Dag op dag 100 jaar geleden: Britse royals veranderen Saksen-Coburg Gotha in Windsor

1 Koning George V (1865-1936) ©rv

Het Britse koningshuis bestaat maandag precies honderd jaar. Althans onder de naam 'Huis van Windsor'. Het was tijdens de Eerste Wereldoorlog dat koning George op 17 juli 1917 een proclamatie uitvaardigde waarin hij de naamsverandering van het koningshuis afkondigde. De uit Duitsland afkomstige naam Saksen-Coburg en Gotha was niet langer geschikt.

Er werd op straat getwijfeld aan het patriottisme van de koninklijke familie die vrijwel alleen Duits bloed door de aderen had stromen. "Ik vraag me af wat mijn kleine Duitse vriend te zeggen heeft", grapte in die tijd premier David Lloyd George wanneer hij op audiëntie moest bij de koning. Diens grootmoeder koningin Victoria stamde uit het Huis Hannover en haar opvolgers droegen de naam Saksen-Coburg en Gotha, naar haar uit dat Duitse vorstenhuis afkomstige echtgenoot.

Gotha-bommenwerpers
In de wijder vertakte familie waren nog veel meer Duitse namen te vinden en de leden van het koningshuis hadden tal van Duitse titels, terwijl Duitse familieleden op hun beurt Britse (ere)titels droegen. Aan dat gebruik werd het eerst een einde gemaakt. Maar de familienaam behoefde ook dringend een 'make over' toen de Duitsers met 'Gotha' bommenwerpers zelfs Londen bombardeerden. In juni 1917 kwamen door zo'n aanval in de hoofdstad 162 mensen om het leven.

Mountbatten
Er werd naarstig gezocht naar een geschikte nieuwe naam. Plantagenet en Tudor werden voorgesteld, maar door George afgewezen. Windsor echter, naar het oer-Engelse kasteel even buiten Londen, waar in 1312 koning Edward III was geboren en de naam 'Edward van Windsor' kreeg, was uitermate geschikt. Andere leden van de koninklijke familie verengelsten hun naam of kregen een nieuwe titel. Zo werd Battenberg opeens Mountbatten.

Onze koning Albert I (1875-1934) stopte in 1920 met het gebruik van zijn Duitse familienaam, eveneens Saksen-Coburg-Gotha. Hij maakte er 'van België' van.