Boekrecensie

‘Straf’ van Ferdinand von Schirach: 12 ijzige misdaadverhalen ★★★★☆

1 © rv

In Straf serveert de Duitse ex-strafpleiter Ferdinand von Schirach twaalf ijzige misdaadverhalen. Vaak illusieloos, maar niet zonder een toef menselijkheid.

Rechtbankthrillers. Je kunt er de straten mee plaveien. Bovendien is de ene vaak nog inwisselbaarder dan de andere. En John Grisham is tenslotte ook alweer een tijdje passé. Wie het gehad heeft met het genre, neemt misschien toch beter eens de misdaadverhalen van Ferdinand von Schirach (°1964) ter hand. Want dat is andere koek. Met zijn ijzige, ontbladerde verteltoon neemt de Duitse auteur je in een mum van tijd in een houdgreep.

"Moorden ontstaan, net als kunst en literatuur, uit een gevoel van vreemdheid tegenover de wereld", zo liet Von Schirach zich vorig jaar ontvallen in Der Spiegel. In zijn boeken legt hij een voorkeur aan de dag voor onaangepaste zielen die hun aanvechtingen niet langer in bedwang kunnen houden én tot een onverwachte misdaad overgaan. Waarna hij nauwkeurig het proces van schuld en boete fileert.

Von Schirach put voor zijn succesvolle verhalen rijkelijk uit zijn eigen praktijk. Ooit was hij in Duitsland een vermaard strafpleiter, zeg maar de overtreffende trap van Jef Vermassen. Tegenwoordig concentreert de ex-advocaat zich volledig op de schrijverij. Met vaste hand regeert Von Schirach over het genre van de literaire krimi, met miljoenen verkochte exemplaren en ZDF-tv-series tot gevolg. Dat hij de kleinzoon is van Baldur von Schirach, de chef van de Hitlerjeugd tijdens het Derde Rijk, prikkelt de lezersverbeelding nog meer. Al nam hij resoluut afstand van de misdaden van zijn grootvader, die tienduizenden Oostenrijkse Joden deporteerde.

Zonder oordeel

In zijn nieuwste boek Straf - met twaalf pregnante, sec vertelde verhalen - lijkt Von Schirach uit hetzelfde vaatje te tappen als zijn debuutverhalen Misdaden (2009) en opvolger Schuld (2011). Zelf ziet hij Straf als het sluitstuk van een trilogie. Opnieuw serveert hij 'lotgevallen' waarin een moord of misdaad centraal staat. En ook hier wendt hij zijn kale, onopgesmukte taalgebruik uiterst trefzeker aan.

Liefde, haat, gerechtigheid en vrijheid bieden voortdurend tegen elkaar op. Wat is een rechtvaardig strafproces? Von Schirach registreert, zonder te oordelen, hoe gewone lieden vermalen worden door de wet. Maar evengoed hoe ze door de mazen van het net glippen en de perfecte moord lijken te plegen. Zoals bijvoorbeeld in 'Buren', waarin de weduwnaar Brinkmann wordt ingesponnen door zijn aantrekkelijke nieuwe buurvrouw Antonia. Wanneer de kans zich subtiel aandient, vermorzelt hij haar echtgenoot onder zijn eigen auto. Of er is Meyerbeck. In de steek gelaten door zijn vrouw haalt hij dan maar een sekspop in huis. "Tien dagen na Lydia's komst gaat Meyerbeck voor het eerst met haar naar bed." Hij hecht zich er buitensporig aan. Tot een buurman inbreekt en 'pervers varken' op deze bijna vijftig kilo wegende 'Lydia' schrijft.

Telkens ben je verbaasd over hoe ingenieus Von Schirach zijn soms banale plots een grimmige twist geeft. De illusieloosheid domineert, maar onbehaaglijke humor en - ja, het kan vreemd klinken - ook menselijkheid zijn nooit veraf. Dat merk je in het openingsverhaal 'De lekenrechter'. We volgen de levensloop van Katharina, een vrouw uit het Hochschwarzwald, die politieke wetenschappen gaat studeren en zich steeds weer tot kleurloze, betrouwbare protegee ontpopt. Voortdurend heeft ze het gevoel: ik ben niet de persoon die ik wil zijn. Dat speelt haar parten als ze na een burn-out plots tot lekenrechter wordt benoemd.

Redelijk briljant is 'De verkeerde kant', waarin de aan lager wal geraakte, alcoholistische advocaat Schlesinger nog één keer de kans krijgt om te gloriëren. Zal hij een bijna onverdedigbaar geachte beklaagde toch kunnen vrijpleiten? Helaas stapelt Schlesinger de gokschulden op. Tot hij een wake-upcall krijgt in de vorm van een molestatie én een behulpzame huurdader. Die zet hem op het spoor van de oplossing. Als extra offreert Von Schirach ons een masterclass ballistiek om u tegen te zeggen. Want wist u wat een schot 'à bout portant' is?

Zucht naar detail

Het knappe aan Von Schirachs verhalen (met slechts een paar zwakkere broertjes) is ook de zucht naar het detail. Niets gebeurt zomaar. Elk radertje grijpt uiteindelijk feilloos in elkaar. Een zekere schatplichtigheid aan Friedrich Dürrenmatt en de vroege Thomas Bernhard - ooit nog gerechtsverslaggever - is Von Schirach evenmin vreemd.

Toch komt in het slotverhaal 'De vriend' de auteur zelf melancholisch om de hoek piepen. En daar is ze opnieuw, die vervreemding die alle verhalen doordesemt. "Het maakt niet uit of we apotheker of meubelmaker of schrijver zijn. De regels zijn altijd een beetje anders, maar de vreemdheid blijft en de eenzaamheid en al het andere ook."

Ferdinand von Schirach,Straf, De Arbeiderspers, 200 p., 19,99 euro. Vertaling: Marion Hardoar

nieuws

cult

zine