Work-life balans

Wat als 'minder werken' ons niet per se gelukkig maakt?

Niet minder lang werken, maar wel werken 'met meer passie' is een oplossing voor ons probleem

Het gefnuikte experiment rond arbeidstijdverkorting in Göteborg en de verankering van het recht op 'offline'-tijd voor werknemers in de Franse grondwet deden de laatste dagen de work-life-discussie weer opflakkeren. Toch lijkt dat debat soms voorbij te gaan aan een belangrijke realiteit: misschien is die balans niet waar wij gelukkig van worden. "Veel mensen hebben werk en drukte nodig voor een zinvol bestaan. Minder lang werken zou aan onze innerlijke rusteloosheid waarschijnlijk dan ook niet veel veranderen", zegt filosoof en professor aan de UGent Ignaas Devisch.

De neiging om je tijd zo vol mogelijk te stouwen – of je dat nu doet met werk of met andere activiteiten – is van alle tijden, zegt docent medische filosofie aan de UGent en auteur van Rusteloosheid (De Bezige Bij, 2016) Ignaas Devisch. "Al in 1893 deed de Duitse neuroloog Wilhelm Erb bijvoorbeeld zijn beklag over de toegenomen 'nervositeit' van zijn tijd." Beweren dat de 'druk, druk, druk'-cultus die ons vandaag zoveel last lijkt te bezorgen iets is dat ons alleen door de neoliberale maatschappij is aangepraat, is volgens Devisch dan ook te kort door de bocht. Denken dat onze mentale onrust van de baan is wanneer we minder uren op kantoor en meer tijd bij onze familie kunnen doorbrengen waarschijnlijk ook. 

"De hang naar drukte zit immers diep in ieder van ons. We kunnen letterlijk niet zonder", klinkt het. "We gebruiken die drukte om ons te beschermen tegen een existentieel feit dat ons nog veel meer angst aanjaagt: dat het leven in essentie leeg en zinloos is, en dat de enige manier om ons van de bodemloze put der verveling weg te houden, het maken van zin zelf is."

4 Filosoof Ignaas Devisch. © Eric de Mildt

Die zin vinden veel mensen vandaag in hun werk. "Terwijl het vroeger misschien nog vaker zo was dat mensen religie of hechte familiebanden als zingevers bij uitstek gebruikten, zijn die structuren vandaag vaak weggevallen. Omdat de klemtoon veel meer op het individu en zijn ontplooiing is komen te liggen, is het niet verwonderlijk dat ons professionele leven die rollen in grote mate is gaan overnemen", legt Devisch uit. "Daardoor zijn we in een paar decennia tijd op een heel andere manier naar arbeid gaan kijken: mensen willen een baan waarin ze hun persoonlijkheid kwijt kunnen, waar ze hun passie in kunnen steken en waar ze daardoor ook een grote mate van energie uit kunnen halen." We verwachten dus ook veel van het leven dat we leiden. 

Balans vs. passie 

Share

'Iemand die helemaal door zijn werk begeesterd is, wordt er waarschijnlijk niet gelukkiger van als hij die natuurlijke workflow moet onderdrukken voor meer balans'

Ignaas Devisch, filosoof

Devisch meent dan ook dat het zoeken naar 'balans' niet voor iedereen zomaar een constructieve oplossing tegen onrust is. "Iemand die helemaal door zijn werk begeesterd is, en daar zijn zin en passie uithaalt, heeft er waarschijnlijk geen baat bij die aandrang een tijdslimiet op te leggen met als enige doel ‘wat meer balans in het leven te krijgen’. Integendeel: die persoon wordt waarschijnlijk veel gelukkiger van een ‘mateloos leven’, een leven dat niet per se in balans is, maar dat stroomt volgens het ritme van zijn interesses. Het is maar als mensen aan hun creativiteit tomeloos de kans geven om naar boven te komen, dat die ook het meest ontwikkeld zal worden en het meeste voldoening zal geven."

Een idee waar ook neuropsychologe en auteur van Het nieuwe mentaal (Lannoo, 2016) Elke Geraerts zich in kan vinden. "Eerder dan ons brein trachten aan te passen aan een tijdsindeling die we van buitenaf opleggen, zouden we de manier waarop we ons leven indelen wat meer moeten aanpassen aan de manier waarop ons lichaam werkt”, zegt ze. In plaats van aan timemanagement te doen, pleit ze op die manier bijvoorbeeld voor attention management.

4 © Thinkstock

"De hersenen van elke mens functioneren op een andere manier: veel personen hebben een optimale aandachtsflow in de ochtend, anderen hebben die misschien in de vroege namiddag. Wie zijn patroon beter leert kennen, kan zijn levensstijl daar ook beter aan aanpassen en er op die manier voor zorgen dat de 24 uur die elke dag ter onze beschikking staan zo optimaal mogelijk gebruikt worden."

Share

'Beter dan werk en privé elk aan één kant van de weegschaal te leggen, zouden we het in elkaar laten overvloeien: leg meer van je persoonlijkheid in je werk'

Elke Geraerts, neuropsychologe

Bovendien is ook Geraerts van mening dat de work-life-stroming zich sowieso al aan een vreemde tweespalt bezondigt. "Door werk en leven elk aan één kant van een weegschaal te leggen, impliceer je eigenlijk al dat mensen vooral plezier en energie halen uit hun vrije tijd, terwijl werk hen vooral energie kost, terwijl dat natuurlijk helemaal niet zo is." Veel beter dan halsstarrig te zoeken naar balans tussen de twee, zou het volgens haar dan ook zijn om werk en privé in elkaar te laten overvloeien in één geïntegreerd leven. "Niet alleen zouden we ons werk moeten laten doorstromen in onze privé, maar andersom zouden we ook onze persoonlijkheid in ons werk moeten kunnen leggen. Iets wat veel mensen vandaag enigszins verloren lijken te zijn."

Geïntegreerd leven 

Toch is het volgens Geraerts voor iedereen wel degelijk mogelijk om die integratie in meerdere of mindere mate te bereiken - ook bij jobs die daar in eerste instantie misschien geen ruimte voor lijken te laten. "In onze workshops horen we bijvoorbeeld vaak dat mensen die inhoudelijk niet extreem worden uitgedaagd door hun werk, die energie vinden in andere factoren: een leuk contact met collega’s bijvoorbeeld."

4 'Het nieuwe mentaal', Elke Geraerts. © kos

Om ervoor te zorgen dat we opnieuw wat meer ‘persoonlijkheid’ in onze job kunnen leggen, moeten we onszelf volgens de neuropsychologe grosso modo drie grote vragen stellen. "Ten eerste moeten mensen bekijken waarom ze ook weer precies de job doen die ze doen. Wat zijn de dingen die hen aantrekken, wat geeft hen energie? Bij mensen die zich niet langer vervuld voelen door hun werk, blijkt vaak dat ze die energiegevers met het verlopen van de tijd uit het oog verloren zijn. Om terug zinvol te gaan werken, is het nodig die energiegevers opnieuw te gaan opzoeken."

Dat geldt volgens de neuropsychologe overigens niet alleen op werkvlak, maar ook daarbuiten: "Ook in je privéleven en vrienden- en kennissenkring moet je je op tijd en stond afvragen welke mensen en gewoontes je nog energie geven. Als blijkt dat sommige relaties meer energie kosten dan geven, moeten we het lef hebben om daar ook mee te breken", zo klinkt het.

Een tweede manier om zinvol leven te cultiveren is om (opnieuw) na te gaan van welke onderwerpen of zaken je bevlogen raakt. "Van welke ideeën gaat je creativiteit bruisen?" Tot slot raadt Geraerts iedereen aan om optimistisch in het leven te staan: "Wie gelooft dat hij of zij altijd kan groeien en zichzelf constant kan stimuleren naar verandering, heeft veel meer kans zijn professioneel en privéleven telkens opnieuw de juiste richting in te sturen, en daar ook steeds gelukkiger bij te worden."

nieuws