Striptips

Van ska tot punk, van Parijs tot het Besloten Land. De 5 opvallendste strips van de week

De feelgood strip van het jaar? Gevonden! Een vuistdikke graphic novel over opgroeien en/met muziek? Check! Een gouwe ouwe die opnieuw het daglicht ziet? Yup. En een Vlaamse klassieke held die de strijd verliest tegen clichés? Helaas, ook die troffen we aan.

Onze navelstreng ★★★★★

11 © RV

"Opgedragen aan onbestaande toevalligheden en omwegen. Aan de mensen die deze fictie tot stand lieten komen en die zich er misschien in herkennen." Wie de afgelopen weken in de sectie spiritualiteit op zoek ging naar dat ene boek over levensgeluk: zoek niet langer. Onze navelstreng is het resultaat van twee debuterende jonge Franse vrouwen, scenariste Gwénola Morizur en en tekenares Marie Duvoison.

Hoofdpersonage Lily verneemt dat ze zwanger is op het moment dat haar vriend onverwacht op tournee moet en zijn neefje uit Quebec twee weken op bezoek zou komen. Het haar onbekende jongetje loopt er verdrietig bij sinds de scheiding van zijn ouders. In een opwelling besluit ze hem niet haar Parijs te laten zien, maar hem mee te nemen naar de bergen. Een introverte lifter onderweg en een chambre d’hôtes-eigenaar zet heel haar wereld op zijn kop.

Share

Met de kans dat ik nu mijn reputatie van hardvochtige recensent naar de filistijnen help: ik had bij het lezen last van vochtige oogjes

Dit one-shot wil nergens belerend zijn, maar geeft toch onbedoeld advies mee voor diegenen die het willen zien en horen. Misschien heeft dat te maken met de personages die deze strip bevolken. Dit is een feelgoodstrip. Midden in het boek bekruipt je zelfs het angstige gevoel dat er iets zal mislopen met een van de papieren mensjes. Maar geen nood, deze beeldroman doet niet aan goedkoop sentiment en verplichte dramakunstjes. Op de ongemakkelijke geboorte van een geitje na, gebeurt er niets bloederig of echt dramatisch. Het echte verhaal en avontuur vindt plaats in eenieders hoofd. U krijgt het allemaal niet te zien, u krijgt het te voelen.

Dit is wellicht de meest optimistische strip die u dit jaar zal lezen. Vol leven, positivisme, liefde en ontroering. Terwijl er niets gebeurt, gebeurt er heel wat in dit soort trage strips over het dagdagelijkse leven dat zich niet laat sturen maar dat, eens je loslaat, alle kanten kan opgaan. Met de kans dat ik nu mijn reputatie van hardvochtige recensent naar de filistijnen help: ik had bij het lezen last van vochtige oogjes. Van geluk. En neen, dat heeft niets met die manga-oogjes te maken.

Uit bij Saga Uitgaven.

11 © RV

Fietsmod ★★★★☆

11 © RV

Een vuistdikke beeldroman met daarbij een modsoundtrack op cd. Mod, zegt u? Jawel: mod. Dit is namelijk een autobiografisch verhaal over opgroeien tijdens de modrevival in de jaren tachtig. Tobi Dahmen omschrijft hoe het was om als tiener op te groeien in een doorsnee Duits stadje.

Laat u niet afschrikken door het hele modgebeuren. Meer nog dan die way of life is dit een voor iedereen herkenbaar coming of age-verhaal waarbij de auteur alle voorzichtige, verbaasde en zelfs excentrieke stapjes beschrijft die er nodig zijn om als tiener je ultieme doel te bereiken: ergens bijhoren. Om dan, heel misschien, te beseffen dat je een poseur en/of meeloper bent om je vervolgens onder te dompelen in nieuwe dingen: ska en soul, bijvoorbeeld. (Daar gaat je garderobe.) En hoe sta je intussen tegenover punkers en skinheads? En wat met je eerste verliefdheid?

Gelukkig heeft Dahmen een vrolijke (semikarikaturale) stijl, oog voor detail en humor, waardoor hij je met een ogenschijnlijk gemak en gezwindheid door deze/zijn periode loodst. Jammer dat hij daarbij haast vakkundig pootje wordt gelicht door een stroeve, weinig ambitieuze vertaling (dit boek verscheen eerst in Duitsland).

Los daarvan: je begrijpt snel waarom deze graphic novel - in 2007 overigens gestart als webcomic - in 2016 in Duitsland werd genomineerd voor de prestigieuze Max und Moritz Preis als beste strip van het jaar. U moet de soundtrack niet mooi vinden en u mag uw neus ophalen voor ska en scooterboys, maar u voelt wellicht snel dat dit boek gemaakt is met liefde, kunde, ambitie en een flinke dosis artisticiteit.

Uit bij SubQ.

11 © RV

Eldorado ★★☆☆☆

11 © RV

Een veelkunstenaar die doet wat hem zint. Afhankelijk van het verhaal kiest hij zijn medium: strips, video’s, beelden, illustraties of schilderijen. In 1997 liet hij met Stefan van Dinther de wereld met zijn experimentele beleving kennismaken via het literaire (strip)tijdschrift Eiland. De vijf nummers die volgden werden erg goed onthaald in de stripwereld, maar ook internationale musea wisten plots de weg naar Schalken.

Nu is Tobias (Tycho) Schalken terug met
Eldorado, een 168 pagina’s tellende bundeling met kortverhalen waarin eenzaamheid - zijn handelsmerk - centraal staat. Daarin rijgt hij verhalen, tekeningen en schilderijen aaneen die de lezer moeten onderdompelen in een dan verlaten wereld, dan melancholiek of bevreemdend landschap. Zijn eerste verhaal doet denken aan The Road van Cormac McCarthy. In de volgende verhalen gaat hij verder op dat elan.

Schalken overtuigt met zijn tekenkunst. Hij kan allerhande stijlen aan, weet sfeer te brengen en brengt geslaagde kleurexperimenten. Waar hij niet in slaagt is om de lezer onafgebroken mee te voeren in zijn opzet, wat die ook moge zijn.

Haal kortverhalen of schilderijen uit dit boek en het verandert niets aan de opzet ervan. Schalken kiest voor momentopnames. Hij wil een gedachtestroom op gang brengen. Dat werkt slechts ten dele. Hij bespeelt er amper een emotie mee. Een boek dat een vreemde mix beoogt tussen een kijkboek, een strip en een catalogus van ’s mans kunsten, kunde en kunstjes.

Uit bij Oogachtend.

11 © RV

De rode ridder: De hellehond ★★☆☆☆

11 © RV

De rode ridder die dorpelingen van bijgeloof beschuldigt omdat ze een hellehond zagen, terwijl hij zelf al met prehistorische monsters en buitenaardsen vocht. Hm. Bahaal die opdraaft om aartsvijand Malfrat, die het titelpersonage een album eerder nog begroef, tot leven te wekken om de ridder te elimineren. Hm. Het is allemaal te gemakkelijk. Te toevallig ook, wanneer Johan en Malfrat elkaar vlak daarop tegen het lijf lopen. We zitten dan al aan pagina 16. Oftewel: in de helft van dit album.

Vanaf 2013 trok scenarist Marc Legendre samen met de Italiaanse tekenaar Fabio Bono de reeks uit het slop. De ridder kreeg meer ballen aan zijn lijf, de verhalen werden gestoffeerd met originele avonturen en het tekenwerk was nooit zo goed. Dat werd vooral duidelijk met de voorbije achtdelige cyclus. Dat verhaal kon Legendre inleiden en uitwerken.

Maar dit nieuwe, afgeronde verhaal stemt droef. Wat wil je ook, als je de klus moet klaren in 32 pagina’s? Welke zinnige mens kan dat? De vele clichés en toevalligheden komen zelfs voor een pulpstrip in een schrikwekkend tempo voorbij. Deze uitgeverij moet eens flink nadenken over het concept. De tijden zijn veranderd, verander dan alsjeblieft mee. Een traditionele strip is zo’n 48 pagina’s dik. Ja, ook Jommeke. Enkel deze uitgeverij blijft zich hardnekkig vastklampen aan 32 pagina’s. Markteconomisch komt hen dat goed uit aan 5,99 euro per album (Kostprijs Jommeke: 5,95 euro), maar het maakt het de scenaristen er niet makkelijker op, het is niet echt koosjer naar de (buidel van de) klanten toe en het bevordert bovenal geen goede verhalen. Aarde aan SU: het is 2018. Stop met die oubolligheid. Maak er een waardige reeks van. Of beter: laat deze auteurs dat er van maken.

Uit bij Standaard Uitgeverij.

11 © RV

Het besloten land ★★★★☆

11 © RV

“Deze strips gaan een plaats in de literatuur veroveren,” riep Jean-Paul Mougin, hoofdredacteur van op stapel staande striptijdschrift (A Suivre) in 1978. Een waar auteursbeleid, beloofde hij. Totale artistieke vrijheid ook. Tekenen in zwart-wit, experimentele lijnvoering en inkleuring, eigen keuze van pagina-aantal, tekenstijl of verteltrant. Geen probleem. Hij kon daarbij rekenen op een leger internationaal gevestigde namen als Crepax, Sampayo, Manara, Torres, Ceppi, Hugo Pratt of Jacques Tardi.

Die laatste gaf het startschot met deze bevreemdende strip, die het midden houdt tussen fantasie en surrealisme. Centraal in dit boek staat Arthur Toch, een naïef personage dat zijn land en woning is kwijtgeraakt en slechts kan beschikken over de muren en poorten van zijn voormalig landgoed Kommerlo, van waarop hij tolgeld vraagt aan passanten.

Zoek er vooral geen boodschap achter, zei Forest. "Het is geen pamflet, geen satire op onze maatschappij of op de vertegenwoordiger van het politiek bewind." Maar dat deed zowat iedereen wel.

De vier sterren zijn verdiend, al is dat niet omdat dit een ongelooflijke (leesbare) roman is, maar eerder omdat het een formidabele leeserving was en is, en aan de wieg stond van de Europese graphic novel. Goed, misschien is het allemaal nét iets achterhaald, maar velen van de auteursgeneraties nadien zijn wel schatplichtig aan wat én de ploeg van (A Suivre) eind jaren zeventig verwezenlijkte, én hoe auteurs daarop inspeelden en de weg plaveiden. Deze heruitgave komt er naar aanleiding van veertig jaar (A Suivre).

Uit bij Casterman.

11 © RV
Dossier Gestript
Dossier Gestript

Als we niet met onze neuzen in stripverhalen zitten, dan schrijven we er recensies en artikels over.

Lees alle artikels

nieuws

zine