Mensenrechten

Textielfabrieken in Cambodja dreigen hun deuren te moeten sluiten door Europese handelsontzegging

1 Een woonplek voor textielwerkers in de Cambodjaanse hoofdstad Phnom Penh. © Reuters

Aan de rand van Phnom Penh in een grote textielfabriek produceren Lek Sopheak en zijn collega’s iedere dag sportbroeken, T-shirts, ondergoed en andere kledingproducten voor Adidas. De lokale vakbondsleider is blij met de baan. Maar de toekomst ziet hij somber in. “Als Cambodja zijn handelsvoordelen bij de Europese Unie kwijtraakt, zullen veel fabrieken moeten sluiten. Reken maar dat veel mensen dan hun baan verliezen”, verzucht hij.

De textielindustrie in Cambodja, met ruim 700.000 werknemers de grootste informele werkgever van het land, staat onder grote druk nu de EU het land de toegang tot het handelsprogramma ‘Everything But Arms’ (Eba) wil ontzeggen, als reactie op mensenrechtenschendingen. Dankzij Eba kunnen ’s werelds armste landen producten tariefvrij naar de EU exporteren. De honderden kleding- en schoenenfabrieken in Cambodja maken daar gretig gebruik van; de EU is voor hen de belangrijkste afzetmarkt.

nieuws

cult

zine