zijn dood. Hij is gestorven aan longkanker. Het is allemaal heel snel gegaan. In augustus hebben we ontdekt dat mijn vader een tumor had en in maart is hij overleden. En ik wilde hem nooit gaan bezoeken in het ziekenhuis omdat zijn aftakeling voor mij te confronterend was. Als mentale afleiding ging ik sporten, waardoor ik mijn vader een week niet gesproken heb voor hij stierf en dat zal me altijd bijblijven. Misschien is dat wel de grootste fout in mijn leven. Misschien kan ik dat mezelf niet kwalijk nemen, maar ik kan dat schuldgevoel ook niet weghalen. Misschien moest ik toch eens mijn eigen lijden opzijzetten en mijn vader gaan bezoeken, want het kon de laatste keer zijn en dat was dan ook zo.”

11. Wat is uw grootste angst?

“Te snel mijn geliefden verliezen, mijn familieleden dus. Ik denk dat dat komt omdat ik mijn vader op jonge leeftijd verloren ben. Dat is een trauma dat ik levenslang zal meenemen. Tot op zekere hoogte kan ik de dood rationaliseren, maar mochten opeens nog mensen uit mijn omgeving verdwijnen, ik denk dat ik mij totaal zou verliezen.”

12. Wanneer hebt u het laatst gehuild?

“In februari. Ik ben toen naar Tanger gegaan, naar Marokko, om het graf van mijn vader te bezoeken. Ik praat veel over mijn vader, hè, ik krijg dat nu pas door. Een graf hebben in het buitenland maakt het voor de nabestaanden wellicht spiritueler, maar ook moeilijker omdat ze ernaartoe moeten reizen. Plots naast het graf staan van een man die je al zo lang niet meer hebt gezien op een plek die je niet kent, is heel confronterend omdat er altijd nog een gevoel van nabijheid of van aanwezigheid was. Maar dan kom je daar en bam, dan vloeien de tranen.”

'Strijden voor internationaal humanitair recht is voor mij een droomjob en ik zal ervoor vechten tot ik hem heb.'Beeld © Stefaan Temmerman

13. Wanneer bent u ooit door het lint gegaan?

(lacht) “Ik ben een kalme persoon, maar ben echt door het lint gegaan tijdens de Black Lives Matter-betoging in Brussel. Terwijl we alles deden om de politie en de manifestanten te beschermen tegen opgehitste betogers en mensen van kwade wil die de boel wilden verzieken, zagen we in de verte leden van The Black Bloc (gemaskerde, in het zwart gehulde demonstranten, red.) oprukken. Ze begonnen stenen uit te breken en met voorwerpen te gooien. Op een bepaald moment zag ik een steen door de lucht vliegen, recht in het gezicht van een vrouw. Toen ben ik ontploft. Ik draaide mij om en zag iemand van The Black Bloc een hek van de grond rukken om het in de menigte te gooien. Ik rende naar hem toe, nam het hek vast, en duwde hem omver, al roepend: ‘Jullie verpesten het, dit is niet jullie strijd!’ Al die leden van The Black Bloc, dat zijn witte mensen. Zij dragen allemaal maskers, zijn volledig onherkenbaar, maar zodra ze die maskers afnemen, hebben ze niet de problemen waar wij mee worstelen. Zij worden niet tegengehouden, gefouilleerd, gecontroleerd, geslagen. Ze waren op dat moment wel een target voor de politie, maar zodra hun maskers wegvallen, zijn ze dat niet meer. Zij kwamen de boel verzieken en wij zijn degenen die in de media komen en er de schuld van krijgen. ‘De zwarte’, ‘de bruine’.”

14. Hebt u ooit een religieuze ervaring gehad?

“Euh ja. Ik ben heel religieus, ik ben een moslim, ik bid, volg de ramadan enzovoort. Maar het meest spirituele dat ik ooit heb meegemaakt was een paar maanden geleden in Bosnië, in Sarajevo. Negentig procent van de bevolking daar is moslim en overal heb je prachtige Ottomaanse moskeeën waar je binnen kunt lopen en bidden. Wat ik ook gedaan heb. Op een bepaald moment keek ik om me heen en zag dat ik omringd was door witte moslims. Ik was de enige bruine. Ik ben opgegroeid in Antwerpen waar de moskeeën bijna uitsluitend Marokkaans of Turks zijn. Ik had me nog nooit een minderheid gevoeld in een moskee. Dat was zo’n prachtige ervaring dat ik zelfs afgeleid werd van mijn gebed en gewoon dacht: wow, dit is echt een spirituele shock. Ook omdat ik geconfronteerd werd met mijn bias: moslims zijn niet alleen maar Arabieren, de islam is zo’n brede religie.”

15. Hoe voelt u zich in uw lichaam?

“Momenteel goed. Ik denk dat mijn lichaam voor mij een mentale barometer is. Aan mijn lichaam kan ik perfect zien hoe ik mij voel. Ik ben iemand die gemakkelijk bijkomt. Als ik minder begin te letten op mijn eten, minder sport, minder beweeg en dus opeens een aantal kilo’s verzwaar, denk ik: hoe zagen de afgelopen maanden eruit? En vaak is dat dan toch wel een dipmoment, een periode van stress. Dus zolang ik er niet te vol uitzie, weet je dat het goed met mij gaat.”

16. Wat vindt u erotisch?

“Misschien is dit cliché, ik weet het niet, maar ik vind een bepaalde vorm van intellectualiteit echt opwindend. Niet de typische booksmart zoals dat heet, maar iemand die echt begrijpt hoe een samenleving werkt en hoe mensen in elkaar zitten, dat vind ik heel aantrekkelijk.”

17. Wat is uw goorste fantasie?

“Goh, ik weet niet hoe ik die vraag moet interpreteren, dus ik vat ze gewoon op als de ergste, lelijkste, meest vieze fantasie die je kunt hebben en dat is dat ik in de Vietnamoorlog zit. Midden tussen de kogels, bommen en boobytraps. Dan stel ik me voor hoe het moet zijn om daar als soldaat te zitten tussen allemaal mannen die beseffen dat de kans groot is dat ze gaan sterven. Dat is volgens mij wel een gore fantasie. Alleen weet ik niet of ik voor de Amerikanen zou gaan of voor de Vietcong. (lacht) Dat moet ik nog bepalen.”

18. Welke kleine gebeurtenis kan u blij maken?

“Een ‘bonjour’ of een ‘goeiendag’, dat vind ik geweldig sinds ik van Antwerpen naar Brussel ben verhuisd. Een winkel binnenlopen en mensen die je begroeten, dat heb ik in Antwerpen nog nooit meegemaakt. Dat is die Antwerpse arrogantie. Ze kijken je aan en kijken weer naar hun kassa, maar in Brussel, van grootwarenhuizen tot nachtwinkels, begroeten mensen je altijd.”

19. U belandt in de gevangenis, wat zou de reden kunnen zijn?

(lacht) “Op dit moment in mijn leven durf ik te zeggen dat dat zou zijn omwille van mijn engagement. Ik denk dat dat de enige reden kan zijn waarom ik ooit in de gevangenis zou kunnen belanden. Stel dat er een moment komt waarop de haat overwint en er nieuwe regels komen die ondemocratisch en extreem racistisch zijn, dan zou ik me zo hard verzetten dat ik de doodstraf zou krijgen. (lacht)

“Als het erop aankomt, zou ik mijn leven op het spel zetten, ja. Ik ben niet bang om op te staan voor een gelijkwaardige samenleving. En als er ooit een wet komt die dat verbiedt, zal ik de eerste zijn om te revolteren.”

20. Bent u een goede vriend?

“Euhm. Ik moet denk ik neen zeggen, omdat mijn concept van vriendschap een beetje anders is. Ik vind dat mensen elkaar te snel vrienden noemen, terwijl voor mij een vriend een allrounder is, iemand met wie je alle aspecten van je leven deelt. In heb vrienden in het activisme, vrienden in de studie, vrienden in de sport, maar ik zie hen alleen binnen die welbepaalde context. Daarom denk ik dat ik geen goede vriend ben.

'Ik begon me tijdens de lockdown zo hard dood te vervelen dat ik een piano gekocht heb, een gaming pc, en een trompet.'Beeld © Stefaan Temmerman

“Ik ben ook heel hard op mezelf. Ik heb niet echt iemand bij wie ik mijn hart lucht. Ik verwerk mijn problemen door bezig te zijn met mijn studies, met activisme, maar ook door te sporten. Sporten is altijd mijn vluchtroute geweest. Sinds mijn jeugd heb ik geleerd om zaken te verwerken door zelf te handelen, niet door bij anderen te gaan uithuilen.”

21. Hoe definieert u liefde?

“Ik denk dat liefde voor mij een persoon is bij wie je volkomen tot rust komt, een persoon in wie je jezelf kunt verliezen, bij wie je alles wat op je afkomt kunt vergeten. Liefde is voor mij met elkaar bezig zijn, maar ook momenten creëren om over jezelf te reflecteren.

“Ik heb dat soort liefde al eens gehad, maar momenteel heb ik het niet en ik weet ook niet of ik ernaar snak. Later, misschien.”

22. Hoe hebt u uw eerste liefde ervaren?

“Ik heb mijn eerste liefde als zeer aangenaam ervaren, als iets moois, als iets bijna onbeschrijflijks. De wereld rondom je verdwijnt. Maar vermits ik nu over het verleden spreek, betekent ook dat er een breuk was, en een breuk is heel pijnlijk. Liefde kan rust betekenen, maar kan ook heel lawaaiierig zijn.”

23. Hoe zou u willen sterven?

“Fjoew. Liefst alleen en direct. Ik wil geen langdurige ziekte, geef mij een snelle dood. Ik wil mijn omgeving niet maandenlang meesleuren in een ziekte, in een stoornis of wat dan ook. Maar eerst wil ik de wereld nog zien evolueren, dus geef mij nog wat tijd.

“Wat ik dan zou wensen als laatste avondmaal? (lacht) Euhm. Moeders couscous, die is heerlijk. Elk huis maakt zijn couscous op een andere manier. Er is geen enkele couscous die hetzelfde smaakt. Bij elke hap proef je een band met je moeder, waardoor alle couscoussen anders zijn. Moederliefde kan je niet kopen in de Delhaize.” (lacht)

24. Wat zou u nog willen doen voor het te laat is?

“Als activist kom ik uit een heel links nest, dus ik heb altijd prachtige verhalen gehoord over het communisme, het marxisme en het socialisme. En alhoewel ik altijd kritisch geweest ben tegenover die regimes en tegenover de wantoestanden die er in het verleden plaatsgegrepen hebben, zou ik toch graag eens een communistisch land bezoeken, gewoon om te zien wie er gelijk heeft. De liberalen of de communisten? Ik zou eens met eigen ogen willen zien hoe het leven daar nu is. Binnenkort zal dat niet meer mogelijk zijn. Ik bedoel: Cuba begint te vervagen, de Sovjet-Unie bestaat niet meer, en Noord-Korea... hmm.” (lacht)

25. Waarover bent u uw mening gaan herzien?

“Over hoe ik mijn leven leid. Een goed jaar geleden heb ik beslist om te doen wat ik wil doen, om te zeggen wat ik wil zeggen en me niet telkens meer te conformeren aan de mening van anderen. Ik wil niet langer beantwoorden aan het beeld van de ideale student of activist. Ik leid nu mijn eigen leven, met mijn eigen fouten en mijn eigen troeven.”

26. Welke episode uit uw leven zou een goed filmscenario opleveren?

“Mijn jeugd. Een mix van extreem kattenkwaad, armoede, frustratie, maar ook gewoon plezier. Met de kleinste dingen. Met een bal konden wij ons wekenlang amuseren. Zero luxe, maar veel gelachen.”

27. Wat is de titel van uw biografie?

“Ik zou zeggen Changes. Veranderingen. Ik ben in mijn leven door heel veel veranderingen gegaan, dus dat is de meest gepaste titel, denk ik.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234